Slechts één van de elf komt rechtstreeks uit Afrika: de Senegalees Youssouph Badji (18). Twee zijn er geboren in België: Loïs Openda (20), die uit de eigen jeugdopleiding komt; en Clinton Mata (27), die werd overgenomen van Sporting Charleroi. Twee anderen kwamen via Scandinavië naar Brugge: de Ivoriaan Odillon Kossounou (19) van het Zweedse Hammarby IF (Zweden) en de Senegalees Krépin Diatta (21) van het Noorse Sarpsborg 08. Nog twee anderen speelden al eerder in België: de Zuid-Afrikaan Percy Tau (25), gehuurd van Brighton & Hove Albion FC, bij Union Sint-Gillis; en de Senegalees Mbaye Diagne (28), gehuurd van Galatasaray, bij Lierse SK en KVC Westerlo. De Nigeriaan Emmanuel Dennis (22) komt van het Oekraïense Zorja Loehansk, zijn landgenoot David Okereke (22) komt van het Italiaanse Spezia Calcio 1906 en de Ivoriaan Simon Deli (28) van het Tsjechische Slavia Praag. En dan is er nog een Zuid-Amerikaan met Afrikaanse roots: de Colombiaan Eder Balanta (27), overgekomen van het Zwitserse FC Basel.

Hun grootste gemene deler is: kracht en snelheid. 'Je kunt niet veralgemenen, ' zegt coach Philippe Clement, de Belgische coach van Club. 'Tau bijvoorbeeld is vooral creatief en bezit veel minder die fysieke aspecten. Ook op het mentale vlak kun je dat niet doen. Badji is er pas in januari bijgekomen, maar was meteen in alles mee. Wat de roots van mijn spelers zijn, is voor mij niet echt een item. Er kunnen culturele verschillen zijn, maar voor mij verandert dat niets: als coach ga ik op zoek naar datgene waarmee je iemand kunt triggeren om het beste uit zichzelf te halen. Ik kijk naar het individuele van personen, naar wat er in de mens zit en wat je er samen uit kunt halen. Mijn boodschap is: neem iedereen zoals hij is, dan nemen ze jou ook zoals je bent.

Mbaye Diagne, Odillon Kossounou, Eder Balanta, BELGAIMAGE
Mbaye Diagne, Odillon Kossounou, Eder Balanta © BELGAIMAGE

'Ik zie dat ze in onze groep allemaal goed overeenkomen en soms ook buiten het voetbal samen dingen doen. Dat vind ik belangrijk. Het zijn zeker niet altijd die met dezelfde roots die samen zitten. Je kunt niet iemand verplichten om iemand anders tof te vinden, maar ze hebben natuurlijk wel één gemeenschappelijk iets: dat ze allemaal samen hard moeten werken, toch gedurende een deel van de dag, en dat ze hier samen avonturen beleven. Dat ze elkaar nodig hebben, daar spreek je als coach uiteraard wel over. Misschien zorgt dat er ook wel voor dat ze naast het veld samen dingen doen en dat er in de groep een paar spelers zijn die daarvoor initiatieven nemen. Clinton is daar een groot voorbeeld van.'

Naast het veld staat teammanager Dévy Rigaux het dichtst bij de spelers. 'Het varieert van persoonlijkheid tot persoonlijkheid, maar wat die jongens met Afrikaanse roots doorgaans dag in dag uit meebrengen, is joie de vivre', zegt hij. 'Het onbevangene, het creatieve, de waan van het moment. Positivisme. Fleur. Zij kunnen heel gemakkelijk samen naar een vreugdemoment gaan.'

