Het is nooit zoals het lijkt. Niet als het zeer goed gaat, evenmin als het slecht is. Nuance verkoopt niet, maar ze is nodig, ook in tijden van crisis. Was Club Brugge in het kampioenenjaar vorig seizoen de beste ploeg? Ja, in eigen Jan Breydel, maar toen ook niet in uitwedstrijden. In de reguliere competitie zeven keer verlies! Europees 1-7 over twee wedstrijden tegen Manchester United in de kwalificaties voor de Champions League. In de Europa League: één zege in zes groepswedstrijden. In PO1: winst bij Oostende op speeldag 1 (op Schiervelde, in de achtertuin van Club, met meer eigen supporters dan aanhang van KVO) en vervolgens verlies bij Anderlecht en Genk. En in Gent vragen ze zich nog af waarom het aan de rust geen 3-0 stond in plaats van 1-1. Kortom: de huidige 'crisis' of de 'uitgeperste citroen' of de 'uitgewerkte chemie tussen trainer en groep', ze moet worden genuanceerd. Het is naast verbondenheid en mentaliteit ook de kracht van het eigen stadion dat Club vorig jaar naar de titel dreef. Zie de 4-0 tegen Anderlecht in de kampioenenmatch. Van de zes resterende wedstrijden in PO1 speelt Club er nog vier thuis. Als de logica wordt gerespecteerd (van de 15 thuiswedstrijden in de reguliere competitie won Club er 12 en verloor het er geen), eindigt blauw-zwart straks tweede. Met wedstrijden tegen KVO (woensdag) en Zulte Waregem (maandag) kan het al een goeie stap zetten.
...

Het is nooit zoals het lijkt. Niet als het zeer goed gaat, evenmin als het slecht is. Nuance verkoopt niet, maar ze is nodig, ook in tijden van crisis. Was Club Brugge in het kampioenenjaar vorig seizoen de beste ploeg? Ja, in eigen Jan Breydel, maar toen ook niet in uitwedstrijden. In de reguliere competitie zeven keer verlies! Europees 1-7 over twee wedstrijden tegen Manchester United in de kwalificaties voor de Champions League. In de Europa League: één zege in zes groepswedstrijden. In PO1: winst bij Oostende op speeldag 1 (op Schiervelde, in de achtertuin van Club, met meer eigen supporters dan aanhang van KVO) en vervolgens verlies bij Anderlecht en Genk. En in Gent vragen ze zich nog af waarom het aan de rust geen 3-0 stond in plaats van 1-1. Kortom: de huidige 'crisis' of de 'uitgeperste citroen' of de 'uitgewerkte chemie tussen trainer en groep', ze moet worden genuanceerd. Het is naast verbondenheid en mentaliteit ook de kracht van het eigen stadion dat Club vorig jaar naar de titel dreef. Zie de 4-0 tegen Anderlecht in de kampioenenmatch. Van de zes resterende wedstrijden in PO1 speelt Club er nog vier thuis. Als de logica wordt gerespecteerd (van de 15 thuiswedstrijden in de reguliere competitie won Club er 12 en verloor het er geen), eindigt blauw-zwart straks tweede. Met wedstrijden tegen KVO (woensdag) en Zulte Waregem (maandag) kan het al een goeie stap zetten. Ze is niet nieuw, de huidige crisis van Club Brugge. Af en toe lijkt het uitspook verdreven, de start van het seizoen in Mechelen was zeer overtuigend, in december was er nog een klinkende 1-4-zege in Eupen en 2017 begon met een klinkende 0-3 bij Standard, maar veel te vaak moest Michel Preud'homme wat hij nu 'gebreken in het DNA' van zijn spelers noemt, constateren. Soms kon het worden hersteld, zoals in Westerlo, veel vaker niet. Verlies in Oostende, Charleroi, Gent (twee keer), nu op Anderlecht. De cijfers zijn er. Opvallend: in zijn eerste volledige seizoen als grote baas van Club was dat probleem er niet, tenzij in PO1. Omdat de ploeg toen na een lange Europese campagne op was, zo luidde de interne conclusie op basis van verzamelde fysieke data. Het leidde tot het bijsturen van de sportieve politiek, met veel rotatie tijdens de drukke herfstmaanden in een poging om iedereen zo lang mogelijk fris te houden. Rotatie die vorig jaar in de beslissende fase van het kampioenschap zoveel mogelijk werd gestopt. Jongens