'Ik heb voor de heimat gekozen!' Dat bericht stuurde Paul-José Mpoku ons op 26 augustus. Gevraagd naar de redenen van die keuze, zegt de speler van Chievo Verona dat we mee naar ginder moeten om dat te begrijpen. 'Het wordt een gekkenhuis!', schrijft hij. Wel, dat moet hij geen twee keer vragen...
...

'Ik heb voor de heimat gekozen!' Dat bericht stuurde Paul-José Mpoku ons op 26 augustus. Gevraagd naar de redenen van die keuze, zegt de speler van Chievo Verona dat we mee naar ginder moeten om dat te begrijpen. 'Het wordt een gekkenhuis!', schrijft hij. Wel, dat moet hij geen twee keer vragen... Woensdagochtend 2 september. 'Passagiers met bestemming Kinshasa...' Even is er stress en wordt er wat gediscussieerd bij de incheckbalie voor de vlucht naar Kinshasa, maar uiteindelijk geraakt elk valies tijdig op de transportband en het vliegtuig. We gaan aan boord met Paul-José, zijn vrouw Melissa, zijn moeder Josée, zijn vader Désiré en zijn schoonmoeder Marie. Tijdens de vlucht doet Mpoku, tussen twee siësta's in, geen moeite om zijn emoties te verbergen. 'Mijn oom heeft me vanochtend gebeld, er waren al claxons te horen op het vliegveld. Het wordt krankzinnig.' Paul-José Mpoku was amper een jaar oud toen hij in 1993 in België aankwam. Zijn ouders waren weggegaan uit Kinshasa en installeerden zich in Verviers. 'In die 23 jaar heb ik geen voet meer in Congo gezet. Het is belangrijk voor mij om er terug te keren. Op tv tonen ze altijd de slechte kanten, ik wil mijn eigen mening vormen.' De vlucht duurt acht uur en wordt gevuld met Whatsapp, zijn groep vakantievrienden, de herinneringen aan de herdenkingswedstrijd voor Junior Malanda in juni in Verviers en de verrassende transfer van zijn vriend Geoffrey Mujangi Bia naar Sion. En ook Standard natuurlijk. 'Het kot staat weer in brand, ook al doet Bruno Venanzi, met wie ik vaak praat, alles wat hij kan. Wat had ik graag kampioen gespeeld met mijn club! Daar droom ik nog af en toe van. Soms neem ik me voor om over een aantal jaren terug te keren naar Standard en samen met de voorzitter een ploeg te bouwen die de titel kan pakken.' Maar bij Standard blijven, dat was een te gemakkelijke keuze geweest. 'Ik denk dat je, om vooruit te gaan, af en toe andere lucht moet opsnuiven.' De keuze voor Congo is echter van een andere orde... 'Ik moest de knoop doorhakken. Ik wilde niet wachten op een beslissing van Marc Wilmots aangaande de selectie voor het EK, want dan zou het lijken alsof het een keuze was bij gebrek aan beter. Dat wilde ik niet.' Een volwassen en doordacht besluit dus. 'Ik heb het er vorig seizoen over gehad met Samuel Eto'o na een match tegen Sampdoria. Hij zei me dat ik de kwaliteiten had om voor België te spelen, maar dat voor Congo uitkomen iets heel anders zou zijn. Hij vertelde me dat ik administratieve problemen zou tegenkomen en dat het soms moeilijk zou zijn, maar dat ik wel iets heel, heel heftigs zou voelen. Je vertegenwoordigt een land van 70 miljoen inwoners en tegelijk ook een heel continent, je speelt voor Afrika!' De piloot van vlucht SN357Y roept om dat we bijna gaan landen. 'Ik ben excited', zegt Mpoku. Nadat hij het vliegtuig verlaten heeft en voor het eerst in 23 jaar weer een voet op Congolese bodem heeft gezet, zegt hij met de glimlach: 'Het ruikt of er hier een barbecue aan de gang is.' Het afhandelen van de bagage neemt de nodige tijd in beslag. Ook de andere Congolese international die op het vliegtuig zat, Jordan Bokata, wacht op zijn koffers. Hij werd geboren in Kinshasa, groeide op in Antwerpen en speelde bij de jeugd van Anderlecht, Beveren, Lokeren en Brugge voor hij doorbrak bij Excelsior Rotterdam. In de laatste uren van de voorbije transferperiode trok hij naar Leeds. Bokata en Mpoku, twee Europeanen van Afrikaanse komaf, bespreken het thema gezondheid. 'Zelfs om je tanden te poetsen gebruik je het best flessenwater', zegt hij, waarna ze hun handen inwrijven met een desinfecterende gel. Jordan praat over het land dat hij nog niet zo goed kent. 