Juni is het en dit het plan : Roger Vanden Stock bondsvoorzitter, Michel Preud'homme CEO, en Jean-Marie Philips hoofd van de profliga. Een pienter plan. Vanden Stock is de kandidaat van het amateurvoetbal, maar ook de voorzitter van 's lands grootste club, Anderlecht. Een valse amateur dus (in zekere zin toch). Met coming man Preud'homme aan zijn zij wordt ook de publieke opinie gepaaid en is de machtsgreep van de profclubs een feit. Philips moet blijven waar hij zit : in de profliga, waar hij onmisbaar heet te zijn. Door zijn jarenlange staat van dienst en reglementenkennis vooral, maar ook wegens zijn goede relatie met Preud'homme. De ideale aangever dus, menen de profs, om via de 58-voudige Rode Duivel hun belangen op bondsniveau door te drukken.
...

Juni is het en dit het plan : Roger Vanden Stock bondsvoorzitter, Michel Preud'homme CEO, en Jean-Marie Philips hoofd van de profliga. Een pienter plan. Vanden Stock is de kandidaat van het amateurvoetbal, maar ook de voorzitter van 's lands grootste club, Anderlecht. Een valse amateur dus (in zekere zin toch). Met coming man Preud'homme aan zijn zij wordt ook de publieke opinie gepaaid en is de machtsgreep van de profclubs een feit. Philips moet blijven waar hij zit : in de profliga, waar hij onmisbaar heet te zijn. Door zijn jarenlange staat van dienst en reglementenkennis vooral, maar ook wegens zijn goede relatie met Preud'homme. De ideale aangever dus, menen de profs, om via de 58-voudige Rode Duivel hun belangen op bondsniveau door te drukken. Er is echter één probleem : Philips' ambitie om bonds-CEO te worden. Dus worden Herman Wijnants en Roger Lambrecht erop uitgestuurd om hem dat uit het hoofd te praten. Maar zo slim hun plan, zo leep Philips. Bij Jean-Paul Houben, de secretaris-generaal van de KBVB, is hij al terloops gaan informeren wat die nieuwe CEO zou kunnen gaan verdienen. "7500 euro," luidt het antwoord, "netto." Anders gezegd : véél meer dan wat hij krijgt als directeur van de profliga. Een nieuw fetisjcijfer is geboren. Philips beluistert Wijnants en Lambrecht met een mengeling van empathie en frustratie. Zeker, hij kan zich verzoenen met Preud'homme als CEO, en ja, hij wil hem zelfs met raad en daad bijstaan. Maar, werpt hij hen ook voor de voeten, dat niemand denkt hem voor de gek te moeten houden : iedereen weet dat hij over betere referenties beschikt voor de nieuwe topfunctie dan Preud'homme. Dus, besluit hij, zijn er aan zijn akkoord en afstand van ambities voorwaarden verbonden. Met name : een loonstrook van 7500 euro, een contract van vier jaar en de garantie dat hij zijn mandaten bij FIFA en UEFA mag behouden. Wijnants en Lambrecht kunnen hun geluk niet op. In de veronderstelling dat alles in kannen en kruiken is, presenteert Lambrecht het hele plan in het directiecomité. Nauwelijks is hij uitgepraat of Philips gooit een document op tafel. Zonder verpinken zet het zwaargewicht uit Lokeren er zijn krabbel onder. Jean-Claude Van Rode weigert hetzelfde te doen (zijn voorzitter in Genk, Jos Vaessen, gunt Philips d'office niks), Georges Ingelbrecht (van AA Gent, club van Vaessens medestander Ivan De Witte) maakt zich handig uit de voeten, Roland Louf aarzelt. Hij wil het stuk eerst lezen. Onder aansporing van Lambrecht en nadat ook Wijnants - die er wordt bijgehaald - heeft getekend, geeft Louf toe. Lambrecht stelt hem gerust : de raad van bestuur moet hoe dan ook haar fiat nog geven. Bovendien, laat hij geloven, staat een meerderheid van de clubs achter het plan. Een grove overdrijving, zo blijkt op de aansluitende raad van bestuur. Het komt maar net niet tot een slaande ruzie en al helemaal niet tot een stemming. In de media windt Jos Vaessen zich 's anderendaags op en een boze Roland Duchâtelet vraagt Louf om alle clubs te laten weten dat hij is misleid in het directiecomité. Louf antwoordt dat Philips zélf al heeft verklaard dat het document geen contractuele waarde heeft. Ivan De Witte, die een kopie eist, beweert het tegendeel. De AA Gentvoorzitter gaat zelfs zo ver dat hij dreigt met gerechtelijke stappen tegen Wijnants en Lambrecht, omdat zij zich zonder het akkoord van de raad van bestuur namens de profliga zouden hebben verbonden tot een financieel engagement tegenover Philips. Lambrecht is woedend. Van het hele plan - een totaalpakket dat staat of valt met