als Poulain, Vossen of Claudemir moesten toen nagelbijtend op de bank toezien. Het leidde toen tot de titel, maar kreeg dit jaar geen vervolg. Twee transferperiodes per seizoen, en aan het roer sinds september 2013: dat betekent dat Preud'homme met zijn staf intussen toch al zeven transferperiodes achter de rug heeft, waarin hij de kern naar zijn hand heeft kunnen zetten. In het voorjaar van 2014 was na opeenvolgende uitnederlagen bij Anderlecht en Zulte Waregem nog de conclusie dat het 'met deze mentaliteit niet zou lukken'. Drie jaar later lukt het nog altijd niet. In uitwedstrijden tenminste, die nuance moet blijven. Van de ploeg die in april 2014 in Waregem verloor, blijven er nog vier spelers over: De Bock, Engels, Simons en Refaelov. De rest is vervangen, maar de nieuwkomers hebben blijkbaar evenmin het goeie DNA. Dan zijn er fouten gemaakt in de rekrutering. Zijn spelers te veel bezig met een transfer? Het was opvallend hoe Preud'homme zondagavond zei alleen nog door te willen gaan met degenen die nog voluit voor Club willen voetballen. Twee dagen eerder zette Gent Thomas Foket, die ook ambitieus is, op de bank. Het zou niet nieuw zijn, al werkt het economisch gezien wel contraproductief. Het zal allicht in hun hoofd spelen, net zoals die van Anderlecht (Dendoncker en Tielemans op kop) ook wel dromen van het buitenland. Ambitie is geen fout woord, Club heeft die als ploeg zelf ook, net zoals Kums, Depoitre en Sels. Het belette Gent niet om een goeie Europese campagne af te werken en na het kampioenenjaar nog als tweede te eindigen. Het belette vorig seizoen Thomas Meunier evenmin om de meest regelmatige speler van Club te zijn, misschien nog beter dan José Izquierdo, wiens prestatie in de bekerfinale tegen Standard de technische staf zeer teleurstelde. Persoonlijke ambities beletten een seizoen eerder Matt Ryan evenmin om sterk te presteren. Of Björn Engels vorig seizoen om door de pijngrens te gaan en op het veld de titel te beleven. Ten koste van het EK en misschien toen al een transfer. De sterkhouders hebben het niet gedaan dit seizoen. Engels, Vanaken, Izquierdo... Denswil niet Europees, maar wel in de competitie. Kwam dat hard aan bij de directie en staf, die ook ambitieus willen zijn in de transfergelden (12 miljoen euro voor Izquierdo was onvoldoende)? Ongetwijfeld. Maar zijn transferdromen een excuus? We betwijfelen het. Alleen is ze luidop uiten op een moment dat je zelf niet zo sterk bezig bent, niet verstandig. Roepen dat je klaar bent voor Engeland, en dan op Anderlecht en in Waregem geen paal voorbij kunnen of een bal controleren, is niet zo slim van Izquierdo. Luidop dromen van Engeland in een seizoen waarin je voor je trainer, als iedereen fit is, niet de nummer één bent als centrale verdediger (Engels startte in PO1 op de bank, tot Poulain tegen Charleroi geblesseerd uitviel), is evenmin slim voor een jeugdproduct dat er fysiek onder Preud'homme twee moeilijke jaren heeft opzitten. Zorgelijk zelfs in de wetenschap dat het elders nog harder en meedogenlozer is. Is de chemie tussen trainer en groep uitgewerkt? Preud'homme vraagt veel, elke training weer. De ene keer brullend als een leeuw, de andere keer poeslief, wanneer hij een moeilijke mededeling heeft te doen. Maar zo zijn ze allemaal aan de top. De ene trainer heeft zijn vast systeem, de ander eentje met meer varianten, maar voor allemaal geldt dat ze professioneel, maniakaal, bezig zijn met details en analyses, en hun pionnen zetten op die manier die hen het beste lijkt. En dat ze onophoudelijk een stroom aan informatie meedelen. De grens met 'hij zaagt weer'is dan dun, elke ouder weet dat als geen ander. Voor René Weiler, die maanden zocht (ook met Tielemans, Dendoncker, Hanni), werkt het dezer dagen. In Gent brachten de wintertransfers een kwaliteitsinjectie en werkte het ook