Het is woensdag 28 september. Om 13 uur biedt Paolo Condò zich aan in Cobham, het trainingscentrum van Chelsea 40 kilometer ten zuidwesten van Londen. De Italiaanse journalist, ooit sterreporter van La Gazzetta dello Sport, maakt voor tv-zender Sky een reeks waarin hij toptrainers interviewt: 'Mister Condò'. Voor het nieuwe seizoen is zijn eerste afspraak er een met Antonio Conte, die met een fantastische prestatie op het EK gans Italië een onvergetelijke zomer heeft bezorgd. Voor zijn vertrek naar Engeland verwacht Condò elk moment een telefoontje om de afspraak te annuleren, maar de telefoon rinkelt niet. Chelsea heeft de week daarvoor net twee topmatchen verloren: Chelsea-Liverpool (1-2) en Arsenal-Chelsea (3-0). Wanneer Condò naar Londen vliegt, staan de Blues met tien punten uit de eerste zes wedstrijden op een weinig eerbare achtste plaats.
...

Het is woensdag 28 september. Om 13 uur biedt Paolo Condò zich aan in Cobham, het trainingscentrum van Chelsea 40 kilometer ten zuidwesten van Londen. De Italiaanse journalist, ooit sterreporter van La Gazzetta dello Sport, maakt voor tv-zender Sky een reeks waarin hij toptrainers interviewt: 'Mister Condò'. Voor het nieuwe seizoen is zijn eerste afspraak er een met Antonio Conte, die met een fantastische prestatie op het EK gans Italië een onvergetelijke zomer heeft bezorgd. Voor zijn vertrek naar Engeland verwacht Condò elk moment een telefoontje om de afspraak te annuleren, maar de telefoon rinkelt niet. Chelsea heeft de week daarvoor net twee topmatchen verloren: Chelsea-Liverpool (1-2) en Arsenal-Chelsea (3-0). Wanneer Condò naar Londen vliegt, staan de Blues met tien punten uit de eerste zes wedstrijden op een weinig eerbare achtste plaats. Het interview verschuift een half uur, zegt de perschef van Chelsea: Conte moet eerst nog eten. Maar ook om half twee daagt de trainer niet op. Hij praat met zijn spelers. Condò kijkt op zijn uurwerk. Het is al twee uur. De Big Boss, Roman Abramovitsj zelf, is op het trainingscomplex aangekomen voor een onderhoud met de technische staf. Om half vier verlaten Contes assistenten het complex, om vier uur knikt Abramovitsj bij het buitengaan minzaam naar de Italiaanse gast. Eén minuut later meldt Conte zich, nog zichtbaar gespannen. Het was al de tweede dag op rij dat de Russische eigenaar het trainingscentrum bezocht, en zich alle video's van de trainingen en de nieuw ingestuurde oefeningen liet tonen. 'Als we zo verder blijven doen, komen de resultaten vanzelf, zei hij me', haalt Conte opgelucht aan. Of hij al gedacht had aan zijn geheim recept, de 3-5-2-toverformule waarmee hij eerst Juventus en daarna het Italiaanse elftal aan het voetballen kreeg, wil de journalist weten. De trainer grinnikt: 'Waar denk je dat we de vorige twee dagen intensief op getraind hebben? Ik moet alleen nog een goeie rechterflankspeler vinden.' Gelooft hij nog in de titel? Conte zucht. 'Dit team eindigde vorig jaar tiende en de mercato was niets bijzonders. Ik zal al blij zijn als we bij de vier eersten eindigen. Ik ben geen man die mirakelen verricht.' Drie dagen later treedt Chelsea in de uitwedstrijd op Hull City voor het eerst met drie verdedigers aan. Omdat zijn wonderrecept, de 3-5-2, hier niet aanslaat, schakelt hij over op een 3-4-3. Chelsea wint op Hull met 0-2, de eerste van dertien opeenvolgende zeges. Pas op 4 januari gaan de Blues nog eens de boot in, bij Tottenham. Maar ook na die nederlaag staat de ploeg nog comfortabel aan de leiding. Het nieuwe concept slaat aan. De tactische ingreep blijkt, net als bij Juve in Contes eerste jaar, de aanloop naar de landstitel. Als je zijn twee jaar als bondscoach even vergeet, is het zijn vierde landstitel op rij. Uiteindelijk wordt de