Komende van Straatsburg, de cultclub van vorige week, steek je de brug over en je bent meteen in Duitsland. Volg de Rijn tot bijrivier de Ruhr en je belandt in het kloppende voetbalhart van Duitsland. Op tien kilometer van Gelsenkirchen ligt de stad Essen. Lange tijd de industriële long van de regio, gedomineerd door de familie Krupp die een van de grootste bedrijven uit de regio bezat, krabbelt Essen vandaag overeind rond een museum (gefinancierd door de familie Krupp) en zijn groene gordel, terwijl het oude mijnverleden n...

Komende van Straatsburg, de cultclub van vorige week, steek je de brug over en je bent meteen in Duitsland. Volg de Rijn tot bijrivier de Ruhr en je belandt in het kloppende voetbalhart van Duitsland. Op tien kilometer van Gelsenkirchen ligt de stad Essen. Lange tijd de industriële long van de regio, gedomineerd door de familie Krupp die een van de grootste bedrijven uit de regio bezat, krabbelt Essen vandaag overeind rond een museum (gefinancierd door de familie Krupp) en zijn groene gordel, terwijl het oude mijnverleden nooit veraf is. Een paar kilometer verderop is er de Zollverein, een door de Unesco erkende en geklasseerde mijn. Het loopwiel van de mijnlift omrandt fier het blazoen van de stadsclub Rot-Weiss Essen. Terwijl naburige clubs als Schalke 04 (de club uit Gelsenkirchen) en Borussia Dortmund erin slaagden hun arbeidersverleden te laten overvloeien in de moderne voetbalbusiness, lukte dat bij Rot-Weiss Essen niet. Lang zag het ernaar uit dat de traditieclub de sprong naar de 21e eeuw gemist had en weg zou kwijnen, maar de afgelopen twee jaar kwam er toch beweging. Essen speelt dan maar in vierde klasse, het bouwde wel een fonkelnieuw stadion met 20.000 plaatsen dat het oude Georg Melches Stadion vervangt. De club bezweek zelfs voor de nieuwe trend van naming en verkocht de rechten voor de naamgeving aan AG. Lange tijd vervulde RW Essen een pioniersrol in het voetbalgebeuren van het Ruhrgebied, het bezit zelfs een paar primeurs in het Duitse voetbal: de eerste Duitse club met een wedstrijdverlichting en de eerste Duitse club die een Europese wedstrijd speelde, nadat het in 1955 Duits kampioen was geworden, twee jaar nadat het ook de Duitse beker won. Dat gebeurde onder aanvoering van der BossHelmut Rahn,die op het WK'54 in de finale tegen Hongarije de beslissende Duitse goal maakte. Wegens dat symbolische doelpunt negen jaar na het einde van WO II werd Rahn lange tijd als een nationale held beschouwd, al zou hij in alle eenzaamheid in zijn appartement in Essen sterven. Als eerbetoon aan Rahn aanvaardde Pelé in 2005 om erelid te worden van RW Essen. Na de succesvolle jaren vijftig ging het geleidelijk bergaf, net als met de streek. "Elke keer als er een fabriek de deuren sluit, zakt RW Essen een reeks", deed de boutade de ronde. Na tal van degradaties en een faillissement is Rot-Weiss Essen vandaag aanbeland in de Regionalliga West, waar het vooral de reserveteams bekampt van streekgenoten als Dortmund, Düsseldorf en vooral aartsrivaal Schalke. Er is nog een reeksgenoot uit Essen, Schwarz-Weiss, maar die amateurclub beschouwt men bij RW niet echt als een rivaal. DOOR STÉPHANE VANDE VELDE