P hilippe Coutinho is de 33e Braziliaan die bij FC Barcelona aan de slag gaat, waar hij de opvolger moet worden van Neymar Jr. Geen makkelijke opdracht, maar die heb je als Braziliaan sowieso niet in de Catalaanse hoofdstad. Na Romário, Ronaldo, Rivaldo of Ronaldinho komen, is evenmin een cadeau. En toch blijkt Barça telkens weer de handpalm van waaruit elke Goddelijke Kanarie richting sterrendom fladdert. Romário en Ronaldo kwamen van PSV, Rivaldo van Deportivo La Coruña, Ronaldinho van PSG. Bij Barça groeiden ze uit van goede spelers tot absolute toppers. En dan vergeten we nog namen als Dani Alves, José Edmilson en nu Paulinho, die in de schaduw van die offensieve vedetten hun plek opeisen. Hetzelfde moet met Coutinho gebeuren.
...

P hilippe Coutinho is de 33e Braziliaan die bij FC Barcelona aan de slag gaat, waar hij de opvolger moet worden van Neymar Jr. Geen makkelijke opdracht, maar die heb je als Braziliaan sowieso niet in de Catalaanse hoofdstad. Na Romário, Ronaldo, Rivaldo of Ronaldinho komen, is evenmin een cadeau. En toch blijkt Barça telkens weer de handpalm van waaruit elke Goddelijke Kanarie richting sterrendom fladdert. Romário en Ronaldo kwamen van PSV, Rivaldo van Deportivo La Coruña, Ronaldinho van PSG. Bij Barça groeiden ze uit van goede spelers tot absolute toppers. En dan vergeten we nog namen als Dani Alves, José Edmilson en nu Paulinho, die in de schaduw van die offensieve vedetten hun plek opeisen. Hetzelfde moet met Coutinho gebeuren. Zeker, die andere Spaanse grootmacht, Real Madrid, heeft evenzeer een aantal illustere namen uit het Braziliaanse voetbal in zijn hall of fame prijken. Ronaldo, Káka, Robinho, Roberto Carlos, diens troonopvolger op links Marcelo en de nuttige werkmier Casemiro, maar daar stopt het ongeveer. De meeste Koninklijke Kanaries die in Madrid passeren, zijn of waterdragers of over hun hoogtepunt heen, zoals Ronaldo en Káka. Savio iemand? Danilo? Lucas Silva? Rond de foto's in de Braziliaanse eregalerij van Bernabéu hangt niet hetzelfde gouden frame als in Camp Nou. Naar aanleiding van de transfer van Coutinho, die voor 120 miljoen euro bij Liverpool weggeplukt werd tijdens deze wintermercato, maakten een aantal Spaanse media lijstjes van de beste Brazilianen ooit in Spaanse loondienst ( zie kader), daarbij amper namen met een Realachtergrond. De Spaanse recordkampioen heeft, bij het invoeren van de Galácticosfilosofie, zijn transferpolitiek altijd meer geënt op afgewerkte Europese kroonjuwelen ( Zidane, Figo, Beckham, Cristiano Ronaldo, Bale, Kroos...) dan op ruwere, exotische diamanten. Wanneer is de romance tussen FC Barcelona en Brazilië juist begonnen? En hoe is dat uiteindelijke huwelijk zo sterk geworden dat geen enkele andere Europese grootmacht dat lijkt te kunnen doorbreken? 1996 is een cruciale datum. Het jaar waarin de Braziliaanse nationale ploeg, op dat moment regerend wereldkampioen, voor Nike kiest als nieuwe kledingsponsor en Ronaldo bij Barça in de voetsporen treedt van Romário.De eerste Brazilianen spoelen in de jaren dertig aan in Catalonië, met name middenvelder Faustino en doelman Jaguare, maar door de destijds geldende reglementen mogen ze enkel meedoen in vriendschappelijke wedstrijden. De aanvaller Lucidio Batista eind jaren veertig wordt daarom als de eerste echte Braziliaanse transfer van de blaugrana beschouwd. Hij ziet echter meer van het nachtleven in de stad dan van Camp Nou. Het duurt tot 1959 en de komst van Evaristo vooraleer het Barçapubliek ervaart wat een beetje Braziliaanse flair hun team kan bijbrengen. Evaristo maakt 178 goals in 226 matchen voor Barça en vertrekt na twee opeenvolgende titels richting... Real. Daarna volgt een dertigjarige periode van droogte, tussen 1960 en 1990 haalt Barcelona zes keer een Braziliaan naar Spanje. Even vaak wordt het een mislukking. Het is de Serie A dat zich in de jaren tachtig opwerpt als de gedroomde vitrine voor het Braziliaanse voetbalgoud. Zico en Socrates, om twee van de bekendste te noemen, verkiezen Italiaanse clubs boven Spaanse. De ommekeer komt er begin jaren negentig en gek genoeg zijn het niet Barça of Real die de geneugten van