driemansdefensie dé tactische vernieuwing van het jaar in de Premier League, in een land waar men altijd met vier achterin heeft gevoetbald. Op een bepaald moment pakken liefst 17 van de 20 eersteklassers met een driemansverdediging uit. Zelfs Arsène Wenger probeert het, voor het eerst in 20 jaar Arsenal. De gelijkenis tussen Contes eerste jaar bij Juventus en zijn debuut bij Chelsea is treffend. Juve was twee keer zevende geworden, Chelsea tiende. Conte heeft zijn vrouw Elisabetta en dochter Vittoriain Turijn achtergelaten. Zijn tweede huis wordt het Italiaanse Gola Restaurant, dicht bij Stamford Bridge. Op woensdag 13 juli staat Conte bij Chelsea voor het eerst op het trainingsveld in Cobham, goed tien dagen nadat Duitsland Italië uitschakelde op het EK. In Engeland heeft men de handleiding om met Conte succesvol samen te werken gelezen. Leonardo Bonucci,die met Conte werkte bij Bari, Juventus en de nationale ploeg en die nu ook op Contes verlanglijstje bij Chelsea staat, zegt in de Engelse pers: 'Als hij praat, luister dan. Doe wat hij vraagt, ga niet in discussie. Antonio houdt van leiders, maar verdraagt niet dat spelers denken dat ze belangrijker zijn dan hij. Hij is de baas, en als je hem volgt, zal je merken dat hij een van de beste voetbalbazen is die je kan hebben.' 's Anderdaags geeft de nieuwe trainer zijn eerste persconferentie. In het Engels. Gans het seizoen zal hij over zijn woorden struikelen en vragen om een vraag te herhalen. Het levert hilarische filmpjes op YouTube op, maar hij is de eerste om met zichzelf te lachen als hij zich weer eens vergist, bijvoorbeeld wanneer hij begint over de waarde van John Terry, terwijl de vraag luidde welke erfenis José Mourinho bij Chelsea heeft nagelaten. Eén Engels woord kent hij wel al goed. Zo goed dat hij het in zijn één uur durende eerste persconferentie precies 32 keer gebruikt: work. Niemand die er nog aan twijfelt wat hij van zijn nieuwe discipelen verlangt. 'Om goed te kunnen voetballen en resultaten te behalen, heb je een goeie fysieke voorbereiding nodig.' Op de eerste trainingsdag waren er al meteen twee oefensessies geprogrammeerd. Dagelijkse kost in een Italiaanse voorbereiding, maar niet in Engeland. In zijn biografie 'Ik denk dus ik speel' heeft Andrea Pirlo alleen maar lovende woorden voor de trainer die hem in de herfst van zijn carrière een nieuwe uitdaging bezorgde. Waar hij bij Milan uitgeblust en op zijn retour leek, maakte Conte hem de motor van het nieuwe Juventus. 'Ik beschouw mezelf als een geprivilegieerd man: ik ken Antonio Conte. Ik heb in mijn leven met heel wat trainers gewerkt, maar hij is degene die me het meest verbaasde.' Op de eerste dag van het trainingskamp met Juventus in de bergen riep Conte de hele kern samen, schrijft Pirlo. 'Hij zei: 'Jongens, de laatste twee jaar zijn we zevende geworden. Een ramp, iets wat gewoon niet kan. Ik ben niet naar hier gekomen voor zo'n resultaat. Het wordt tijd dat we stoppen met slecht zijn. Eenieder die hier zit, heeft er de afgelopen jaren weinig van gebakken. Jullie moeten vanaf nu maar één ding doen, en dat is erg simpel: mij volgen. We moeten terug naar het niveau waar deze club thuishoort. Jullie moeten allemaal dezelfde gedrevenheid opbrengen als ik.'' Pirlo vervolgt: 'Het is simpel: je doet wat hij vraagt, of je speelt niet mee. Hij pint zich vast op elk detail, en zet het naar zijn hand. Op tactisch vlak liet hij ons urenlang naar video's kijken, terwijl hij uitlegde waar en waarom we in de fout gingen. Op training wonnen we alle wedstrijden, omdat we geen tegenstander hadden. Van maandag tot vrijdag trainden we met elf tegen niemand. Soms liet hij ons drie kwartier dezelfde automatismen herhalen, tot alles perfect liep. Het gevolg was dat we ook in het weekend, wanneer we met 11 tegen 11 speelden, wonnen. 