EEN SYMBIOSE VAN CULTUREN

De goede integratie van de 'Afrikanen' is geen toeval. Het is een kwestie van management. 'Het eerste wat belangrijk is wanneer je een speler binnenhaalt die uit een andere cultuur komt, is dat je hem een structuur aanbiedt en hem ook uitlegt wat de normen en waarden zijn van onze cultuur', zegt Rigaux. 'Dat gebeurt eigenlijk al bij de screening van de nieuwe speler. Dan is er al een soort background research gebeurd, waarbij je aftoetste of die jongen daaraan kan voldoen. We zijn dan meestal ook bij de ouders thuis geweest. In het geval van Dennis bijvoorbeeld zijn we naar Oekraïne gereisd om er te kunnen voelen hoe een toen nog heel jonge Afrikaan als hij daar dag in dag uit leefde en om te kunnen inschatten of we ervoor zouden kunnen zorgen dat hij ook in onze cultuur zou kunnen aarden. Eens zo iemand dan hier is, schets je in een eerste kennismaking wat er heerst in de Europese cultuur en wat in België de waarden en normen zijn. Daarin zoek je dan naar een evenwicht.

'Belangrijk is dat je er ook buiten het voetbal voor hen bent, dat ze je altijd kunnen bellen met vragen en problemen. Melanie Depuydt, die de administratie en de zorg voor de spelers en hun familie op zich neemt, maakte een brochure met nuttige en leuke adressen, gaande van de dokter en de apotheker van wacht tot winkels voor specifieke voeding, supermarkten, restaurants en shops voor de spelersvrouwen.

'Ze kunnen altijd bij je terecht, maar je laat ze het leven hier vooral zelf ontdekken. Er zijn er die naar Brussel rijden om verse groenten, fruit of vlees te halen dat zij gewoon zijn te eten. Van jongens die hier alleen zijn, zie je dat ze met elkaar optrekken, zoals Diatta met Badji en Okereke met Tau. Het is belangrijk dat je ze wat vrij laat, maar ook dat je ze opvolgt en dat je aanvoelt wat er leeft. Want als iemand elke dag van 7 uur 's avonds tot 2 uur 's ochtends in Brussel zit, dan is er iets grondig fout. Dat gevaar bestaat vooral als je onvoldoende een vertrouwensband creëert met je spelers.

'In de keuken op het oefencentrum mogen spelers tips geven en gerechten voorstellen. Onze twee chefs proberen zich zelf ook te verdiepen in bijvoorbeeld: wat is een goeie tajine en wat is een gezonde couscous?

'Zo krijgt iedereen het gevoel dat hij welkom is en kom je op natuurlijke wijze tot een symbiose van verschillende culturen. Door Ricca is Deli maté beginnen drinken. Een Uruguyaan en een Ivoriaan die samen Zuid-Amerikaanse thee nuttigen: mooi toch?'

Ook de muziek in de kleedkamer, in het spelershome en in de fitnesszaal is multicultureel. 'Na een overwinning spelen we niet alleen André Hazes voor Ruud Vormer, maar ook muziek waar bijvoorbeeld een Afrikaan zich goed bij voelt. Voor het seizoen vroegen we aan iedereen om zijn favoriete nummer op te geven. Die zetten we allemaal in één iTuneslijst en spelen we in de kleedkamer af op een shuffle. Dat betekent dat de ene keer de pre-match music begint met een Nederlandse schlager, een andere keer met Colombiaanse reggaeton en nog een andere keer met een Afrikaans ritme.

Loïs Openda, Youssouph Badji, Percy Tau, BELGAIMAGE
Loïs Openda, Youssouph Badji, Percy Tau © BELGAIMAGE

'Wie zich helemaal op zichzelf wil terugplooien, kan zijn koptelefoon opzetten en heel de tijd naar zijn eigen muziek luisteren. Iedereen krijgt de vrijheid om zich op zijn manier voor te bereiden op de wedstrijd en de ene doet dat iets meer ontspannen dan de andere. Bepaalde Europese jongens willen muziek die echt adrenaline oppompt, terwijl het bij Afrikanen en Zuid-Amerikanen vaak meer pure joie de vivre is.'

Dat er momenteel in de kleedkamer van Club Brugge véél spelers met Afrikaanse roots zitten, bevordert hun welzijn, aldus Rigaux. 'Dat is een voordeel, omdat er nu eenmaal gemakkelijker voeling ontstaat met gelijkgestemden qua taal en cultuur.'

