Sinds augustus is het niet rustig geweest op Sclessin. Alsof het in de sterren stond geschreven dat Standard een woelig seizoen zou meemaken. Bij de eerste wedstrijden zit Erik Gerets geregeld in de tribune. Slavo Muslin wil er niet veel woorden aan vuil maken, maar het is hem aan te zien dat het hem irriteert. Communicatieverantwoordelijke Olivier Smeets getuigt: 'Gerets had geen enkele officiële band met de club. Hij kwam gewoon als toeschouwer, maar toch kregen we interviewaanvragen voor hem. Vanaf het begin was hij duidelijk: hij wilde niet praten. We maakten het aan de pers ook duidelijk dat wij niet instonden voor de communicatie van Erik Gerets. Ze komen tenslotte toch ook niet naar ons als ze een interview met Philippe Léonard of Vedran Runje willen...'
...

Sinds augustus is het niet rustig geweest op Sclessin. Alsof het in de sterren stond geschreven dat Standard een woelig seizoen zou meemaken. Bij de eerste wedstrijden zit Erik Gerets geregeld in de tribune. Slavo Muslin wil er niet veel woorden aan vuil maken, maar het is hem aan te zien dat het hem irriteert. Communicatieverantwoordelijke Olivier Smeets getuigt: 'Gerets had geen enkele officiële band met de club. Hij kwam gewoon als toeschouwer, maar toch kregen we interviewaanvragen voor hem. Vanaf het begin was hij duidelijk: hij wilde niet praten. We maakten het aan de pers ook duidelijk dat wij niet instonden voor de communicatie van Erik Gerets. Ze komen tenslotte toch ook niet naar ons als ze een interview met Philippe Léonard of Vedran Runje willen...' Uiteindelijk zal clubicoon Gerets toch een verklaring via de club afleggen, ter gelegenheid van de CCI, een bijeenkomst van bedrijven uit Luik, Namen en Verviers. Het is dan al eind januari en Gerets doet eindelijk een uitspraak over zijn toekomst. Hij bekent dat het zijn droom was om Standard te trainen, maar dat het onmogelijk geworden is. 'Om gezondheidsredenen', weet Smeets nog. 'Door trainer van Standard te worden zou hij zijn leven met enkele jaren inkorten.' Donderdag 27 augustus: Standard klopt Molde met 3-1 maar het Europese verhaal is ten einde. Vrijdagochtend: Muslin wordt aan de kant geschoven. Vrijdagnamiddag: het bestuur roept Eric Deflandre. Hij herinnert zich: 'Men zei me dat Slavo Muslin ontslagen was en men vroeg mij om over te nemen als interim. Dat was een gezamenlijk idee van Bruno Venanzi, Bob Claes en Axel Lawarée. Ik was niet erg gemotiveerd, ik was niet tot de staf toegetreden met het idee in een nabije toekomst T1 te worden. Maar ik heb gereageerd zoals een loyale werknemer. Er werd ook afgesproken dat er snel een vervanger zou komen. Maar de situatie was urgent, op zondag speelden we in Brugge.' De voormalige Rode Duivel belt dan met Muslin. 'Ik heb hem gezegd dat ik het een plezier vond om met hem samen te werken.' Op zaterdag moet hij de spelers meteen opkrikken. 'Ik zei hen iets in de zin van: we hebben een klap geïncasseerd, nu moeten we terugvechten. Ik voelde wel dat ze me respecteerden. Er was amper één dag om de match tegen Club voor te bereiden, we werkten vooral op het defensieve blok en op afwerking. Ik had uiteindelijk geen slecht voorgevoel bij die match.' Maar het zware verdict luidde: 7-1. 'Ik ben daar twee dagen ziek van geweest. Het weekend daarop was er nog altijd geen nieuwe coach, maar was er ook geen speeldag gepland. We trokken naar Duitsland om een match te spelen tegen Duisburg en wonnen met 3-1. Een club uit de tweede Bundesliga, een wedstrijd zonder belang, maar die zege was zó goed voor het moreel. Ik voelde me al veel beter en bij onze terugkeer in Luik stelde ik voor dat ik ook nog de match tegen Lokeren zou coachen. Als we de drie punten thuis konden houden, dan zou ik niet op een valse noot moeten eindigen.' Deflandre sluit af met deze bekentenis: 'Na Brugge heeft de club zich geëxcuseerd dat ze me voor de leeuwen had gegooid in zulke moeilijke omstandigheden. De club had het seizoenbegin gemist, had zijn Europese afspraken gemist en was echt ziek. Het was geen cadeau.' Standard is Slavo Muslin kwijt maar krijgt er Daniel Van Buyten bij. Zijn komst wordt live op tv aangekondigd door Bruno Venanzi, net na de terugwedstrijd tegen Molde. In plaats van Gerets willen de media nu een interview versieren met Big Dan. Maar ze vangen opnieuw bot. Van Buyten geeft tot op heden nog altijd geen interviews. 