'Je kunt niet iedereen helpen, er is hier zo veel miserie. En je moet opletten dat je je niet te veel aan de mensen gaat hechten. De laatste keer is een kleine sheguey (een straatjongen, nvdr) erin geslaagd mijn hart te stelen. Ik heb hem uiteindelijk tien dollar gegeven. Toen ik hem vroeg of hij wat wilde eten, zei hij neen. Ik heb begrepen dat hij bang was dat ik met die tien dollar eten zou kopen. En de passie is onvoorstelbaar. Toen ik enkele dagen bij mijn oom verbleef, stonden er kinderen uit zijn wijk al om zes uur 's ochtends voor zijn huis te wachten.' Die passie leert Paul-José Mpoku meteen volop kennen. Zodra hij het luchthavengebouw verlaat, staan een honderdtal mensen hem op te wachten. Tante Bijou, bij wie Polo als kind enkele maanden verbleef en die hem sindsdien niet meer gezien heeft, barst in tranen uit, te midden van tromgeroffel, geroep, spandoeken en shirtjes van Standard. Het is een koninklijk onthaal voor de 'Grote Djogo uit Luik' (fenomeen uit Luik), georganiseerd door Tonton Arthur, een 48-jarige met de onuitputtelijke energie van een adolescent. 'Er zullen velen beweren dat ze de voorzitter van de fanclub van Paul-José zijn,' zegt hij, 'maar ik ben de enige die kan zeggen dat hij de voorzitter-stichter is.' Er zijn natuurlijk ook leden van de Fecofa, de Congolese voetbalbond, aanwezig om de speler te verwelkomen en hem door de uitgelaten menigte te loodsen. Een bestelwagen moet hem naar het kamp van de nationale ploeg, de Luipaarden, brengen. Het ligt op twintig kilometer ten oosten van Kinshasa, ver van het dagelijkse gewoel in de metropool van ruim tien miljoen inwoners. Safari Beach is een hotelcomplex op de oevers van de Congostroom. Paul-José Mpoku treft er Chancel Mbemba, die hem hartelijk begroet. Bondscoach Florent Ibenge staat wat verderop. De motivatie om naar de 'heimat' terug te keren is meervoudig: het sentimentele aspect, de zoektocht naar de roots en het weerzien met familie, maar ook een simpel administratief feit. De dag erop is de nieuwbakken Luipaard immers uitgenodigd in de hoofdzetel van de voetbalbond om er een stapel papieren te ondertekenen die zijn keuze voor de Congolese nationale ploeg officialiseren bij de FIFA. Maar de avond is nog niet ten einde. Na de korte doortocht op Safari Beach kruipt Polo opnieuw in de bestelwagen van de Fecofa. Dit keer gaat het richting Bandal, een van de hete wijken van Kinshasa zoals we mogen ondervinden. Daar heeft Papy Felix, een oom van de vader van Paul-José die loopt te pronken met Mpoku's shirt van Tottenham, een etablissement waar men Mützig, een bier van de Heinekengroep dat in Afrika gebrouwen wordt, serveert met worstjes en gegrilde kip. Het ontvangstcomité is uitgebreid, er zijn meer shirts van Standard te zien dan van Barcelona of Real Madrid. Djogo ervaart voor het eerst wat het is om ondergedompeld te worden in een mensenzee. Met een honderdtal dringen ze om hem heen en allemaal willen ze hem aanraken en een foto van hem maken. Paul-José Mpoku poseert gewillig en breed lachend met elk van hen. En de tamtam heeft blijkbaar goed zijn werk gedaan, want er daagt ook een massa sheguey op. Dédé, die instaat voor de veiligheid van de voetballer, beseft dat we daar zo snel mogelijk weg moeten en duwt Polo en Melissa naar de bestelwagen. De jongeren troepen rond het voertuig en wanneer de security hen terugdringt, worden sommigen agressief. Een van hen slaat zelfs met een glazen fles op de hand van Dédé voordat die het portier dichttrekt. De chauffeur geeft gas en weet zich een weg door de massa te banen. Op weg naar het hotel observeert Mpoku de stad en het dagelijks leven van haar inwoners. 'Het is belangrijk om die dingen te zien', zegt hij. 