Op zijn twintigste werd de halftijdse magazijnier, intussen ook al doublure voor Geert De Vlieger bij de nationale beloften, profvoetballer. Zeven jaren nog bij SV Waregem, sinds 1998 bij Moeskroen. Nu al enkele maanden wordt hij beschouwd als één van de beste doelmannen van het land, een strafschopspecialist zelfs - hij pakte er in eerste klasse al gemiddeld één op twee, dit seizoen al vier van de vijf. Veel kijken naar 'Goal' en 'Stadion', zegt hij, maar zijn geheim wil hij nog niet kwijt. Niet dat hij het achterhoudt voor een film over zijn leven, nee, Francky is Jean-Marie niet. Al wordt hij misschien ook nog international, als derde keeper op het WK in Azië.
...

Op zijn twintigste werd de halftijdse magazijnier, intussen ook al doublure voor Geert De Vlieger bij de nationale beloften, profvoetballer. Zeven jaren nog bij SV Waregem, sinds 1998 bij Moeskroen. Nu al enkele maanden wordt hij beschouwd als één van de beste doelmannen van het land, een strafschopspecialist zelfs - hij pakte er in eerste klasse al gemiddeld één op twee, dit seizoen al vier van de vijf. Veel kijken naar 'Goal' en 'Stadion', zegt hij, maar zijn geheim wil hij nog niet kwijt. Niet dat hij het achterhoudt voor een film over zijn leven, nee, Francky is Jean-Marie niet. Al wordt hij misschien ook nog international, als derde keeper op het WK in Azië. Francky Vandendriessche : Op mijn achttiende ben ik gestopt met school - ik had een diploma A2 boekhouden - en trok naar het leger. In december werd ik bij Waregem voor het eerst opgeroepen om bij het eerste elftal op de bank te zitten. Toen bestond er nog een regel dat er maar drie buitenlanders op het wedstrijdblad mochten worden ingevuld. Daardoor viel Hans Galjé er naast. Ik kwam in een groep terecht met Richard Niederbacher, de broers Mbuyu... De grote tijd van Waregem. Ik dacht : Vandendriessche, wat een prachtige job is dit niet ? Waarop ik besloot er alles aan te doen om in de voetballerij zo hoog mogelijk te geraken. Vanaf dan ben ik nooit meer uitgegaan, heb ik nooit nog een pint gedronken. Alleen maar hard blijven werken. Men werkte zeven dagen op zeven. Mijn vader en broer stonden in het weekeinde op om drie uur 's morgens, ook als ze op zaterdagavond naar mij kwamen kijken. Dat zit erin bij ons, op mijn vrije dagen werk ik ook. In de tuin, of wat karweien opknappen bij vrienden. En elke dag besef ik welk mooi leventje voetballers hebben. Daarom ook ben ik tijdens mijn blessureperiode aan de trainerscursus begonnen. Ik hoop dat men ooit ook de cursus voor keeperstrainers uit de grond stampt. Hoge ambities als trainer heb ik niet. Het liefst ga ik na mijn carrière als keeper- en jeugdtrainer bij Moeskroen aan de slag. Ik lig nog tot 2005 onder contract, dan ben ik pas 34. Ik wil daarna nog wel een paar jaar in die goal staan. En dan voor de rest van mijn leven op de club blijven : ik teken meteen.Toen ik hier vier jaar geleden aankwam, zeiden velen : wat gaat Vandendriessche daar doen ? Drie van de laatste vier jaren bij Waregem speelde ik in tweede klasse, niemand kende mij nog. Toch wilde Hugo Broos mij, op voorspraak van René Verheyen, die mij als 19-jarige in eerste klasse liet debuteren, en Dirk Degryse, beloftentrainer bij Moeskroen. Ik kwam als tweede keeper, na Yves Feys. Toen Yves uitviel met een schouderblessure, zei Hugo Broos : we zoeken geen andere doelman, we doen het met Francky. Ik had nog geen enkele match voor Moeskroen gespeeld. Dat gaf mij ontzettend veel vertrouwen, en ik was gelanceerd. De eerste liep ik op in Beveren, op 19 maart 2000, in volle race voor Europees voetbal - we zijn toen op de vierde plaats gestrand. Kruisbanden rechterknie. Vijf dagen daarna volgde de operatie en kon ik aan de revalidatie beginnen. Ik wist niet wat dat was. Ik was nog nooit geblesseerd geweest, hooguit een keer een scheve vinger, en ik had nog nooit een training of een wedstrijd gemist. Ik moet zeggen, die eerste herstelperiode viel uiteindelijk nog wel mee. Maar het knaagde. Je ziet elke dag iedereen naar het veld trekken en jij moet naar het zwembad of de fitness. En dan 's avonds thuis nog een keer krachttraining. Uiteindelijk is het nog vlot verlopen, ook omdat de zomer ertussen lag. Ik miste maar een zevental wedstrijden, ben heel snel kunnen terugkomen, sneller dan iedereen had verwacht. Tegen het einde van de voorbereiding van het volgende seizoen stond ik er alweer.Vier matchen. Twee oefenmatchen, de eerste competitiematch tegen GBA, en dan Club Brugge... 