'Sinds het begin van het seizoen stel ik vast dat een aantal ploegen redelijk behoudend voetbalt,' stelde Hein Vanhaezebrouck onlangs in La Dernière Heure vast, met de bittere toon van iemand die de indruk heeft dat hij in de woestijn aan het prediken is. Het evangelie volgens Hein is geschreven in verzen over balbezit, dominant voetbal en het schaven aan aanvallende automatismen, maar lijkt anno 2015 meer de handleiding voor een kleine sekte dan een staatsreligie, in een land waar het accent is blijven liggen op reactievoetbal.
...

'Sinds het begin van het seizoen stel ik vast dat een aantal ploegen redelijk behoudend voetbalt,' stelde Hein Vanhaezebrouck onlangs in La Dernière Heure vast, met de bittere toon van iemand die de indruk heeft dat hij in de woestijn aan het prediken is. Het evangelie volgens Hein is geschreven in verzen over balbezit, dominant voetbal en het schaven aan aanvallende automatismen, maar lijkt anno 2015 meer de handleiding voor een kleine sekte dan een staatsreligie, in een land waar het accent is blijven liggen op reactievoetbal. Als het typische Belgische voetbal moet worden samengevat in de aanpak van één trainer, dan die van Oostende. Daar pronkt Yves Vanderhaeghe met voetbal gebaseerd op stevige duels en inzet bij balverlies, en een totale vrijheid om initiatieven te nemen bij balbezit. 'Ik vind tactiek vooral belangrijk op verdedigend vlak', bevestigde de Oostendse trainer onlangs. 'Aanvallend ingestelde spelers met kwaliteiten krijgen een aantal opties die ze zelf vrij mogen invullen naargelang van de situatie.' Terwijl Oostende aan de lopende band scoort dankzij de snelle omschakeling, werd op Sclessin de 4-3-3 van Slavo Muslin opgeofferd ten voordele van een nieuwe trainer die zweert bij een 4-4-2 en lange loopinspanningen. Alleen Adrien Trebel,gevormd in de fameuze voetbalschool van Nantes, die voor mooi voetbal met korte passes staat, zal beseft hebben dat de oplossing voor de Luikse problemen niet in een ander spelsysteem lag, maar in meer balbezit op de helft van de tegenstander. Alleen is in België voetballen op balbezit eerder uitzondering dan regel. Afgelopen seizoen kwamen in de gewone competitie alleen de Buffalo's uit op gemiddeld meer dan 55 procent balbezit (met name 58 procent). Vaak wordt de bal per toeval in eigen rangen gehouden door de ploeg die er het minst snel vanaf wil. Zelfs Anderlecht ontsnapt niet aan die regel. Waren de meest opmerkelijke prestaties van paars-wit onder Besnik Hasi in de Champions League niet gelinkt aan een snelle omschakeling? Youri Tielemans vertelde onlangs nog dat bij de jeugd van Anderlecht een middenvelder voor gevaar moet zorgen, of hij nu een 6, een 8 of een 10 is. 'Bij de profs heb ik mijn spel een beetje moeten afremmen.' Zou de intussen al zo geroemde Belgische opleiding teren op trainers die allergisch zijn voor durf en die huiveren bij het plan om de match onder controle te houden? Voor de play-offs van afgelopen seizoen meende Peter Maes dat Gent onvoldoende sterk zou zijn om mee te spelen in het titeldebat. 'Ik wil nog weleens zien of ze even dominant gaan voetballen in play-off 1. Ik denk dat ze zich dan een beetje meer gaan indekken.' Alsof domineren nooit kan leiden tot winnen. Huiveren en die aarzeling omzetten in tactiek gebeurt in dit land zelfs tot op de bank van de nationale ploeg. Al drie jaar praat men over een België dat veroveringsdrang toont, met spelers en een bondscoach die adepten zouden zijn van aanvallend voetbal. Alleen blijkt uit de verklaringen van spelers en van Marc Wilmots zelf soms het omgekeerde. Kan er met een defensie die samengesteld is uit vier centrale verdedigers sprake zijn van aanvallend voetbal? En wat moet er gezocht worden achter Wilmots' verklaringen na de verloren wedstrijd in Cardiff: 'Tegen Frankrijk en Wales speelden we te hoog'? Als Spanje het land is van het tiki-taka en Nederland uitgaat van de 4-3-3 met buitenspelers, is België het land van de actiespelers. Voetballers met talent en een ritmeverandering in de benen, in staat om de verdediging van de tegenstander