De Pro League lijkt uit haar comateuze toestand te ontwaken. Het profvoetbal zet met een vertraging die zelfs de NMBS zou doen blozen stappen naar meer autonomie. De verdienste voor deze historische stap gaat integraal naar de Nationale Voetballiga (tweede klasse), waar de realiteitszin toeslaat nu het water tot boven de lippen staat.
...

De Pro League lijkt uit haar comateuze toestand te ontwaken. Het profvoetbal zet met een vertraging die zelfs de NMBS zou doen blozen stappen naar meer autonomie. De verdienste voor deze historische stap gaat integraal naar de Nationale Voetballiga (tweede klasse), waar de realiteitszin toeslaat nu het water tot boven de lippen staat. De tweede klasse ging op initiatief van SK Roeselare akkoord met een afslanking van het aantal profclubs van 34 naar 24. Elf van de achttien tweedeklassers stemden voor, terwijl er maar acht van hen zouden overblijven op het hoogste niveau en het nog lang niet duidelijk is wie dat zullen zijn. Gelukkig volstaat in tweede divisie een gewone meerderheid om veranderingen door te drukken. In tegenstelling tot de Pro League, waar 80 procent van de stemmen nodig is om vooruitgang te boeken. Voor eerste klasse is er in dit geval echter geen enkel probleem. De toppers behouden play-off 1 en de kleintjes kunnen wat vrijer ademen, want er zou maar één ploeg meer degraderen. Een maatregel die het niveau helaas niet zal opkrikken. Integendeel. Wat de hoofdlijn betreft, is dit echter een uitstekende evolutie. Ruim de helft van de huidige tweedeklassers heeft niets te zoeken in het profvoetbal en het feit dat veel derdeklassers (koploper Cappellen op kop) geen interesse hebben om te promoveren, onderstreept nog eens dat de kloof tussen profs en amateurs zogoed als onoverbrugbaar is geworden. Een hervorming van het betaald voetbal zou dan ook gepaard moeten gaan met wijzigingen in het amateurvoetbal. Dit is het moment om te beslissen of we de belofteteams van de profclubs in de voetbalpiramide willen opnemen. Laat ons in ieder geval de clubs die uit tweede tuimelen samen met de betere clubs van derde divisie onderbrengen in de eerste afdeling van het amateurvoetbal, waar gestreden kan worden voor de titel van kampioen van België niet betaald voetbal. Een leuker alternatief dan voor een promotie die zelfmoord betekent. De clubs uit deze reeks moeten de mogelijkheid behouden om naar het profvoetbal over te stappen. Dat is niet alleen een eis van de UEFA, die niet wil weten van een gesloten competitie, maar de Nederlandse Jupiler League leerde ons ook dat de dreiging van degradatie wegnemen een vrijgeleide is voor wanbeleid. Als de kans om te dalen wegvalt, gooien veel clubs er met hun pet naar en treden desnoods met een juniorenteam aan. Een ontwikkeling die dramatisch is voor de kwaliteit van het voetbal in een tweede profliga. Wat het betaald voetbal betreft, moeten de huidige eersteklassers maar eens tonen dat ze evenveel ballen hebben als de tweedeklassers. SK Roeselare heeft de verdienste een oude kar met vierkante wielen in beweging gekregen te hebben, maar het voorstel slaat nergens op. Een tweede klasse met acht ploegen is te gek voor woorden en dat een tweedeklasser een Europees ticket kan verwerven is van de pot gerukt. Bovenal heeft een piramide met zestien eersteklassers en acht tweedeklassers een constructiefout. De Pro League moet alle clubs uit het betaald voetbal als evenwaardig beschouwen. Dit betekent dat ze in beide reeksen een competitie moet organiseren die voor iedereen interessant is en dat het tv-geld op een ernstige en vooral eerlijke manier moet worden verdeeld. Het huidige voorstel is niet meer dan kliekjes gooien naar de tweedeklassers. Het allerbelangrijkste wordt de beslissing over wie een plaats krijgt in het profvoetbal? Strenge criteria betreffende infrastructuur en een minimumbudget (2,5 miljoen euro wordt gefluisterd) zijn absoluut onvoldoende. De praktijk leert dat alleen clubs met een rijke geschiedenis en een brede achterban, die verankerd zijn in de samenleving, kunnen overleven. Kunstmatige verenigingen die in handen zijn van buitenlandse investeerders of clubs gaan vroeg of laat ten onder. Weg dus met Woluwe-Zaventem, Dessel, Heist, Patro Eisden, Tubize en Geel, misschien ook met Bergen en Lommel maar vooral met Mouscron-Péruwelz (ex-bijhuis van Lille waarvan niemand weet wie er volgend seizoen aan het roer staat), Eupen (speeltje van Aspire uit Qatar), Seraing (bijhuis van FC Metz) en White Star Brussel (in handen van figuren uit Dubai). DOOR FRANÇOIS COLINAlle clubs uit het betaald voetbal moeten evenwaardig behandeld worden.