Over de redenen waarom Israëlische voetballers naar België komen moet onder de betrokkenen niemand die ernaar wordt gevraagd lang nadenken. Dus ook Ronny Rosenthal niet. Rosenthal was in 1986 de eerste Israëliër ooit die in de Belgische eerste klasse, bij Club Brugge, kwam voetballen. Nu is hij spelersmakelaar.
...

Over de redenen waarom Israëlische voetballers naar België komen moet onder de betrokkenen niemand die ernaar wordt gevraagd lang nadenken. Dus ook Ronny Rosenthal niet. Rosenthal was in 1986 de eerste Israëliër ooit die in de Belgische eerste klasse, bij Club Brugge, kwam voetballen. Nu is hij spelersmakelaar. "In Israël", verklaarde Rosenthal onlangs in Sport Foot Magazine, "liggen de lonen van de meest verdienende spelers tussen de 100.000 en 250.000 euro netto. Een paar uitzonderingen verdienen tot 400.000 of 500.000 euro. Maar als ze in het buitenland twee tot drie keer meer kunnen verdienen, zijn ze niet meer te houden. Israëlische voetballers zijn altijd al een goed exportproduct geweest. Kijk naar de Israëliërs die in mijn tijd in de Belgische competitie speelden, zoals Eli Ohana of Shalom Tikva, of kijk naar Engeland, waar behalve ikzelf ook Avi Cohen en Yossi Benayoun bij Liverpool hebben gespeeld. Bovendien is ook de prijs-kwaliteitsverhouding interessant: Club Brugge betaalde 2,5 miljoen euro voor Lior Refaelov, wat niet veel is als je vaststelt dat hij een toegevoegde waarde biedt voor de ploeg. Ik zie in Israël zeker twintig spelers die in aanmerking komen om in België te spelen. Ik begrijp bijvoorbeeld niet waarom iemand als Eyal Golasa ( Maccabi Haifa, nvdr) nog niet door Belgische clubs benaderd is, terwijl tegen Racing Genk zijn kwaliteiten toch duidelijk waren? De Belgische competitie is een goede springplank naar Europa. In Israël heb je vier ploegen die de plak zwaaien, Maccabi en Hapoel Tel Aviv, Maccabi Haifa en Beitar Jerusalem. De rest is van een lager niveau, terwijl in België de ploegen uit de middenmoot meer weerwerk bieden. Dat betekent dat je je in België als speler beter kunt ontwikkelen." Nir Levin voetbalde in 1989, twee jaar nadat Rosenthal naar België kwam, onder René Vandereycken één seizoen bij AA Gent en staat nu aan het hoofd van de jeugdopleiding bij Maccabi Tel Aviv, dat door de jaren heen de meeste voetballers naar ons land zag vertrekken. Hij werkte in het verleden met onder anderen Elyaniv Barda, Dor Malul en Roei Dayan en ziet zijn eigen ervaringen met de Belgische competitie nu nog altijd terug in de landgenoten die naar hier komen. "Iedereen denkt dat hij de volgende Rosenthal kan worden en ziet België als een stap hoger," zegt hij, "maar elke stap hoger is moeilijker en moeilijker. Het fysieke is de grootste aanpassing die ze moeten maken, want de Israëlische competitie is wat dat betreft zwakker. Dat kon ik zelf ook ervaren: ik was hier indertijd een van de snelste en sterkste spitsen, maar in België bleek ik eerder gemiddeld. Dat is een omslag die je moet kunnen maken. Bij de grotere clubs in Israël is het met de fysiek wel beter dan het gemiddelde gesteld omdat zij ook vaak Europees moeten spelen. Maar bij de meeste spelers die terugkeren merk ik een betere fysiek en een andere benadering, want voetbal is in België professioneler dan bij veel clubs hier." Met Dor Malul en Roei Dayan is Beerschot de enige Belgische club die dit seizoen twee Israëliërs in de A-selectie telt. "Antwerpen