Het groene Spanje, la España verde, zo staat het noordoosten van het Iberische schiereiland - Asturias en Galicië - bekend. In tegenstelling tot de rest van Spanje regent het er dan ook geregeld. Zo ook zaterdagmorgen, de dag waarop de 58ste Vuelta ciclista a España in Gijón, Asturias, van start ging.
...

Het groene Spanje, la España verde, zo staat het noordoosten van het Iberische schiereiland - Asturias en Galicië - bekend. In tegenstelling tot de rest van Spanje regent het er dan ook geregeld. Zo ook zaterdagmorgen, de dag waarop de 58ste Vuelta ciclista a España in Gijón, Asturias, van start ging. Gijón toont zich overigens bijzonder fier dat het mag pronken met het vertrekpunt van de belangrijkste wielerwedstrijd in Spanje. Zo kregen onder meer de straten van de kuststad een grondige verfraaiingsbeurt. Gijón wil zich immers van zijn beste kant laten zien aan de 3000 mensen die in het spoor van de wielerwedstrijd de weg naar de stad vonden. Bovendien volgen meer dan 30 miljoen kijkers over de hele wereld de Vuelta op tv. "We kunnen ons geen betere manier voorstellen om onze stad in een uitstalraam te plaatsen", laat Paz Fernández Felgueroso, de eerste vrouwelijke burgemeester van Gijón, optekenen in La Nueva España de Gijón, de meest gelezen krant in de streek. Het mag best, want Asturias geldt niet meteen als de welvarendste regio van Spanje. De werkloosheid is er hoog en op de Amerikaanse multinational DuPont (verscheidene kunststoffen) na is er geen enkel internationaal befaamd bedrijf gevestigd. Kosten noch moeite werden gespaard om promotie te maken voor Asturias. Bijna 600 tv-spots in de aanloop naar de Vuelta alleen moesten ervoor zorgen dat de kijkers van TVE Internacional de regio leerden kennen als een van de mooiste van het land. Want net als de bedrijfswereld zoeken ook de toeristen nog steeds liever de costa's op in het rijke Catalonië. Daar zit ongetwijfeld ook het weer voor iets tussen. Rond het middaguur, ruim drie uur vooraleer de eerste ploeg, iBanesto. com, zich op de avenida de El Molinón op gang trekt, klaart de lucht boven Gijón dan toch op. Bij Quick Step-Davitamon, dat een goed uur later als op drie na laatste aan zijn 28 kilometer afzien begint, heerst er een ontspannen sfeer. Het team van manager Patrick Lefevere kan dan ook geen enkele reden aanhalen om zich zenuwachtig te maken. Want, net als stilaan het geval is in Gijón, kleurt ook voor Quick Step-Davitamon de hemel blauw. De blauwe garde kende een debuutjaar dat zelfs de allerstoutste verwachtingen overtrof. Al wat er tijdens de Vuelta nog bijkomt, is extra. Net zo ontspannen als de renners is mecanicien Bart Leysen. Terwijl hij een vol achterwiel in de fiets van Richard Virenque steekt, dolt hij wat met zijn collega Jean-Marc Vandenberghe. Leysen reed vorig jaar nog als prof bij Palmans-Collstrop, voordien was hij acht jaar actief bij het grote Mapei. "Ik hoop dat ik deze job bij dit team even lang mag uitoefenen." Of hij altijd al interesse had om mecanicien te worden ? "Ik heb toch altijd graag geprutst aan mijn fiets, ja." Over een gebrek aan werk zal je hem niet horen klagen. Elke renner beschikt tijdens de Vuelta over drie fietsen, een tijdritfiets en twee gewone racefietsen - nu ja, gewoon ? Een rijwiel van nagenoeg 5000 euro kan je moeilijk als 'gewoon' bestempelen. Voor iedereen zijn er ook rollen beschikbaar om zich voor de wedstrijd warm te rijden. "Geen overbodige luxe", zegt Jean-Marie Wampers, de winnaar van Parijs-Roubaix in 1989 die als PR-man van Quick Step-Davitamon optreedt tijdens de Ronde van Spanje. "Vroeger moesten we ons gaan opwarmen op een (veel te) klein stukje van het parcours of op de openbare weg. Levensgevaarlijk." En zo veranderde er nog wel een en ander voor de renners. Zoals de rennersbus, vroeger onbestaande, en de vrachtwagen voor het materiaal en de verzorgers. "De coureurs beschikken allen over vijf uitrustingen. Dat volstaat in principe