'We krijgen aanvragen van overal', zegt Smeets. 'Uit België, Duitsland, Engeland, Frankrijk. Hij wil evenwel in de schaduw blijven.' Lokeren, Gent, OHL, Genk en Westerlo leveren 1 op 15 op bij het debuut van Yannick Ferrera. De keet staat in brand. 'Rode lantaarn', 'Rood alarm', 'Rood van schaamte'... het zijn krantenkoppen die pijn doen in Luik. Adrien Trebel komt nog eens terug op die historische periode: 'Het was vreemd om al die matchen te verliezen terwijl het tijdens de week allemaal goed liep. De trainingen waren beter dan onder Muslin, de communicatie was duidelijk en direct, we hadden echt goesting om het tij te keren. En toch lukte het ons niet om punten te pakken. De coach sprak voortdurend met iedereen afzonderlijk. Hij bleef een aantal dingen herhalen: 'domineren is nog niet winnen', of: 'een wedstrijd wordt gewonnen in de beide rechthoeken', of: 'wij zijn Standard, we mogen niet op die plaats blijven staan'. Het klinkt misschien vreemd, maar we hebben geen seconde gepanikeerd. We zaten niet in de put, we waren gewoon enorm ontgoocheld.' Nadien was er de overwinning tegen Charleroi, ook wel 'de overwinning van het hooliganisme' genoemd. Maar vijf maanden na datum geniet Ferrera er nog altijd van: 'Het was de eerste competitiezege sinds mijn komst. De eerste zege van het nieuwe Standard. Vooral de manier waarop deed deugd. De spelers zijn tot de laatste minuut blijven knokken.' Standard is nu vertrokken, zo lijkt het. November: 1-0 tegen Anderlecht. December: 2-0 tegen Brugge. In de beker worden STVV en Kortrijk uitgeschakeld. 'De zege tegen Charleroi heeft ons een nieuw elan gegeven', blikt Matthieu Dossevi terug. 'Er kwam weer plezier in de groep, want toen we laatste stonden was het niet prettig in de kleedkamer: we trainden hard maar konden het in het weekend niet waarmaken. Fysiek en psychologisch krijg je het dan zwaar. Na Charleroi kwamen we in een positieve spiraal terecht. Tegen Anderlecht was het technisch verre van perfect, maar we durfden al meer dan in de weken ervoor. Tegen Brugge was het op veel vlakken goed.' Uit de donkere periode onthoudt de Togolees de ingesteldheid van het publiek. 'Toen ik hier tekende, vertelde men me dat de fans van Standard erg hevig waren, heel hard en veeleisend ook. Toen we op de laatste plaats belandden, dacht ik: oei, wat gaat dat hier geven, wat gaan ze ons aandoen? Maar ze zijn net altijd achter ons blijven staan. Ze hebben zeker een rol gespeeld in onze heropstanding.' Om het begin van 2016 op te vrolijken is er gelukkig de kwalificatie voor de bekerfinale. Want daarnaast krijgen de Rouches ook serieuze klappen. De afstraffing thuis door AA Gent dat dan op de top van zijn kunnen speelt, kan er nog mee door, maar de schaamtevolle nederlagen tegen STVV en Westerlo niet. Gezien de positie in het klassement en de resterende kalender lijkt play-off 1 een utopie geworden. Directeur Bob Claes komt nog eens terug op de mentale toestand van toen: 'Die match tegen Westerlo was illustratief voor onze wisselvalligheid dit seizoen. In Lokeren, de eerste match van januari, had ik voor het eerst een goed voetballend Standard gezien. Tegen STVV en Westerlo was het totaal anders. Ik kan je gerust vertellen dat voor mij persoonlijk die twee nederlagen tegen Sint-Truiden pijnlijker waren dan de andere. Ik kom uit die streek, ik heb daar veel vrienden en ik wil dus altijd graag tegen hen winnen. Als je dan zo'n non-match speelt...' Het ordewoord na Westerlo is: kalmte! 