Tiens, Gert Verheyen loopt er ook nog rond. "Ha, gij denkt dat een geblesseerde speler gewoon thuis kan zitten. Wel, ik zeg je : dit kost veel meer tijd en energie dan als je gewoon maar twee uurtjes dat veld op moet en naar huis kunt."
...

Tiens, Gert Verheyen loopt er ook nog rond. "Ha, gij denkt dat een geblesseerde speler gewoon thuis kan zitten. Wel, ik zeg je : dit kost veel meer tijd en energie dan als je gewoon maar twee uurtjes dat veld op moet en naar huis kunt." Olivier De Cock lacht fijntjes als hij achter de toog van het spelershome koffie gaat zetten. Het is maandagmiddag, even voorbij 13 uur. Twee dagen nadat de herfstkampioen voor de zevende keer op acht wedstrijden gelijkspeelde. "Dat is passé", wuift Cockie alle beschouwingen daaromtrent weg. Een vloek wegens zijn slechte resultaten in de pronostiek die voor elke speeldag in de groep wordt ingevuld, kan er wel nog af. Het gaat hem vooral om Antwerp-Gent en Harelbeke-Lierse. "Nooit zet ik nog een X", besluit hij. Nooit meer ? Een beetje extreem, die jonge mannen van de Club. Willen het altijd maar forceren. Alsof er voortaan geen matchen meer op een gelijkspel zullen eindigen. Het is, merkt Dany Verlinden (37) vanachter de poolbiljart op, niet verstandig. "Zal ik je eens een tip geven ?", vraagt de wereldkampioen biljarten. "Weet je wanneer je een X moet zetten ? Voor Brugge tegen Aalst." Waarna hij zich lachend weer aan de keu begeeft. In de kleedkamer heeft kinesist Dimitri Dobbenie de nieuwe interne toto-rangschikking uitgehangen. Tjörven De Brul leidt voor Sven Vermant. En waar staat kapitein Gert Verheyen ? Oeioeioei. 't Zijn, zo blijkt, niet alleen jonge mannen die forceren. "Ik stond in de topdrie, maar dan krijg je eens een tegenslag, begin je te gokken om je verlies goed te maken en gaat het van kwaad naar erger", legt hij uit. "Tot je hulp van buitenaf nodig hebt, precies zoals bij een gokverslaving." " Quoi ?!" Gaëtan Englebert heeft zojuist Het Laatste Nieuws van Stijn Stijnen overgenomen. "Vermant én De Brul geschorst tegen Aalst ?!" In Het Nieuwsblad kondigt Jacques De Nolf de komst van een nieuwe spits aan. Vijgen na Pasen, begrijpen we. Kijk, daar ìs er een spits. Sandy Martens kan weer voluit trainen. Als zondag de eigen supporters hem maar weer niet kwetsen. En daar is Andres Mendoza. Pet achterstevoren, maar zonder glimlach. André scoort niet meer en maakte het de voorbije weken ook net iets te bont op training. Hola, Michel Verschueren op het VTM-middagnieuws - wat is er nu weer gebeurd ? En Jan Koller, die op de vraag of het klopt dat Hedvika hem liet zitten, verlegen als altijd voor de camera antwoordt dat hij nergens van weet. Als Trond Sollied even later de kleedkamerdeur achter zich dichtrekt om zijn op hem wachtende spelers de training toe te lichten, klinkt al meteen een algemene lachbui. Jezelf zijn, anderen respecteren en je job goed doen, moeilijker moet een mens het leven niet maken om gelukkig te zijn, blijft de Noor zijn credo in goede en kwade tijden trouw. Terwijl de groep via de voordeur de tocht naar het oefenveld inzet, komt langs de achteren Dimitry het spelershome binnengestapt. Dimitry is een Georgiër met Israëlische roots die in België wedstrijden tegen Russische clubs organiseert en er ook wel eens een speler afzet - zoals Shekiladze en Veretennikov in Lierse. Dimitri houdt een enveloppe in de hand en vraagt ons waar hij Chris Van Puyvelde kan vinden. Een enveloppe ?! Voor Van Puyvelde, assistent-trainer ?! "Ik moet hem," zegt Dimitry, "juist deze invitatie afgeven." Heu. Sollied wenkt Van Puyvelde even later op het oefenveld dat Dimitry met een enveloppe naar hem op zoek is. "Maar het is geen dikke", houdt hij glunderend duim en wijsvinger tegen elkaar. "Een invitatie ? Ik ken