Het was een winderige herfstdag, in oktober 1990. Thuis in het Limburgse Opitter neemt Lei Clijsters alle tijd voor een interview. De koffie dampt, er is gebak en Lei praat zoals hij voetbalt: kordaat en zonder omwegen. Na het vertrek van Graeme Rutjes, Erwin Koeman en Johnny Bosman zocht KV Mechelen naar een nieuwe identiteit, er werd zielloos gevoetbald en dat vrat aan de op en top professionele Clijsters. Hij sprak over gemakzucht in de groep, over spelers die hun borst niet meer nat maken voor een premie, over een gebrek aan motivatie en gebetenheid, over de breuk met Aad de Mos die zo veel had veranderd. En hij voorspelde dat KV Mechelen dat seizoen niet in de eerste vijf zou eindigen. ...

Het was een winderige herfstdag, in oktober 1990. Thuis in het Limburgse Opitter neemt Lei Clijsters alle tijd voor een interview. De koffie dampt, er is gebak en Lei praat zoals hij voetbalt: kordaat en zonder omwegen. Na het vertrek van Graeme Rutjes, Erwin Koeman en Johnny Bosman zocht KV Mechelen naar een nieuwe identiteit, er werd zielloos gevoetbald en dat vrat aan de op en top professionele Clijsters. Hij sprak over gemakzucht in de groep, over spelers die hun borst niet meer nat maken voor een premie, over een gebrek aan motivatie en gebetenheid, over de breuk met Aad de Mos die zo veel had veranderd. En hij voorspelde dat KV Mechelen dat seizoen niet in de eerste vijf zou eindigen. Het bestuur kon met deze ontboezeming niet lachen. Clijsters werd bij voorzitter John Cordier en manager Paul Courant ontboden. Of hij dat wel allemaal had verteld, wilden ze weten. Absoluut, zei Clijsters en benadrukte achter ieder woord te staan. Het was Lei Clijsters ten voeten uit. Hij wrong zich nooit in bochten maar vertelde altijd waar het op stond. Na dat interview werd hij voor een tijd uit de A-kern gezet en diende hij zijn aanvoerdersband in te leveren. De koppige Clijsters zou het nooit vergeten. Lei Clijsters was een bijzondere en soms complexe man. Op het veld een granieten libero, gevat intercepterend, een leider met kracht en souplesse, autoritair heersend achter zijn defensie. Als ex-middenvelder pleegde hij met lange ballen het aanvalsspel mee te voeden. Clijsters was veeleisend voor zichzelf en anderen. Naar buiten uit durfde hij wel eens hard en stekelig overkomen, binnenin was hij warm en donzig. In het kader van een lezerswedstrijd waren we met hem ooit op vakantie in Tenerife. Een gezin wilde met een zieke baby een paar dagen vroeger naar huis, maar kon dat alleen met een nachtelijke vlucht. Clijsters, die dezelfde dag 's ochtends zou vertrekken, stond meteen zijn plaats af. Hij vond het vanzelfsprekend met zijn gezin 's nachts te vliegen. Ook al moest hij de volgende dag 's morgens om negen uur op KV Mechelen zijn voor de eerste training. Vaak kwam Lei Clijsters verkeerd over. Zeker vanaf de periode dat hij alle tijd in de begeleiding van zijn dochter Kim stak en zich grommend en brommend meer en meer van de media distantieerde. Het bleek een afweermechanisme. Achter die façade ging nog steeds een warme man schuil, sociaal voelend, met veel aandacht voor minderbedeelden. Hij koketteerde daar nooit mee. Lei Clijsters was de verpersoonlijking van de echte prof. Toch kon hij de successen die hij behaalde gemakkelijk een plaats geven. Toen KV Mechelen in 1988 tegen Ajax de Europacup voor bekerwinnaars won en Clijsters een videocassette van die wedstrijd kreeg, gooide hij die thuis meteen in een lade. Niet één keer heeft hij gekeken. Hoewel hij niet kon verliezen, had Clijsters een groot relativeringsvermogen. Dat en zijn evenwichtige karakter frappeerden ons telkens weer in ieder interview dat we met hem maakten. Alleen die ene keer was het anders, in 1982 toen hij, grasduinend door zijn leven, vertelde over een kankergezwel dat in zijn voorhoofd was ontdekt en dat een dokter hem had verteld dat hij de geboorte van zijn tweede kindje wellicht niet meer zou meemaken. Heel alleen zaten we toen met Clijsters in de receptiezaal van het stadion van Waterschei, bij de nare herinnering liet hij de tranen de vrije loop. De allereerste keer zagen we Lei Clijsters in 1973, op zijn zeventiende, toen hij in Brugge samen met René Vandereycken bij een oudere dame was ondergebracht en vocht tegen de heimwee. Moedeloos en bijna hulpeloos staarde hij voor zich uit. Een toen nog timide Limburger, plots gekatapulteerd in het rauwe profbestaan. Hij miste de familiale warmte. Die geborgenheid van het gezin heeft Lei Clijsters altijd levenskracht gegeven. Ook toen er bij hem precies één jaar geleden opnieuw kanker werd vastgesteld. Vanaf dat moment leefde hij alleen nog voor zijn familie. Tot hij zondag zijn laatste gevecht verloor. S door JACQUES SYS