Mexico-Stad valt al op wanneer je komt aanvliegen voor de landing. Je ziet massa's huizen, alsof de stad nergens eindigt. Zelfs de bergen rond de stad zijn bezaaid met woningen die elkaar verdringen voor een stukje grond. Mexico-Stad, dat is overdaad op grote schaal: 21 miljoen inwoners hokken hier samen in woonsten die gebouwd zijn op drooggelegd moerasland, waar ze onverbiddelijk in wegzakken - als ze al niet platgelegd werden door de aardbeving van 1985. Deze grootstad, waarvan het karakter prachtig werd weergegeven in de film Am...

Mexico-Stad valt al op wanneer je komt aanvliegen voor de landing. Je ziet massa's huizen, alsof de stad nergens eindigt. Zelfs de bergen rond de stad zijn bezaaid met woningen die elkaar verdringen voor een stukje grond. Mexico-Stad, dat is overdaad op grote schaal: 21 miljoen inwoners hokken hier samen in woonsten die gebouwd zijn op drooggelegd moerasland, waar ze onverbiddelijk in wegzakken - als ze al niet platgelegd werden door de aardbeving van 1985. Deze grootstad, waarvan het karakter prachtig werd weergegeven in de film Amores Perros van Alejandro Iñárritu, huisvest dan ook een van de grootste stadions ter wereld, het Estadio Azteca, gebouwd voor het WK van 1970, dat een perfect decor vormt voor de alles verterende passie die het voetbal hier is. Nochtans is de rivaliteit die er rond de hoofdstedelijke derby hangt een pak minder hevig dan de vijandschap tussen Club América en Chivas, de heersers uit Guadalajara. De clash tussen die twee clubs draagt de naam super clásico. In de hoofdstad zelf strijden drie clubs om de macht: América, UNAM en Cruz Azul. De wedstrijd tussen América en Cruz Azul wordt clásico joven (de jonge klassieker) genoemd, omdat die pas de laatste jaren aan belang won. De grote clásico capitalino is die tussen América en UNAM, twee clubs met zo'n tegenstrijdig karakter dat de derby weleens ontspoort. América is immers de meest gehate club in Mexico, maar heeft wel een van de mooiste palmaressen (elf titels en acht internationale bekers) en staat voor voetbalbusiness avant la lettre. In 1959 werd de club opgekocht door Emilio Azcarraga, eigenaar van tv-station Televisa, die meteen al verklaarde: "Ik ken niks van voetbal, maar veel van business. En ik kan u verzekeren, heren, dat voetbal business is." Vandaag de dag behoort Club América nog altijd aan Televisa en heeft het voor zijn thuiswedstrijden het Aztekenstadion ingepalmd. Daartegenover staat UNAM, de afkorting van Universidad Nacional Autónoma de México, dat in 1940 werd opgericht om de waarden van de universiteit uit te dragen. UNAM vertegenwoordigt dus het borrelen van revolutionaire en romantische ideeën, eigen aan de geest van studenten. UNAM, dat zeven keer kampioen speelde, bouwde zijn stadion Olímpico Universitario en zijn trainingscentrum midden op de universitaire campus. Als je de twee clubs op de politieke schaal zou willen plaatsen, dan kun je zeggen dat de Adelaars van América in het rechtse kamp zitten en de Poemas van UNAM in het linkse. Bij UNAM moet men niks weten van América vanwege de band tussen Televisa en de politieke partij PRI, die verantwoordelijk was voor een bloedige slachtpartij onder studenten in 1968. DOOR STÉPHANE VANDE VELDE