te ontregelen, maar toch niet buitenmate aanvallend, kwestie van zelf de organisatie niet te veel prijs te geven. Die tendens om de aanvallende spelers zelf oplossingen te laten zoeken zit ook in de nationale ploeg, zo kan uit de woorden van Wilmots na het WK opgemaakt worden toen hij zich uitsprak in Het Laatste Nieuws: 'Tegenover de muur van de Algerijnen moesten mijn spelers met hun individuele talent oplossingen vinden.' Vanderhaeghe zou het waarschijnlijk niet beter gezegd gekregen hebben. Leg dat maar eens uit aan Vanhaezebrouck, die bij de Buffalo's hele trainingssessies besteedt aan het uitwerken van aanvallende automatismen. Niet alleen de Jupiler Pro League kent een gebrek aan durf. Resultaatgericht voetbal wordt ook over de grenzen nagestreefd. In Onze Mondial legt de Franse trainer Claude Puel uit hoe het fenomeen ook de Franse Ligue 1 besmet. 'Ik denk dat trainers bang zijn, omdat hen rekenschap gevraagd wordt. Wat zij zoeken, is efficiëntie. Het is gemakkelijker een ploeg neer te zetten met een goeie verdedigende organisatie, waarmee je de tegenaanval kunt spelen, dan om een team dominant te laten voetballen.' Kris Van Der Haegen,directeur van de nationale trainersschool van de KBVB, bevestigt dat: 'In de Jupiler Pro League is de eerste zorg van de meeste trainers niet het beter maken van spelers, maar het resultaat.' Toch vindt Van Der Haegen dat een slechte keuze: 'Als je analyseert wat aan de top gebeurt, zie je dat een goeie defensieve organisatie je soms wedstrijden laat winnen, maar kampioen word je met balbezit.' Is dominant voetballen dan op lange termijn synoniem aan winnen? Dat is in elk geval de filosofie die aan de nieuwe Belgische trainers wordt aangeleerd, wanneer ze plaatsnemen op de banken van de trainersschool. 'Onze filosofie is honderd procent balbezit. We weten dat dat niet kan, maar het is wel het uitgangspunt.' Een ambitieus plan, soms moeilijk te verkopen aan voormalige profvoetballers die ineens trainer willen worden maar die gevormd zijn door wat ze in de Belgische competitie als speler als bagage meegekregen hebben, veelal van trainers die nooit buiten de eigen grenzen opereerden. 'Lange tijd had België een vijftiental trainers die af en toe van club wisselden. Het waren steeds dezelfde namen, die zich wentelden in een Belgo-Belgische voetbalaanpak', zegt Jean-Michel De Waele,sportpsycholoog aan de Brusselse ULB. 'Het klopt dat je de mentaliteit van onze trainers moet veranderen', bevestigt Kris Van Der Haegen. 'Ze moeten openstaan voor verandering, niet alleen de match van het volgende weekend voorbereiden, maar ook een spelvisie op langere termijn uitwerken. Neem nu bijvoorbeeld Stijn Vreven, die meteen bij zijn aankomst bij Waasland-Beveren een project uitstippelde en daar trouw aan blijft. Daar zal hij wel eens een match mee verliezen, zoals tegen Oostende, maar hij zal wel consequent zijn lijn aanhouden.' In afwachting dat de nieuwe trainers een nieuwe koers uitzetten, is de aanpak van Felice Mazzu en Yannick Ferrera de succesformule in het Belgische voetbal. Jean-Michel De Waele meent dat de internationalisering van het voetbal en de nieuwe beeldcultuur de invloed van de Belgische aanpak zullen verminderen. 'Iedereen kijkt naar Champions League op tv, dat is het voorbeeld van de aspirant-trainers.' Vandaag steekt Yannick Ferrera zijn bewondering voor Atlético's Diego Simeone niet onder stoelen of banken. De aanpak van Cholo is een garantie op succes gebleken, maar getuigt niet echt van veel aanvallende durf. Analist Alex Teklak beschrijft de nieuwe trainer van Standard als 'een rationele coach, die analyseert en pragmatisch is in zijn benadering', en die STVV opbouwde op basis van snelle uitvoering na balverlies bij de tegenstander, in combinatie met een stevige pressing. Mazzu plaatste zich dan weer voor play-off 1 met een Charleroi dat amper 45 procent balbezit had, waarmee de Zebra's in die rangschikking voorlaatste stonden, net voor Cercle, dat van alle zestien eersteklassers het minst vaak de bal had. Betekent dat dat de Belgische toptrainers