Wie Denain, de geboorteplaats van Teddy Chevalier, binnenrijdt, kan niet naast de oude terril kijken, de met gras begroeide steenberg die getuigt van het mijnwerkersverleden van het Noord-Franse stadje langs de Schelde. De Terril Renard maakt nu deel uit van een beschermd natuurpark dat genoemd is naar Emile Zola. De 19e-eeuwse schrijver vond er de inspiratie voor zijn roman Germinal, een aanklacht tegen de mensonterende levensomstandigheden van de mijnwerkers. Lang was Denain met zijn steenkoolmijnen, staalfabrieken en rivierhaven een belangrijk industrieel centrum van Noord-Frankrijk. Maar de de-industrialisatie richtte er een ravage aan. In 2010 was het volgens de economische site Journal du Net de armste stad van Frankrijk en dat is er nog steeds aan te merken. Aan de vele kleine te renoveren of te slopen arbeidershuisjes, aan afgebladderde gevels en rolluiken, aan grauwe gordijnen, vale appartementenblokken en aan door de hardheid van het leven getekende en al dan niet moegestreden of losgeslagen mensen in het straatbeeld.
...

Wie Denain, de geboorteplaats van Teddy Chevalier, binnenrijdt, kan niet naast de oude terril kijken, de met gras begroeide steenberg die getuigt van het mijnwerkersverleden van het Noord-Franse stadje langs de Schelde. De Terril Renard maakt nu deel uit van een beschermd natuurpark dat genoemd is naar Emile Zola. De 19e-eeuwse schrijver vond er de inspiratie voor zijn roman Germinal, een aanklacht tegen de mensonterende levensomstandigheden van de mijnwerkers. Lang was Denain met zijn steenkoolmijnen, staalfabrieken en rivierhaven een belangrijk industrieel centrum van Noord-Frankrijk. Maar de de-industrialisatie richtte er een ravage aan. In 2010 was het volgens de economische site Journal du Net de armste stad van Frankrijk en dat is er nog steeds aan te merken. Aan de vele kleine te renoveren of te slopen arbeidershuisjes, aan afgebladderde gevels en rolluiken, aan grauwe gordijnen, vale appartementenblokken en aan door de hardheid van het leven getekende en al dan niet moegestreden of losgeslagen mensen in het straatbeeld. Van weinig lokale berichten op de site van de regionale krant La Voix du Nord word je vrolijk. Vorige week nog werd in Denain een jongeman het ziekenhuis in geslagen omdat hij iemand een sigaret weigerde te geven. Begin april schoot een politieagent zich er met zijn dienstwapen voor het hoofd. Een vakbondsafgevaardigde getuigde toen dat het sinds 2004 al de veertiende zelfmoord binnen het politieapparaat in Noord-Frankrijk was en verwees daarvoor naar de onregelmatige werktijden en de grote sociale miserie in de streek. Ook Faubourg Duchateau, het stadsdeel waar Teddy Chevalier opgroeide, geniet een bedenkelijke reputatie. Sinds 2009 loopt er een renovatieproject ter waarde van 100 miljoen euro om de buurt leefbaarder te maken. Wanneer Sport/Voetbalmagazine Teddy Chevalier drie jaar geleden thuis gaat opzoeken, belt het aan het verkeerde huisje aan en verschijnt er een man in de deuropening die zich als een gewezen jeugdtrainer van hem voorstelt en zich in extremen uitdrukt over zijn vroegere pupil: geweldige voeten, maar in zijn hoofd bliksemt het soms. "Ooit zei hij tijdens een wedstrijd waarin hij niet veel ballen kreeg tegen de trainer: als je mij niet meteen wisselt, scoor ik in mijn eigen doel. De coach wisselde hem niet en hij scoorde in eigen doel. Bij Valenciennes zetten ze hem buiten omdat hij naar zijn coach gespuwd had en ook bij Gueugnon was hij niet ernstig. Maar misschien is dat met de jaren wat verbeterd." Bij zijn ouders staat er koffie en taart op ons te wachten. Zij tonen zich heel blij dat het goed gaat met Teddy bij Zulte Waregem en heel dankbaar voor het bezoek uit België voor een van hun vijf kinderen. "Teddy was als kind wel druk, maar niet stout", zegt zijn moeder. "Teruggetrokken was hij ook wel wat. Hij bleef graag in zijn eigen hoekje zitten en wilde niet dat iemand zich met zijn zaken moeide. Maar hij had het ook wel regelmatig nodig om zich in de warmte van zijn familie te komen opladen. Toen hij bij Gueugnon speelde, meer dan vijfhonderd kilometer hier vandaan, was dat niet mogelijk en daar zag hij erg van af." "In het leven ben ik zacht," zegt hij zelf, "maar op noppen word ik nerveus en hard. Dan ben ik een krijger die het hart op de tong draagt." Centraal in Faubourg