Het maakt een verbinder als Clinton Mata des te belangrijker. 'Omdat hij de beide culturen belichaamt: hij groeide hier op, kent perfect onze normen en waarden, maar bezit ook de Afrikaanse achtergrond', aldus Rigaux. 'Bovendien combineert hij in zijn persoonlijkheid ernst en een goeie dagelijkse werkattitude met spontaniteit, plezier en grappen op het juiste moment met de juiste persoon. Het is fantastisch dat er iemand op die manier voor zorgt dat die jongens zich thuis voelen en dat er contact is met onze Vlamingen en de andere buitenlanders. Hij is ook heel geschikt om indien nodig op natuurlijke wijze wat bij te sturen en aan te geven wat goed en niet goed is.

'Iedereen kan zijn eigenheid behouden. Sommigen spreken onderling Frans en Balanta en Ricca spreken wel eens Spaans met elkaar. Maar het belangrijkste blijft dat iedereen met elkaar kan communiceren en daarom worden er voor bepaalde jongens Engelse lessen georganiseerd. Want stel dat Clinton geen Engels zou spreken, dan zou hij zich beperken tot een deel van de kleedkamer en dat zou niet goed zijn.'

DE KRACHT VAN CLUB

Mata relativeert zijn eigen inbreng. 'Misschien speel ik daar soms wel een rol in, maar de spelers zijn professioneel genoeg om te weten wanneer er gelachen kan worden en wanneer ze ernstig moeten zijn', zegt hij. 'De kracht van Brugge tegenwoordig is de état d'esprit in de club en tussen de speler onderling: we zijn er allemaal om elkaar te helpen. Dat zie je op het veld en dat weerspiegelt zich in het klassement. Elk brengt zijn karakter en zijn kwaliteiten in. Hans ( Vanaken, nvdr) kan niet wat Simon kan en Simon kan niet wat Percy kan. We beseffen dat we elkaar nodig hebben. De sleutel van ons succes is: een kleedkamer die gelukkig is, die lacht en die werkt.'

Hij typeert op onze vraag zijn ploegmaats met Afrikaanse roots. 'Openda is timide buiten het veld, heel goed van hart. Hij is een product van de jeugdopleiding hier, is iemand die veel wil bijleren en veel wil doen, maar die soms een beetje te snel wil gaan. Ik zeg hem dat hij alles bezit om door te breken bij Club Brugge maar dat hij geen stappen mag overslaan.

'Ook Okereke is een jonge, explosieve speler die graag lacht en ook het serieuze in zich heeft. Het is zijn eerste jaar, dus komt het erop aan zich aan te passen, zoveel mogelijk speelminuten te verzamelen en ervaring op te doen én zichzelf niet te veel onder druk te zetten.

'Kossounou en Badji zijn nog heel jong, ze willen bijleren en zijn zich aan het integreren en aan het aanpassen aan de mentaliteit en leven hier.

'Dennis is iemand die elke dag blij is. Op het veld heeft hij une petite folie en dat mag je hem niet afnemen, want anders is het Dennis niet meer. Het is iets positiefs, het laat hem toe om risico's te nemen en soms twee, drie man te dribbelen. Verdedigers zijn bang van hem omdat hij snel en technisch is en je nooit weet wat hij gaat doen.

'Tau is timide en discreet, maar lacht ook wel graag. Hij zet zijn universitaire studies voort en is heel matuur. Het is niet nodig om hem er regelmatig aan te herinneren wat hij wel of niet moet doen zoals dat bij bepaalde jonge spelers wel het geval is. Hij is iemand die met zijn creativiteit moeilijk te bespelen is voor grote, stevige verdedigers. Zelfs tegen Manchester United toonde hij thuis dat hij in de kleine ruimte en in de combinatie moeilijk af te stoppen is.

'Van Diatta zou je van buitenaf misschien de indruk kunnen krijgen dat hij niet veel lacht, maar hij is een heel vriendelijke jongen met een heel groot hart. Hij is puur talent met een mooie toekomst voor zich.

'Balanta is de kalmste van de kleedkamer, net als Ricca zegt hij niet veel. Ik noem hem Le Taureau, omdat hij op het veld een beest is. Met zijn imposante fysiek zorgt hij op het middenveld voor evenwicht.