20 augustus 2000. Een contact met Sven Vermant. Kruisbanden, precies dezelfde blessure, precies vijf maanden later. Velen zeiden dat ik te vroeg was herbegonnen, maar dat had er niks mee te maken, het was puur toeval. Die zondagavond dacht ik echt dat mijn carrière voorbij was. 's Anderendaags werd ik geopereerd, dokter Labrique verzekerde me dat ze geen probleem verwachtten voor een terugkeer op hetzelfde niveau. Deze keer wist ik wel wat er mij te wachten stond, en ik moet zeggen : het viel me zwaar. Ik was heel onzeker, ondanks de geruststellingen van de dokter en de trainer. Die vergeleek mij met Vital Borkelmans, die zich ook altijd uitstekend had verzorgd en daardoor heel snel recupereerde. Maar toch... Ik ben een heel nuchter mens, kon het ook maar moeilijk relativeren. Ik had heel hard gewerkt en heel veel opgeofferd om zover te geraken, en ik vreesde dat alles, in één seconde, verloren was. Op 2 januari, op de winterstage, ben ik weer volop beginnen trainen, maar de trainer heeft me toen verboden te spelen vóór maart. Na samenspraak met de dokter wilde hij niet het risico op een derde blessure lopen. Ik had het daar heel moeilijk mee, in februari al stond ik elke week aan zijn deur. Godverdomme, laat me dan spelen met de reserven. Ik wilde wedstrijdritme opdoen. Ik denk het wel. Voor een doelman is een goede wedstrijd voor negentig procent concentratie, vind ik. En dat speelt pas mee in wedstrijden. Achteraf moet ik zeggen dat de trainer gelijk had, Kurt Vandoorne deed het in mijn plaats uitstekend. Vanaf maart speelde ik dus met de invallers, tot het einde van het seizoen, dat was de bedoeling. Volgend seizoen start je dan weer als eerste doelman, zei de trainer. Ik had het lastig om dat te aanvaarden, maar moest mij erbij neerleggen. Ik was blij dat Kurt zo goed presteerde, anders hadden ze misschien nog een derde concurrent aangetrokken. Half april viel Kurt echter uit, en zo speelde ik toch nog de laatste vijf wedstrijden van het kampioenschap. Neen, echt niet. De trainer had mij verzekerd dat ik het volgende seizoen toch weer als eerste doelman zou starten.Door de voorzitter. In oktober, na een match of tien, stond hij op een donderdag plots op de club. De trainer had 's morgens alleen gezegd : we trainen maar een uurtje, iedereen om 11u30 boven, de voorzitter wil jullie iets zeggen. We vreesden het ergste voor de trainer, maar de voorzitter zei meteen : denk maar niet dat de trainer zal worden buitengegooid, want dan stap ik ook op. Waarop hij òns aanpakte. Iederéén, speler voor speler, ook ik. Allemaal werden we brutaal op onze plichten gewezen. Danig geschrokken kwamen we buiten. De voorzitter heeft ons dan verplicht om voor de volgende wedstrijd op afzondering te gaan, zelfs de trainer was daarvan niet op de hoogte. Ik ben ervan overtuigd dat het dààr is omgeslagen. De voorzitter had gelijk, er was geen eenheid meer. Ik vond het moeilijk, ook al wegens de taalbarrières. Ik moet ook toegeven dat het niet zo in mijn aard ligt om op tafel te slaan. Wellicht ben ik daar te braaf voor, ik was blij dat de voorzitter het deed. Natuurlijk was de trainer niks aan te wrijven, hij was nog precies dezelfde als de jaren ervoor.Zeg dat wel, zelfs met zes of zeven punten. ( Zucht) Ik geloof nog steeds dat de oorzaak van alle kwaad lag in de eerste wedstrijd op Aalst, waar we verloren tegen een zogenaamde junioresploeg. Aan de rust voerde de trainer drie vervangingen door, en dat is bij ongeveer iedereen in het verkeerde keelgat geschoten. Sinds januari hamert de trainer erop : we bekijken alles van wedstrijd tot wedstrijd. Op GBA, drie dagen voor de bekerwedstrijd op Sint-Truiden, speelden we met dezelfde ploeg, en geen pootje intrekken ! Nu staan we in de bekerfinale en hebben we zelfs nog uitzicht op de derde plaats. Als we een blok vormen, staat hier ook een heel sterke groep. Volgens mij de compleetste van de laatste vier jaar. Al was de ploeg met Tanghe en Vanderhaeghe ook wel heel efficiënt, nu zijn we evenwichtiger. De komst van Mbo ( Mpenza, nvdr) heeft ons goed gedaan. Op een moment dat we dreigden een heel grijs seizoen te moeten afwerken, gaf de voorzitter daarmee aan dat hij er nog wat van wilde maken. Met Mbo stond plots ook