Noliko Maaseik heeft Joao Bravo, maar ook Pecotex-De Belleman Everbeur heeft een zuiders tintje. Hoe verzeilen twee Zuid-Amerikanen in een kleine gemeente als Averbode ? Marcus Vinicius (25, 1m89) steekt onmiddellijk van wal : "Vorig seizoen speelde ik bij Roeselare. Tijdens onze wedstrijd hier was ik enorm onder de indruk van de atmosfeer. Die supporters ... ongelooflijk hoe ze het team aanmoedigden. Geen minuut is het hier stil geweest. Staat het team voor of achter, zij proberen ons altijd naar de overwinning te schreeuwen. Fantastisch ! Die sfeer kan me echt naar een hoger niveau tillen. It really is a pleasure to play here."
...

Noliko Maaseik heeft Joao Bravo, maar ook Pecotex-De Belleman Everbeur heeft een zuiders tintje. Hoe verzeilen twee Zuid-Amerikanen in een kleine gemeente als Averbode ? Marcus Vinicius (25, 1m89) steekt onmiddellijk van wal : "Vorig seizoen speelde ik bij Roeselare. Tijdens onze wedstrijd hier was ik enorm onder de indruk van de atmosfeer. Die supporters ... ongelooflijk hoe ze het team aanmoedigden. Geen minuut is het hier stil geweest. Staat het team voor of achter, zij proberen ons altijd naar de overwinning te schreeuwen. Fantastisch ! Die sfeer kan me echt naar een hoger niveau tillen. It really is a pleasure to play here." Eind vorig werd Vinicius' contract bij Roeselare niet verlengd. Dus ging hij in de zomermaanden terug naar Brazilië. "Daar merkte ik hoe graag ik in België woon en volleybal. Toen het aanbod van Everbeur kwam, was ik heel blij. Ik wilde per se terugkomen en dat was de ideale kans. Het is hier beter om te wonen dan in Zuid-Amerika. Brazilië is een prachtig land om te leven, jammer genoeg is de economische situatie er op dit moment bijzonder slecht. Dat weten de meeste mensen hier niet. Zij kennen Brazilië als een land waar de zon altijd schijnt en als carnavalland. Maar het verschil tussen het toeristische Brazilië en het Brazilië voor de Brazilianen is enorm groot."Voor Anderson Picolli (23, 1m98) lagen de zaken heel anders : "Marcus kent België ondertussen en moet zich alleen aanpassen aan de nieuwe club, voor mij is álles nieuw. Ik heb heel mijn leven bij Blumenau in Brazilië gespeeld en gewoond. Nu speel ik bij een andere club, maar woon ik ook nog eens in het buitenland met een compleet andere cultuur. Ik heb heel lang moeten nadenken vooraleer ik een beslissing nam. Maar toen ik op het einde van vorig seizoen hier naar een wedstrijd kwam kijken, was mijn beslissing vlug gemaakt. Net als Marcus was ik ook meteen onder de indruk van Everbeur, of beter gezegd de entourage. Iedereen staat als één blok achter het team. Dat is geweldig om te zien. Marcus heeft de absolute doorslag gegeven om voor Everbeur te kiezen in plaats van een andere Braziliaanse club. Volgens hem was er geen betere club voor me. En tot nu toe voel ik me hier heel goed." Vinicius en Picolli wonen negen maanden van het jaar in België. Het lijkt onmogelijk dat ze hun vaderland niet missen. Picolli : "Natuurlijk missen we Brazilië, vooral onze familie en vrienden. We kunnen er om huilen, maar we moeten aan de leuke dingen denken. Anders houden we het hier geen negen maanden vol. Bovendien heeft Marcus overschot van gelijk als hij zegt dat we hier veel beter en gemakkelijker kunnen leven dan thuis. We hebben die kans gekregen en moeten ze met twee handen grijpen." Vinicius : "Alleen dat weer van jullie ! ( lacht luid) Dat is een kleine ramp. De club, het bestuur en de supporters doen allemaal hun best zodat de buitenlanders zich hier zo snel mogelijk zouden thuis voelen. Het doet goed, zien dat mensen je willen helpen integreren. Mijn vrouw woont ook hier, dat maakt het voor mij natuurlijk een stuk gemakkelijker. Vorig jaar was ik de eerste vier maanden in Roeselare alleen. Toen heb ik het heel moeilijk gehad. Nu is