'Deli is een leider, iemand die durft te spreken als dat nodig is. Hij wil het beste voor de ploeg, knokt ervoor en zal zichzelf nooit op het voorplan zetten. Hij danst ook heel graag, vooral op Ivoriaanse muziek.'

En dan is er nog Diagne, voor wie er in de kleedkamer geen plaats meer is ( zie kader). 'Dat is een beslissing van de club. Ik ga daar niets over zeggen.'

In het spelershome staan er vier spelers rond de pooltafel: een Zuid-Afrikaan, een Nigeriaan, een Oekraïner en een Belg. 'Het is', zegt Mata met een smile, 'het wereldkampioenschap biljarten dat aan de gang is.'

Black Power

Clinton Mata

Geboren 07/11/1992

Nationaliteit Belg/Angolees

Positie verdediger

Bij club sinds 01/07/2018

Emmanuel Dennis

Geboren 15/11/1997

Nationaliteit Nigeriaan

Positie aanvaller

Bij club sinds 01/07/2017

Krépin Diatta

Geboren 25/02/1999

Nationaliteit Senegalees

Positie aanvaller

Bij club sinds 03/01/2018

Mbaye Diagne

Geboren 28/10/1991

Nationaliteit Senegalees

Positie aanvaller

Bij club sinds 02/09/2019

David Okereke

Geboren 29/08/1997

Nationaliteit Nigeriaan

Positie aanvaller

Bij club sinds 09/07/2019

Odillon Kossounou

Geboren 04/01/2001

Nationaliteit Ivoriaan

Positie verdediger

Bij club sinds 01/07/2019

Eder Balanta

Geboren 28/02/1993

Nationaliteit Colombiaan

Positie middenvelder

Bij club sinds 02/09/2019

Loïs Openda

Geboren 16/02/2000

Nationaliteit Belg/Fransman

Positie aanvaller

Bij club sinds 01/07/2015

Youssouph Badji

Geboren 20/12/2001

Nationaliteit Senegalees

Positie aanvaller

Bij club sinds 03/01/2020

Percy Tau

Geboren 13/05/1994

Nationaliteit Zuid-Afrikaan

Positie aanvaller

Bij club sinds 29/07/2019

Waarom Diagne de groep niet verdeelt

Er is tot nu toe één groot probleem geweest in de spelersgroep: de van Galatasaray gehuurde Senegalese spits Mbaye Diagne die zich sinds het penalty-incident in de Champions Leaguewedstrijd in Parijs niet naar de team- en werkethiek kon schikken en daarom geen deel meer uitmaakt van de kleedkamer. Hij traint apart. 'Als de normen en de waarden die binnen een groep leven een aantal keren niet gerespecteerd worden, dan zijn er consequenties', zegt teammanager Dévy Rigaux. 'Dan ga je in gesprek met de speler die de regels overtreedt. Pikt hij dat niet op, dan is het einde verhaal.'

De groep is daardoor niet verdeeld geraakt in pro en contra Diagne, benadrukt hij. 'Integendeel. Die is sterker geworden dan ooit, omdat al de rest wel de normen en waarden van Club Brugge respecteert. Een gezonde groep zoals deze reguleert in zo'n geval zichzelf. Een kleedkamer is tegenwoordig een mengelmoes van nationaliteiten, culturen en persoonlijkheden; en het belangrijkste is dat er respect voor elkaar is, dat de afspraken nageleefd worden en dat er een zekere rechtlijnigheid is. Die lijn kan wel eens een beetje op een andere manier geïnterpreteerd worden, als bepaalde persoonlijke gebeurtenissen om een menselijke benadering vragen. Maar dan moet dat hetzelfde zijn voor een Vlaming, een Afrikaan, een Zuid-Amerikaan of een Oekraïner, zodat iedereen weet: dat is de manier waarop het gaat en waarop ik het moet doen om tot die groep te behoren. Als iedereen daar dan nog met zijn eigenheid en zijn creativiteit iets extra aan toevoegt, zowel op als naast het veld, dan krijg je een fantastische sfeer.'