'Ik verwachtte dat Conte een goeie trainer zou zijn, maar niet dat hij zo goed was. Ik verwachtte dat hij hard en bezeten zou zijn, maar veel trainers kunnen ook op tactisch en technisch vlak nog van hem leren.' Dat Conte zou uitgroeien tot een toptrainer, zagen weinigen aankomen. Als een schuchtere jongeman arriveert hij in november 1991 van Lecce bij het Juventus van Giovanni Trapattoni. Hij kijkt enorm op naar namen als Roberto Baggio en Zinédine Zidane en spreekt iedereen met de beleefdheidsvorm 'u' aan. 'Ik was speler én fan', zegt hij over die periode. 'Zidane maakte het ongelofelijke simpel. Je keek naar hem en je dacht: dat moet ik ook kunnen. Maar als je het probeerde, sloegen je benen in een knoop.' In zijn eerste match, een vriendschappelijk duel tegen Bayern, geeft hij een te korte terugspeelbal op doelman Stefano Tacconi:doelpunt voor Bayern. Conte denkt al dat zijn avontuur in Turijn erop zit, maar de volgende dag neemt Trapattoni hem apart: 'Trek het je niet aan. Wat voorbij is, telt niet. Kijk vooruit. Je hebt hier nog mooie jaren voor je.' De schuchtere zuiderling zal in totaal dertien jaar voor Juventus voetballen, waarvan vijf jaar als kapitein, en wint met de Oude Dame als speler vijf landstitels, de UEFA Cup en de Champions League. Bij Juventus is hij niet de grote ster, maar een dynamische box-to-box-speler, die onafgebroken over en weer draaft en werkt om beter te worden. Hij zal zijn leergierigheid als speler zijn grootste kwaliteit noemen: 'Ik heb altijd teruggeslagen, altijd in functie van de ploeg. Voor mij is het simpel: je bent voor of tegen het team.' Trainers dwepen met hem. Conte gaat voorop in de strijd, op training en in de match. Zijn coaches verwachten dat hij, de perfecte teamspeler, zijn wilskracht en teamspirit overzet op de rest, zich bewust zijnde van zijn voetballende beperkingen. Zonder Trapattoni had hij het bij Juventus niet gemaakt, geeft hij toe. 'Van hem leerde ik dat een trainer nederig moet kunnen zijn. Hij stond altijd ten dienste van zijn spelers, maakte tijd om elk van hen beter te maken. Zonder hem had ik geen dertien jaar bij Juventus kunnen spelen. Hij was als een vader voor mij, die mijn moeilijkheden begreep, me vertrouwen gaf en nableef om aan mijn zwakke punten te werken. 'Als je verliest, leer je', zegt hij later. 'Je probeert te begrijpen waarom je niet hebt gewonnen, en dat toe te passen. Pas als ik win, word ik rustig. Alleen dan ben ik relaxed.' Hoe geobsedeerd hij is door winnen, blijkt ook uit de naam die hij negen jaar geleden bij de geboorte van zijn dochter kiest: Vittoria.Symbolischer kan een keuze niet zijn. Op zijn 20e traint hij het schoolteam van zijn tien jaar jongere broer. 'Ik wist meteen dat ik als trainer het talent had dat ik als speler miste. Als voetballer kon ik hard en veel lopen, en zette ik me helemaal in voor het team, maar dat was het dan ook. Meer kon ik niet.' Zijn eerste selectie voor de Squadra herinnert hij zich nog goed. Het wordt een belangrijke eyeopener die hem doet nadenken over zijn vak, een moment waarop hij zich bewust wordt van het belang van een visie voor een trainer, en hoe die over te zetten op zijn spelers: 'Arrigo Sacchi hanteerde een 4-4-2, terwijl we bij Juventus nog mandekking met een ouderwetse libero speelden. Sacchi was een revolutionair in het Italiaanse voetbal, zoals Johan Cruijff dat was voor Ajax en Oranje. Toen hij me voor het eerst selecteerde, ging ik met schrik naar het afzonderingsoord. Zonevoetbal was niet bepaald mijn specialiteit. Ik had bij de nationale ploeg de hele tijd hoofdpijn. Ik wist niet wat ik moest doen, als een scholier die onvoorbereid op