1 1/8e FINALE WK 1986

Zonder twijfel de meest memorabele interland van de Rode Duivels uit mijn carrière. Om meerdere redenen: het majestueuze Mexicaanse decor, de eerste ronde die dramatisch was verlopen, de op papier kansloze opdracht tegen de Russen en dan de totale ommekeer, die pas in de halve finales eindigde.
...

Zonder twijfel de meest memorabele interland van de Rode Duivels uit mijn carrière. Om meerdere redenen: het majestueuze Mexicaanse decor, de eerste ronde die dramatisch was verlopen, de op papier kansloze opdracht tegen de Russen en dan de totale ommekeer, die pas in de halve finales eindigde. Rusland had in de groepsfase indruk had gemaakt met een 6-0-zege tegen Hongarije. Niemand geloofde in het Belgische kamp echt in een zege in León en in het basiskamp in Toluca werd alles ingepakt om na de match snel naar Brussel terug te kunnen vliegen. De Rode Duivels zagen aanvankelijk alle hoeken van het veld. Het leek alsof alleen Jean-Marie Pfaff de Russen kon tegenhouden. Hij kon echter niet verhinderen dat Igor Belanov de score opende. Met meer geluk dan wijsheid knokten de Belgen zich terug in de match. Enzo Scifo maakte gelijk, maar het gevaar Belanov viel niet te bezweren en de jongens van bondscoach Valerij Lobanovski kwamen twintig minuten voor tijd weer op voorsprong. Zeven minuten later maakte Jan Ceulemans gelijk. In de verlengingen bleken de Belgen fysiek zowaar de betere ploeg. De counters werden scherper en Stéphane Demol met een kopstoot en Nico Claesen met een volley zorgden voor een onverhoopte voorsprong. Belanov maakte zijn derde doelpunt van de avond van op de strafschopstip, maar dat volstond niet. Jean-Marie Pfaff hield immers stand. De match was vanwege het uurverschil met Mexico pas na middernacht Belgische tijd van start gegaan, maar dat verhinderde niet dat er over heel het land straatfeestjes losbarstten. In León werden spelers en journalisten na afloop op een wolkbreuk vergast, zodat iedereen halsoverkop beschutting zocht in de kleedkamers. De bagage mocht na terugkeer in Toluca weer worden uitgepakt.Een Derby der Lage Landen is altijd speciaal. Zeker als er een kwalificatie voor het WK op het spel staat. België en Nederland moesten barragewedstrijden spelen om naar Mexico '86 te mogen gaan. De Rode Duivels wonnen de heenwedstrijd op Anderlecht met 1-0, met een doelpunt van Frankie Vercauteren. De return werd de mooiste nederlaag uit de Belgische voetbalgeschiedenis. Het was min zes in de Kuip toen beide ploegen elkaar opnieuw ontmoetten. In de aanloop naar het beslissende duel vochten de bondscoaches Guy Thys en Leo Beenhakker een robbertje psychologische oorlogsvoering uit. Er was vooral heel wat te doen rond John van Loen, de boomlange spits van onze noorderburen. 'Ik denk niet dat Van Loen start', doorzag Thys de plannen van zijn opponent. 'Daarom houd ik Georges Grün op de bank. Zodra Van Loen in het veld komt, maakt Grün zijn opwachting.' België was de meest dreigende ploeg in de eerste helft, maar aan de rust was er nog niet gescoord. Dus besliste Leo Beenhakker om plan-B in werking te brengen en de boomlange John van Loen de bevroren wei in te sturen. Het leek een gouden zet. Peter Houtman kopte een voorzet van Rob de Wit binnen en een kwartier voor tijd belandde een center van Ruud Gullit via de voet van René Vandereycken tot bij De Wit, die er 2-0 van maakte. De Zilveren Vloot voer langzaam maar zeker De Kuip binnen, maar, o ironie, de gouden wissel van Beenhakker zou de doodsteek voor Oranje blijken. Niet aanvaller John van Loen, maar verdediger Georges Grün - die was ingevallen om Van Loen in bedwang te houden - besliste wie naar Mexico mocht. Vijf minuten voor tijd gooide Erik Gerets de bal voor doel, waar Grün het kopduel won van ... Van Loen: 2-1. Wellicht de beroemdste en meest bejubelde treffer voor de Belgische kleuren.Het is nu bijna niet te geloven, maar er waren nauwelijks Belgische supporters in het Stadio Olimpico van Rome voor de meest historische match van de Rode Duivels sinds 1920. De Rode Duivels waren eerste geworden in een groep met Engeland, Spanje en thuisland Italië. Een complete verrassing, want de ploeg van Guy Thys had zich slechts op de valreep kunnen plaatsen voor de eindronde. De Belgen toonden in de finale aanvankelijk te veel respect, maar na de pauze veranderde het spelbeeld. 