Slechts één van de elf komt rechtstreeks uit Afrika: de Senegalees Youssouph Badji (18). Twee zijn er geboren in België: Loïs Openda (20), die uit de eigen jeugdopleiding komt; en Clinton Mata (27), die werd overgenomen van Sporting Charleroi. Twee anderen kwamen via Scandinavië naar Brugge: de Ivoriaan Odillon Kossounou (19) van het Zweedse Hammarby IF (Zweden) en de Senegalees Krépin Diatta (21) van het Noorse Sarpsborg 08. Nog twee anderen speelden al eerder in België: de Zuid-Afrikaan Percy Tau (25), gehuurd van Brighton & Hove Albion FC, bij Union Sint-Gillis; en de Senegalees Mbaye Diagne (28), gehuurd van Galatasaray, bij Lierse SK en KVC Westerlo. De Nigeriaan Emmanuel Dennis (22) komt van het Oekraïense Zorja Loehansk, zijn landgenoot David Okereke (22) komt van het Italiaanse Spezia Calcio 1906 en de Ivoriaan Simon Deli (28) van het Tsjechische Slavia Praag. En dan is er nog een Zuid-Amerikaan met Afrikaanse roots: de Colombiaan Eder Balanta (27), overgekomen van het Zwitserse FC Basel.Hun grootste gemene deler is: kracht en snelheid. 'Je kunt niet veralgemenen, ' zegt coach Philippe Clement, de Belgische coach van Club. 'Tau bijvoorbeeld is vooral creatief en bezit veel minder die fysieke aspecten. Ook op het mentale vlak kun je dat niet doen. Badji is er pas in januari bijgekomen, maar was meteen in alles mee. Wat de roots van mijn spelers zijn, is voor mij niet echt een item. Er kunnen culturele verschillen zijn, maar voor mij verandert dat niets: als coach ga ik op zoek naar datgene waarmee je iemand kunt triggeren om het beste uit zichzelf te halen. Ik kijk naar het individuele van personen, naar wat er in de mens zit en wat je er samen uit kunt halen. Mijn boodschap is: neem iedereen zoals hij is, dan nemen ze jou ook zoals je bent. 'Ik zie dat ze in onze groep allemaal goed overeenkomen en soms ook buiten het voetbal samen dingen doen. Dat vind ik belangrijk. Het zijn zeker niet altijd die met dezelfde roots die samen zitten. Je kunt niet iemand verplichten om iemand anders tof te vinden, maar ze hebben natuurlijk wel één gemeenschappelijk iets: dat ze allemaal samen hard moeten werken, toch gedurende een deel van de dag, en dat ze hier samen avonturen beleven. Dat ze elkaar nodig hebben, daar spreek je als coach uiteraard wel over. Misschien zorgt dat er ook wel voor dat ze naast het veld samen dingen doen en dat er in de groep een paar spelers zijn die daarvoor initiatieven nemen. Clinton is daar een groot voorbeeld van.' Naast het veld staat teammanager Dévy Rigaux het dichtst bij de spelers. 'Het varieert van persoonlijkheid tot persoonlijkheid, maar wat die jongens met Afrikaanse roots doorgaans dag in dag uit meebrengen, is joie de vivre', zegt hij. 'Het onbevangene, het creatieve, de waan van het moment. Positivisme. Fleur. Zij kunnen heel gemakkelijk samen naar een vreugdemoment gaan.' De goede integratie van de 'Afrikanen' is geen toeval. Het is een kwestie van management. 'Het eerste wat belangrijk is wanneer je een speler binnenhaalt die uit een andere cultuur komt, is dat je hem een structuur aanbiedt en hem ook uitlegt wat de normen en waarden zijn van onze cultuur', zegt Rigaux. 'Dat gebeurt eigenlijk al bij de screening van de nieuwe speler. Dan is er al een soort background research gebeurd, waarbij je aftoetste of die jongen daaraan kan voldoen. We zijn dan meestal ook bij de ouders thuis geweest. In het geval van Dennis bijvoorbeeld zijn we naar Oekraïne gereisd om er te kunnen voelen hoe een toen nog heel jonge Afrikaan als hij daar dag in dag uit leefde en om te kunnen inschatten of we ervoor zouden kunnen zorgen dat hij ook in onze cultuur zou kunnen aarden. Eens zo iemand dan hier is, schets je in een eerste kennismaking wat er heerst in de Europese cultuur en wat in België de waarden en normen zijn. Daarin zoek je dan naar een evenwicht. 