Het mooiste voor een kleine club aan Europees voetbal is niet het te spelen, maar het te bereiken. Tegen een meestal sterkere tegenstander is het avontuur enkele maanden later vaak al na één ronde voorbij, niet zelden met zware verliescijfers en een mentale ravage in de spelershoofden als resultaat. Vaak ook leidt de ongewone opeenvolging van wedstrijden tot puntenverlies in het kampioenschap. Kortom, voor een kleine club durft Europees voetbal wel eens uit te draaien op een nachtmerrie.
...

Het mooiste voor een kleine club aan Europees voetbal is niet het te spelen, maar het te bereiken. Tegen een meestal sterkere tegenstander is het avontuur enkele maanden later vaak al na één ronde voorbij, niet zelden met zware verliescijfers en een mentale ravage in de spelershoofden als resultaat. Vaak ook leidt de ongewone opeenvolging van wedstrijden tot puntenverlies in het kampioenschap. Kortom, voor een kleine club durft Europees voetbal wel eens uit te draaien op een nachtmerrie. Niet zo bij La Louvière. Zijn enige verliespartij (tegen Moeskroen) liep het op vlak voor het eerste duel met Benfica, maar dat had meer te maken met onkans dan met voortijdig naar Benfica afdwalende spelersgedachten. Na de heenwedstrijd ging het winnen op Standard en na de eervolle uitschakeling speelde het gelijk in Lierse. Vorige zaterdag werd Genk met 5-2 de oren gewassen. "Toch", zegt trainer Ariël Jacobs, "heeft het Europese avontuur sporen nagelaten. Ik voel dat de spelers, vooral de jongeren, fysiek wat vermoeid zijn. Mentaal echter niet en dat verklaart onze goede prestaties. Ik hou nog altijd vol dat het lichaam vanuit de bovenkamer wordt gestuurd. Zo is het ook gebeurd." Zelfs het ontbreken tegen Genk van drie titularissen ( Siquet, Onyewu en Odemwingie) bracht het elftal niet uit balans. "De kracht van La Louvière is dat er geen vedetten zijn. De vedette is de ploeg en die is goed uitgebalanceerd." Toen Jacobs precies twee jaar geleden Daniel Leclercq opvolgde, heette La Louvière nog een kerkhof voor elders afgedankte dertigers te zijn. Aan het eind van dat seizoen moesten zestien spelers worden vervangen. "Dáár ligt de oorsprong van ons huidige succes", zegt Jacobs. "We hebben toen vooral in de breedte gewerkt. Vernederd zijn we omdat we noodgedwongen spelers gingen halen in derde en vierde klasse. Maar op het eind van het seizoen was er voldoening. Vervolgens hebben we afgelopen zomer heel gericht getransfereerd." Blay, Onyewu, Camus, Mamouni, Van den Bossche, Djamba-Shango en Murcy kwamen : geen enkele is een miskoop gebleken. Vakmanschap ? Creativiteit, zegt Ariël Jacobs. "Zou het niet kunnen dat rijken meer fouten maken dan gewone stervelingen die iedere frank twee keer moeten omdraaien ? Belangrijk is ook dat wij niet bang zijn om minimale, maar realistische doelstellingen te formuleren." Sef Vergoossen roemde de spelwijze van La Louvière : "Ze kunnen een verschrikkelijk hecht blok zetten en er snel en goed uitkomen." Ariël Jacobs : "Ik ben al blij dat ze dat blok niet langer een muur op onze zestien meter noemen. Ik werk niet anders, maar blijkbaar wordt het nu anders geïnterpreteerd. Misschien omdat het uitbreken op een meer geordende manier gebeurt dan vroeger. Wij trainen zelden of nooit op de verdedigende organisatie, wél op de snelheid van omschakelen van het blok. In alle nederigheid beschouw ik onze manier van voetballen als modern."Vijftien punten telt La Louvière nu. "Nog twintig te gaan", haalde Jacobs zaterdag zijn boutade uit de kast. Maar ook : "We hadden minstens drie punten meer moeten hebben", waarbij hij onder andere de op Club Brugge uit handen gegeven zege oprakelde. "Ik blijf realistisch, maar ik heb ook willen benadrukken dat onze goede prestaties geen toevalstreffers meer zijn. Gisteren elfde, vandaag zesde : het geeft een reëel beeld van onze waarde, maar evenzeer geeft het aan dat op twee of drie ploegen na iedereen aan elkaar gewaagd is."door Jan Hauspie'Onze prestaties zijn geen toeval meer.'