een examen komt. Elke beweging moest ingestudeerd worden. Dus ging ik achterin de rij staan, achter de Milanspelers, die ons hielpen, want zij kenden die automatismen.' Wanneer hij in 2004 stopt bij Juventus, gaat hij in het Toscaanse Coverciano de trainersopleiding volgen. Hij krijgt een kans als hulptrainer bij Siena, en mag daarna als hoofdcoach aan de slag bij derdeklasser Arrezzo, dat met een flinke puntenhandicap aan de start komt en bij voorbaat kansloos is. Hij begint het seizoen, wordt weggestuurd en op het einde teruggeroepen. Tussendoor volgt hij in Amsterdam een training van Louis van Gaal bij Ajax. Wanneer hij zich 's anderdaags weer aanbiedt, is er een training achter gesloten deuren, zegt de suppoost die hem wel wegstuurt maar eerst zijn handtekening vraagt. Tweedeklasser Bari biedt hem een nieuwe kans. Tijdens die job beëindigt hij zijn universitaire studies in sportwetenschappen met een thesis met als onderwerp: 'de psychologische aanpak van de trainers', waarin hij een hoofdstuk besteedt aan Arrigo Sacchi, 'de trainer die mijn hoofd aan het denken zette en die mijn voetbalvisie veranderde'. Terwijl hij in maart 2009 met Bari op weg is naar de Serie A, krijgt hij een telefoontje van Juventus. Dat heeft voor veel geld Diego bij Werder Bremen weggekocht en het maakt de kandidaat-trainer duidelijk dat Diego niet van plan is om in Contes 4-2-4-systeem te functioneren, maar graag zou hebben dat zijn nieuwe ploeg 4-3-1-2 praktiseert. Waarop de kandidaat-trainer afhaakt: 'Je moet keuzes maken. Als een speler die keuzes beïnvloedt, praat je met de verkeerde man.' Twee jaar later nodigt Juventusvoorzitter Andrea Agnelli Conte alsnog uit voor een vrijblijvend gesprek, over wat volgens hem scheelt aan Juve dat twee keer op rij zevende is geworden. Ondertussen promoveerde Conte met Bari en Siena, en was hij ook nog aan de slag bij Atalanta, waar hij opstapte toen de supporters zich tegen trainer en spelers keerden. Na het gesprek weet Agnelli wie hij als trainer wil. In november 2011 gooit de nieuwe Juventuscoach zijn geliefkoosde 4-2-4 overboord in een match tegen Napoli. Bij de rust staat Juve met 2-0 achter, maar de wedstrijd eindigt op een 3-3-gelijkspel en de spelers zijn overtuigd van het nieuwe systeem. De man die tot dan zwoer bij een 4-2-4, predikt voortaan een nieuw tactisch evangelie. Hij, de kleermaker-trainer, kiest 'voor kleren die de spelers het best passen'. Dat seizoen wordt Juventus ongeslagen kampioen. Wanneer Conte in september 2014 onverwacht na drie titels Juventus verlaat en bondscoach wordt van de nationale ploeg die net een teleurstellend WK heeft afgewerkt, schuift hij al snel supertalent Mario Balotelli aan de kant. Voetballers die verwachten dat het spel op hen geënt wordt, daar kan Conte niets mee aanvangen. Aan wie wel mee wil, biedt hij een handleiding. 'Als speler wist ik niet wat doen wanneer ik aan de bal kwam. Dus controleerde ik die bal, keek rond, en hoorde het publiek al fluiten. Voor voetballers als ik is een uitgekiend tactisch plan met duidelijke afspraken een grote hulp. Dat wil ik mijn spelers aanreiken. Een methode en goed ingeoefende automatismen waar elke speler op elk moment weet wat van hem verwacht wordt. Wie daarin meegaat, blijft, met de anderen kan ik niet werken. Ik heb spelers nodig die zich helemaal geven. Wat telt, is het collectief, tactiek en inzet. Je bereikt maar iets als groep. Pas daarna mag talent bovendrijven. Eerst moet het zich ondergeschikt maken aan het systeem.' Wanneer Contes team het veld opkomt, weet elke speler precies wat hij moet doen wanneer zijn ploeg de bal heeft, en wat te doen wanneer zijn team de bal niet heeft. Niet voor niets noemt Bonucci,die met hem werkte bij Bari, Juventus en de nationale ploeg, hem 'de hamer'. Omdat hij altijd maar blijft hameren en de nadruk leggen op elk detail, tot dat erin geslepen is. Ook Massimo Carrera kent de ingrediënten voor Contes succesrecept. Hij was van 2011 tot 2014 Contes assistent bij Juventus, en voerde afgelopen seizoen als hoofdtrainer Spartak Moskou naar de titel in Rusland. 