'Belangrijk is dat je er ook buiten het voetbal voor hen bent, dat ze je altijd kunnen bellen met vragen en problemen. Melanie Depuydt, die de administratie en de zorg voor de spelers en hun familie op zich neemt, maakte een brochure met nuttige en leuke adressen, gaande van de dokter en de apotheker van wacht tot winkels voor specifieke voeding, supermarkten, restaurants en shops voor de spelersvrouwen. 'Ze kunnen altijd bij je terecht, maar je laat ze het leven hier vooral zelf ontdekken. Er zijn er die naar Brussel rijden om verse groenten, fruit of vlees te halen dat zij gewoon zijn te eten. Van jongens die hier alleen zijn, zie je dat ze met elkaar optrekken, zoals Diatta met Badji en Okereke met Tau. Het is belangrijk dat je ze wat vrij laat, maar ook dat je ze opvolgt en dat je aanvoelt wat er leeft. Want als iemand elke dag van 7 uur 's avonds tot 2 uur 's ochtends in Brussel zit, dan is er iets grondig fout. Dat gevaar bestaat vooral als je onvoldoende een vertrouwensband creëert met je spelers. 'In de keuken op het oefencentrum mogen spelers tips geven en gerechten voorstellen. Onze twee chefs proberen zich zelf ook te verdiepen in bijvoorbeeld: wat is een goeie tajine en wat is een gezonde couscous? 'Zo krijgt iedereen het gevoel dat hij welkom is en kom je op natuurlijke wijze tot een symbiose van verschillende culturen. Door Ricca is Deli maté beginnen drinken. Een Uruguyaan en een Ivoriaan die samen Zuid-Amerikaanse thee nuttigen: mooi toch?' Ook de muziek in de kleedkamer, in het spelershome en in de fitnesszaal is multicultureel. 'Na een overwinning spelen we niet alleen André Hazes voor Ruud Vormer, maar ook muziek waar bijvoorbeeld een Afrikaan zich goed bij voelt. Voor het seizoen vroegen we aan iedereen om zijn favoriete nummer op te geven. Die zetten we allemaal in één iTuneslijst en spelen we in de kleedkamer af op een shuffle. Dat betekent dat de ene keer de pre-match music begint met een Nederlandse schlager, een andere keer met Colombiaanse reggaeton en nog een andere keer met een Afrikaans ritme. 'Wie zich helemaal op zichzelf wil terugplooien, kan zijn koptelefoon opzetten en heel de tijd naar zijn eigen muziek luisteren. Iedereen krijgt de vrijheid om zich op zijn manier voor te bereiden op de wedstrijd en de ene doet dat iets meer ontspannen dan de andere. Bepaalde Europese jongens willen muziek die echt adrenaline oppompt, terwijl het bij Afrikanen en Zuid-Amerikanen vaak meer pure joie de vivre is.' Dat er momenteel in de kleedkamer van Club Brugge véél spelers met Afrikaanse roots zitten, bevordert hun welzijn, aldus Rigaux. 'Dat is een voordeel, omdat er nu eenmaal gemakkelijker voeling ontstaat met gelijkgestemden qua taal en cultuur.' Het maakt een verbinder als Clinton Mata des te belangrijker. 'Omdat hij de beide culturen belichaamt: hij groeide hier op, kent perfect onze normen en waarden, maar bezit ook de Afrikaanse achtergrond', aldus Rigaux. 'Bovendien combineert hij in zijn persoonlijkheid ernst en een goeie dagelijkse werkattitude met spontaniteit, plezier en grappen op het juiste moment met de juiste persoon. Het is fantastisch dat er iemand op die manier voor zorgt dat die jongens zich thuis voelen en dat er contact is met onze Vlamingen en de andere buitenlanders. Hij is ook heel geschikt om indien nodig op natuurlijke wijze wat bij te sturen en aan te geven wat goed en niet goed is. 