De vrouwenkalender voor het najaar werd de voorbije maanden slanker en slanker. Op 17 juni maakte de WTA nog een aangepast schema bekend, met elf toernooien na Roland Garros. Hoofdzakelijk echter in Azië (China, Japan, Hongkong en Zuid-Korea) en al die toernooien, inclusief de WTA Finals in het Chinese Shenzh...

De vrouwenkalender voor het najaar werd de voorbije maanden slanker en slanker. Op 17 juni maakte de WTA nog een aangepast schema bekend, met elf toernooien na Roland Garros. Hoofdzakelijk echter in Azië (China, Japan, Hongkong en Zuid-Korea) en al die toernooien, inclusief de WTA Finals in het Chinese Shenzhen, werden geannuleerd. Zo schieten nog drie toernooien over: in Ostrava (19 oktober), Linz (7 november) en Limoges (13 december) - onder sterk voorbehoud. Een grote klap voor vooral de damestennissers van de tweede rij, nadat al een groot deel van seizoen in de coronarook was opgegaan. De impact daarvan zal bovendien nog lang nazinderen, want de WTA liet de speelsters al weten dat het prijzengeld in de komende twee, drie jaar flink zal zakken. De annulatie van de Aziatische toernooien en met name de WTA Finals is immers een financiële aderlating voor de tennisbond. Die blonk in de zoektocht naar nieuwe toernooien ook niet uit in vindingrijkheid en flexibiliteit. Groot is het contrast met de ATP, waarvan de kalender de komende twee maanden volgepakt is: deze week indoortoernooien in Sint- Petersburg en Keulen, plus ook een outdoorgraveltoernooi in Sardinië. Volgende week een tweede indoortoernooi in Keulen en de European Open in Antwerpen, weliswaar met een beperkt publiek. Daarna volgen nog vijf toernooien, waaronder het Masters 1000-event in Parijs (2 november) en de ATP Finals in Londen (15 november). Alleen de toernooien van Moskou, Stockholm, Basel en de Davis Cupfinale in Madrid (op 23 november) werden geschrapt.