staat bekend als een stad met een Joodse gemeenschap en we wilden die band ook ergens met elkaar smeden", zegt Chris Van Puyvelde, sportief directeur van Beerschot. Twee wedstrijden zag hij in het recente verleden: de halve finales van de Israëlische beker tussen Hapoel Tel Aviv en Apoel Kyriach Mona en Maccabi Haifa-Maccabi Natanya. "Vooral de tweede wedstrijd heeft indruk gemaakt op mij. Van Maccabi Haifa kunnen direct vier, vijf spelers in gelijk welke ploeg in België meedoen. Verdedigend was het niet altijd wat ik wou zien, maar er zat tempo en snelheid in. Wat mij opviel, is dat die mannen technisch allemaal goed zijn. Ze stralen een zekere rust aan de bal uit. Wat mij óók opviel toen Haifa tegen Genk speelde, is dat ze acties maken, maar dat je ze bijna nooit naar de bal ziet kijken. Ze zien in volle beweging nog oplossingen want ze blijven rond zich kijken. Wat het meeverdedigen betreft: dat is iets dat je kunt aanleren. KevinDe Bruyne, sorry, had daar in het begin ook problemen mee, hé." Refaelov, zegt Van Puyvelde, was voor Beerschot niet betaalbaar, "maar als je de juiste contacten hebt of je kijkt naar wie einde contract is, dan zijn sommige spelers wel betaalbaar. We dachten eerst dat Dor ( Malul, nvdr) niet mogelijk was voor ons, maar huren bleek uiteindelijk wel te kunnen. Tja, in de schietkraam schieten wij op die witte staafjes; in Engeland blazen ze direct het kot weg ( lachje), maar je bent wel van één ding zeker: als het tegenvalt, kunnen spelers altijd weer naar Israël. Je recupereert bijna altijd je investering. Bij Afrikanen bijvoorbeeld is het veel moeilijker om ze terug te sturen. Het hangt ook een beetje af van de relaties die je hebt en de mensen die die relaties kunnen doorduwen. Ik wil niet veralgemenen of mensen in hokjes duwen, maar Joden zitten over de hele wereld en ze hebben toch wel invloed en de juiste relaties. En dat is wat je moet hebben: de juiste relaties op de juiste plaats. Je moet wel een vorm van vertrouwen creëren en laten blijken dat je ze een warm hart toedraagt. Maar zaken doen is heel simpel. Een woord is een woord. Als het over diamanten gaat is dat ook zo, hoor ik in de diamantwereld. Het is ook gemakkelijker om een speler te overhalen naar Antwerpen te komen dan naar om het even waar. Wat betreft godsdienst en koosjer eten is dit een omgeving die ze kennen. En voor problemen zie je ze hier nooit: dat wordt geregeld in de Joodse gemeenschap, zoals huisvesting bijvoorbeeld - want soms willen ze bijvoorbeeld een appartement met twee liften: een voor op de sabbat en een voor de andere dagen. Ze hebben hier hun mensen, hun restaurants, hun synagoge ... Dayans vrouw is bevallen. Wel, de traditionele doop van dat kind kan hier gebeuren, hé. Er wordt in Israël ook goed gesproken over hier en dat is ook belangrijk. Ik denk dat Barda hier wel het cement tussen de bakstenen is, want ginder is hij iemand met aanzien." Twee personen, zo hoor je in Israël, liggen vooral aan de basis van de recente heropleving van Israëlische voetballers in de Belgische competitie. En de feiten lijken dat te staven: David Koren (Barda, Malul, Dayan, LiroyZhairi) en Dudu Dahan ( RamiGershon, ShlomiArbeitman, Refaelov, MaorBuzaglo) hebben elk een hand in een helft van de transfers. Nadat er tien jaar geen waren opgedoken, openden Barda, Salim Toama en Gil Vermouth in 2007 opnieuw de deur. In zijn fraaie appartement in Antwerpen laat