Duchateau ligt het veld van zijn eerste clubje. FC Denain. "Hij is zich destijds alleen gaan inschrijven, zonder dat wij van iets wisten, en bracht de papieren mee naar huis om ze te laten ondertekenen", weet zijn vader, die bij de stad tewerkgesteld is. "Teddy was toen zes." Dat was in 1993. In 1994 ging hij naar US Denain en in 2005 naar het 24 kilometer verder gelegen AS Cambrai. Hij is lasser geworden intussen, met al wat werkervaring, en beseft meer dan ooit dat niets hem te veel mag zijn om zijn droom waar te maken: leven van het voetbal. Al in zijn eerste seizoen in de CFA2 dwingt 'de Papin van Denain' een transfer af naar de eersteklasser FC Valenciennes. Maar zijn droom kan hij daar nog niet realiseren. "Ik was er nochtans heel dicht bij, ik scoorde er 18 keer in de CFA, maar trainer Antoine Kombouaré weigerde mij bij de profs te nemen. Hij kwam zelfs niet kijken naar de invallers. Toen er een keer veel geblesseerden waren, zei hij dat hij zelf weer zijn voetbalschoenen zou moeten aanbinden. Wat een belediging voor de jongeren!" In 2007 wordt de tweedeklasser FC Gueugnon zijn volgende club. "Maar daar werd de trainer die mij haalde, Alain Ravera, al na enkele weken ontslagen; en in de crisisperiode die daarop volgde, werd er vooral een beroep gedaan op ervaren spelers. Alles samen behoorde ik vijftien keer tot de wedstrijdselectie, debuteerde ik wel in het eerste elftal, maar scoorde ik in anderhalf jaar niet één keer! Ik was jong, ver van huis, was er niet meer met mijn hoofd bij, wilde zelf mijn contract ontbinden en stoppen met voetballen. Ik dacht dat ik niet goed genoeg was voor profvoetbal." In januari 2009 tekent hij bij Royal Boussu Dour Borinage, waar met André Arbonnier een Fransman, een gewezen speler van US Denain en een kennis van hem voorzitter is. Maar ook in de Belgische derde klasse breekt Teddy Chevalier aanvankelijk geen potten. Michel Wintacq zet hem er zelfs op de invallersbank. Maar in de eindronde voor de promotie is hij op zijn best. Francky Dury is er op advies van zijn scouts getuige van en wil hem absoluut naar Zulte Waregem halen. "Hij bekoorde mij een uur lang door de dreiging die van hem uitging. Zijn positiespel was goed, hij haakte gepast af en zocht vaak de diepte." Wintacq is verrast door de transfer. "Want mentaal is er toch nog wat werk aan. Hij is soms de kluts kwijt als hij een kans mist of op de bank moet starten." Bij Zulte Waregem gebruikt Dury hem niet centraal in de spits, maar op de rechterkant. "Hij zei: als Thierry Henry en David Villa in staat zijn die omschakeling naar de flank te maken, waarom zou jij dat niet kunnen?" Chevalier doet het prima op rechts. Het klikt meteen met Franck Berrier, die zijn snelle landgenoot blindelings vindt. In de voorbereiding scoort hij onder meer in Valenciennes, op twaalf kilometer van Denain, een oefenwedstrijd die hij aanvat met de motivatie om te laten zien dat zij zich daar destijds in hem vergist hadden. Hij zet de stap van derde naar eerste moeiteloos, wordt snel basisspeler en viert elk doelpunt met een militaire groet voor een ex-vriendin die in dienst is getreden bij de politie. In de pers duiken links en rechts berichtjes op dat Standard in hem geïnteresseerd zou zijn, en Anderlecht ook. Het vleit hem, maar hij moet er toch ook een beetje om lachen. "Ik besef dat ik nog een lange weg te gaan heb naar de top: ik moet intelligenter voetballen en beter tussen de linies lopen; rennen als een idioot, dat kan iedereen. Mijn progressiemarge is nog ruim. Op mijn 25e of 26e zou ik op mijn best moeten zijn." Twaalf competitiedoelpunten zal hij dat seizoen maken, maar er zijn ook momenten waarop de coach hem tot de orde moet roepen, hem zelfs een paar keer op de bank zet en dat verdraagt hij nog altijd slecht. "Ik was geënerveerd, ik voelde mij beledigd," bekent hij, "maar voor Dury zette ik mijn karakter opzij." In het seizoen van de bevestiging ligt hij geregeld met zichzelf overhoop en dat zal na het vertrek van Francky Dury en de komst van achtereenvolgens Bart De Roover, Hugo Broos en Darije Kalezic niet anders zijn. Conflictjes zijn er met de trainer, met medemaats en met het publiek. Hij wordt naar de B-kern gestuurd, maar na een tijd weer in de A-kern opgenomen. "Maar Chevalier blijft natuurlijk Chevalier", zegt aanvoerder Ludwin Van Nieuwenhuyze. "Geen