'In België wind je je op over futiliteiten, gooi je eten weg. Wanneer je dit ziet, ben je verplicht jezelf opnieuw in vraag te stellen.' Donderdag 3 september. Nadat Mpoku aan de administratieve verplichtingen heeft voldaan, gaat de speler van Chievo terug naar het basiskamp van de Luipaarden in Safari Beach. In de namiddag is er tijd voor ontspanning en mogen er vrienden en familie op bezoek komen op het door militairen bewaakte domein. Bondscoach Florent Ibenge is vertrokken om even te gaan kijken naar de damesploeg U20 die tegen een mannelijke jeugdploeg speelt op het kunstgrasveld van de voetbalbond waar de verschillende selecties zich voorbereiden. Kinderen die uit nieuwsgierigheid naar het damesteam zijn komen kijken, zien opeens een gele hanenkam uit een wagen stappen. Al snel doet de naam Djogo de ronde. Terwijl Mpoku aan de rand van het kunstgrasveld rondwandelt, volgen de kinderen hem op de voet, met alleen een ijzeren hek tussen hen in. Een van hen roept in het Lingala: 'Je moet bij Real of bij Barça gaan spelen!' Iedereen wil weer op de foto met Djogo, niet alleen de kinderen, ook de militairen. Ibenge kijkt oogluikend toe. De bondscoach van de Luipaarden heeft gekozen voor openheid ten opzichte van de media en de Congolese bevolking, daar waar andere coaches menen te moeten opteren voor een opsluiting in een ivoren toren. 'Je hebt de juiste keuze gemaakt, je moest voor Congo kiezen', zegt een van de jongeren. 'Welk verschil maakt dat?', kaatst Ibenge terug. 'Hij is jullie zoon, je moet hem respecteren los van zijn keuze.' Wanneer we hem met een knipoog zeggen dat hij een goeie van ons heeft afgepakt, blijft zijn antwoord nazinderen: 'En hoeveel hebben jullie er van ons afgepakt!? Zodra het voor hem moeilijk leek te worden om bij de Belgische selectie te geraken, was het toch beter dat hij naar ons kwam, niet? Het is belangrijk voor een speler om international te zijn.' De avond voordien was de coach van de Luipaarden op de hoogte gebracht van Mpoku's geanimeerde uitstap naar Bandal. Voor hij weer naar het hotelcomplex vertrekt, plaagt Ibenge zijn speler: 'Nu kan je zeker dansen.' In Safari Beach ontmoet Mpoku enkele ploegmaats die hij heeft leren kennen tijdens een vriendschappelijke wedstrijd tegen Irak in Dubai (2-1-verlies met een goal van Mpoku op penalty), waarin hij voor het eerst het shirt van de Democratische Republiek Congo droeg. Chancel Mbemba is er en ook Neeskens Kebano, die met enige moeite een segway uitprobeert. We komen er ook Christopher Oualembo tegen, een van de anciens in de selectie, die bij de jeugd van PSG speelde en nadien zijn loopbaan voortzette in Spanje, Italië, Bulgarije en momenteel Coimbra in Portugal. Afrika, dat is voor hem de toekomst: 'Ik heb een groot veld gekocht bij Pointe Noire en twee gamecenters geopend in Kinshasa. Ik denk dat het belangrijk is om in dit land te investeren.' Te midden van al die internationals is er ook Rodrigue, de Parijse neef van Mpoku, een vlotte prater met een goed gevuld Parijs' adresboekje. Nadat hij opgroeide in de Lichtstad woonde hij een tijd in Verviers. Hij blonk er zelfs uit als voetballer en liep een tijdje school in Eigenbrakel voor hij terugkeerde naar Parijs. In zijn wijk in het twintigste arrondissement kreeg hij een verdwaalde kogel in zijn been, waardoor hij nog als tiener zijn voetbaldroom moest opgeven. Vandaag is de neef, met een shirt van PSG om de schouders, een handelaar in 'alles wat legaal is', lacht hij. Enkele maanden geleden startte hij in Bandal zijn parfumerie Les parfums de Paris op. Paul-José Mpoku zal de ochtend daarop aan een eerste training deelnemen. De Luipaarden reizen op zaterdag af naar Bangui, de hoofdstad van de Centraal-Afrikaanse Republiek, waar ze op zondag hun eerste groepswedstrijd afwerken in de voorronde van de Afrika Cup 2017 en tegelijkertijd het WK 2018. Congo zal die wedstrijd met 2-0 verliezen. Mpoku zelf zet zijn familiebezoek voort en passeert bij tantes, nonkels, neven en nichten, ouderen en jongeren. Langs de weg naar de hoofdstad ligt het 'martelarenstadion', een heiligdom van 80.000 plaatsen dat bij elke wedstrijd van de Luipaarden afgeladen vol zit. Maar er is ook de stadsjungle, het verstikkende verkeer met voetgangers die slalommen door de stroom van auto's die hen niet schijnen op te merken, de esprits de mort (geesten des doods, de lokale benaming voor openbare minibusjes waarop de passagiers als sardienen in een blik zitten), mannen en vrouwen die zich vastgrijpen aan de portieren van auto's en altijd dezelfde scènes van het leven daar, van het overleven ook. Mpoku: 'De eerste keer dat ik iemand uit mijn entourage nog hoor klagen, geef ik hem een klap, mezelf incluis. Als je hier al die kinderen ziet die trachten te overleven...' De wolken die de