mijn leven hier perfect en geniet ik van mijn leven in België. Everbeur is heel aangenaam om te wonen hoor." Brussel heeft een diepe indruk nagelaten op Picolli : "Er leven honderd en één verschillende culturen. Mensen uit Afrika, Azië, Europa en Amerika, ... Leuk om te zien. Zoiets bestaat niet in Brazilië. Daar hebben de mensen ongeveer dezelfde stijl." De twee Zuid-Amerikanen staan met beide voeten op de grond. Van een bepaalde club dromen ze niet. Picolli : "Nú moeten we presteren, niet volgend jaar. Dat telt nog niet. We hebben allebei een contract voor één jaar bij Everbeur. In die tijd moeten we ons best doen en het hoogst mogelijk halen. Wie weet welke kansen we in de verre toekomst krijgen, maar daar denken we nu nog niet aan." Vinicius : "Ik droom ook niet van een bepaalde club. Italië is mooi natuurlijk. Maar het is als niet-Europeaan heel moeilijk om er aan de slag te kunnen als volleyballer. Dan moet je echt elke week de pannen van het dak spelen. Na Italië denk ik dat de Braziliaanse competitie technisch de sterkste is en België komt op een derde plaats. Ik ben vrijwillig weggegaan in Brazilië, dus mag ik niet klagen ( lacht)." Hij is zich ook bewust van de kwaliteiten van Everbeur. "We moeten voor een deel teren op onze vechtersmentaliteit. We zijn een hechte groep en iedereen wil ook hard werken. That's very important. Het is nog vroeg in het seizoen. Geen enkele ploeg weet waar ze zal eindigen of wat ze kan bereiken. Onze doelstelling is elke match proberen te winnen. Dan zien wel waar we kunnen geraken. Ik zou perfect gelukkig zijn, mocht ik verschillende jaren hier kunnen blijven spelen en samen met de club iets moois opbouwen. Kan dat niet bij Everbeur, dan misschien bij een andere Europese club. Maar dat is toekomstmuziek. Volgend weekend is er weer een wedstrijd die we willen winnen." Enkele weken geleden won Brazilië het wereldkampioenschap in Argentinië. Geen van beide Brazilianen waren erbij. Maar van jaloezie is geen sprake. "Integendeel", zegt Picolli. "Het zijn onze vrienden. We zijn heel trots. Wereldkampioen was de enige titel die nog ontbrak op ons palmares. Het is super ! Ik heb zelf nog gespeeld met de meeste spelers van het nationale team. Ik zou zó graag eens met hen babbelen. Maar ik hoop nog meer dat we eens tegen hen kunnen spelen. Hopelijk maakt die wereldtitel meer mogelijkheden en geld voor het volleybal los in Brazilië." "Volleybal is de tweede sport in Brazilië", zegt Vinicius, "na voetbal natuurlijk. Er zijn veel goede technische spelers in ons land. Dat zie je nu wel. We raken er niet over uitgebabbeld hoe trots we op hen zijn. Ongeveer de helft van het team speelt in het buitenland. Italië is met Shiba, Dante en Gustavo hofleverancier. De anderen spelen in Griekenland en Japan en natuurlijk in Brazilië." De vraag naar hun sterkste punten wordt op heel wat hilariteit onthaalt. "Nee, ik babbel niet graag over mijn kwaliteiten", zegt Vinicius. "Die moet je maar op een andere manier te weten komen." "Marcus verrast veel blokkeerders", wil Picolli zijn collega wel beoordelen. "Ondanks zijn lengte is hij een echte springveer, die boven het blok kan reiken. En natuurlijk zijn receptie, die is magnifiek." En Picolli's kwaliteiten, Marcus Vinicius ? "Hmm...even denken ( bulderlach) Serieus, hij heeft alles om een goede opposite te zijn en te scoren. Technisch is hij enorm sterk, raakt de bal heel hoog. En natuurlijk heel belangrijk : Picolli heeft veel power." En hun zwakkere punten ? Die vraagt zorgt voor nóg meer hilariteit. Vinicius : "Vergeet het, op die vraag antwoord ik zéker niet. Onze tegenstanders lezen dit interview ook, hoor. Ik zou niet willen dat ze gaan profiteren van mijn zwakke punten. En trouwens : we hebben er geen. ( lacht). door Griet Geebelen'We kozen voor de entourage bij Everbeur.'