Geen wedstrijd waarin meer blijkt dat Brugge een verdeelde stad is dan de confrontatie tussen Cercle en Club. De Brugse binnenstad telt haast evenveel supporters van groen-zwart als van blauw-zwart, de sjaals markeren dezer dagen het stadsbeeld, de discussies laaien hoog op, zelfs cafés, restaurants en winkels willen in de aanloop naar de derby wel eens kleur bekennen. Slechts zelden nam die rivaliteit een grimmige toon aan. Hooguit komt het tot wat verbaal geplaag en geprik, ook al zorgde het beladen stadiondossier op een gegeven moment toch weer voor de nodige polemieken.
...

Geen wedstrijd waarin meer blijkt dat Brugge een verdeelde stad is dan de confrontatie tussen Cercle en Club. De Brugse binnenstad telt haast evenveel supporters van groen-zwart als van blauw-zwart, de sjaals markeren dezer dagen het stadsbeeld, de discussies laaien hoog op, zelfs cafés, restaurants en winkels willen in de aanloop naar de derby wel eens kleur bekennen. Slechts zelden nam die rivaliteit een grimmige toon aan. Hooguit komt het tot wat verbaal geplaag en geprik, ook al zorgde het beladen stadiondossier op een gegeven moment toch weer voor de nodige polemieken. Niettemin proberen Cercle en Club in wederzijds respect naast mekaar te leven. Dat was enigszins anders toen ze nog op een verschillende locatie voetbalden, langs de Torhoutse Steenweg in Sint-Andries, op 800 meter van elkaar. Toen was er eerder sprake van een soort gewapende vrede en hadden onderlinge confrontaties een meer dreigend karakter. De spelers van Club verplaatsten zich toen op een wel heel bijzondere manier naar Cercle. Ze verzamelden op de Klokke, de memorabele voetbaltempel van blauw-zwart, om dan met de voetbalschoenen aan naar het Edgard Desmedtstadion te trekken. Dat vond scheidsrechter Vital Loraux zo raar dat hij ooit zijn pasmetertje bovenhaalde en de studs begon te meten. Ei zo na keurde hij die nog af ook. Rond de Brugse derby hangen oneindig veel folkloristische verhalen. En anekdotes. Zoals die van Pascal Plovie, klusjesman bij Club, die zegt dat hij voor de derby verschillende keren zijn eigen gras maait om zo weinig mogelijk groen te zien. In deze tijd van het jaar hoeft de voormalige verdediger van Club niet in actie te schieten. Meer nog dan voor Cercle is de derby van volgende zondag voor Club van kapitaal belang. In dit woelige seizoen zou een nederlaag pas goed (écht) gezichtsverlies betekenen. Club zoekt ook in deze competitie vruchteloos naar een nieuwe identiteit en liet zich de voorbije weken meer leiden door emotionele dan door rationele overwegingen. Dat twee van de drie wintertransfers - Mohamed Dahmane en Marc-André Kruska - afgelopen zaterdag tegen Roeselare op de bank zaten, is een teken aan de wand. In een poging om de juiste formatie te vinden stelde Jacky Mathijssen in de competitie 26 spelers op en veranderde hij om de haverklap van veldbezetting. Geen enkele vooruitgang werd daarmee geboekt. Ook tegen Roeselare bleek dat er nog altijd veel te weinig beweging in het elftal zit en dat sommige spelers in dezelfde fouten blijven vervallen. Nabil Dirar bijvoorbeeld, tegen Roeselare goed voor twee assists, een man van wie het schaarse gevaar komt, maar desondanks blijft deze nog altijd te statische straatvoetballer zich verstikken en verstrikken in zijn eigen dribbels. Net zoals bij Ronald Vargas heet het dat hij zich nog moet aanpassen. De vraag is hoelang dat nog duurt. En hoe kan het dat een bij het publiek populair talent als Elrio Van Heerden niet verder groeit en niet meer speelt, ook al geeft hij in zijn acties blijk van doelgerichtheid? Problemen zijn er ook bij Cercle, dat afgelopen zondag op Standard werd weggeveegd. Cercle heeft het moeilijk om het verfrissende voetbal te brengen waarmee vorig seizoen werd uitgepakt. Naakte cijfers tonen het niveauverschil: Cercle telt tien punten minder dan vorig seizoen op hetzelfde moment, het scoorde zeventien keer minder en incasseerde dertien goals meer. Dat is een tegenvaller in een seizoen waarin de vereniging 110 jaar wordt (op 9 april) en verwoede pogingen doet om te swingen. Veel meer dan op de derby richt Cercle zich op de beker. Vierentwintig jaar is het geleden dat groen-zwart die beker pakte en Europa indook. Toen ook al aan de hand van een jonge, beginnende trainer, Georges Leekens. De geschiedenis herhaalt zich in het voetbal. Zeker bij Cercle, dat brak met zijn oubollig imago, maar niet met zijn filosofie: trainers krijgen er altijd de kans om hun werk te doen. Zonder inmenging van wie of wat dan ook. S door JACQUES SYS