H oe vaak moet je wekker 's morgens aflopen voor je opstaat ?

Eén keer maar. Meestal word ik zelfs iets vroeger wakker. En dan meteen uit bed, ja. Iets over acht is dat, want we moeten om kwart over negen op de club zijn. Ik wil tijd hebben voor een rustig ontbijt, dat vind ik belangrijk. En dan was ik mij en kleed ik me op het gemak aan."
...

Eén keer maar. Meestal word ik zelfs iets vroeger wakker. En dan meteen uit bed, ja. Iets over acht is dat, want we moeten om kwart over negen op de club zijn. Ik wil tijd hebben voor een rustig ontbijt, dat vind ik belangrijk. En dan was ik mij en kleed ik me op het gemak aan." "De boomstammen in Bobbejaanland ! Met dat water, dat vind ik wel leuk. Als kind zat ik daar al graag in en nu nog. Een paar maanden geleden deed ik het nog eens, met Lian, mijn petekind van zes. "En de achtbaan spreekt mij ook altijd wel aan. Er mag wat snelheid aan te pas komen, eens over de kop gaan ... Een goeie kick, daar ben ik altijd wel voor te vinden." "Het kon me wel bekoren, ja. (lacht) Als je me een lijstje zou laten maken van mooie vrouwen, zou ze er zeker tussen staan. Een knappe en interessante juffrouw die wel iets te vertellen heeft. "En nee, ik heb de P-magazine niet speciaal daarvoor gekocht ... Ik heb een abonnement." "Goh ... (denkt na) Ik at heel graag die frisco's van Mr. Freeze. Zo van die langwerpige, in een plastic zakje. Je had ze in alle kleuren ; oranje, geel, rood, groen, blauw ... Zááálig. "En als ik naar school ging, gaf mijn moeder altijd een doosje fruitsap mee, met daarbij een chocolademuisje van Côte d'Or, voor tijdens de speeltijd. En soms ook wat geld, want twee huizen verder dan de school was een klein snoepwinkeltje. Daar kon je je dan volledig laten gaan, voor vijf of tien frank. (lacht) Daar moet je nu niet meer mee afkomen." "Ik ben er ooit wel al eens binnengeweest, maar heb niks gekocht. Mijn vriendin wel." (richt zich tot zijn vriendin naast zich) "Wat was dat weer ?" (lacht) "Ja, een rups was het." "Laat je verbeelding maar werken." "Nee, niet echt. Ik moest alles zelf ontdekken, en op school. Misschien was dat nog wel een beetje taboe thuis, daar werd niet openlijk over gesproken. Maar jammer vond ik dat niet echt, ik heb daar nooit echt over nagedacht. Nu heb ik trouwens een vriendin die onderwijzeres is in het zesde leerjaar, zij geeft dat. Dus : als ik iets niet weet, dan vraag ik het wel aan haar." (lacht)"Doof. Niks meer kunnen zien moet nog erger zijn, denk ik. Een dove kan alles nog visualiseren en in zich opnemen. Er zijn meer oplossingen ; gebarentaal, liplezen ... Blind zijn zou ik heel erg vinden." "Ik was een heel brave student, spiekte niet veel. Maar een keer moesten we bij godsdienst een speciaal boekje kopen en gebruiken voor een of andere test, en toen heb ik daar wel stiekem de Bergrede in geschreven. Dat was niks voor mij. We moesten die uit het hoofd leren, maar ik zag echt niet in wat ik daar later nog mee zou zijn en wou daar de moeite niet voor doen." (onmiddellijk) "Bovenal bemin één God. Zweer niet ijdel, vloek noch spot. Heilig steeds de dag des Heren. Vader moeder zult gij eren. Wees niet ... Wacht hé ... (stilte) Doe nooit wat onkuisheid is. Vlucht het stelen en bedriegen. (stilte) Ja, daar moet ik stoppen." "Ja, ik zat altijd op een katholieke school. Ik ga ook vóór elk nieuw seizoen met mijn vriendin eens naar Scherpenheuvel, rustig wat in de kathedraal zitten en een paar kaarsen branden, voor een goed seizoen, voor vrienden en familie." "Bitter weinig eigenlijk. Enkel een zakdoek, denk ik ... En die rups natuurlijk ! (lacht) Niet waar, hoor ... Die ligt aan de kant van mijn vriendin." S KRISTOF DE RYCK