Adres : Theo Verbeecklaan 2, 1070 Brussel
...

Adres : Theo Verbeecklaan 2, 1070 Brussel Tel. : 00 32 2 529 4060 Fax : 00 32 2 520 0740 Internet : www.rsca.be Europesepalmares : 1976, 78 (EC2), 1983 (EC3) Met Serhat Akin haalde Anderlecht een naar Belgische normen uitzonderlijke aanvaller binnen. Hij heeft de snelheid van Mbo Mpenza, de dribbelvaardigheid van Christian Wilhelmsson en de neus voor doelpunten van Nenad Jestrovic. Dat maakt hem behoorlijk compleet, op zijn gestalte na die hem niet toelaat hoge toppen te scheren in de luchtduels. Vooral zijn overzicht is uitzonderlijk voor een diepe spits : Serhat heeft oog voor het team en voelt zich net zo goed in de rol van aangever als in die van afwerker. Door zijn balvastheid laat hij een elftal toe op adem te komen in moeilijke momenten. Die kwaliteit maakt hem ook uitermate nuttig wanneer Anderlecht vanuit een behoudender aanpak de counter hanteert. Het gebeurt niet vaak dat een aanvaller van een topclub (Fenerbahçe) uit een stilaan hoger aangeschreven voetballand dan België (Turkije) voor de Jupiler League kiest. Serhat is een vedette in zijn land, Turks international bovendien, maar stelt zich desondanks niet aan als een verwaande ster, zoals pakweg Bosko Balaban, die journalisten moeiteloos wandelen stuurt met een welgemeend ' fuck off'. Serhats keuze voor Anderlecht was ingegeven door het vooruitzicht Champions League te kunnen spelen. Nu die droom uitkomt, mogen wellicht grootse dingen van hem worden verwacht. Serhat heeft een contract voor drie jaar in Brussel, maar het is duidelijk dat hij de paars-witte kleuren van Anderlecht niet zo lang zal dragen en de Champions League zal aangrijpen om zich in de gunst van de Europese topclubs te spelen. In de thuiswedstrijden is trainer Frank Vercauteren sinds zijn aanstelling als hoofdtrainer, ruim een half jaar geleden, altijd uitgegaan van de aanvallende kwaliteiten van zijn elftal. Dat betekent : drie aanvallers, twee offensieve flanken, drie verdedigers en twee centrale middenvelders. Het nadeel is soms dat tegenstanders daar een driehoek tegenover stellen, zodat de al wat oudere Yves Vanderhaeghe en Pär Zetterberg in ondertal komen te staan. In de Belgische competitie geeft het kwaliteitsverschil meestal nog de doorslag, maar tegen sterkere (Europese) ploegen belopen de twee middenvelders het dan niet meer. Tegen Slavia Praag stuurde Vercauteren de veldbezetting bij, wat hij uiterst zelden doet. Dat niet heel het elftal de omschakeling oppikte, wijst mogelijk nog op een gebrek aan tactische rijpheid in de groep. Of Vercauteren met tactische ingrepen een wedstrijd in zijn voordeel kan doen kantelen, is een nog onbeantwoorde vraag. Omgekeerd draait hij er bij een voorsprong zijn hand niet voor om de wedstrijd te bevriezen door aanvallers te wisselen voor defensievere spelers. Op verplaatsing bouwt de trainer graag van bij de aftrap zogenaamde zekerheid in. Uit tegen Neftchi Bakoe zei hij iets te willen proberen met het oog op duels met sterke opponenten in de Champions League. Anderlecht speelde met vijf verdedigers en slechts één spits en was nergens. Als het te veel achteruitloopt, wordt het kwetsbaar. Anthony Vanden Borre heeft problemen met de onderlinge dekking en de inspeelbal van de verdedigers laat geregeld te wensen over. Van Hannu Tihinen wordt weinig méér verwacht, maar Vincent Kompany laat zich nog gemakkelijk op slordig inspelen betrappen. Uit tegen Slavia Praag bewees Anderlecht dat het met behoud van genoeg aanvallende aanspeelpunten een tegenstander koel kan afmaken. Vooral in zulke wedstrijden, met veel ruimte, blijkt de waarde van een counterspits als Mbo Mpenza. Nenad Jestrovic, een killer in de zestien meter, is dan van veel minder nut. Zonder Serhat Akin is ook balvastheid een probleem, maar daaraan hoopt Anderlecht te hebben verholpen met de late aanwerving van Grégory Pujol, een Franse targetspits. Met hem erbij heeft Anderlecht van alles wat voorin, zodat het vooral afwachten wordt of het middenveld, met veel leeftijd als keerzijde van veel ervaring, standhoudt in Europa. Jongere alternatieven als Walter Baseggio en Goran Lovre, maar ook Marius Mitu, kregen amper al speeltijd van Vercauteren. Roteren was vooral al het lot van aanvallers en doelmannen. In thuiswedstrijden is Frank Vercauteren altijd al uitgegaan van de aanvallende kwaliteiten.