Toen de finale tussen Bayern München en Valencia een twintigtal minuten bezig was en enkel de heftigste fans van beide ploegen al spelfases hadden gezien die de moeite loonden om over door te bomen, riep hoog in de perstribune plots een technicus van de Italiaanse RAI zijn frustratie uit : " Ma, questa partita e la negazzione del giocco de calcio." Wat zoveel wil zeggen als : deze match is een aanfluiting van het voetbal.
...

Toen de finale tussen Bayern München en Valencia een twintigtal minuten bezig was en enkel de heftigste fans van beide ploegen al spelfases hadden gezien die de moeite loonden om over door te bomen, riep hoog in de perstribune plots een technicus van de Italiaanse RAI zijn frustratie uit : " Ma, questa partita e la negazzione del giocco de calcio." Wat zoveel wil zeggen als : deze match is een aanfluiting van het voetbal. De man had overschot van gelijk. Bayern had op dat moment net makkelijk de bal gerecupereerd op zijn eigen helft. Zoals gebruikelijk kwam aanvoerder Stefan Effenberg het leer bij zijn verdedigers opeisen en stuurde hij het ver vooruit naar de andere rechthoek. Op het ogenblik dat zijn pass vertrok, bevonden zich liefst zeven Duitse spelers op de eigen speelhelft. De kans dat de bal bruikbaar zou zijn voor één van de Bayernspelers was dus zo goed als onbestaande. De avond voordien had Bayerntrainer Ottmar Hitzfeld in een Milanees restaurant alle verantwordelijkheid over wat er in het Guiseppe Meazzastadion zou gebeuren, nog van zich afgeschoven met het oeroude cliché : "Op het veld zijn het de spelers die het moeten doen." Alsof een trainer op zijn minst niet medeverantwoordelijk is. Vandaag is het een mooie dag om geschiedenis te schrijven, luidde in het Duits de tekst op een groot spandoek in de tribune. Een kwarteeuw was het geleden dat Bayern nog eens Europacup I had gewonnen. Dat was in de periode dat de huidige voorzitter Franz Beckenbauer en zijn maats hoge toppen scheerden. Zij wonnen drie finales op rij : eerst in Brussel in 1974 tegen Atletico Madrid, en daarna tegen Leeds en Saint-Etienne. "Dat was een andere tijd", was de reactie van Effenberg aan de vooravond van de finaledag. "Het voetbal van nu is daar niet meer mee te vergelijken. Het is veel fysieker en sneller geworden. Maar we zijn zeker even sterk als onze voorgangers." De wedstrijd begon spectaculair, met twee vroege strafschoppen : de eerste na drie minuten omgezet door Gaizke Mendieta voor Valencia, de tweede vier minuten later door Mehmet Scholl op de voeten van de Spaanse doelman Canizares getrapt. Bayern begon aan een kruisweg, zonder oogstrelend spel, maar met onvoorstelbaar veel geduld. De ene noemt het tactische intelligentie, de ander pure angst om te verliezen. De Duitsers stelden werkelijk alles in het werk om tot elke prijs een tweede tegengoal te vermijden. Door het spel zodanig te vertragen en na eindeloos getik eindelijk een verre, nutteloze bal naar voor te versturen, wiegden ze Valencia helemaal in slaap. Toen Hitzfeld in 1997 als trainer van Borussia Dortmund de Champions League won, tapte hij nog uit een iets offensiever vaatje. Of zou het aan de spelers gelegen hebben ? In Milaan bracht hij na de rust Carsten Jancker, wat meteen vruchten afwierp. Een duwfout van de onhandige Duitse aanvaller leverde hem zowaar een strafschop op, en deze keer liet Effenberg de kans op de gelijkmaker niet onbenut. Wie dacht dat dit de wedstrijd zou lanceren, kwam bedrogen uit. Hoewel Hitzfeld de teugels een klein beetje vierde door over te schakelen van een 5-3-2-veldbezetting naar een 3-5-2, waarin vooral Lizarazu titanenwerk verrichtte, duurde het tot de strafschoppenreeks voor er weer gescoord werd. De voorspelling van Didier Deschamps, die als bankzitter met Valencia zijn derde Champions Leaguefinale had kunnen winnen (na Marseille 1993 en Juventus 1997), kwam dus niet uit. "Wie de eerste goal maakt, wint de finale", had hij gezegd. De nederlaag betekende een nieuwe frustratie voor de Argentijnse coach van Valencia, Hector Cuper. Sinds zijn komst naar Europa zette hij heel goede resultaten neer, maar een prijs leverde dat niet op. In 1999 verloor hij met Mallorca de laatste finale van de beker voor Bekerwinnaars tegen Lazio (2-1). En vorig seizoen loodste hij Valencia naar de finale van de Champions League, die hij in Parijs verloor tegen Real Madrid (3-0). Ook voor Cuper geldt allicht dat de angst om te verliezen vaak te groot is. In duels met een heen- en terugmatch sleept de fanatieke thuisaanhang het team nog vaak over de streep, maar in een strijd die in één partij wordt beslecht, zou wat meer aanvallende durf Valencia geen kwaad doen. Toen zijn spelers de strafschoppen moesten trappen, keek de Argentijn in de richting van het andere doel. En hij is niet samen met zijn spelers op het podium geklommen om de verliezersmedaille in ontvangst te nemen. Hij heeft dus ook niet gekregen wat hij uiteindelijk niet verdiende. Cuper, die zich voor de wedstrijd nog heel optimistisch had uitgelaten, zat in zak en as. "We zijn enorm teleurgesteld", zei hij. "Als je een voorsprong weggeeft, leidt bij de strafschoppen en toch nog alles uit handen geeft, dan is de