Copacabana herontdekken, maar Deportivo La Coruña. Op het ritme van Mauro Silva, Bebeto en Donato begeesteren zij plots de Primera División. Ze gooien de hiërarchie op zijn kop. Barcelona waagt daarop zijn kans met Romário, de flamboyante spits die het bij PSV Eindhoven wegplukt voor 12 miljoen euro. O Rei wordt het speerpunt van het zo roemrijke dreamteam van Johan Cruijff. In zijn eerste seizoen meteen goed voor 30 goals in 33 wedstrijden, een Spaanse titel en een verloren CL-finale. Romário speelt uiteindelijk maar twee seizoenen in Camp Nou en verlaat de club via een achterdeur wanneer hij een zoveelste keer niet tijdig terugkeert van een vakantie. Zijn flegmatieke levenswandel (geregeld staat de Braziliaan half slapend, half dronken op een trainingsveld), alsook de op dat moment nog geldende beperking op buitenlanders - vaak is het voor Cruijff kiezen tussen Ronald Koeman, Christo Stoitsjkov, Michael Laudrup of Romário - zorgen ervoor dat hij uiteindelijk slechts 82 wedstrijden in het shirt van Barça schittert. Dat in diezelfde periode de Seleção het wereldvoetbal domineert en in 1994 op swingende wijze het WK in de VS wint - met het spitsenduo Romário-Bebeto als smaakmakers -, doet de populariteit van Braziliaanse voetballers in Europa, en zeker in Spanje, nog stijgen. Hun filosofie van joga bonito past bovendien perfect bij het soort voetbal waar het FC Barcelona van Johan Cruijff voor staat: avontuurlijk en entertainend. Barça profiteert van zijn goede relaties in Nederland, en meer bepaald PSV, om in 1996 Ronaldo binnen te halen. Romário is snel vergeten. De amper 20-jarige sprintbom scoort tijdens zijn eerste seizoen aan de Europese top 47 keer in 51 officiële matchen. Aan de zijde van onder meer Pep Guardiola verovert Ronaldo de Europese beker der bekerwinnaars, de Spaanse beker en de Spaanse supercup. Barça wrijft zich in de handen: het lijkt in Brazilië een winnende formule gevonden te hebben. Sportkledinggigant Nike, dat het immense commerciële en sportieve potentieel van Brazilië ontdekt, springt dan mee in de dans. In 1996 sluiten ze een megadeal af met de Braziliaanse nationale ploeg en ook in Europa zet het Amerikaanse sportmerk zwaar in op voetbal. In 1998 komen onder andere FC Barcelona en Inter Milaan in hun klantenbestand terecht. Laat dat nu net de twee clubs zijn die een jaar eerder om Ronaldo bikkelden. Na amper één jaar Barça verdwijnt Ronaldo al richting Milaan, waar Inter hem kan binnenhalen door een beperkte afkoopsom van 25 miljoen euro op tafel te leggen. Intervoorzitter Massimo Moratti geeft in de Italiaanse media later toe: 'Ik dacht dat Ronaldo nooit haalbaar zou zijn voor ons, maar door zijn problemen met het bestuur van Barcelona werd hij plots toch een optie. Door het binnenhalen van Ronaldo kon ik Nike bovendien overtuigen om een zeer interessante deal met ons te sluiten.' De problemen tussen Barça en Ronaldo ontstaan door de, dixit Ronaldo's management, arrogante houding van het clubbestuur tijdens de onderhandelingen over een contractverlenging. De Catalanen willen hun topschutter een contract van tien jaar laten tekenen, zonder opstapclausule. Ronaldo en zijn entourage willen wél een beperkte afkoopsom. Barça gaat twee keer in de fout: enerzijds communiceert het de contractverlenging voor er een akkoord is, anderzijds blijken de afgesproken voorwaarden niet te corresponderen met het document dat ze Ronaldo voorleggen. Speler en zijn management zijn gedegouteerd en maken een kruis over hun toekomst in Catalonië. Recent nog haalde de Braziliaanse ex-spits uit naar Barça: 'Ze behandelen hun Brazilianen slecht. Het is geen toeval dat zoveel van ons er met slaande deuren vertrekken. Dat gebeurde met mij, Romário en nu Neymar.' Het is in die turbulente fase dat Sandro Rosell ten tonele verschijnt. Rosell, een Catalaan en fan van FC Barcelona, wordt in 1996 door Nike aangesteld als verantwoordelijke voor Spanje, Portugal en Brazilië. Mede dankzij zijn goede connecties met de Braziliaanse bondsvoorzitter Ricardo Teixeira overtuigt Rosell talenten als Rivaldo, Sonny Anderson, Giovanni, Ronaldinho en Neymar om voor zijn geliefde FC Barcelona