F rans Van den Wijngaert : "De nummers één, twee en drie zijn scheidsrechters die een heel hoog niveau halen, de drie namen die we ook bij het Gouden Fluitje en bij de CSC tegenkomen. Drie talenten die er heel hard voor werken, drie voorbeelden voor de jongeren die in hun voetsporen moeten treden. Daarbij denk ik in de eerste plaats aan Serge Gumienny, een geboren scheidsrechter die nog wat tijd nodig heeft om te rijpen en aan wie nog wat geschaafd moet worden.
...

F rans Van den Wijngaert : "De nummers één, twee en drie zijn scheidsrechters die een heel hoog niveau halen, de drie namen die we ook bij het Gouden Fluitje en bij de CSC tegenkomen. Drie talenten die er heel hard voor werken, drie voorbeelden voor de jongeren die in hun voetsporen moeten treden. Daarbij denk ik in de eerste plaats aan Serge Gumienny, een geboren scheidsrechter die nog wat tijd nodig heeft om te rijpen en aan wie nog wat geschaafd moet worden. "Ik zag de topdrie heel goede wedstrijden fluiten. Maar de meeste indruk op mij maakte Johan Verbist, omdat hij tijdens topwedstrijden het minst opvalt. Hij is de rust zelf, en hoe rustiger je bent, hoe beter je spelsituaties kunt beoordelen, hoe minder beoordelingsfouten je maakt, hoe meer juiste beslissingen je neemt. Zelfs onder de grootste druk is hij geen seconde uit zijn lood te slaan. Zijn kalmte en zijn soberheid zijn zijn kwaliteit, hoewel hij soms misschien wel iets heviger zou mogen zijn. "Het verheugt mij ook dat Frank De Bleeckere de kracht vond om na een moeilijke periode weer helemaal aan de top terug te keren, getuige daarvan ook zijn uitstekende internationale prestatie onlangs. De manier waarop hij terugvecht, siert hem. Uit die tweede plaats spreekt ook de waardering van de spelers. De Bleeckere is een totaal ander type. Hij is de scheidsrechter die het meest met de spelers praat. Voor, tijdens of na de wedstrijd. Hij zal wel uitleggen hoe het allemaal in elkaar zat. "P aul Allaerts is een scheidsrechter die echt voor zichzelf iedere wedstrijd tot een goede einde probeert te brengen. Dat doet hij op een totaal andere manier dan Verbist, die heel bescheiden is en nooit zal opvallen. De Bleeckere loopt daar wat tussenin, hij profileert zich een beetje als : hier ben ik. Zo moet je het ook doen als je de top wil bereiken. Allaerts trekt zich meer op zichzelf terug. Kijkt naar niemand, behalve naar zichzelf, gaat gewoon rechtdoor om die top te halen. "Hij is altijd zo geweest : er een beetje alleen voor staan, goed voorkomen, sterke persoonlijkheid, waarvan hij ook in het burgerleven met een leidinggevende functie in het bankwezen het bewijs levert. Hem zie je maar weinig zeggen tegen spelers. Hij is de strengste om op te treden : met strakke hand fluiten, naar niemand kijken, de kaart trekken die getrokken moet worden. De Bleeckere bijvoorbeeld zal die minder snel trekken. Allaerts is de hardste, mentaal de sterkste. Hij staat het sterkst in zijn schoenen. Soms geeft hij de indruk van je m'en fous. Zo van : ik zal het wel allemaal oplossen, hier kan niets uit de hand lopen, ik leid die wedstrijd. "Bij momenten geeft hij de indruk er nonchalant bij te staan. Maar zo is hij niet, want zo kan je niet fluiten. Het zit ook in zijn postuur en zijn voorkomen, zijn uitstraling van : het kan mij allemaal niet schelen, ik breng het hier tot een goed einde. Hij kan de spelers in elke geval bijzonder sterk aan. Je ziet ze ook weinig of niet proberen hem te beïnvloeden. Dat ze hem op nummer één zetten, bewijst dat ze hem op die manier aanvaarden en respecteren."door Christian Vandenabeele