'Contes geheim is altijd zijn enthousiasme geweest. Hij heeft die aanstekelijke energie waarmee hij het beste in elke speler naar boven haalt. Sommigen aarzelen een beetje in het begin, omdat ze er tegen opkijken om zo hard te werken, maar zodra ze begrijpen wat hun inspanningen zullen opleveren, zijn het de eersten om te vragen om nog harder te werken. Antonio is de beste trainer ter wereld omdat zijn spelers alles weten over de tegenstander wanneer ze het veld op komen. Elk zwak en elk sterk punt. Met hem is een speler altijd zeker. Hij zal nooit, nooit verrast worden.' Conte is geen vaderfiguur, maar een prof tussen profs. Hij inspecteert 's avonds zijn spelers niet, zegt niet wat ze moeten eten, wanneer ze moeten gaan slapen, hij nodigt geen vrouwen en kinderen uit. Hij praat veel met zijn spelers, geeft trainingen waar alles eindeloos herhaald wordt tot het perfect uitgevoerd wordt. Niet alleen het team moet zich volgens zijn plan over het veld bewegen, ook de individuen wordt uitgelegd hoe ze hun lichaam moeten gebruiken. Spelers zijn geen eilandjes. De trainer toont ze waar ze ten opzichte van elkaar moeten lopen. Dat gebeurt niet alleen op het veld, maar ook met videosessies die tot een uur duren, met beelden van trainingen, wedstrijden van het eigen team en de tegenstander. Ook bij Chelsea moeten de topvoetballers, net als bij Juventus destijds, wennen aan de werkwijze van de nieuwe coach. Bijvoorbeeld aan de stop-start-methode die Conte op training hanteert: als iets niet loopt zoals hij wil, legt hij de zaak stil, en corrigeert fouten en positiespel. Wie wedstrijdjes wil spelen op training, is bij hem aan het verkeerde adres: 'Wedstrijdjes speel je met je vrienden, niet met mij.' Ook aan de lange videosessies zijn ze niet gewend, merkt de trainer. Na vijf of tien minuten verslapt hun aandacht. Tot hij de focus verandert. 'We bekijken die matchen niet om te zien wie fouten maakte, maar wat we kunnen verbeteren.' Het voetbal van de toekomst, zegt hij, zal nog sneller, nog intenser, nog technischer worden dan nu. 'Er zullen nog meer kilometers afgelegd worden, spelers moeten nog meer atleet worden.' Talent, vindt hij, zit in het uitwerken van ideeën. Vooral op aanvallend vlak. 'Goed kunnen aanvallen maakt in het moderne voetbal het verschil tussen gewoon goed en geniaal.' Modern voetbal is voor Conte: balbezit, hoge pressing, vooruit verdedigen, snel omschakelen bij balbezit. Hij is een trainer met een vast plan. Iemand die nooit het woord 'ik' gebruikt, maar altijd 'wij'. Die geen prima donna's wil, maar een collectief. Die altijd het voorbeeld geeft, weinig slaapt, als eerste aan tafel zit voor het eten, op training eindeloos op elk detail hamert, waardoor niemand zich voor minder dan 99 % durft te geven. Hoeveel uur is hij per dag eigenlijk met voetbal bezig? 'Reken maar na: een dag heeft 24 uur. Ik slaap vijf uur, breng drie uur met mijn gezin door. Dan blijven er zestien uur over.' door Geert Foutré - foto's BelgaimageHoe geobsedeerd hij is door winnen, blijkt uit de naam die hij negen jaar geleden bij de geboorte van zijn dochter kiest: Vittoria. 'Antonio is de beste trainer ter wereld omdat zijn spelers alles weten over de tegenstander wanneer ze het veld opkomen.' Massimo Carrera 'Ik heb in mijn leven met heel wat trainers gewerkt, maar Conte is degene die me het meest verbaasde.' Andrea Pirlo