Weet u dat mensen mij nog altijd over 'die goal' aanspreken? Een doelpunt zoals ik er nooit nog een gescoord heb. En die weinig spelers ooit zullen scoren. Veertiende minuut. Balrecuperatie op de eigen helft, twee man gedribbeld, om dan - ik dacht: waarom eens niet proberen? - de bal vanop 35 meter voorbij Filip De Wilde in de linkerbovenhoek te schieten: 0-1. Maar het mooiste is dat er nóg vier goals volgden. En dat hebben nog veel minder spelers meegemaakt - toch niet op Anderlecht."
...

Weet u dat mensen mij nog altijd over 'die goal' aanspreken? Een doelpunt zoals ik er nooit nog een gescoord heb. En die weinig spelers ooit zullen scoren. Veertiende minuut. Balrecuperatie op de eigen helft, twee man gedribbeld, om dan - ik dacht: waarom eens niet proberen? - de bal vanop 35 meter voorbij Filip De Wilde in de linkerbovenhoek te schieten: 0-1. Maar het mooiste is dat er nóg vier goals volgden. En dat hebben nog veel minder spelers meegemaakt - toch niet op Anderlecht." Te vaak worden woorden als 'historisch' uit de ton met superlatieven gevist, maar als het van Nick Descamps, de ex-linksachter van SV Waregem en auteur van de hierboven beschreven wereldgoal, afhangt, dan mag dat etiket gerust gekleefd worden op wat er zich op 25 september 1992 in het Constant Vanden Stockstadion afspeelde. Een wedstrijd die in hoofdletters in het gulden boek van Essevee geschreven werd, maar waar Anderlechtfans nog altijd koude rillingen van krijgen. In de naoorlogse geschiedenis slikte paars-wit in een competitiematch thuis immers nooit zo veel goals als die vrijdagavond. Zelfs in Europa konden alleen Lokomotiv Moskou (2001) en Bayern München (2008) de netten in het Astridpark vijfmaal doen trillen. Nog meer dan de naakte cijfers was vooral de manier waarop ontluisterend. SV Waregem, toen elfde in de stand, overklaste de thuisploeg op alle vlakken en liet zo een etterbuil vol misnoegde Anderlechtspelers openbarsten. Het begin van het einde voor trainer Luka Peruzovic, maar tegelijkertijd de kiem van een nieuwe succesperiode onder Jan Boskamp, die de Kroaat in januari 1993 zou opvolgen. Voor SV Waregem betekende de stunt een definitieve ommekeer in een stuntseizoen waarin het als vierde zou eindigen, een evenaring van het beste resultaat dat de club in 1967/68 (met Prudent Bettens) en in 1984/85 (de generatie Marc en LucMillecamps, Danny Veyt, Philippe Desmet) in de eerste klasse behaald had. Hoeft het gezegd dat de tweede stek van het huidige Essevee nóg 'historischer' is. De parallel met het seizoen 1992/93 is niettemin treffend. Ook dan verwacht niemand voor de seizoenstart dat de West-Vlamingen zo zullen knallen. Zeker niet na een campagne waarin de ploeg uiteengevallen is door jaloezie en intriges. Coach René Verheyen wordt na de winterstop ontslagen, ondanks een - gezien de verziekte sfeer - nog verdienstelijke tiende stek. De nieuwe trainer, Paul Theunis, verwijdert splijtzwammen als David Nakhid, Manu Karagiannis en Richard Niederbacher, doet uiteindelijk geen plaats beter, maar slaagt wel in zijn primaire opdracht: de club in eerste klasse houden - zoals ook Francky Dury vorig seizoen Zulte Waregem na Nieuwjaar van de degradatie behoedde. In de zomer van 1992 vertrekken de rotste appels. In hun plaats komen, op verzoek van Theunis, spits Aurelio Vidmar (voor één miljoen frank gehuurd van KV Kortrijk, met optie), de Hongaarse verdedigende middenvelder Florian Urban en de bij FC Luik wegkwijnende, ex-Nederlandse international Hendrie Krüzen ("Ik kostte zo weinig dat Waregem eerst dacht dat er iets aan mij scheelde"). Drie toptransfers die in de voorbereiding al direct renderen, met winst in de Beker van Vlaanderen. Bovendien