David Koren een foto zien van de speler die hij als zijn volgende 'project' omschrijft. Eyal Golasa, de technische middenvelder van Maccabi Haifa. Pas twintig, maar al zes keer voor de nationale ploeg gespeeld en vier keer gescoord in achttien Europese wedstrijden. Koren is actief in de diamantsector en houdt er een uitgebreid netwerk op na. Hij werpt zich dankzij zijn 'hospitality' op als de warme peetvader van alle Israëlische voetballers in België, maar voor de transfers zelf, zegt hij, werkt hij samen met spelersmakelaar Jacques Lichtenstein. Barda was de eerste speler die hij naar België liet komen. Meteen zijn grootste trots. "In de Israëlische media krijgt Barda niet zo veel respect voor wat hij al heeft bereikt in verhouding tot Eli Ohana, omdat Ohana meer een vedette was met charisma. Maar Barda heeft een groter verantwoordelijkheidsgevoel. De meeste Israëlische voetballers brengen op technisch vlak iets extra, maar mentaal moet je hopen dat ze het geduld van Barda kunnen opbrengen." Dudu Dahan was in 2007 nog trainer van tweedeklasser Hakoach Ramat Gan, maar het gros van de trainingen liet hij aan zijn assistent over om ondertussen spelers te scouten in het buitenland en zich het Europese voetbal en de makelaarswereld binnen te wringen. Het maakt van hem ondertussen een makelaar met FIFA-licentie die speler, technisch directeur (van Hapoel Tel Aviv en Beitar Jerusalem), scout en trainer is geweest. "Ik hou van Israël én van België. Het ene is zoals kip en het andere zoals pasta en ik eet graag de twee samen. Ik heb fouten gemaakt waaruit ik heb geleerd, maar ik ben trots dat ik de eerste was die weer Israëliërs naar België kon brengen. Ik was al twee jaar aan het proberen, ook met Barda in Cyprus onder andere, maar velen aarzelden, want ze kenden de markt niet. De eerste die er klaar voor bleek, was Michel Louwagie, die Gil Vermouth aannam, en later Luciano D'Onofrio met Toama. Nu gaat het, zoals met Refaelov, gemakkelijker om spelers naar België te brengen, omdat men het niveau gezien heeft." Tot nog toe zijn er uit de lichting van de laatste vijf jaar evenwel niet echt voorbeelden te noemen die het niveau haalden om waar te maken wat wordt voorgespiegeld: dat België de vitrine is voor een stap hoger in Europa. David Koren: "In Israël vragen ze mij wel- eens: als de vitrine zo goed is in België, waarom zet Barda dan niet de volgende stap? Maar dan antwoord ik dat zijn salaris al een van de hoogste in België is en dat zijn kinderen zó zijn ingeburgerd dat ze gewoon Nederlands spreken. Om dan nog te vertrekken, moet het wel écht een goede aanbieding zijn." Dudu Dahan: "Slechts enkelingen hebben door hun achtergrond een paspoort voor Europa, maar het is moeilijk om als niet EU-burgers rechtstreeks naar Engeland, Spanje of Italië te gaan. De Bundesliga kan, maar dat ligt historisch voor beide kanten moeilijk. Maar als ze niet slagen in Europa, is het de fout van de speler. Als ze te goed zijn en niet opgeven, zullen ze wel hogerop gaan." Misschien is een deel van de conclusie, zoals een beslagen Israëlische journalist omschreef, dan ook wel een kwestie van entourage? "Als er een WK onder makelaars zou worden gehouden," grijnsde hij, "dan zat er zeker een Israëliër in de finale." DOOR RAOUL DE GROOTE - BEELDEN: IMAGEGLOBE"Het is gemakkelijker een speler te overhalen om naar Antwerpen te komen, dan naar om het even waar." Chris Van Puyvelde