zelfs met hun tv afgesteld op de sterren van de Champions League toch volharden in een typisch Belgische aanpak? Er bestaat een theorie die nationale voetbalstijlen laat samenvallen met historische of geografische factoren. Zo zou het Engelse kick-and-rush ontstaan zijn uit de mythische Engelse plensbuien, om te vermijden dat de bal blijft steken in de modder als je hem te vaak over de grond speelt. En het Italiaanse catenaccio zou dan weer een erfenis zijn van de tactiek van de Romeinse legioenen, altijd klaar om op de eigen gelederen terug te vallen alvorens de tegenstander bij verrassing aan te vallen en zo de overwinning te behalen. 'Het klopt dat vroeger elk land een eigen soort trainers voortbracht', zegt Jean-Michel De Waele. 'Als je dat toepast op ons land, kun je alleen maar vaststellen dat de Belg nooit een echte revolutionair is geweest. De vergelijking met onze Nederlandse buren, die zelfverzekerd en avontuurlijk ingesteld zijn, is frappant. In België is de voetbalattitude altijd verdedigend geweest, profiterend van de fouten van de tegenstander.' Het ontluiken van de huidige fameuze getalenteerde lichting internationals heeft daar niet veel aan veranderd. In de herinnering aan de hoogdagen van het Belgische voetbal, gebaseerd op inzet en stevige tackles, lijkt het gebrek aan efficiëntie bij de Rode Duivels de laatste maanden eerder toe te schrijven aan een gebrek aan doorzettingsvermogen dan aan voetbalideeën. 'Je kunt inderdaad vaststellen dat de Rode Duivels het moeilijk hebben het spel in handen te nemen', vervolgt Jean- Michel De Waele. 'Punt is dat in België paniek uitbreekt zodra men ons zegt dat we de besten zijn. Dat blijft ons achtervolgen.' Ook het immense talent van Eden Hazard volstaat dus niet om de Belgische voetbalmentaliteit te veranderen. Wanneer Bart Goor en Thomas Buffel als blikopeners op de flanken vervangen worden door Hazard en Kevin De Bruyne helpt dat om sneller een plaats op een EK of WK af te dwingen, maar de Belgische aard blijft een rem op die weelde, zegt Kris Van Der Haegen: 'Het is niet vanzelfsprekend om alleen maar op talent te rekenen, want op een dag staat dat talentvolle individu voor een situatie waarvoor hij in zijn eentje geen oplossing vindt.' Zo'n dag maakten de Rode Duivels mee toen ze in de kwartfinales van het WK tegenover een stug Argentinië stonden. Belgische topclubs maken het bijna wekelijks mee in de eigen Jupiler Pro League. 'Kijk naar Anderlecht tegen Oostende', gaat Van der Haegen voort. 'Ze zijn vol durf en met veel lef, maar zonder aanvallende automatismen begonnen, en de som van het verzamelde paars-witte talent volstond niet om een opening te vinden.' Zijn de Belgische voetballers, trainers én internationals slachtoffer van hun eigen psyche? Dan doet Hein Vanhaezebrouck met zijn balbezit gekoppeld aan resultaten er alles aan om het tegendeel te bewijzen. Zijn AA Gent vertegenwoordigt het beste van België op voetbalvlak, zonder daarom representatief te zijn voor wat in het Belgisch voetbal gebeurt, waar de Buffalo's een uitzondering blijven in een voetbal dat blijft teren op organisatie en voorzichtigheid. Eén Picassote midden van een verzameling schilderijen zonder ziel volstaat niet om een kunstgalerij te openen. Tenzij de andere schilders een geïnteresseerd oog op dat ene werk werpen alvorens aan hun volgende werkstuk te beginnen. 'Soms denk ik nog eens terug aan de eerste match van Gent onder Vanhaezebrouck', zegt Yves Vanderhaeghe, die Vanhaezebrouck bij Kortrijk opvolgde. 'Dat was tegen Cercle. Dat was niet slecht, maar gewoon ondermaats. Maar men heeft hem laten doen en stap voor stap begrepen de spelers zijn filosofie, die ze vervolgens hebben toegepast. Het resultaat is dat Gent kampioen is geworden.' Zou domineren dan toch onvermijdelijk uitmonden in winnen? DOOR GUILLAUME GAUTIER - FOTO'S BELGAIMAGEEén Picasso te midden van een verzameling schilderijen zonder ziel volstaat niet om een kunstgalerij te openen. AA Gent blijft een uitzondering in een Belgisch voetbal dat blijft teren op organisatie en voorzichtigheid.