keert de gemoedelijke Waregemse sfeer terug - aangezwengeld door een 'gezellige' barbecue die speler Jean-Marie Abeels later als een van de kantelpunten van het seizoen omschrijft. Nederlagen in de eerste drie competitiematchen zet Essevee echter weer met de voeten op de grond. Met zwierig aanvallend spel dwingt het wel een pak kansen af, maar te veel spelers verwaarlozen hun verdedigende opdrachten. Pas wanneer Theunis Urban kan intomen, met Patrick Teppers een extra waterdrager als steun voor regisseur Krüzen in de ploeg brengt, en de spelers zijn hoge pressing- en omschakelingsvoetbal - nog een gelijkenis met het huidige (Zulte) Waregem - onder de knie krijgen, keert het tij. Op de vierde speeldag, tegen SK Beveren, maken Vidmar en Krüzen met elk twee goals een 0-1-achterstand goed, de weken erna volgen een nieuwe zege op Cercle (3-4), en twee gelijke spelen. Met zes punten uit zeven (tweepunten)wedstrijden trekt Waregem als grote underdog naar Anderlecht. Sinds de promotie naar eerste in 1966 heeft het in het Astridpark immers slechts twee keer een punt geraapt (2-2 in 1968/69 en 1974/75) en vooral veel goals geslikt. Met als grootste blamages de 7-3 van het jaar ervoor en in 1984/85, toen Veyt en co als... tweede in de stand een 8-2 om de oren kregen van de leider. Francky Dury, die met Zúlte Waregem ook nog nooit op Anderlecht won, is dus gewaarschuwd. Het verschil met nu en 1984/85 is dat Sporting in september 1992 ondanks een eerste plaats een broeihaard van ontevredenheid is. In de week voor de match heeft Marc Degryse bij Michel Verschueren zelfs de volgens hem te slappe aanpak van coach Peruzovic aangeklaagd. Dat bij Anderlecht alles niet zo snor zit, blijkt wanneer SV Waregem de thuisploeg direct bij het nekvel grijpt en Teppers twee grote kansen mist. Uitstel van executie, want in de 14e minuut maakt Descamps zijn wereldgoal. Degryse stelt twee minuten later gelijk, maar dan volgt een van de pijnlijkste passages uit de paars-witte geschiedenis. Minuut 20: Vidmar kopt corner van Teppers binnen. Minuut 24: de Australiër herhaalt zijn kunstje na een vrijschop van Teppers. Minuut 28: Ivan Desloover haalt zijn gram op het thuispubliek dat hem, na het incident met Juan Lozano, al jaren uitgefloten had en buffelt een doorgekopte hoekschop van opnieuw Teppers binnen. 1-4! Niet toevallig na drie stilstaande fasen, waar Theunis heel fel op trainde. Gebruikmakend van de briljante linker van Teppers, de Limburger die dat seizoen de 'Top Pot' zou winnen met een vrijetrap in de halve bekerfinale tegen Standard en daarmee zelfs Descamps' doelpunt overtrof. Danny Boffin mildert nog vlak voor rust, waarna Peruzovic Luc Nilis voor de blunderende libero Jean-François de Sart brengt. Maar wanneer een gefrustreerde Degryse kort na de pauze rood pakt na een duw op Vidmar, spartelt Anderlecht alleen nog wat flauw tegen. De Waregemse defensie, met sobere, solide spelers als Descamps, Desloover, Benny De Kneef en Franky Dekenne (de Bryan Verboom, Steve Colpaert, Karel D'Haene en Davy De fauw van toen - nog een gelijkenis met nu) houdt echter goed stand. Krüzen en co dwingen op de counter zelfs nog een pak kansen af. Na pogingen op de paal en lat maakt Abeels in de 80e minuut de paars-witte vernedering compleet: 2-5. Onder een striemend fluitconcert vluchten de Anderlechtspelers naar binnen, die van Waregem groeten hun uitgelaten supporters en feesten in de kleedkamer voort. "Daar moesten we lang wachten, want buiten maakten Anderlechtfans amok", herinnert Teppers zich. "Tussen een haag van agenten en nat van de fluimen snelden we naar onze bus, die tot aan de autosnelweg door de zwaantjes begeleid werd." In de