Drie weken geleden vroegen we u om uw mening te geven over dit blad. Dat hebt u massaal gedaan, met liefst 3195 respondenten die de enquête volledig invulden, onder wie 4,8 % vrouwen.
...

Drie weken geleden vroegen we u om uw mening te geven over dit blad. Dat hebt u massaal gedaan, met liefst 3195 respondenten die de enquête volledig invulden, onder wie 4,8 % vrouwen. De meest verrassende vaststelling? Die is dat er geen verrassende vaststellingen zijn. U, lezer, bent tevreden. Gevraagd naar een algemeen evaluatiecijfer geeft 47 % van de respondenten ons acht op tien, 23 % zelfs negen op tien en 19 % nog zeven op tien. Pintje, allemaal? Liefst 76 % van u leest dit magazine elke week. Daarvan leest 55 % het blad van a tot z, wat enorm is. Tachtig procent van de lezers is abonnee. Wat ook opvalt, is uw trouw aan het blad. Hoe anders kan verklaard worden dat 52 % van de lezers het blad al tien jaar of langer tot zich neemt? Liefst 25 % van de lezers woont zelden of nooit een Belgische eersteklassewedstrijd bij, 29 % trekt dan weer minstens één keer per maand naar een stadion in de hoogste afdeling. Anderlecht, Standard en Club Brugge zijn (in die volgorde) bij de lezers de meest gevolgde clubs, opgesplitst per taalgebied zijn dat respectievelijk Standard en Anderlecht (FR) en Club en Anderlecht (NL). 12 % van onze lezers is geen supporter van een Belgische eersteklasser. Liefst 66 % van u geeft aan te supporteren voor een buitenlandse club. Dat is een trend die zich al langer doorzet. Dat blijkt ook uit de antwoorden op de vraag wat u, beste lezer, nog meer wil in het blad: meer buitenlands voetbal, meer aandacht voor de Belgen in het buitenland en meer portretten van voetballers. Aan die vraag proberen we sinds begin dit jaar ook tegemoet te komen, en dat gaan we straks nog meer doen, zonder de Belgische competitie uit het oog te verliezen. Evident is dat niet altijd. Soms denken de oudere journalisten bij dit blad nog eens terug hoe het tot begin jaren 2000 de gewoonste zaak was om na de wekelijkse dinsdagvergadering spelers - ook internationals - op hun privénummer te bellen voor een interview. Dat vond bij voorkeur bij hen thuis plaats, al dan niet met koffie en gebak. Wanneer het antwoord op de vraag of de afspraak al 's anderendaags kon negatief was, durfden we al eens te vragen: "En waarom niet?" Andere tijden waren het. Intussen worden - echt waar - deze week al de eerste trainingen bij een aantal eersteklassers opgestart, amper vijf dagen na de CL- finale (meer hierover verderop in dit blad) en precies een jaar nadat het WK in Brazilië van start ging. België, in 2010 nog 57e op de FIFA-ranking, begon als nummer 5 op de FIFA-ranking aan dat toernooi. Vandaag staan de Rode Duivels, net voor de belangrijke interland tegen Wales, tweede. Verbazend is wel hoe snel de gelederen rondom dat uitzonderlijk getalenteerde team, dat ook zondagavond in Parijs indruk maakte, uitgedund geraken. Vertrekt Marc Wilmots straks met een deel van de technische staf naar Schalke en wordt François De Keersmaecker over twee weken niet herkozen als voorzitter van de KBVB, dan blijft van het succesvolle team dat met de Rode Duivels naar Brazilië afreisde een jaar na het WK haast niemand over. Het is een vaststelling om even bij stil te staan. Een tweede vaststelling is dat de Rode Duivels zelf gezien hun prestaties op het veld blijkbaar helemaal niet onder de indruk zijn van die verschuivingen en geruchten over mogelijke vertrekkers. Het is geen kaartenhuisje dat met een paar verschuivingen in elkaar dreigt te zakken. Deze Rode Duivels zijn gewoon, net als de succesvolle generatie van de jaren tachtig, een volwassen groep die zichzelf kan bijsturen. DOOR GEERT FOUTRÉDeze Rode Duivels zijn gewoon, net als de succesvolle generatie van de jaren tachtig, een volwassen groep die zichzelf kan bijsturen.