Voor het eerst in de geschiedenis treden in de knock-outfase van de Champions League alleen ploegen uit de vijf grote voetballanden aan. Vier ploegen uit Engeland en Spanje, drie uit Duitsland en Italië en twee uit Frankrijk. De rest van het continent is uitgesloten, de Europese Superliga is een feit. Voor de Europese topclubs wellicht het ultieme bewijs dat een gesloten competitie er niet snel genoeg kan komen.
...

Voor het eerst in de geschiedenis treden in de knock-outfase van de Champions League alleen ploegen uit de vijf grote voetballanden aan. Vier ploegen uit Engeland en Spanje, drie uit Duitsland en Italië en twee uit Frankrijk. De rest van het continent is uitgesloten, de Europese Superliga is een feit. Voor de Europese topclubs wellicht het ultieme bewijs dat een gesloten competitie er niet snel genoeg kan komen. De voorbije jaren drongen FC Porto, APOEL, Zenit St.-Petersburg, Sjachtar Donetsk of Ajax nog door tot de beste zestien. Dit seizoen zijn RB Leipzig en Atalanta de twee nieuwe gezichten tussen de oude koppen. Beide echter uit de G5-landen. Red Bull (sorry, Rasenballsport) Leipzig wordt in Duitsland bovendien als een paria beschouwd, omdat de meerderheid van de aandelen niet in handen van de fans zijn. Een overtreding van de regels. Alle sympathie gaat dan ook uit naar het clubje uit Bergamo, dat met drie nederlagen op rij aan de competitie begon en zich alsnog plaatste. De bijnaam van Atalanta is 'Regina delle Provinciali', de koningin van de provincieclubs. Het heeft een budget vergelijkbaar met dat van PSV, Ajax of Club Brugge en een vervallen stadion, zodat de matchen van het kampioenenbal in San Siro moeten worden afgewerkt. De club van Gian Piero Gasperini heeft echter, op basis van het aantal spelers dat op het hoogste niveau voetbalt, de beste jeugdopleiding van Italië en de zesde van Europa en slaagt er telkens weer in om goede maar ook goedkope spelers aan te werven. Helaas, het kleine Atalanta is éénoog in het land der blinden. En dat is opmerkelijk omdat de grootheden die de competitie in het voorbije decennium domineerden in eigen land tekenen van metaalmoeheid vertonen. Bayern München heeft moeite om de kopgroep in de Bundesliga bij te houden en ontsloeg al zijn trainer. Atlético Madrid is weggezakt in Spanje, waar ook Barcelona en Real Madrid al heel wat van hun pluimen lieten. Juventus moet in de Serie A Inter naast zich dulden. Tottenham, de verliezende finalist van dit jaar, heeft ook al zijn coach doorgestuurd. Zelfs Paris Saint-Germain is dit seizoen kwetsbaar in eigen land. Het maakt de vaststelling extra pijnlijk dat Club Brugge verloor van een B-elftal van Real Madrid, Standard gelijkspeelde tegen de jeugd van Arsenal, AZ op een hoopje werd gespeeld door Jong Manchester United en Galatasaray weggevaagd door een halve basisploeg van PSG. Het gat tussen de clubs uit de grote en kleinere competities is te groot geworden. Alleen als de toppers in crisis verkeren of er met hun pet naar gooien valt er iets te rapen voor de rest, die dan op de koop toe zijn beste niveau moet halen. Door de enorme verschillen in tv-rechten tussen de grote en kleine landen en het grote geld dat vooral vanaf de knock-outfase van de Champions League te verdienen valt, wordt de kloof in financiële slagkracht een canyon. En dat ondanks het feit dat de kleinere clubs ook een fortuin verdienen in Europacup I (Club Brugge 28, KRC Genk 24 miljoen), waardoor de verhoudingen in eigen land dan weer scheef worden getrokken. Dit systeem kan niet blijven bestaan. UEFA-voorzitter Aleksander Ceferin doet er alles aan om de breuk tegen te houden, omdat hij afhankelijk is van de stemmen van de vele kleine landen. Het gevaar komt nu van de FIFA, die investeerders, commerciële partners en mediabedrijven uitnodigde om ten laatste morgen hun visie op het internationale clubvoetbal van de toekomst te presenteren. De ambitie van voorzitter Gianni Infantino gaat immers verder dan de vierjaarlijkse World Cup voor clubs die in 2021 in China van start gaat. De FIFA wil de wereldleider van het clubvoetbal worden en verwacht voorstellen over de frequentie van de wedstrijden, de competitieformat en de clubs die mogen deelnemen. Infantino liet een paar weken geleden ook al horen dat hij een Pan-Afrikaanse liga wil opstarten om de kwaliteit van het voetbal op het zwarte continent te verhogen en de talentvlucht naar Europa af te remmen. Bovendien voerde hij in Azië gesprekken over de opstart van regionale of subregionale competities. De FIFA grijpt de macht.