'Toen we de match in handen namen, werden de Duitsers heel onzeker', constateerde Jan Ceulemans. René Vandereycken was de 'held' van het EK. In het duel met Italië had hij spelmaker Giancarlo Antognoni uit de wedstrijd geschopt en in de eindstrijd was de reus Hans-Peter Briegel zijn slachtoffer. De Limburger eiste gelukkig ook op een meer positieve manier een hoofdrol op. Hij bracht de Rode Duivels een kwartier voor tijd langszij van op de strafschopstip. Een verdiende gelijkmaker. De Rode Duivels bleken de meest fitte ploeg en leken op weg naar verlengingen. Vlak voor tijd kopte Horst Hrubesch, bijgenaamd 'das Ungeheuer' (het monster), echter een hoekschop van Karl-Heinz Rummenigge voorbij Jean-Marie Pfaff (2-1). De Rode Duivels keerden als Europees vicekampioen terug en er stonden op Zaventem toch duizenden supporters hen op te wachten.De derde nederlaag in mijn top vijf, wat duidelijk moet maken dat winnen niet het allerbelangrijkste is in het voetbal. Verliezen in stijl is een kunst en blijft vaak langer in het geheugen gegrift dan een zege met anti-voetbal. Denk maar aan het Oranje van Cruijff dat in 1974 de finale van het WK verloor tegen West- Duitsland. De wedstrijd tussen België en Engeland was het hoogtepunt van een zwak toernooi met veel te veel defensief voetbal. Enzo Scifo en Jan Ceulemans troffen het doelhout, maar ook de Engelsen speelden in de egie van Paul Gascoigne een prima partij. Het WK moest helaas afscheid nemen van één van beide ploegen. Het leek alsof strafschoppen zouden uitmaken wie naar de kwartfinales mocht, maar in de laatste minuut van de verlengingen sloeg het noodlot toe voor de Belgen. Een vrije trap in de buurt van de middellijn werd op schitterende wijze op de slof genomen door David Platt en Michel Preud'homme was kansloos. De ontgoocheling bij de Rode Duivels was enorm. Ze hadden veel beter voetbal op de mat gelegd dan vier jaar voordien in Mexico, maar moesten twee rondes eerder naar huis.Het eerste WK had in 1930 in Uruguay plaats. Aanvankelijk leek er geen behoefte aan een Wereldbeker te bestaan. In 1908 werd het voetbal immers toegevoegd aan het programma van de Olympische Spelen. De Engelse amateurs wonnen goud in 1908 en 1912. Het derde olympische voetbaltoernooi had in Antwerpen plaats. Volgens Guy Oliver, de directeur van het FIFA-museum in Zürich, moeten deze drie olympische toernooien en die van 1924 en 1928 beschouwd worden als de eerste Wereldbekers. ' Belgen, vergeet nooit den naam uwer eerste wereldkampioenen op voetbalgebied!' Zo stond het ook te lezen in het verslag van het weekblad Sport-Revue. Eigenlijk is dit het absolute hoogtepunt uit de geschiedenis van de Rode Duivels, maar we weten te weinig van deze interland om hem de eerste plaats toe te wijzen. Vijf Rode Duivels konden hun conditie tijdens de bittere oorlogsjaren op peil houden dankzij hun confrontaties als The Front Wanderers in benefietwedstrijden voor vluchtelingen in Groot-Brittannië tegen klassieke topclubs als Chelsea, Celtic, Manchester United, Everton en Aston Villa. Ze vormden de as van een sterk elftal dat zich van juli af met drie trainingen per week klaarstoomde voor de Spelen in augustus. Dit onder leiding van de Engelse bondscoach WilliamMaxwell. De sterkhouders waren de lenige keeper Jan De Bie (Racing Brussel), de intelligente rechtsachter Armand Swartenbroeks en de aalvlugge linksbuiten Dis Bastin (Antwerp). De finale zorgde voor een ware volksverhuizing. Het Olympisch Stadion op het Kiel barstte uit zijn voegen. Tweeënveertigduizend Belgen, al dan niet met een toegangsticket, bezetten de tribunes. Kwajongens groeven een put onder de omheining om in het stadion te geraken.De Belgen hanteerden hun favoriete spelletje. Ze schonken de Tsjechoslowaken het balbezit en schiepen chaos met snelle uitbraken. Een voorzet van de watervlugge Bastin werd door een verdediger met de hand beroerd en Robert Coppée zette de strafschop om. Bastin speelde wat later Henri Larnoe aan, die twee verdedigers in de wind zette: 2-0 nog voor het halfuur. ' En toen gebeurde het beslissende incident', schreef onze wereldberoemde scheidsrechter John Langenus in zijn boek 'Van hier en overal'. ' Twee minuten voor de rust was Coppée doorgebroken en back Steiner stopte hem met een vrijwillige trap op het bovenlichaam. Coppée viel neer en Steiner werd door de scheidsrechter uitgesloten. Al de andere Tsjechische spelers volgden hun makker naar de kleedkamers. Daarmede was de wedstrijd geëindigd na 43 minuten. Het volk overspoelde het veld en jubelde als nooit tevoren. De hele buitenlandse pers getuigde dat de besten dit olympisch voetbaltoernooi hadden gewonnen.'De Belgische spelers kregen de status van helden, maar konden amper in hun levensonderhoud voorzien. Ze ontvingen tijdens de Spelen tien frank per dag. Een som die niet volstond om uitrusting en treintickets te betalen.