de verkiezing van Vanden Stock - komt uiteindelijk niets in huis. De Anderlechtpreses trekt zich terug nadat op last van De Witte en Duchâtelet een intentieverklaring van hem is geëist. Beide mannen, in het dagelijkse leven geslaagde bedrijfsleiders, vinden het ongehoord dat een onafhankelijke bondsvoorzitter tegelijk clubvoorzitter kan blijven. De intentieverklaring is hun voorwaarde om hun verzet tegen deze cumul te laten varen. Vanden Stock voelt zich vernederd. Hij neemt wraak door namens de amateurs de profielloze François De Keersmaecker als stroman naar voor te schuiven. Die haalt het zoals verwacht van Preud'homme, de uiteindelijke kandidaat van de profs. Toch levert de verkiezing een primeur op : voor het eerst in de Belgische voetbalgeschiedenis wordt de bondsvoorzitter niet unaniem verkozen. De stemming in het uitvoerend comité draait uit op 13-7. Opmerkelijk, want de profs hebben slechts zes leden in het hoogste bondsapparaat : één amateur is dus overgelopen naar het kamp-Preu- d'homme. Het resultaat heeft één groot voordeel : dat van de duidelijkheid. Nooit eerder was de scheidslijn tussen prof- en amateurvoetbal zo zichtbaar. Nooit eerder ook was de verdeeldheid rond een bondsvoorzitter zo groot. En nooit eerder zette een bobo zijn geloofwaardigheid zo op het spel als Roger Vanden Stock. Een grotere absurditeit is wellicht niet denkbaar : dat de voorzitter van 's lands grootste voetbal-kmo zijn postje in het uitvoerend comité dankt aan de kleine provincie Brabant (in de KBVB niet gesplitst) en dat schatplichtigheid aan zijn achterban (de amateurs) hem ertoe beweegt oppositie te voeren tegen zijn eigen bedrijfstak (het profvoetbal). Volgens sommigen heeft Vanden Stock zichzelf en Anderlecht hiermee in een lastig parket gemanoeuvreerd. Zij vinden dat hij kleur moet bekennen, of toch minstens uitleg is verschuldigd. De oude krokodillen weten van de prins geen kwaad, Vanden Stock nog het minst. Vijf weken later, op dinsdag 1 augustus, komt in Brussel de werkgroep 'reorganisatie Belgisch voetbal' van de profliga samen. Bedoeling is om de raad van bestuur van drie dagen later voor te bereiden. Zijn aanwezig : Preud'homme, Duchâtelet, De Witte, Wijnants en, op uitdrukkelijk verzoek van Wijnants, Lambrecht. Verder ook Ingelbrecht, Antoine Vanhove (Club Brugge), Karel Dierick (Lierse) en Pierre François (Standard). Na Preud'hommes relaas van de ongunstig verlopen bondsvoorzittersverkiezing te hebben beluisterd, besluit de werkgroep dat er meer dan ooit nood is aan een sterkere profliga. Een voltijds zwaargewicht als voorzitter is wenselijk, vindt ze, vooral voor de contacten met de (politieke) buitenwereld. Ze zal de raad van bestuur daarom voorstellen de functies van voorzitter en directeur-generaal, die sinds 2001 beide door Jean-Marie Philips worden bekleed, weer te splitsen en het voorzitterschap vacant te verklaren. Stemt de raad daarmee in, dan zal de werkgroep ook vragen een selectie- en remuneratiecomité op te richten dat de kandidaten moet evalueren en een budget moet uitwerken. De Witte heeft, vanuit zijn ruime beroepservaring in de human resources, alvast een voorzittersprofiel uitgetekend. Tijdens de bespreking merkt Lambrecht op dat er volgens hem slechts één man is met wie Philips als directeur zou kunnen samenwerken : Preud'homme. De Witte repliceert dat Preud'homme niet beantwoordt aan het uitgetekende profiel, maar mogelijk wel de potentie heeft om erin te groeien. Samen met Lambrecht en Duchâtelet brainstormt hij achteraf nog kort over wat de nieuwe voorzitter de profliga zou mogen kosten. Het bedrag van 300.000 euro valt. Preud'homme laat weten dat hij geïnteresseerd is. Daarop trekken Wijnants, Preud'homme en opnieuw Lambrecht, zoals afgesproken, naar Philips. Zij zullen hem inlichten over de bevindingen van de werkgroep en hem eventueel overtuigen om mee te werken. Twee dagen later pakt Het Belang van Limburg uit met groot nieuws : volgens de krant wordt Preud'homme de eerste bezoldigde voorzitter van de profliga. Vooral dat hij 300.000 euro gaat verdienen (wat niet klopt : het betreft een geschatte totaalkost, geen nettoloon), wordt breed uitgesmeerd. Allemaal voorbarig : wat als voldongen feiten wordt voorgesteld, zijn slechts aanbevelingen die de werkgroep nog aan de raad van bestuur moet voorleggen. Die kan ze