'We moesten achter de trainer blijven staan en niet panikeren', gaat Claes verder. 'Veel mensen begonnen na die avond te berekenen wat onze kansen op play-off 1 waren. Ik heb daar nooit aan meegedaan, er waren te veel mogelijke scenario's. Iedereen wees erop dat Standard zijn lot niet meer in eigen handen had, maar die mensen moesten toch ook weten dat onze concurrenten ook niet tot het einde alle matchen zouden winnen. In mijn hoofd was er na Westerlo nog altijd niks verloren. Ik weet ook maar al te goed wat de implicaties zijn voor een club als Standard als we play-off 2 moeten spelen, de verschillen in recette zijn enorm.' Vier dagen na Westerlo en twee dagen voor Charleroi is Olivier Renard daar. 'We hebben direct beslist dat ik naar aanleiding van mijn aanstelling pas een persconferentie zou geven na de wedstrijd tegen Charleroi. We moesten al onze energie in die Waalse derby stoppen. Uiteindelijk was de klap tegen Westerlo misschien wel een geschenk. Die nederlaag zette iedereen op scherp voor de laatste rechte lijn. De spelers waren duidelijk in hun eer gekrenkt en zeiden bij zichzelf: geen enkel punt pakken tegen Westerlo en STVV, dat is ontoelaatbaar. Ik denk ook dat het voordelig was dat we dan net tegen Charleroi moesten. Ik had de indruk dat de spelers niet zozeer op het klassement focusten maar wel op de rivaliteit tussen de twee clubs. Idem voor de volgende match, op Anderlecht. Ze wisten dat de supporters na de nederlagen tegen Sint-Truiden en Westerlo geen nieuwe nederlagen tegen de twee aartsvijanden zouden slikken.' Na de stevige 3-0 tegen de Zebra's wacht nog de verplaatsing naar Anderlecht. Daar moeten drie punten gepakt worden om de hoop op play-off 1 levend te houden. Hoe bereidt je zo'n clásico die je moet winnen voor? 'Ik heb hetzelfde gezegd voor Charleroi, Anderlecht, Genk en Mechelen,' vertelt Yannick Ferrera, 'namelijk: 'Mannen, we hebben negentig minuten om in leven te blijven. Binnen negentig minuten weten we of het nog mogelijk is. Het verleden kunnen we niet veranderen, maar de toekomst hebben we zelf in handen.' Het was een manier om hen duidelijk te maken dat het niks opleverde om te piekeren over al die punten die we onderweg waren kwijtgeraakt tegen zogezegd kleinere ploegen. Voor elke match lagen de kaarten op tafel. Charleroi had een voorsprong van vier punten en kon ons op Sclessin definitief uit de race slaan. Genk wilde revanche na de bekerwedstrijden en daar was men het ook nog niet vergeten dat Standard hen vorig jaar de weg naar play-off 1 had versperd. En wanneer je naar Anderlecht trekt, is de motivatie er sowieso. Maar bon, motivatie heb ik heel het seizoen wel gezien. Ik kan je zelfs vertellen dat de week vóór Westerlo de beste trainingsweek was die ik hier sinds mijn komst had meegemaakt. Je hebt nu eenmaal soms te maken met bepaalde spelfases, met geluk of tegenslag en met scheidsrechterlijke beslissingen die maken dat je een resultaat haalt of niet. Tijdens de rust staan we op Anderlecht 1-2 voor, beseffen we dat we sterker zijn en nemen we ons voor om alles te geven en hen hoog op te jagen. De basis van het spel was prima, maar uiteindelijk was het gelijkspel logisch.' Tijdens de laatste en beslissende wedstrijd, de 4-0-pandoering op KV Mechelen vorig weekend, was Olivier Renard natuurlijk een opgemerkte aanwezige. Aanvankelijk was het zelfs niet gepland dat hij Achter de Kazerne zijn opwachting zou maken. 'Maar ik had mijn scoutingplannen aangepast om erbij te kunnen zijn', zegt hij. 'Ook omdat ik wilde tonen dat ik recht in mijn schoenen sta en dat ik niet bang was van de reacties. Ik heb Mechelen niet verlaten om naar Standard te gaan, ik heb Mechelen verlaten omdat ik vond dat ik moest vertrekken. Die beslissing had ik al genomen nog voor de eerste match in januari.' DOOR PIERRE DANVOYE - FOTO'S BELGAIMAGE