Arie Haan is tot rust gekomen. Zoals dit blad ervoer toen het Haan in maart 2017 ging interviewen in zijn woonplaats in het aan Winschoten grenzende Finsterwolde, in de uiterste noordoosthoek van Nederland. Het waaide verschrikkelijk die dag en Haan zou ruim vier uur lang grasduinen in zijn carrière. Ontspannen zoals we hem zelden zagen. In april van dit jaar haalde Haan nog even de publiciteit met het boek 'Terug naar Finsterwolde', waarin hij met de hem eigen branie ...

Arie Haan is tot rust gekomen. Zoals dit blad ervoer toen het Haan in maart 2017 ging interviewen in zijn woonplaats in het aan Winschoten grenzende Finsterwolde, in de uiterste noordoosthoek van Nederland. Het waaide verschrikkelijk die dag en Haan zou ruim vier uur lang grasduinen in zijn carrière. Ontspannen zoals we hem zelden zagen. In april van dit jaar haalde Haan nog even de publiciteit met het boek 'Terug naar Finsterwolde', waarin hij met de hem eigen branie niemand spaart. Maar sindsdien is het weer stil rond hem. En zo hoort het volgens hem na 46 jaar in het wereldje ook te zijn. Haan bezoekt zelden een voetbalwedstrijd en duikt amper in voetbalprogramma's op, in tegenstelling tot zijn streekgenoot Jan Mulder. Dankbaar was het altijd om Haan te mogen interviewen. Als voetballer en als trainer. Aan verbaal vermogen heeft het Arie Haan nooit ontbroken, aan zelfvertrouwen al evenmin. Dat maakte hem niet altijd even populair. Sommigen vinden hem arrogant en berekend. Haan, opgegroeid in het meedogenloze klimaat van Ajax, heeft zich nooit gestoord aan het beeld dat over hem bestond. Heel vaak heeft Arie Haan in zijn carrière de moeilijke weg gezocht. Hoewel hij altijd beweerde iemand te zijn die harmonie nodig heeft. Maar daarmee, zei hij, kom je er niet. Daarom heeft hij er vaak stellingen uitgegooid en zich dikwijls tegen bepaalde dingen afgezet. Als trainer was hij niet bang om de confrontatie met de spelers te zoeken. Hij zei ooit dat je met Enzo Scifo en Pär Zetterberg samen in een ploeg nooit op topniveau kon spelen. Daarvoor misten ze alle twee te veel. En die mankementen bleken vooral als je hen samen opstelde. Het leverde hem een dispuut op met voorzitter Roger Vanden Stock. Maar dat vond hij niet erg. Haan wilde vooral zichzelf blijven. Daarom, zegt hij, is hij perfect in het reine met zichzelf. Arie Haan heeft de inbreng van een trainer altijd gerelativeerd. Een wereldtrainer, zei hij, ben je alleen met een wereldploeg. Maar hij voegde hij er op de hem eigen wijze aan toe dat niet iedereen een wereldploeg kan trainen. Zo had Arie Haan over alles zijn mening. Over het voetbal van Barcelona bijvoorbeeld: dat vond hij niet leuk. Het is te perfect, te machinaal. Terwijl de aantrekkelijkheid van het spel volgens hem ligt in de fouten. Of Arie Haan rond zijn 70e verjaardag nog eens in de media wordt opgevoerd?