engeltje, een grote mond. Na zijn eerste uitstekende seizoen waande hij zich al een vedette. Maar dan moet je wel blijven presteren en dat was niet het geval." Begin 2012 keert Francky Dury terug naar het Regenboogstadion, maar het verhaal van Chevalier in Waregem is dan al aan het aflopen. "Bij mijn terugkeer zei Teddy dat hij in anderhalf jaar onder De Roover, Broos en Kalezic nauwelijks met hen gesproken had", zal Dury daar later in dit blad over verklaren. "Hij raakte zijn vertrouwen en motivatie kwijt en daardoor raakte hij ook vast in de spelersgroep. Die breuk bleek niet meer te lijmen." Naar aanleiding van het succes van Zulte Waregem het voorbije seizoen kwam hij daar nog eens op terug. "Ik wil geen mannen meer die te veel aandacht van de groep vragen. Want als één individu veel energie vraagt, glijdt de focus weg van het collectief. Daarom is Teddy Chevalier weg. Zulte Waregem kan zich niet permitteren om uitzonderingen te maken." Darije Kalezic tipt hem bij zijn ex-club RKC Waalwijk en daar overtuigt hij tijdens een korte stage snel trainer Erwin Koeman. Hij tekent er een contract voor drie seizoenen, neemt er een geweldige start en wordt eind oktober door het Algemeen Dagblad uitgeroepen tot koopje van het jaar. Aanleiding voor dit magazine om toch nog even met Francky Dury te telefoneren. "Neen, dat verrast me niet", zegt die. "Maar je moet voorzichtig blijven met conclusies: we zijn pas een paar maanden ver." Inderdaad. Op het einde van het jaar, op een moment dat hij met acht doelpunten topscorer van de ploeg is, gaat het voor het eerst grondig fout. In de thuiswedstrijd tegen het laatst geklasseerde Willem II krijgt hij in blessuretijd bij een gelijke stand een tweede keer geel voor een schwalbe en verliest hij zijn zelfbeheersing: bij het verlaten van het veld spuwt hij in de richting van een andere speler en trapt hij ook nog eens een deur van de catacomben stuk. Het zal daarna nooit meer helemaal goed komen met Teddy Chevalier bij RKC Waalwijk. Na Nieuwjaar raakt hij op de bank, uit de selectie en zelfs eens een week bij de beloften "om hem tijd te geven om na te denken over zijn houding en zijn inzet". Hij wil weg, RKC wil graag nog wat geld van hem maken, maar uiteindelijk wordt bij het nummer 14 van de Eredivisie nog voor het einde van het seizoen zijn contract ontbonden. In het Nederlandse weekblad Voetbal International geeft Erwin Koeman zijn mening over de problemen met Teddy Chevalier. "Je kunt er niet omheen dat hij een goede spits is, alleen zit zijn karakter hem in de weg. In de eerste seizoenshelft ging hij als de brandweer, maar naarmate het seizoen vorderde, ging hij zich steeds vervelender gedragen. Hij stelde zich heel egoïstisch op en deed geen spat moeite om zich in de groep te mengen. Chevalier bekommerde zich nooit één seconde om zijn club of zijn ploegmaats. Alleen maar om zichzelf. Zijn goede periode bedekte dat deels. Maar als je je niet wilt integreren, volledig je eigen plan trekt, gaat het uiteindelijk toch mis. Alles deden we eraan om het hem naar de zin te maken. We praatten met hem, trainden speciaal op oefenvormen waar hij zich prettig bij voelde, zetten vanwege zijn heimwee naar Frankrijk een mental coach op hem. Enzovoorts. Echt, er is niks dat we niet deden. Op een gegeven moment houdt het dan op. Ik hoop dat hij elders zijn geluk vindt. Wij zijn blij dat hij weg is." Op 21 mei tekent Teddy Chevalier voor drie jaar bij KV Kortrijk. Een club waar coach Hein Vanhaezebrouck al andere korte lontjes als Mustapha Oussalah, IlombeMboyo en Ernest Nfor tot bloei bracht. Een groep waarin de voertaal Frans is. Een stad op slechts 83 kilometer van zijn familie in Denain. Bovendien wordt hij eind deze maand 26, dus moet hij volgens zijn eigen prognose stilaan op zijn best zijn. Wanneer we hem een week later op een ochtend bellen met de vraag of het mogelijk is om hem naar aanleiding van zijn terugkeer naar België te interviewen, vraagt hij ons om in de namiddag terug te bellen. Dat doen we herhaaldelijk. Tevergeefs. 's Anderendaags krijgen we antwoord per sms: dat hij niet met Belgische journalisten praat omdat zij hem slecht behandelden in zijn periode bij Zulte Waregem. DOOR CHRISTIAN VANDENABEELE - BEELDEN: IMAGEGLOBE"Je kunt er niet omheen dat hij een goede spits is, alleen zit zijn karakter hem in de weg." Erwin Koeman