ontgoocheling enorm. Mettertijd slijt het wel, maar nu zijn we allemaal ontroostbaar." Cuper stond op zijn achterste poten toen een journalist opwierp dat zijn team het na de Duitse gelijkmaker steeds harder te verduren had gekregen. "München kon alleen scoren omdat het een penalty kreeg, terwijl Jancker zélf een fout maakte. Maar het klopt dat mijn jongens daardoor mentaal een tik kregen, zodat het spel daarna niet meer van hetzelfde niveau was als voordien."Over zijn imago van verliezend finalist maakte Hector Cuper zich weinig zorgen. "Ik beschouw dit niet als een persoonlijke nederlaag. In de voorbereiding en in de wedstrijd hebben we gedaan wat we moesten doen, maar strafschoppen blijven een loterij. Voetbal is vallen en opstaan. Te lang mogen we hier niet blijven bij stilstaan, want de Spaanse competitie is nog niet afgelopen. Ik kan wel zeggen dat mijn spelers het veel beter hebben gedaan dan in de finale tegen Real Madrid. Ik weet heel goed wat men verwijt aan de manier waarop ik de ploeg graag zie spelen, maar als coach kan ik niet anders dan tevreden zijn over onze prestatie."Ook het feit dat Bayern 64 procent van de speeltijd balbezit had, maakte op Cuper weinig indruk. Fel : "Dat betekent helemaal niets. Als wij de bal hebben, proberen we altijd heel snel te spelen en niet geduldig op te bouwen. We hebben immers technisch sterke spelers. Statistieken over balbezit zeggen helemaal niets, vind ik. Het belangrijkste is dat je, als je de bal hebt, ook kansen kunt scheppen. Ik vind trouwens dat veel mensen een verkeerd beeld hebben van Bayern. Vaak wordt gezegd dat zij niets creëren, maar toch duiken ze heel plots op voor het doel. Het is bijzonder moeilijk om die ploeg uit evenwicht te brengen." Was voor Cuper de nederlaag vooral het gevolg van pech, zijn collega-angsthaas Hitzfeld was de laatste die hem voor zo'n uitlating lik op stuk zou geven. Ook hij putte zich uit in excuses voor het verdedigende spel van zijn ploeg. "De snelle achterstand sneed ons de benen af en toen Scholl zijn penalty miste, leken we zelfs even uitgeteld. Maar we hebben gedaan wat we moesten door te proberen de zeer goede verdediding van Valencia onder druk te zetten. We mochten ook niet vergeten dat hun spitsen altijd aartsgevaarlijk blijven." Of het dan echt nodig was om met zeven spelers op de eigen speelhelft te blijven, wilden de journalisten weten. Hitzfeld, afgemeten : "We hebben geduldig onze kansen afgewacht. In de tweede helft waren we vermoeid, want de eerste helft was tegen een moordend tempo gespeeld." De Duitse coach weet dat hij het etiket van verdedigend ingestelde coach draagt, maar in tegenstelling tot Cuper lijkt hij wel bereid daar iets aan te doen. Toen Bayern afgelopen winter in de Bundesliga een karrevracht punten voorsprong had, probeerde hij wel eens aanvallend te spelen, maar van zodra dat puntenverlies opleverde, koos hij snel weer voor het vertrouwde, verdedigende stramien. "We hebben geluk gehad. Voor Valencia moet het hard aankomen zo te moeten verliezen. Maar het was eigenlijk meer een mentaal gevecht dan iets anders. Wij hebben tot de laatste seconde getoond dat we mentaal het sterkst waren. Over de arbitrage wens ik me niet uit te laten, want dat doe ik nooit. Ik geef nooit kritiek op scheidsrechters. Wel wil ik de sterke prestatie van Oliver Kahn aanhalen. Hij bleef zijn ploegmaats maar aansporen. Zo'n speler is heel belangrijk voor een groep. Hij is de enige die onvervangbaar is in deze ploeg." De vrees van Hitzfeld dat zijn spelers te vermoeid zouden zijn om het snelle spel van Valencia op te vangen, werd niet bewaarheid. "Ondanks de moeilijke wedstrijdomstandigheden hebben we het spel gedomineerd", vond hij. "Ik ben uiteraard heel blij met dit succes, maar niet blijer dan toen ik met Dortmund de Champions League won, of met Aarau of Grashoppers Zürich Zwitsers kampioen werd."Van een trainer die zijn spelers op het veld op een dusdanige manier in een keurslijf stopt, moeten uiteraad ook naast het veld geen ronkende verklaringen worden verwacht. Maar ondertussen staat Ottmar Hitzfeld bij Bayern wel voor eeuwig en altijd op een voetstuk, nu hij na Udo Lattek in 1974 pas de tweede coach is die in hetzelfde jaar de landstitel en de beker met de grote oren wint. Dat het evenveel betekent als Zwitsers landskampioen worden, is een understatement van jewelste. Had het te maken met een trauma van twee jaar geleden, toen Manchester United een zegezeker Bayern in de blessuretijd alsnog met 2-1 versloeg in de toenmalige Champions Leaguefinale ? "Helemaal niet", aldus Hitzfeld. "Het weekend na die dramatische finale wonnen we zelfs de titel op het veld van Leverkusen. Een Manchestersyndroom bestaat bij ons niet. Integendeel zelfs, tegen Hamburg hebben we onze landstitel op precies dezelfde manier gepakt." "De aanwezigheid bij de club van de vroegere vedetten Beckenbauer, Rummenigge en Hoeness zorgt niet voor extra druk", zei Hitzfeld ook nog. "Ik ben tevreden dat zij de club trouw zijn gebleven en met hun ervaring de beleidslijnen uitstippelen. En het belangrijkste blijft winnen." Over hoe dat gebeurt, stelt blijkbaar niemand in Beieren zich vragen. door John Baete