een heel innemende persoonlijkheid in de kleedkamer. Mijn ex-trainer en nu scout bij de bond, André Van Maldeghem, heeft me al toevertrouwd dat ik word gevolgd, ja. En velen zeggen dat ik een keer mijn kans moet krijgen. Geloof me, ik ben er ècht niet mee bezig. Omdat ik nog weet van bij SV Waregem dat te veel zorgen aan je hoofd schadelijk is voor de concentratie. Ik wil nog steeds in de eerste plaats goed presteren voor Moeskroen, mijn werkgever. Maar natuurlijk wil ik heel graag naar die nationale ploeg, als het moet trek ik te voet naar Brussel. Geert is onbetwistbaar de nummer één. Daarna wordt het moeilijk. ( Verveeld) Wat kan ik daar nu op zeggen ? Ik heb nog niet eens de kans gekregen om eens mee te trainen. Fred is al een paar jaar heel goed bezig, wie ben ik om mij boven hem te stellen ? Maar ik vind mij ook niet mìnder, dat niet. Veel heeft natuurlijk ook te maken met de prestaties van de ploeg. Toen Herpoel geblesseerd was voor Tjechië, werd gekozen voor Jan - Genk was de competitie goed begonnen, terwijl Moeskroen nul op vijftien neerzette. Nu zijn wij heel sterk bezig, dat speelt in mijn voordeel, maar Genk wordt misschien wel landskampioen. Waarom niet ? Er dient zich ook geen jong talent aan, behalve Gillet of Deelkens, héél misschien. Filip heeft Anderlecht dit jaar al een paar keer rechtgehouden. In België is hij wellicht nog steeds de beste, degene met de meeste maturiteit. ( Peinzend) Ronny Gaspercic komt wellicht niet meer in aanmerking, hij heeft het hele seizoen nog niet gespeeld. Zijn keuze voor Betis Sevilla is vanuit financieel oogpunt wel te begrijpen, maar ìk zou nooit ergens tweede keeper willen zijn, al kan ik er drie keer meer verdienen. Dan schudt Vandendriessche met zijn kopke, zo zit dat ik nu eenmaal in elkaar. Dan liever onder de kerktoren van Moeskroen blijven. ( Zorgelijk) Stel je voor dat ik er die match moèt naast pakken ! Ik zeg het liever zelf. Ik weet dat het niet echt sportief zou zijn, maar wie zou het ons kunnen kwalijk nemen ? Ik mag er niet aan denken. Misschien wel. Anders maken pers en publiek er toch van wat ze willen. Expres verloren !Als je de kans krijgt op Europees voetbal, en je moet je daarvoor de laatste match laten verliezen... Sorry.Ik kan mij al voorstellen hoe het er op training de week voordien aan toe zou gaan. Dan zegt Vandendriessche tegen De Vleesschauwer : sta jij maar in de goal, ik speel wel rechtsback. Losbandig, zeg maar. Dat nu ook weer niet. Ik heb het ooit meegemaakt in Kortrijk-Waregem. Bij een 1-1-stand begon Kortrijk de bal achterin voortdurend lateraal rond te spelen, en Tipuric stond te zwaaien dat wij ook achteruit moesten trekken. Tien minuten duurde dat spelletje, tot het eindsignaal. Achteraf bleek het te gaan om een reactie van Tipuric op uitlatingen van Regi Van Acker die had gezegd dat Waregem verdedigend voetbal bracht. Ik vond het maar niks. Het zou een perfecte uitleg kunnen zijn. Dan zou er wel, misschien terecht, gesproken kunnen worden van competitievervalsing.Zeg dat wel. Die bekerfinale leeft hier enorm, zelf kijk ik er ook geweldig naar uit. Het zou op mijn 31ste de beloning zijn voor tien jaar hard werken. Het klinkt misschien cru, de mensen gaan zeggen ge moet hem horen en misschien zet je zoiets niet in een boekske, maar als ik moet kiezen tussen de beker en een selectie voor het WK, dan kies ik voor die beker. Sorry... Deze club betekent ontzettend veel voor mij. Ik ben hier elke dag, het is hier heel goed. We worden ongelooflijk gesoigneerd, er staat zelfs een tandarts ter beschikking, we worden altijd correct betaald - dat is niet overal zo. Daarom voel ik echt nog clubliefde. Daar kan de nationale ploeg niet tegenop, al besef ik dat het nu of nooit is. Ik leg er toch mijn boontjes niet op te weken. Dat boerke van Waregem... Ach, Vanderhaeghe en Tanghe zullen daar ook rondlopen. Dat zijn voor mij ook maar gewone mensen. Je moet dat allemaal niet zo belangrijk maken. En uiteindelijk ben ik al tevreden met waar ik nu sta. Tien jaar geleden had ik nooit durven hopen dat ik het zo ver zou schoppen. Als ze beginnen over de nationale ploeg, zeg ik eigenlijk nog altijd : ge gaat toch niet beginnen zeveren, hé ?door Frank Buyse,"Ik mag er niet aan denken dat ik er tegen Club naast moét pakken.""Ik zou nooit ergens tweede keeper willen zijn, al kan ik er drie keer meer verdienen."