Door Geert Foutré
...

Door Geert FoutréTerwijl in de Belgische competitie de voor-naamste vraag is wanneer een hongerig en gedreven voetballend Anderlecht mathema-tische zekerheid krijgt over zijn dertigste landstitel, zet Standard morgen/donderdag zijn Europees lenteoffensief in. Precies dertien jaar geleden is het dat een Belgische club nog eens een kwartfinale in een Europabeker mocht afwerken. In 1997 sneuvelde Anderlecht toen in de UEFA Cup tegen Inter. Voor Standard is het 28 jaar geleden dat het nog eens de kwartfinales haalde. Dat jaar bereikte het in Europacup 2 zelfs de finale tegen Barcelona, die het met 2-1 verloor op het veld van de tegenstander. In de Europese prijzenkast staan weinig namen van Belgische clubs geschreven. In 53 jaar Europees voetbal wonnen slechts twee Belgische clubs een beker: Anderlecht (tot drie keer toe) en KV Mechelen (één keer). Van de twaalf finales waar een Belgische club aan deelnam, nam Anderlecht er zeven voor zijn rekening, Club Brugge twee, Standard, Antwerp en KV Mechelen elk één. Dat België Europees veroordeeld is tot deelname aan de 'Europabeker voor tweedeklassers op Europees niveau', klopt, maar dat is eigenlijk altijd zo geweest. Sinds de oprichting van de Europabeker voor landskampioenen (later omgedoopt tot Champions League) in 1955 was slechts 1 van de 106 finalisten die aan de 53 finales deelnamen een Belgische ploeg: Club Brugge verloor in 1978 op Wembley met 1-0 van Liverpool. Eén keer nog haalde een Belgisch team in de meest prestigieuze beker de halve finales. In 1962 moest het Standard van Jean Nicolay en Roger Claessen de duimen leggen tegen het Real Madrid met Di Stefano, Puskas en Gento. In de finale in Amsterdam zou de toenmalige vijfvoudige bekerwinnaar met 5-3 verliezen van het Benfica van Eusebio. De vroegere Europabeker voor bekerwinnaars (zeven finales) of de UEFA Cup (vier finales, die van Anderlecht tegen Arsenal in de finale van de beker voor Jaarbeurssteden inbegrepen) is altijd onze natuurlijke biotoop geweest. Soms hielp de loting een beetje. Voor KV Mechelen in 1988 als de laatste Belgische Europabekerwinnaar Ajax elimineerde, vond het op zijn weg Dinamo Boekarest, het Schotse St. Mirren, Dinamo Minsk en de toenmalige Italiaanse tweedeklasser Atalanta Bergamo. De Europese campagne van Standard (en in mindere mate van Anderlecht en Club) is goed voor het zelfvertrouwen van het Belgische voetbal. Tot begin vorig seizoen trok de supporter van om het even welk Belgisch team bibberend naar een Europese confrontatie, bang voor weer een nieuwe opdoffer. Sinds de campagne van Standard vorig jaar durven de Belgische fans weer te dromen van een stunt. Zelfs als de extra motivatie in de Europacup de Rouches in de competitie een Europees ticket kost, zal het de moeite waard geweest zijn. Voor spelers en supporters levert zo'n geslaagde Europese campagne unieke en onbetaalbare emoties op. Het zijn die verhalen die van generatie op generatie doorgegeven worden. Unieke prestaties doen mythes ontstaan, gedeelde ervaringen halen de banden tussen clubs en supporters nauwer aan. Club Brugge, dat door de Europese successen van halverwege de jaren zeventig de regionale grenzen overschreed, verwierf op die manier een aanhang in heel Vlaanderen, net zoals Standard en Anderlecht via de tv-beelden van hun Europese prestaties in de jaren zestig en zeventig uitgroeiden tot teams met een aanhang in heel België. Als Standard de kwartfinales overleeft, zet het, ongeacht het eindresultaat in de nationale competitie, een fantastische prestatie neer die toont dat ook een Belgische ploeg met wat meeval en talent een eind ver kan raken, als men er maar echt in gelooft. Verderop in dit blad getuigt Horst Hrubesch dat het niet altijd nodig is een toptalent te zijn om een indrukwekkende prijzenkast bijeen te voetballen. Mentaliteit, geestdrift en overtuiging spelen ook een belangrijke rol. Yes we can! Al is het maar af en toe een keer ... De Europese campagne van Standard is goed voor het zelfvertrouwen van het Belgische voetbal.