dat, dat hadden ze mij ook gezegd", lacht René Verheyen. "Het is raar om zo te trainen", vindt Sollied. Het regent namelijk niet, het veld kan drogen. "Dàt hebben we meer nodig", heft hij het vingertje als de zon zich meldt. "De zon maakt mensen gelukkiger." De winter duurt inderdaad al lang genoeg, tijd dat licht en warmte de in zichzelf gekeerde mens weer laat openbloeien en duistere gedachten, twijfel, angst en verlies van moed uitdrijft. Moest het nog tot een traditionele Indiaanse Zonnedans komen, Aminu Sani is er alleszins klaar voor. Tot groot jolijt van zijn ploegmaats verscheen de jonge Nigeriaan vandaag in bermuda op de club. "Op Mechelen lieten we weer eens na to kill the match", oordeelt Sollied. "Bovendien, onze tegengoal was meters buitenspel. Iemand zei mij daarnet ook dat we bij 0-1 een penalty onthouden werden. Ik zag de beelden nog niet, klopt dat ?" Een groepje gepensionneerden vraagt zich langs de zijlijn af of de Club het nu nog zo goed zou doen tegen Barcelona. "Wie weet", denkt er een. "Want tegen sterkere tegenstanders kan je altijd iets meer. Probleem in de competitie is nu dat we altijd domineren en alle tegenstanders ons het spelen beletten - en dat verdedigen veel makkelijker is dan aanvallen." Er is iets van. La Louvière, Harelbeke en Mechelen posteerden op hun middenveld zelfs voorstoppers om de Brugse driehoek uit te schakelen. Oorlog wordt er gevoerd tegen Brugge, terwijl geen ploeg in deze competitie minder overtredingen begaat dan die van Sollied. In Mechelen bedroeg de verhouding liefst 37-8. "Als je de bal hebt, moet je geen overtredingen maken," geeft hij aan, "en bovendien recupereren wij de bal vòòr het duel." Aan bespiegelingen over al dan niet resterende titelkansjes, daar heeft, meent Sollied, geen mens wat aan. "We moeten de 27 resterende punten pakken", besluit hij. " Why not ? Als je voor nieuwjaar 17 matchen kunt winnen, waarom dan nu geen 9 ?" De tweede dag na de wedstrijd staat er een lichte training gepland. Terwijl Sollied zorgzaam als altijd met rode hoedjes een speelveld afbakent, geeft René Verheyen een warming-up - met baloefeningen en spurtjes. De kern van éénentwintig wordt daarna in drie verdeeld. Twee groepen van zeven - een keeper, drie verdedigers, drie aanvallers - spelen een partijtje op ongeveer een half veld. Sollied en Verheyen fungeren als lijnrechter. Het derde, overblijvende team werkt met Van Puyvelde op de andere helft van het veld op doel af. Er wordt om de twintig minuten geroteerd."En nu voor de pure technici", roept Van Puyvelde bij een schietoefening waarbij de bal gelift moet worden en door een kaatser met de borst worden afgelegd voor een volley. Effenaf geweldige doelpunten voltrekken zich voor ons oog. Of dat ook met een Schotse rok zal lukken, vraagt Van Puyvelde als Vermant er alweer eentje in de kruising knalt. Al betere humor van de man gehoord, maar hij heeft dan ook een zware scouting van Aalst (tegen Moeskroen) achter de rug. "Een zéér zware, oeioeioei." Kijk, daar gaat er eentje dwars door het net heen. Van De Cock alweer, de enige basispeler die dit seizoen nog niet scoorde nota bene. "Niet te geloven, hé", lacht hij. "Dat kan toch niet blijven duren." Er resten hem nog negen keer negentig minuten tijd, al zijn er voor een rechtsback misschien wel belangrijker dingen dan dat eerste doelpunt najagen. Na de cooling down trekt de kudde richting vestiaire. Van een Joegoslaaf krijgt Sollied onderweg twee videotapes in de handen gestopt - spitsen ! De deur van zijn bureau gaat dicht, de staf kijkt video. "Goeie cassettes ? Ja, echt waar," aldus Van Puyvelde als hij een halfuur later buitenkomt, "zeer professioneel gemaakt en zo." Aan de overkant van de gang klinkt ondertussen al een tijdje zware dance. De jonge