hele tijd als een sluier over Kinshasa gehangen hebben, maken stilaan plaats voor schemering. Het donker doet kort na 18 uur zijn intrede. De volgende halte brengt ons bij Maman Docteur, de zus van de moeder van Paul-José Mpoku, die al klaarstaat met de andere leden van de 'Belgische delegatie'. Behalve Maman Docteur (zoals uit haar bijnaam af te leiden valt: arts en hoogleraar aan de universiteit van Kinshasa) zijn er nog heel wat verwanten aanwezig, zoals Tonton Donatien, die ook in Verviers woont en een van de jeugdploegen van Spa traint. Na een warm welkom neemt Tonton Arthur ons mee naar hem thuis voor een maaltijd. De straat mag dan al hobbelig zijn, achter het hek ligt een mooi huis met drie verdiepingen. Tonton Arthur is financieel adviseur bij de Société Nationale d'Electricité. Zijn pak-met-das is snel ingeruild voor een meer coole outfit. Op het menu staan kip moamba, pondu en foutou van bananen. Een heerlijke avond wordt afgesloten met een gloedvol collectief gebed. Vrijdag 4 september. Polo vat het plan op om een wandelingetje te maken op de centrale markt van Kinshasa, maar lang duurt dat niet. Djogo wordt al snel herkend en nadat hij een aantal biljetten van Congolese frank heeft uitgedeeld vlucht hij terug naar zijn 4x4. 'In Congo kunnen de sterren van het voetbal of de muziek niet zomaar op openbare plaatsen rondwandelen', zegt veiligheidsverantwoordelijke Dédé. 'Het kan snel de verkeerde kant opgaan, zeker als er sheguey aan te pas komen, die al eens de machete durven boven te halen. Ook al waant Paul-José zich geen ster, bij de match van november aanstaande kan het best zijn dat we hem met acht of tien personen beschermen.' 's Avonds wacht een nieuw dinertje. Weer in de wijk Bandal, maar dit keer op een privélocatie, bij Papy Felix, de oom van de vader van Paul-José. Het is een klein, bescheiden feestje voor zowat... honderd mensen. Heel normaal hier. Het menu is hetzelfde als dat van de avond tevoren en even lekker. Om de avond af te sluiten ontvangen Polo en Melissa bij wijze van verwelkoming een geit. Die zal de dag nadien klaargemaakt worden, wanneer de oud-speler van Standard alweer op een vlucht naar Brussel zit, en vervolgens naar Verona. De rest van de familie zal zondag nakomen. Gedurende enkele dagen is Mpoku helemaal ondergedompeld in het leven van Kinshasa, de familiemaaltijden en de vele warme omhelzingen. Bij de volgende wedstrijd van de Luipaarden zal hij afgeschermd worden van al die opwinding. 'Het is echt een andere wereld', vertelt Josée, de moeder van Djogo. 'De mensen mogen het hier dan al moeilijk hebben, zodra ze bijeenkomen, laten ze hun zorgen achter zich en zie je niks dan lachende gezichten. En zo is het de hele tijd. Eenzaamheid, zoals in België, bestaat hier niet, je hebt altijd een oom of een tante die zich om jou bekommert.' Met een beetje pijn in het hart stapt ze op het vliegtuig. In België werkt ze als familiehulp voor het Waalse gewest. 'In België zijn er veel meer depressies, terwijl men er zo veel meer financiële middelen heeft.' Vader Désiré verzekert ons dat hij in november teruggaat om de match van zijn zoon tegen Angola bij te wonen, diens eerste officiële interland voor de Luipaarden. 'Maar ik niet alleen. Paul-José zal zeker honderd plaatsen moeten voorzien voor de familie!' Paul-José, die ondertussen weer het dagelijkse ritme bij zijn club heeft opgepikt, stuurt tot slot nog een laatste bericht: 'Ik had je toch gezegd dat het een gekkenhuis zou worden!' DOOR THOMAS BRICMONT IN CONGO - FOTO'S BELGAIMAGE - JUNIOR D. KANNAH'Zodra het voor Paul-José moeilijk leek te worden om bij de Belgische selectie te geraken, was het toch beter dat hij naar Congo kwam?' FLORENT IBENGE 'In België wind je je op over futiliteiten, gooi je eten weg. Wanneer je dit ziet, ben je verplicht om jezelf opnieuw in vraag te stellen.' PAUL-JOSÉ MPOKU 'Eenzaamheid zoals in België bestaat hier niet, je hebt altijd een oom of een tante die zich om jou bekommert.' MOEDER JOSÉE 'In Congo kunnen de sterren van het voetbal of de muziek niet zomaar op openbare plaatsen rondwandelen. Het kan snel de verkeerde kant opgaan.' VEILIGHEIDSVERANTWOORDELIJKE DÉDÉ