'Ik groeide op in Kortrijk, exact 800 meter van het Guldensporenstadion, maar woonde daarna twintig jaar in Brugge. Daar zag ik met mijn vader en oom zelfs één match op De Klokke tegen Diest. Club draaide bovenin mee, Kortrijk speelde toen lager, waardoor ik automatisch meer voeling kreeg met blauw-zwart.
...

'Ik groeide op in Kortrijk, exact 800 meter van het Guldensporenstadion, maar woonde daarna twintig jaar in Brugge. Daar zag ik met mijn vader en oom zelfs één match op De Klokke tegen Diest. Club draaide bovenin mee, Kortrijk speelde toen lager, waardoor ik automatisch meer voeling kreeg met blauw-zwart. 'Mijn passie voor Aston Villa, die bijna even groot is als voor Club, kwam er ook via mijn pa. Een bijzonder verhaal. Hij was een van de directeurs van zomertaalstages in Engeland, met jongens en meisjes tussen twaalf en achttien van over geheel België. Ik was elf en mocht mijn vader vergezellen. Ik werd daar in het Newman College van Birmingham gedropt in een klas met een Engelse lerares, waardoor de echte anglofiel in mij naar boven kwam. Later leidde dat trouwens tot een licentiaat vertaler Engels-Duits. Op een bepaalde dag mochten we kiezen: een uitstap naar het British Museum of een rondleiding in het stadion van Aston Villa. Als jeugdspeler van Racing Bissegem moest ik daar niet lang over nadenken. En ik was meteen verkocht. Aston Villa: een van de oprichters van het Britse voetbal, een traditieclub, dat claret and blue, ... Binnenstappen op Villa Park bezorgde me meteen een wauwgevoel: die mat van de spelerstunnel, de gang met de prijzen, de kleedkamers met de opgehangen truitjes, ... Op en top professioneel en toch echt authentiek. Ik wist niet waar ik het had. En dan had ik de loges, die nog als inspiratie dienden voor Anderlecht, nog niet gezien. Drie jaar geleden deed ik exact dezelfde tour nog eens. Dat was opnieuw kippenvel. 'Aston Villa was in de jaren tachtig een echt Europees topteam. Na de titel in 1981 veroverden ze in mei 1982 de EC1. In Rotterdam wonnen ze via een treffer van Peter Withe van Bayern München. In de halve finale hadden ze Anderlecht uitgeschakeld. Ik was in Brussel als fan met mijn vader mee, de eerste wedstrijd die ik rechtstreeks zag. Het werd 0-0, in Birmingham 1-0. Aanvoerder Dennis Mortimer sprong natuurlijk het meest in het oog, maar ik raakte toen vooral in de ban van artiest Tony Morley. Een technisch vaardige aanvallende middenvelder, een spelmaker die momenteel commentator en analist is bij een radiozender. 'Op 16 februari ging ik voor het laatst naar Villa Park. Uitzonderlijk met vijftien vrienden. Normaal bestaat onze vaste groep uit vier tot vijf man. Dan trekken we, lekker old fashioned, met de boot het Kanaal over. Momenteel wordt er thuis gespeeld voor 30.000 volgers. Ik voel me telkens trots om in Birmingham te zijn. Daar voel ik me meteen thuis en leef ik sterk mee met het voetbal. De heropflakkering bezorgt me een fantastisch gevoel. De laatste jaren werd ik fanatieker dan ooit, vermoedelijk ook doordat we terugvechten vanuit een lagere reeks. Dat maakt alles plots weer zo charmant. 'Mijn mooiste zege blijft de 3-2-overwinning tegen Manchester City uit het seizoen 2013/14, waar we bij de rust tegen Vincent Kompany, Yaya Touré en Edin Dzeko met 1-2 achter stonden. Villa was kwalitatief duidelijk de mindere, maar haalde het toch op wilskracht, via de winning goal van de onbekende Oostenrijkse spits Andreas Weimann. Het stadion daverde. Ik ging helemaal uit de bol. 'Bij mijn afscheid op de VRT kreeg ik van de collega's op mijn allerlaatste werkdag een echt retroshirt van Villa. Eentje dat ik al lang wilde, in de authentieke clubkleuren. Ter herinnering aan de Europese finale in 1982. Ik wist eventjes geen raad met mezelf. Aston Villa is een way of life. Dat spontane enthousiasme, ik kan het zelfs niet faken. Die club zit zodanig in mijn hart, dat ik hoop om straks nog eens naar Wembley te gaan voor de finales van de Premiership. Zulke buitenkansen wil je niet graag missen, hé.'