Vijf maanden geleden, op 23 oktober 2005, speelde Club Brugge op Anderlecht zijn tot dan beste wedstrijd van het seizoen. Met tactische discipline en veel engagement behaalde de kampioen een 2-2-gelijkspel en profiteerde slim van de ruimte die Anderlecht op het middenveld gaf. Voor het eerst ook werd er behoorlijk gecombineerd. Het leek de kentering in een competitie die Club strompelend was begonnen.
...

Vijf maanden geleden, op 23 oktober 2005, speelde Club Brugge op Anderlecht zijn tot dan beste wedstrijd van het seizoen. Met tactische discipline en veel engagement behaalde de kampioen een 2-2-gelijkspel en profiteerde slim van de ruimte die Anderlecht op het middenveld gaf. Voor het eerst ook werd er behoorlijk gecombineerd. Het leek de kentering in een competitie die Club strompelend was begonnen. Die hoop werd al snel een illusie. Club pakte sindsdien slechts één keer uit met goed spel. Dat was thuis tegen FC Brussels, in de eerste match na de winterstop, toen er met 3-0 werd gewonnen en er eindelijk met zwier werd gevoetbald. Het leek erop dat de nieuwe stijl van Jan Ceulemans eindelijk begon aan te slaan. Vervolgens verviel Club weer in een soms onthutsende krampachtigheid. Deze campagne blijft voor blauw-zwart een lange en vergeefse zoektocht naar de juiste automatismen. Dat Ceulemans door blessureleed tot dusver slechts twee keer met hetzelfde elftal begon, zegt iets, maar niet alles. In zijn poging om het elftal in de juiste vorm te gieten greep de trainer tijdens deze competitie al naar 28 spelers. Het siert Ceulemans dat hij daarbij nooit naar namen keek. Maar tot een goed geolied raamwerk hebben al die verschuivingen en prikkels niet geleid. Club Brugge veranderde vorige zomer terecht van koers omdat het repetitieve karakter dat Trond Sollied in zijn oefenstof stak, verstikkend werkte. Maar onder de Noor functioneerde de ploeg wel in een cocon van herkenbaarheid, in een net van veiligheid waarop hij in moeilijke momenten kon terugvallen. Dat leidde niet tot oogstrelend voetbal, maar bleek wel een garantie voor resultaten. Na 27 wedstrijden telde Club Brugge vorig seizoen 16 punten meer dan op dit moment. Er werd bovendien 27 keer meer gescoord, een moyenne van één goal per match. Club Brugge mag zich niet blijven verschuilen achter de blessures om een verklaring te vinden voor het slappe voetbal. Het moet zich afvragen waarom het een wedstrijd niet meer kan domineren, maar hooguit controleren. Het is bovendien onaanvaardbaar dat er acht maanden na het begin van de trainingen zo weinig structuur in het elftal zit. En het mag vooral niet dat Club, het symbool van karakter en onverzettelijkheid, ook die wapens nauwelijks nog hanteert. Club kan het mentaal niet meer opbrengen om met zijn vroeger zo gevreesde powerplay uit te pakken. Sterker zelfs : het slaagt er niet in om met een gedegen analyse te komen die het ondermaatse spel verklaart. Na een nieuwe treurmars in Westerlo zei Jan Ceulemans zaterdagavond dat hij het van week tot week bekijkt. Alsof hij het zelf ook niet meer wist. Van alle titelkandidaten staat Standard het verst. Van een broeinest van irritaties is de Luikse club omgetoverd in een geheel van verbondenheid. Hij voetbalt met vuur en passie, met die eendrachtige bezieling die ooit het handelsmerk vormde van Club Brugge. jACQUES SYS