net zo goed wel als niet volgen. Kortom, Preud'homme kan onmogelijk al kandidaat zijn voor een functie die, op het moment van het krantenlek, nog niet eens vacant is verklaard. Laat staan dat er al iets beslist kan zijn over zijn aanstelling. Het lek slaat diepe wonden en de raad van bestuur annex algemene vergadering 's anderendaags wordt een maat voor niets. Omdat de vergadering niet reglementair blijkt te zijn samengesteld, kunnen er zelfs geen beslissingen worden genomen. De massaal samengetroepte media, misleid door het krantenartikel, druipen af. Een hopeloos verdeelde profliga blijft achter. Perslekken en toeval gaan slecht samen. Dat het lekt in een Limburgse krant, lijkt bedoeld om de verdenking op Duchâtelet te laden. De voorzitter van Sint-Truiden wordt ook als enige in het artikel aan het woord gelaten. De volgende dag pookt Philips het vuur verder op in Het Laatste Nieuws : "Naar ik heb begrepen, komt heel dit voorstel van De Witte en Duchâtelet, die daarmee doen wat ze Roger Lambrecht en Herman Wijnants in juni hebben verweten." Hij bedoelt : heimelijk een loon bedisselen voor 'hun mannetje'. Philips' uitspraak is merkwaardig. Eén : omdat ook Lambrecht aanwezig was op de brainstormsessie over de 300.000 euro. Twee : omdat de voorzitter/directeur zélf zijn organisatie openlijk in clans opdeelt (De Witte-Duchâtelet versus Wijnants-Lambrecht). Drie : omdat hij er weinig twijfel over laat bestaan aan welke kant hij staat. Het lek komt de Brusselse jurist in ieder geval goed uit. Hoewel de vacature voor een CEO pas sinds vorige week officieel is, kandideert Philips al langer openlijk voor de bondsfunctie. Afgesproken is dat de nieuwe man vanaf 1 januari 2007 meeloopt met seceretaris-generaal (een functie die zou verdwijnen) Houben. Die stopt ermee op 30 juni. Rekening houdend met een opzegperiode van drie maanden moet de CEO dus eind deze maand bekend zijn. Mocht de profliga tegen dan een nieuwe voorzitter hebben en grijpt hij nadien naast het CEO-schap, staat Philips met lege handen. Voor hem is het artikel dus een geschenk uit de hemel. Het beschadigt, beseft op dat moment iedereen, het imago van Preud'homme en slaat het beslissingsproces achteruit, maar Philips' (nood-) kansen op het ligavoorzitterschap worden ermee gevrijwaard. Tot tevredenheid van Wijnants en Lambrecht, al stoort die laatste zich er ook aan dat de man voor wie hij zich zo inspant, op twee paarden blijft wedden. Philips echter weet zich untouchable : mist hij het CEO-schap en willen de clubs hem toch weg, zullen ze met geld over de brug moeten komen. Anders blijft hij gewoon : zijn contract als directeur loopt immers door. De functie opheffen, zoals sommigen overwegen, is dan ook niet simpel. Eensgezindheid is er wel over het feit dat Philips' directeursloon, bovenop het toploon van de eerste betaalde voorzitter ooit, een te zware kost is voor de liga. Door het plotse ontslag van Preud'homme uit al zijn bondsfuncties staat Philips sterker dan ooit. Enige kandidaat voorlopig bij de bond, concurrent uitgeschakeld bij de liga én gevraagd door de machtige oude garde om te blijven, plús naar verluidt met ook een ijzer in het vuur bij de juridische dienst van de FIFA : hij leunt comfortabel achterover. Voor de hervormers is Preud'hommes aftocht een tegenvaller, ook al waren zelfs zijn voorstanders nooit meer dan lauw enthousiast over de ex-doelman. Zijn inspanningen om mensen te verzoenen werden gewaardeerd, zeker door het contrast met de zeer conflictueuze Philips, maar net als bij die laatste betreurde men zijn opportunisme als het op geld aankomt. Grote irritatie ontstond ook uit de indruk dat Standard hem wegens zijn zware loon vooral graag kwijt was, eerst aan de bond, daarna aan de liga. Velen vonden 300.000 euro ook ongehoord veel geld voor iemand zonder de minste academische vorming, met niet eens het vereiste profiel, maar wel "de potentie" om deuren te openen bij de politiek. Preud'homme moet de twijfel hebben gevoeld. Dat zich een maand geleden met Roland Duchâtelet, uitgerekend iemand die tot zijn kamp werd gerekend, een tweede kandidaat meldde voor het ligavoorzitterschap (zie ook pagina. 9), moet niet prettig hebben aangevoeld. Standard gooide het dan maar over een andere boeg. Als trainer zit Preud'homme nu op dé schopstoel par excellence. JAN HAUSPIE