'Iedereen kan zijn eigenheid behouden. Sommigen spreken onderling Frans en Balanta en Ricca spreken wel eens Spaans met elkaar. Maar het belangrijkste blijft dat iedereen met elkaar kan communiceren en daarom worden er voor bepaalde jongens Engelse lessen georganiseerd. Want stel dat Clinton geen Engels zou spreken, dan zou hij zich beperken tot een deel van de kleedkamer en dat zou niet goed zijn.' Mata relativeert zijn eigen inbreng. 'Misschien speel ik daar soms wel een rol in, maar de spelers zijn professioneel genoeg om te weten wanneer er gelachen kan worden en wanneer ze ernstig moeten zijn', zegt hij. 'De kracht van Brugge tegenwoordig is de état d'esprit in de club en tussen de speler onderling: we zijn er allemaal om elkaar te helpen. Dat zie je op het veld en dat weerspiegelt zich in het klassement. Elk brengt zijn karakter en zijn kwaliteiten in. Hans ( Vanaken, nvdr) kan niet wat Simon kan en Simon kan niet wat Percy kan. We beseffen dat we elkaar nodig hebben. De sleutel van ons succes is: een kleedkamer die gelukkig is, die lacht en die werkt.' Hij typeert op onze vraag zijn ploegmaats met Afrikaanse roots. 'Openda is timide buiten het veld, heel goed van hart. Hij is een product van de jeugdopleiding hier, is iemand die veel wil bijleren en veel wil doen, maar die soms een beetje te snel wil gaan. Ik zeg hem dat hij alles bezit om door te breken bij Club Brugge maar dat hij geen stappen mag overslaan. 'Ook Okereke is een jonge, explosieve speler die graag lacht en ook het serieuze in zich heeft. Het is zijn eerste jaar, dus komt het erop aan zich aan te passen, zoveel mogelijk speelminuten te verzamelen en ervaring op te doen én zichzelf niet te veel onder druk te zetten. 'Kossounou en Badji zijn nog heel jong, ze willen bijleren en zijn zich aan het integreren en aan het aanpassen aan de mentaliteit en leven hier. 'Dennis is iemand die elke dag blij is. Op het veld heeft hij une petite folie en dat mag je hem niet afnemen, want anders is het Dennis niet meer. Het is iets positiefs, het laat hem toe om risico's te nemen en soms twee, drie man te dribbelen. Verdedigers zijn bang van hem omdat hij snel en technisch is en je nooit weet wat hij gaat doen. 'Tau is timide en discreet, maar lacht ook wel graag. Hij zet zijn universitaire studies voort en is heel matuur. Het is niet nodig om hem er regelmatig aan te herinneren wat hij wel of niet moet doen zoals dat bij bepaalde jonge spelers wel het geval is. Hij is iemand die met zijn creativiteit moeilijk te bespelen is voor grote, stevige verdedigers. Zelfs tegen Manchester United toonde hij thuis dat hij in de kleine ruimte en in de combinatie moeilijk af te stoppen is. 'Van Diatta zou je van buitenaf misschien de indruk kunnen krijgen dat hij niet veel lacht, maar hij is een heel vriendelijke jongen met een heel groot hart. Hij is puur talent met een mooie toekomst voor zich. 'Balanta is de kalmste van de kleedkamer, net als Ricca zegt hij niet veel. Ik noem hem Le Taureau, omdat hij op het veld een beest is. Met zijn imposante fysiek zorgt hij op het middenveld voor evenwicht. 'Deli is een leider, iemand die durft te spreken als dat nodig is. Hij wil het beste voor de ploeg, knokt ervoor en zal zichzelf nooit op het voorplan zetten. Hij danst ook heel graag, vooral op Ivoriaanse muziek.' En dan is er nog Diagne, voor wie er in de kleedkamer geen plaats meer is ( zie kader). 'Dat is een beslissing van de club. Ik ga daar niets over zeggen.' In het spelershome staan er vier spelers rond de pooltafel: een Zuid-Afrikaan, een Nigeriaan, een Oekraïner en een Belg. 'Het is', zegt Mata met een smile, 'het wereldkampioenschap biljarten dat aan de gang is.'