Als Johan Vermeersch, de autoritaire bouwondernemer aan het hoofd van FC Brussels, iets moet worden nagegeven, dan toch een neus voor onbekend en goedkoop voetbaltalent. Twee jaar geleden spoorde hij met Vladimir Voskoboinikov een Estse belofte-international op. De toen 21-jarige aanvaller kwam uit Tallinn en tekende een profcontract voor vier seizoenen in Brussel. De eerste seizoenshelft speelde hij acht wedstrijden; tijdens de winterstop werd hij uitgeleend aan tweedeklasser Eupen. Ook dat werd geen succes. Eens terug in Brussel hoefde Vermeersch hem niet meer. Twee keer stuurde hij de jonge Est, ondanks een lopend contract, weg van de trainingen.
...

Als Johan Vermeersch, de autoritaire bouwondernemer aan het hoofd van FC Brussels, iets moet worden nagegeven, dan toch een neus voor onbekend en goedkoop voetbaltalent. Twee jaar geleden spoorde hij met Vladimir Voskoboinikov een Estse belofte-international op. De toen 21-jarige aanvaller kwam uit Tallinn en tekende een profcontract voor vier seizoenen in Brussel. De eerste seizoenshelft speelde hij acht wedstrijden; tijdens de winterstop werd hij uitgeleend aan tweedeklasser Eupen. Ook dat werd geen succes. Eens terug in Brussel hoefde Vermeersch hem niet meer. Twee keer stuurde hij de jonge Est, ondanks een lopend contract, weg van de trainingen. Voskoboinikov kaartte zijn situatie aan bij de spelersvereniging Sporta en keerde noodgedwongen - ook zijn appartement was opgezegd - terug naar Estland. De hele jaargang 2005/06 speelde hij niet. Vrij snel werd duidelijk dat Brussels een loopje had genomen met de wet. De club hield zich niet aan de wettelijke vereiste dat een sportbeoefenaar van buiten de Europese Unie een jaarloon van minstens 61.632 euro moet ontvangen. Met andere woorden : Brussels betaalde Voskoboinikov te weinig. Bovendien zag de speler niet eens elke maand zijn loon én bleven de bijdragen voor de groepsverzekering onbetaald. Vanaf augustus 2005 kreeg hij helemaal géén loon meer uitbetaald. Talloze pogingen van Sporta om met Brussels tot een oplossing te komen draaiden uit op niets. Voskoboinikov zag dan ook geen andere uitweg dan op 30 juni 2006 eenzijdig contractbreuk vast te stellen in hoofde van de club. Maar nog was het leed van de Est niet geleden. Toen hij deze zomer in zijn geboorteland een nieuwe club (FC Levadia) vond, weigerde zowel FC Brussels als de KBVB het internationale transfercertificaat af te leveren. Zonder dat document is een speler niet speelgerechtigd voor zijn nieuwe club. Met zo'n weigering geeft de oude werkgever een speler te verstaan dat hij hem pas vrijgeeft, als hij afstand doet van het geld waarop hij nog recht heeft. Voskoboinikov echter bleef op zijn rechten staan en gaf zijn dossier in handen van Johnny Maeschalck. De Brusselse advocaat probeerde club en bond ervan te overtuigen de toekomst van de aanvaller niet verder te hypothekeren en verwees naar circulaire 818 van de FIFA. Daarin zegt de wereldvoetbalbond over deze problematiek dat dit "belangrijke sociale en sportieve hangijzers aanbelangt zoals het recht op arbeid van de speler, het recht om zijn voetbalcarrière verder te zetten en de noodzaak om spelers te beschermen tegen financiële problemen en dreigende armoede, waarmee ten volle rekening dient te worden gehouden." De FIFA herhaalde dit standpunt in een brief aan de KBVB en adviseerde de Belgische bond het transfercertificaat af te leveren. Zelfs die oproep legden FC Brussels en de KBVB naast zich neer. Voskoboinikov kon niet anders dan beide partijen in kort geding te dagvaarden voor de rechtbank. Met succes. Bij bevelschrift van 29 augustus 2006 werd zijn vordering ontvankelijk en gegrond verklaard : Brussels en de KBVB werden veroordeeld tot het afleveren binnen de 24 uur van het internationale transfercertificaat. Elke dag vertraging zou hen op het betalen van een schadevergoeding van 15.000 euro komen te staan. De uitspraak is een Belgische primeur, vergelijkbaar met de vrijgave die eerder Davy De Beule van de rechter bekwam. Die zaak betrof een nationale overgang : De Beule mocht van voorzitter Roger Lambrecht niet meer voetballen voor Lokeren, stelde zijn club in gebreke en tekende in januari 2005 voor AA Gent. Ook dat gebeurde na tussenkomst van Johnny Maeschalck. "Het is onbegrijpelijk dat een voetballer anno 2006, in een zaak als deze, nog naar de burgerlijke rechtbank moet om zijn job te kunnen uitoefenen", zegt de advocaat. "Dit is een zaak die nooit een zaak had mogen zijn en die de voetbalbond alleen maar aan zichzelf te wijten heeft." Meer dan waarschijnlijk krijgt de affaire nog een staartje voor de arbeidsrechtbank. Over de grond van de zaak - heeft Voskoboinikov terecht contractbreuk vastgesteld in hoofde van Brussels ? - is immers geen uitspraak gedaan. Het kort geding diende slechts om de speler op korte termijn weer aan het voetballen te krijgen. Ondertussen loopt via de FIFA een procedure opdat de Belgische profliga het geregistreerde contract van Voskoboinikov met FC Brussels zou vrijgeven. Daarvan circuleren op dit moment twee kopieën : één met wat de handtekening van de Est lijkt te zijn, en één met wat níét zijn handtekening lijkt te zijn. Mogelijk is er dus ook contractvervalsing in het spel. JAN HAUSPIE