Vijf tegendoelpunten. Meer kregen we er niet binnen voor de winterstop en daarmee hadden we wellicht de minst gepasseerde verdediging van het land. Hoe we dat hebben klaargespeeld? Ik zal misschien als een luierik overkomen, maar ik probeer mijn verdedigers zo veel mogelijk te laten opkuisen zodat ik minder reddingen moet uitvoeren. En je moet iedereen zo ver krijgen dat ze ook bezeten zijn van die clean sheets. Ze mogen niet denken: als we er zelf drie maken, dan is het niet zo erg dat we er een binnenkrijgen.
...

Vijf tegendoelpunten. Meer kregen we er niet binnen voor de winterstop en daarmee hadden we wellicht de minst gepasseerde verdediging van het land. Hoe we dat hebben klaargespeeld? Ik zal misschien als een luierik overkomen, maar ik probeer mijn verdedigers zo veel mogelijk te laten opkuisen zodat ik minder reddingen moet uitvoeren. En je moet iedereen zo ver krijgen dat ze ook bezeten zijn van die clean sheets. Ze mogen niet denken: als we er zelf drie maken, dan is het niet zo erg dat we er een binnenkrijgen. 'Enkele uren na een wedstrijd neem ik de tijd om mijn match te evalueren en ik kom vaak tot de conclusie dat het tegendoelpunt vermijdbaar was. Mijn positiespel was misschien niet perfect of ik had een van mijn verdedigers beter moeten oriënteren... Mijn ambitie is sowieso om elk seizoen onder de twintig tegendoelpunten te blijven. In mijn eerste seizoen bij KFC Walem in derde provinciale heb ik eens afgeklokt op 18 stuks, maar dat was net niet genoeg om uitgeroepen te worden tot 'beste' doelman van de provincie Antwerpen. De keeper van Beerschot Wilrijk had er namelijk 16 binnengelaten in eerste amateur. De sportief manager van Beerschot Wilrijk was toen Frank Staes, die ik nog als trainer had meegemaakt, en ik heb hem tijdens het seizoen opgebeld om hem duidelijk te maken dat zijn doelman het rustiger aan mocht doen. ( lacht) 'Een paar jaar eerder had ik met Sint-Job de Ratten een hak gezet. We namen het in de eindronde voor promotie naar derde amateur op tegen Wilrijk, dat op het punt stond om te fusioneren met Beerschot. Meer dan duizend man was naar de wedstrijd gekomen om voor Wilrijk te supporteren, maar wij gingen op en de nieuwe fusieclub moest in eerste provinciale beginnen. Als Antwerpsupporter vond ik dat uiteraard niet zo erg. Met Sint-Job, dat voor het eerst van nationaal voetbal mocht proeven, hadden we eigenlijk niets te zoeken in derde amateur. We pakten slechts tien punten en het is geen toeval dat ik mij niet kan herinneren hoeveel keer ik mij toen heb moeten omdraaien.' 'Ik heb hoe dan ook veel aan Sint-Job te danken. Het is de club waar ik als jeugdspeler ben grootgebracht en ik was er van mijn 19e tot mijn 26e doelman van de eerste ploeg van derde provinciale tot derde amateur. Op mijn 17e kwijnde ik weg bij de reserve B en op een dag heb ik besloten om te stoppen met voetballen. Ik ruilde het voetbalveld in voor de dansvloer, maar na een half jaar werd ik weer met open armen ontvangen door Sint-Job. Door een blessure van de eerste doelman kreeg ik meteen mijn kans bij de senioren en ik ben er niet meer uit gegaan. 'Tijdens mijn eerste seizoen in de A-ploeg mocht ik na een positief scoutingverslag van Erwin Lemmens twee weken meetrainen bij Waasland-Beveren dat toen in tweede klasse zat. ( blaast) Ik merkte meteen dat het niveau verschrikkelijk hoog lag. Na mijn eerste keeperstraining van 45 minuten had ik last van krampen en daarna moest ik nog in doel staan voor een wedstrijd elf tegen elf. Elke sprong voelde aan als een marteling... Ik kwam net terug uit een lange periode van inactiviteit en ik had niet de juiste mindset om mij volledig te smijten. Dat Waasland-Beveren mij geen vol- of halftijds contract heeft aangeboden, kan ik enkel mezelf verwijten. Ik kreeg ook ooit het voorstel om tweede doelman te worden bij Rupel-Boom en Sint-Niklaas, maar ik ben er niet op ingegaan. Ik heb in mijn carrière nooit op de bank gezeten en ik zou niet weten hoe ik daar op mentaal vlak mee moet omgaan. 'Ik ben intussen aan mijn laatste maanden bezig bij 's Gravenwezel-Schilde. Toen ik hier drie jaar geleden aankwam, was het bestuur net begonnen met het ontmantelen van hun sterrenploeg, en ze hebben een plan opgemaakt om binnen een aantal jaar enkel jeugdspelers op te stellen. Daarom heb ik ervoor gekozen om bij Zandhoven, een andere tweedeprovincialer, mijn carrière voort te zetten. Met elke club ben ik minstens een keer opgegaan en de cirkel zou rond zijn mocht het ook lukken met Zandhoven. Het is altijd leuk om je gezicht te zien op zo'n kampioenenfoto in een voetbalkantine in provinciale.'