Waregemse cafés blijven de spelers tot een gat in de nacht feestvieren, getuigt Jean-Marie Abeels later die week. "Sommige, fel benevelde, spelers hielpen zelfs op zaterdagochtend om de marktkramen op te zetten. Moet kunnen, na zo'n triomf. Doe je dat niet, dan ben je niet met je vak bezig." "Nu trekken voorbeeldprofs als Karel D'Haene meteen naar huis en letten ze op hun voeding, maar in onze tijd kon dat nog: eens stevig doorzakken met een zak friet en een pak pinten", zegt ook Nick Descamps twintig jaar later. "In dat successeizoen ben ik acht-, negenmaal met mijn kostuum van de zaterdagavond op zondagmorgen op training verschenen. Wij waren feestvarkens, maar dat maakte van ons een hechte groep." Francky Vandendriessche, toenmalig reservekeeper, herinnert zich vooral de fratsen van Florian Urban: "Voor de training passeerde ik meestal aan zijn appartement om hem uit zijn bed te halen. Maar dat kostte vaak veel moeite: 'Florke moe. Florke nog een beetje slapen...'" (lacht) Met een torenhoog zelfvertrouwen blaast de Esseveestorm de week na de stunt op Anderlecht AA Gent met 5-1 van de mat, en nog voor de winterstop vervolledigt Waregem zijn stunttrilogie door zeges op Standard (1-3) en Club Brugge (1-2). En passant kapt het ook FC Boom in twijgjes: 8-0. Met onder meer vier goals van Hendrie Krüzen, die dat seizoen, na Josip Weber, als tweede in de topschutterstand eindigt met 23 stuks (waarvan negen penalty's). Met Vidmar (19 doelpunten) is de Nederlander goed voor 42 van de 78 Waregemse goals, slechts twee minder dan kampioen Anderlecht. "Een heel complementair duo", zegt toenmalig scout Daniël Declerck. "Vidmar als snelle, vinnige en veerkrachtige spits, Krüzen als 9,5 met een buitengewone vista en traptechniek - de Franck Berrier van die ploeg, al was Hendrie iets statischer. En achter hen liep met Urban het prototype van de vandaag moderne verdedigende middenvelder - een type zoals Junior Malanda: sterk als een os, maar ook voetballend heel onderlegd." Franky Dekenne noemt Urban zelfs de beste speler met wie hij ooit gespeeld heeft. "Alleen verzette hij geen stap op training en kon je hem veel te vlug opnaaien: élf gele en één rode kaart dat seizoen." "Een doodbrave vent naast het veld, maar een halve gek erop", herinnert ook materiaalman Eric Degryse zich. "Voor een match stond Florian eens zo hitsig dat hij met kleren en schoenen aan onder de douche kroop om af te koelen. Kletsnat liep hij het veld op..." Ondanks de (te) grote afhankelijkheid van dat trio, de gemakzucht van Urban en andere spelers zoals Abeels - vooral in 'kleine' matchen - verzekert SV Waregem zich na 34 speeldagen van een Europees ticket, en strandt het pas in de halve finale van de beker tegen Standard. Paul Theunis en voorzitter Jean-Pierre Van Neder, de nieuwe sterke man na het vertrek van Germain Landsheere, hopen dat SV Waregem na enkele grijze jaren weer gelanceerd is, maar het seizoen erna blijkt de tgv een Fyra te zijn geworden. Het vertrek van Abeels (Germinal) en Teppers (Seraing) slaat een groot gat, nieuwkomers Nacer Abdellah en Henri Balenga zijn grote tegenvallers, de gouden driehoek Urban-Vidmar-Krüzen draait vierkant (gefrustreerd na geweigerde transfers) en Theunis krijgt ruzie met de, naar zijn zin, te veel feestende spelers. Het Europees avontuur bij het Finse FC Lahti wordt een blamage (4-0) en in 1994 is de degradatie en de eerste stap richting de definitieve neergang van SV Waregem een feit. Hopelijk voor alle Zulte Waregemfans herhaalt zich ook dat niet... DOOR JONAS CRETEUR & PETER T'KINT"Sommige spelers hielpen na een nacht feesten de volgende ochtend de kramen op de Waregemse markt op te zetten." Jean-Marie Abeels