te kiezen. Ondanks concrete en betere aanbiedingen van Manchester United en Real Madrid. In die laatste transfer overspeelt Rosell echter zijn hand. Corruptie, valsheid in geschrifte, belastingontduiking... de aantijgingen tegenover de Catalaan en zijn Braziliaanse kompaan Teixeira zijn niet min. ( zie kader) Rosell, die in 2002 toetreedt tot de raad van bestuur bij Barça en in 2010 verkozen wordt tot clubvoorzitter, treedt in 2014 zelf af en geeft de fakkel door aan Josep Bartomeu. Het deksel komt van de beerput. Met zijn bedrijf Ailanto blijkt hij miljoenen euro's achtergehouden te hebben bij de organisatie van oefenwedstrijden voor de Braziliaanse nationale ploeg, een zelfstandige business die hij opricht nadat hij in 2002 opstapt bij Nike. Zijn beruchtste 'fixing' is de oefenpot tussen Portugal en Brazilië in 2008: niet officieel erkend door de FIFA, maar wel veel geld in het laatje brengend. Vooral de lades van Rosell en Teixeira dan. De overige bestuursleden van FC Barcelona houden zich al die tijd op de vlakte, hun gezant zorgt immers voor een uitgebreid netwerk in Brazilië. Een land dat door zijn uitgestrektheid, zijn chaotische competitiestructuren en weinig transparante voetbalbeleid voor menig Europees scout als een doolhof aanvoelt. Het merk FC Barcelona wordt er mede dankzij de sportieve successen van publieksfavorieten als Ronaldo, Rivaldo en Ronaldinho immens populair. Dat jonge baltovenaars zoals Coutinho vandaag luidop dromen van Camp Nou heeft met die erfenis te maken: hij groeide op met beelden van Ronaldinho die in het gestreepte Barçashirt de Champions League wint. In de Braziliaanse sportwinkels is het shirt van FC Barcelona het op twee na meest verkochte. Alleen de nationale topclubs Flamengo en Corinthians doen beter. Uit een studie van het Braziliaanse Instituut voor Publieke Opinie en Statistiek blijkt dat liefst 25 procent van de Braziliaanse voetbalsupporters een voorkeur heeft voor Barça. Gevolgd door Real Madrid en Manchester United. De Catalaanse trots voelt zich op de Braziliaanse spelersmarkt haast ongenaakbaar. Zo illustreert ook een recent voorval rond de speler Arthur, jonge middenvelder van Gremio Porto Alegre. Ondanks een nog lopend contract poseert Arthur samen met Robert Fernández, sportdirecteur van Barcelona, in een truitje van zijn toekomstige club. Het bestuur van Gremio valt compleet uit de lucht - er is zelfs geen contact geweest tussen beide clubs - en legt klacht neer bij de FIFA. Aan het quasi monopolie van Barcelona in Brazilië lijkt echter stilaan een einde te komen. 'Barcelona zal door zijn aangename klimaat, zijn grote Braziliaanse gemeenschap in de stad en de taal altijd een voordeel hebben tegenover clubs uit Engeland of Duitsland', bedenkt spelersmakelaar Didier Frenay, die met zijn bedrijf Star Factory gespecialiseerd is in de Braziliaanse spelersmarkt. 'Die privéomstandigheden spelen zeker mee voor een Braziliaan. Maar een monopolie hebben ze zeker niet. Kijk maar naar Real Madrid dat onlangs het nieuwe grote talent Vinicius, amper 16 jaar, strikte voor 40 miljoen euro. Het kan snel veranderen. Als Neymar bij PSG blijft en er komen daar nog Brazilianen bij, kan het zijn dat PSG plots de populairste club wordt in Brazilië. Door sociale media verandert die dynamiek veel sneller dan vroeger.' Frenay verwacht ook een inhaalbeweging uit Engeland. Man U, samen met stadsgenoot City en Chelsea hebben hun charmeoffensief ingezet. Lange tijd was de Premier League een moeilijk verhaal voor Brazilianen, omdat er nog steeds strenge voorwaarden gelden om een werkvergunning te verkrijgen. Engelse clubs kunnen niet zomaar jonge sterren binnenhalen, tenzij ze al enige interlands op hun cv hebben staan. Tot nog toe werden Braziliaanse sterren dan ook meestal pas ingehaald nadat ze elders al hun strepen hebben verdiend. In die zin wordt Gabriel Jésus, in navolging van Roberto Firmino bij Liverpool, een belangrijke testcase. Als hij als 'Europese nieuweling' zijn onmiddellijke impact bij City kan doorzetten, luidt hij misschien een nieuw tijdperk in. Eentje waarbij de Premier League het nieuwe mekka wordt voor Braziliaanse jongeren.