Vier trainers, zeventien nieuwe spelers en twee sportmanagers in goed twee jaar : Club Brugge, ooit een haard van stabiliteit en continuïteit, zoekt na het vertrek van Trond Sollied tevergeefs naar een nieuwe identiteit. Na de moeizame start in de competitie maar vooral na de pijnlijke eliminatie tegen Brann Bergen moet blauw-zwart constateren dat het de voorbije 27 maanden geen stap verder is geraakt. Bij STVV en Sporting Charleroi was Jacky Mathijssen een trainer die doorgaans met een vaste formatie speelde, bij Club zoekt de Limburger al drie maanden naar de juiste puzzelstukken. In negen competitiewedstrijden stelde Mathijssen 21 spelers op en het gebeurde slechts één keer dat hij twee wedstrijden na mekaar met dezelfde ploeg begon. Na de match tegen Brann Bergen wist een rad...

Vier trainers, zeventien nieuwe spelers en twee sportmanagers in goed twee jaar : Club Brugge, ooit een haard van stabiliteit en continuïteit, zoekt na het vertrek van Trond Sollied tevergeefs naar een nieuwe identiteit. Na de moeizame start in de competitie maar vooral na de pijnlijke eliminatie tegen Brann Bergen moet blauw-zwart constateren dat het de voorbije 27 maanden geen stap verder is geraakt. Bij STVV en Sporting Charleroi was Jacky Mathijssen een trainer die doorgaans met een vaste formatie speelde, bij Club zoekt de Limburger al drie maanden naar de juiste puzzelstukken. In negen competitiewedstrijden stelde Mathijssen 21 spelers op en het gebeurde slechts één keer dat hij twee wedstrijden na mekaar met dezelfde ploeg begon. Na de match tegen Brann Bergen wist een radeloze en reddeloze Mathijssen het even ook niet meer. Machteloos had hij vanaf de bank moeten constateren hoe zijn ploeg negentig minuten lang krampachtig voetbalde en angstwekkend veel ruimte weggaf tegen de technisch vaardige Noren. Een vreemde constatering want Mathijssen had zijn middenveld bevolkt met lopers als Clement, Geraerts, Englebert en Blondel. En de meest (beschikbare) creatieve voetballer, Ivan Leko, aanvankelijk op de bank gehouden. Zonder deze Kroaat over te waarderen getuigt dat niet echt van veel moed. Belgische trainers zijn zelden avonturiers. Op Standard speelde Mathijssen eerder met één enkele spits. Op FC Brussels joeg hij zondag in een plotse opwelling drie aanvallers het veld in. Club Brugge poetste in Molenbeek het blazoen op met een imponerende prestatie maar de 1-3-zege mag niet verblinden. Daarvoor is de Europese uitschakeling te pijnlijk. In het topvoetbal maak je het verschil met snelheid en techniek. Dat heeft Club te weinig. Blauw-zwart beschikt op dit moment op het middenveld over te veel lopers en te weinig voetballers. De transferperiode gaf nochtans de indruk dat de bekerwinnaar zich uitstekend had gewapend. Stepán Kucera werd na de voorbereidingsperiode de hemel in geprezen maar blijkt op dit moment een modale verdediger die gemakkelijk weggespeeld wordt. Antolin Alcaraz en Dusan Djokic verzinken in de middelmaat zoals er van de 54 (!) buitenlandse voetballers die tijdens het tussenseizoen van over de grens in België aanspoelden niemand is die een meerwaarde geeft. François Sterchele was de nieuwe topspits, een diamant met veel progressiemogelijkheden, zoals iedereen die met hem werkte in koor beaamde. Tegen Brann Bergen werd Sterchele op de bank gehouden voor Salou Ibrahim die bij Club al meer dan een jaar tegen zijn natuur loopt te voetballen en tegen de Noren opviel door telkens een stap te laat te komen. Karel Geraerts, afgelopen zondag op FC Brussels als controlerende middenvelder sterk, kreeg een zwaar contract maar moest binnen het huidige systeem lang achter de twee spitsen als een soort spelmaker fungeren. Daar heeft hij te weinig opbouwende kwaliteiten voor. Dat hadden ze bij Club, gezien het verleden, moeten weten. Het is alsof sommige spelers die naar Club worden getransfereerd een deel van hun mogelijkheden verliezen. Ook Koen Daerden, Timothy Dreesen en Salou Ibrahim zetten zich vorig seizoen niet door. Soms vraag je je af vanuit welke visie spelers worden aangetrokken. Jeroen Simaeys werd gepresenteerd als de nieuwe verdedigende middenvelder. Nu staat hij centraal achteraan. Club Brugge probeert in deze stormachtige periode rustig te blijven. Het heeft ook geen andere keuze dan Jacky Mathijssen te steunen. Na drie trainerswissels in anderhalf jaar zou het anders zijn geloofwaardigheid verliezen. Intussen is stadsgenoot Cercle uitgegroeid tot een van de best voetballende ploegen van het land. Met op training aangekweekte spelpatronen en fraaie combinaties werd STVV zaterdag van de mat geveegd. De oefensessies van Glen De Boeck duren vaak meer dan twee uren. Het is op het veld te zien. Geen ploeg in de competitie die zo de signatuur van zijn trainer draagt als Cercle Brugge. En weinig teams die zo voor de aanval kiezen als groen-zwart. Dat dit gebeurt met een ex-verdediger als trainer is een vreemde paradox. S door Jacques Sys