Enkele jaren geleden streed Charleroi nog om het behoud in de hoogste afdeling, maar sinds een aantal seizoenen is de knop omgedraaid. Eindelijk is er in het Zwarte Land weer voetbal te zien. Topploegen beven als er een bezoek aan het Stade du Pays de Charleroi op het programma staat. Niet toevallig werd de remonte ingezet met het aanstellen van Jacky Mathijssen, een potentiële grootmeester die heel wat gelijkenissen vertoont met Jo...

Enkele jaren geleden streed Charleroi nog om het behoud in de hoogste afdeling, maar sinds een aantal seizoenen is de knop omgedraaid. Eindelijk is er in het Zwarte Land weer voetbal te zien. Topploegen beven als er een bezoek aan het Stade du Pays de Charleroi op het programma staat. Niet toevallig werd de remonte ingezet met het aanstellen van Jacky Mathijssen, een potentiële grootmeester die heel wat gelijkenissen vertoont met José Mou- rinho, maar toch vooral Jacky Mathijssen is. Het valt dan ook niet te verwonderen dat het na sterke jaren alsmaar bergaf gaat met Sint-Truiden, de ploeg die Mathijssen voor Charleroi inruilde. Charleroi is een bijzonder sterk geheel met een rist spelers die in Frankrijk werden gevormd. Geen grote namen, maar steeds toegevoegde waarden voor het Belgische voetbal. Heel slim van Charleroi om in de ontzettend grote Franse kweekvijver te kijken, waar heel wat talent (in hoge, maar vooral ook in lagere reeksen) niet aan de bak komt. Laquait was een nobody in Frankrijk, kwam als grote onbekende, maar bewees dat hij een van de sterkste doelmannen in België was. Théréau had het geluk dat Steaua hem in hun scoutingsmatch tegen Standard aan het werk zag. Hij was hier pas een drietal maanden, maar toch kon hij zijn torinstinct bewijzen en een nieuwe stap vooruitzetten. Nog steeds loopt er heel wat talent rond. Kijk maar naar Ciman, een ontzettend sterke Belgische verdediger ; Dante, een Braziliaanse klasbak met heel wat poeder in de voeten die zowel centraal als links uitgespeeld kan worden ; Chabaud, de sobere regelaar die eigenlijk niet gemist kan worden ; Camus, de patron met de snelle voeten en het overzicht op het middenveld ; Oulmers, de technisch vaardige sneltrein op de linkerflank ; Smolders, een valse trage met heel wat technische bagage en gerijpt in Nederland ; Akpala, een Nigeriaans goudhaantje dat nog maar komt piepen. En dan vergeten we nog de steenharde aanvoerder Defays, de sterke Kéré, jeugdproduct Detal, de vaardige Christ, de doelgerichte Akgül en de snelle en vaardige Orlando. Mathijssen blijft kneden, speelt met de media, gelooft rotsvast in zijn ploeg, straalt geweldig veel vertrouwen, kunde en klasse uit en tovert altijd wel een konijn uit zijn hoed, zoals onlangs met de jonge Fragapane. Hij maakt zijn spelers sterker en is rijp voor een topclub. TOM VANDECAVEYE, ROESELARE