weer. Club koos voor continuïteit, de aanpak van Preud'homme werkte immers vorig seizoen. Er stond toen wel iets herkenbaars: een stevige vaste verdediging, twee brekers op het middenveld, van wie eentje diep ging, buitenspelers in vorm, chemie met Vanaken en een spits die in de ruimte dook. Wat staat er dit jaar? Veel varianten, vaak noodgedwongen, door de onbeschikbaarheid van een aantal jongens die keihard trainden en op de grens van hun motor botsten. No sweat, no glory. Soms kun je voor je kleuren ook té hard je best doen. Soms leek het eens naar drie achterin te neigen, dan weer was het met vier. Vormer op de 8, maar ook op de 10. En de 7. En de 2... Van vastigheid geen sprake, ook niet in PO1. Uit bij Gent? Zo'n rare ruit vol grote mensen (Simons, Claudemir, Immers en Vormer), en dan een vrije rol voor Vanaken achter Wesley, terwijl hij een regulier seizoen lang Jelle Vossen, zijn carpoolmaatje, had weten te vinden. Misschien is Vossen niet dé diepe spits, maar wel een doelpuntenmaker, al twee seizoenen lang. Het viel niet uit de lucht, want het was minutieus voorbereid tijdens de stage in Marbella, en het verraste. Ei zo na ook Gent. Thuis tegen Charleroi verraste het al veel minder, zodat er aan de rust werd ingegrepen. In Waregem was Vormer dan weer de rechtsachter, ten koste van Van Rhijn, die vreemd opkeek. De strafschopfout die hij tegen Charleroi beging werd hem wel zéér zwaar aangerekend. De Amsterdammer vond het na zijn jaren bij Ajax al zeer raar dat niet hij maar Cools als opvolger voor Meunier startte. Later werd hij opgevist en zijn inbreng in het offensieve was degelijk. Zondag, in Anderlecht, bleek de verbanning tijdelijk en werd hij weer opgevist, maar na de rust opnieuw vervangen, na een paar ongelukkige tussenkomsten. In het hoofd van Preud'homme is het ongetwijfeld allemaal helder wat Club moet brengen. Maar of zijn spelers het nog weten? Vossen, vorig seizoen 14 en dit seizoen al 15 goals in de competitie, weet niet wat hem plots overkomt. Vanaken wordt verweten veel te lateraal te denken, maar moet zich in moneytime aanpassen aan een andere spits en merkt dat de twee flanken nog amper diepgang vertonen. Ook hij stelt zich ongetwijfeld vragen. Stagneert zijn bloei omdat hij zélf te weinig evolueert, of omdat het rond hem voortdurend verandert? En wat moet Vormer denken? Betrokken bij een pak goals in de reguliere competitie, maar de laatste weken vaak meid voor alle werk: rechts in een soort ruit, centraal op het middenveld, rechtsachter, op Anderlecht weer in een klassieke rol. Een mens zou voor minder het noorden verliezen. Engels voelt het dat aan hem wordt getwijfeld, Van Rhijn vraagt zich af in welk land hij terecht is gekomen. Heeft Club, zijn trainer incluis, last van de burn-out die veel Vlamingen vrezen? De trainer was vorig jaar al moe, maar kon worden overgehaald om te blijven. Het werd een lijdensweg op verplaatsing. Aan het bedenken van oplossingen ligt het niet. Vaststelling is wel: Preud'homme krijgt het niet goed. Niet de slappe start uitgevlakt, De Bock te weinig waar hij hem wil. Hij vocht met/tegen Vanaken, met/tegen Izquierdo die het zondag defensief liet lopen. Met Refaelov, Wesley, Engels... Ze kwamen allemaal maar zeer langzaam tot waar hij hen wilde. Hij dacht zich suf aan varianten, maar moest haast elke week hetzelfde refrein hanteren: te slap, niet wakker. En ze dan zelf wakker schreeuwen vanaf de zijkant, dat zag de directie liever niet meer. Conclusie: iedereen is alles een beetje beu. Of er nog jus in de tank zit, zal deze week moeten blijken. Voorlopig blijft Jan Breydel nog vol achter het team staan. Dat was de voorbije jaren een troef. Ook daar een antwoord deze week. DOOR PETER T'KINT - FOTO'S BELGAIMAGEIedereen bij Club is alles een beetje beu. Of er nog jus in de tank zit, zal deze week moeten blijken.