ruimschoots, want de wasmachine draait elke dag op volle toeren. Wat een verschil met vroeger", mijmert Wampers. "Ik herinner mij nog de tijd dat Claude Criquielion wereldkampioen was ( 1984, nvdr). Ik lag bij hem op de kamer en we moesten zelf onze truitjes wassen in de badkuip. Stel je nu een keer voor dat Mario Cipollini zelf zijn uitrusting moet wassen. Ondenkbaar gewoon." Als de bus van Quick Step-Davitamon in het rennerspark aankomt, staan de trouwe fans al te wachten om een foto of een handtekening te vragen aan hun idolen. De renners nemen daar ook rustig hun tijd voor. Zo merkt Mario Aerts, die zich wat verder aan de Telekombus ongestoord opwarmt, op : "Heel anders dan in de Tour, veel minder hectisch." Het belang dat de renners hechten aan enerzijds de Ronde van Frankrijk en anderzijds die van Spanje, valt niet te vergelijken. Al onderneemt Víctor Cordero, sportief directeur van de Vuelta, in La Nueva España een moedige poging om dat te weerleggen. "Van de top-200 van de UCI-lijst komen er in Gijón 57 aan de start. Lang niet slecht, lijkt mij. Met dit deelnemersveld krijgen we ongetwijfeld een van de meest spectaculaire Vuelta's van de laatste tien jaar." Feit blijft dat enkel de Spaanse toppers echt wakker liggen van hun Ronde. De favorieten voor de eindzege luisteren niet toevallig naar de namen Aitor González, Oscar Sevilla, Igor González de Galdeano, Francisco Mancebo of misschien Juan Antonio Pecharromán, volgend seizoen bij Quick Step-Davitamon. Dit seizoen rijden ze bij de Belgische ploeg enkel rond met het idee een etappe te winnen. Zo ook, tenminste naar eigen zeggen, Richard Virenque, die nadat hij langs één kant de bus uitstapt, dat ook even doet langs de andere kant, zodat hij al zijn fans kan begroeten. Zichzelf verkopen vormde altijd al een belangrijke kwaliteit van de bergkoning van de Tour. Hoewel het zo goed als vaststaat, weet men binnen de ploeg, dat Virenque er na tien dagen Vuelta de brui aan zal geven, is de Fransman verstandig genoeg om dat niet met zoveel woorden te zeggen. "Na de Pyreneeën neem ik daarover een beslissing." Maar dat hij al meer met het volgende seizoen in zijn hoofd zit, blijkt wel als hij zelf spontaan aanhaalt : "Ik ben blij dat ik kon bijtekenen bij deze ploeg en het verheugt me ten zeerste dat ik weer samen met maatje Laurent Dufaux kan rijden." In de ploegentijdrit laten de renners van Quick Step-Davitamon alvast zien dat ze niet onopvallend door de Vuelta willen rijden. Kurt Van de Wouwer, einde contract en volgend seizoen naar alle waarschijnlijkheid in een andere ploeg, toont zich vooral opgelucht dat het wegdek er uiteindelijk droog bijlag. "Op dit parcours zou het anders bijzonder gevaarlijk fietsen zijn." En die vijfde stek, verrassend ? Niet voor de immer in zelfvertrouwen badende Tom Boonen. "We rekenden op een dergelijke prestatie." Boonen debuteert in een grote Ronde en kijkt daar al een tijdje naar uit. "Ik vertrek met een goede conditie. Daar probeer ik munt uit te slaan, waarom niet door een rit te winnen." Naast de bevestiging van de kwaliteiten van Jurgen Van Goolen, wordt het toch alweer voornamelijk uitkijken naar wat de vierde Belg in de selectie van Quick Step-Davitamon ervan terechtbrengt. Frank Vandenbroucke zelf voelde zich goed tijdens de openingsetappe, maar "naar mijn topvorm moet ik nog groeien. Daarvoor dienen de komende drie weken. Op het WK wil ik schitteren. Mentaal en fysiek zit ik nog fris." Om te schitteren moet hij eerst wel nog bondscoach José De Cauwer overtuigen hem mee te nemen naar Hamilton. "Ik zal bewijzen dat ik mijn plaats verdien. Ja, hier in Spanje al." En dan volgend jaar sterk presteren, als wereldkampioen ? "Wie weet ? Ik kom van ver terug en volgend seizoen zal ik in elk geval beter zijn dan dit seizoen. En dan moét ik weer vertrokken zijn voor meerdere jaren."door Roel Van den broeck'Ik zal hier in Spanje bewijzen dat ik een WK-selectie verdien.' (Frank Vandenbroucke)