Ja, ook ik hoopte aanvankelijk op een tweede plaats voor België. Een tabelhelft met zwakkere ploegen en vooral: een extra rustdag en minder vliegen, je gunde het die jongens zo.
...

Ja, ook ik hoopte aanvankelijk op een tweede plaats voor België. Een tabelhelft met zwakkere ploegen en vooral: een extra rustdag en minder vliegen, je gunde het die jongens zo. Maar heel de tijd sluimerde ook de knagende gedachte aan het EK van twee jaar geleden. Toen lag de weg naar de finale ook geplaveid met 'kleine' ploegen. Over Hongarije liepen we heen, maar toen kwam Wales en struikelden we. Die tabelhelft zou dus geïmpliceerd hebben: een onprettige, bijgelovige gedachte aan een herhaling van 2016. En veel druk, want falen zou dan écht uit den boze zijn. Zeker omdat je dat lot dan zelf 'gekozen' hebt door niet te (willen) winnen tegen Engeland. En de motivatie bij Colombia, Zwitserland of Zweden zou alleen maar groter zijn: 'Ze spelen liever tegen ons? We zullen eens iets laten zien.' Een psychologisch nadeel. Vandaar dat ik na de goal van Adnan Januzaj van langsom meer het gevoel kreeg: dit is wel goed zo. De ploegen die de Belgen treffen, weten nu: de Rode Duivels hebben echt geen schrik om tegen ons te moeten spelen. Een psychologisch voordeel. Maar ook puur voetbaltechnisch is het goed zo. Japan is een ploeg die zich hardnekkig zal verdedigen, maar Brazilië en - wie weet - Frankrijk of Argentinië zullen toch wel mee voetballen. Wat België, als meesters van de omschakeling, beter moet liggen dan opboksen tegen pakweg een Zweedse muur. Laten we wel hopen dat de cynische Atlético-kloon Uruguay er tegen dan uit ligt. Een laatste punt: deze ploeg wil schitteren. Niet gewoon winnen, maar liefst de monden doen openvallen. En een zege krijgt veel meer glans wanneer de tegenstander meer aanzien heeft. Ik wed dat de Rode Duivels stiekem niks liever wilden dan spelen tegen topfavoriet Brazilië.