Drie finales, één prijs. Dat is het Nederlandse palmares op de grote eindtoernooien. De prijs is een Europese titel (1988), behaald op Duitse bodem. Een gunstig voorteken ?
...

Drie finales, één prijs. Dat is het Nederlandse palmares op de grote eindtoernooien. De prijs is een Europese titel (1988), behaald op Duitse bodem. Een gunstig voorteken ? Zijn beste resultaten op een WK behaalt Oranje in de jaren 1970. Zowel in 1974 als in 1978 bereikt het de finale, die het telkens verliest tegen het gastland : West-Duitsland (2-1) en Argentinië (3-1). Na die successen weet Nederland zich niet eens te plaatsen voor de WK's in 1982 (Spanje) en 1986 (Mexico). In 1990 (Italië), twee jaar na de Europese titel, is het er wel weer bij. Met drie gelijke spelen sleept de door interne twisten verscheurde Europese kampioen zich moeizaam door de eerste ronde, maar stuit dan op West-Duitsland en wordt uitgeschakeld (2-1). Een voorzichtige terugkeer naar boven is ingezet, maar een finaleplaats zit er niet meer in. Zowel in 1994 (Verenigde Staten, onder Dick Advocaat) als in 1998 (Frankrijk, onder Guus Hiddink) gaat Nederland eruit tegen de latere finalist Brazilië. De eerste keer in de kwartfinale (3-2), de tweede keer pas in de halve finale na een reeks strafschoppen. In het - inmiddels door de FIFA afgevoerde - duel om de derde plaats is Kroatië te sterk (2-1). Dan gooit de KNVB het roer om. Zonder noemenswaardige ervaring staat ineens Frank Rijkaard voor de nationale selectie. De jonge coach creëert een prima sfeer, daarbij geholpen door het feit dat de meeste internationals vrienden zijn en hem nog als ploegmaat hebben gekend. Maar Euro 2000 wordt een onbevredigend toernooi. Oranje strandt in de halve finale tegen Italië na een verschrikkelijke reeks strafschoppen. Rijkaard besluit meteen op te stappen als bondscoach. De opvolger heet Louis van Gaal. Die heeft als naar gewoonte geen last van bescheidenheid en legt de lat meteen zo hoog mogelijk. Wereldkampioen worden : voor minder doet hij het niet. Het loopt even anders. Oranje legt een dramatisch parcours af en grijpt naast plaatsing voor het WK in Japan en Zuid-Korea. De teleurstelling is enorm, maar Van Gaal legt de schuld bij de spelers, die hij een gebrek aan professionaliteit verwijt, en de media. Voor het eerst sinds 1986 mist Nederland de eindronde van een groot toernooi. Exit Van Gaal. De tweede ambtstermijn van Dick Advocaat, in een ongewone combinatie met de veel meer aanzien genietende Willem van Hanegem, leidt amper tot beterschap. Vreemde verhalen over ongedisciplineerde internationals bereiken de buitenwereld en op het veld plaatst Oranje zich pas via de barrages voor Euro 2004. Het defensieve voetbal leidt tot kritiek. In Portugal haalt het team nog wel opnieuw de halve finale, die het verliest tegen het gastland (2-1), maar zijn eeuwige voorzichtigheid en dramatische ingrepen betekenen het roemloze einde van de verguisde Advocaat. Met Marco van Basten wordt weer alles anders. De nog meer dan Rijkaard onervaren coach krijgt meteen de publieke steun van Johan Cruijff en omringt zich met een staf van ex-Ajacieden : John van 't Schip, Rob Witschge en Stanley Menzo. Van Basten pleit voor een terugkeer naar de traditionele Hollandse voetbalschool. En hij maakt schoon schip in de selectie. Hij hekelt, wat hij noemt, het filmsterrengedrag van sommige internationals. Wie het teambelang niet in de gaten houdt, maar uit is op persoonlijk succes, valt uit de gratie. De voornaamste slachtoffers zijn Clarence Seedorf en Patrick Kluivert. Op den duur valt ook Edgar Davids weg. Drie spelers rond wie zich in het verleden vaak conflicten afspeelden, drie Surinamers ook. Van Basten selecteert witter dan zijn voorgangers. Van Bastens rücksichtlose aanpak is sterk beïnvloed door persoonlijke ervaringen. Als speler maakte hij maar één WK mee. Italië 1990 werd een afknapper van formaat. "Zo goed het was in 1988, zo slecht was het in 1990", blikt de huidige bondscoach terug. "De problemen begonnen al vóór het toernooi doordat de KNVB de coach, Thijs Libregts, wegstuurde. Toen ze de spelers vroegen wie we als bondscoach wilden, was het antwoord unaniem : Cruijff. Maar plots kwam Rinus Michels, die als een soort van adviseur rond de selectie hing, met Leo Beenhakker aanzetten. Onbegrijpelijk. Het resultaat was er ook naar : slechte sfeer, niemand gelukkig. Ook voor Beenhakker was het moeilijk : hij voelde immers dat hij niet welkom was. Daar kwam bij dat sinds we twee jaar voordien Europees kampioen waren geworden, heel wat spelers ook met hun clubs prijzen hadden gewonnen. Dat verstoorde de hiërarchie in de selectie. We hadden niet meer alles over voor elkaar. Dat zag je zowel op de trainingen als in de wedstrijden. We raakten nog door de eerste ronde, maar verloren dan van Duitsland, al konden we met wat geluk ook gewonnen hebben. Alles bij elkaar was het een zeer nare ervaring. Daarom werken we nu zo hard aan de sfeer, zodat de spelers alleen maar aan voetballen en eten moeten denken en zich verder geen zorgen maken." kampioenschap in Zwitserland en Oostenrijk ?