mannen hebben de beats graag hard - en blijkbaar is kinesist Geert Rijckebusch noch Dany Verlinden in de buurt om de volumeknop tot een normale stand terug te draaien. De muziek komt uit de fitnesszaal. Jaren werd erover gepraat, maar nu is ze er. " Antoine Vanhove heeft er zich achtergezet, zo zie je maar dat hier wél veel mogelijk is", aldus Van Puyvelde, die inmiddels Dimitry tegen het lijf is gelopen en in het bezit is geraakt van de enveloppe. "Gewoon een uitnodiging voor de vriendschappelijke wedstrijd van volgende woensdag in Ingelmunster tegen Moskou." Het is schafttijd in De Klokke. Van Puyvelde heeft voldoende aan een tas champignonsoep - die zeer zware scouting van de dag voordien, weet je wel. Genietend achter een bord groene tagliatelli met spinazie en kipfilet wil Sollied weten wat er met de lichtjes hinkende Lesnjak scheelt. "Heb jij mij niet eens gezegd dat je nooit geblesseerd bent ?" - "Ja, tenzij ze mij met een bijl te lijf gaan natuurlijk", lacht Milan. Het gezicht van Philippe Clement daarentegen staat op zwaar bewolkt. Al maanden op zijn eentje nog extra aan het bijtrainen, zit hij ondertussen al twee kilogram onder zijn competitiegewicht, maar nog altijd komt hij amper aan spelen toe. Is er voor hem nog wel een toekomst in Brugge ? "Binnen enkele weken zal ik mijn situatie evalueren", spreekt hij. "Maanden kan ik natuurlijk niet meer wachten, want zo dreig ik hier begraven te worden. Ik ben hier graag, engageer mij ook voor de supporters en ontvang vanavond zelfs een supportersclub uit Oekene bij mij thuis, maar je begrijpt dat ik wil spelen. Toen ik hier vorig jaar gehaald werd, had de club het ook over sfeer brengen in de groep en jongens op sleeptouw nemen, maar aan die dingen kom ik nu uiteraard niet toe. Ik voel mij fit en heb het gevoel dat ik twee, drie matchen na elkaar nodig heb op een positie die mij ligt om er weer helemaal te staan." Na het eten is er, zoals iedere maandag om kwart voor vijf, wedstrijdnabespreking in het spelershome. De trainer staat voor zijn bord. Een handvol spelers wordt gevraagd waarom ze op enkele cruciale fazen deden wat ze deden, en dan wat ze hadden moeten doen. Sollied benadrukt tussen de kruisjes en de pijltjes door dat als je in Bolivë bent je niet tegelijk in Peru kunt zijn, en dat er in de dug-out hartinfarcten geriskeerd worden als er op het middenveld geregeld eentje vergeet dat de bal eerst gerecupeerd moet worden alvorens er aan aanvallen gedacht kan worden. Oei, de gsm van Bratislav Ristic gaat over. " Batta, wil je je liefje alstublieft vragen om niet meer te bellen tijdens de meeting. Forbidden !" Verheyen vraagt het woord, Gért Verheyen. Het valt hem op dat de ploeg veel hoger speelt dan voor nieuwjaar. "Iedere keer moeten we tegen een muur voetballen, is er geen ruimte en weten we niet waar te lopen", stelde hij vanuit de tribune vast. "Het lijkt dan alsof de spitsen in hun positie opgesloten zitten." Dat komt, verklaart Sollied, "omdat we collectief onvoldoende geduldig zijn. We gebruiken elkaar niet goed. Als we allemaal vooruitlopen en voorin op een lijn gaan staan, dan dwìngen we de man aan de bal tot een verre trap, of tot lopen met de bal, wat alleen maar meer energie vergt. Als er één diep gaat, is dat voldoende." Enzoverder enzovoort, tot afsluitend het weekprogramma wordt meegedeeld. "En zondag kloppen we Aalst. Hoe ? Door ons eigen spel te spelen." Helaas zal het 's anderendaags voor de verandering eens oude wijven regenen. Het oefenschema moet aangepast worden omdat de staat van de velden niet toelaat dat er buiten getraind wordt. Maar alla. Als zòndag de zon maar een beetje schijnt, Sani zijn bermuda kan aantrekken en De Cock voor Brugge-Aalst met een goed gevoel een 1 kan zetten.door Christian Vandenabeele