B illy Bigmans. Dat was de bijnaam die toenmalig Ajaxcoach Henk ten Cate bedacht voor Wesley Sneijder. We zitten in de zomer van 2006 en de Amsterdamse club bereidt zich voor op een nieuw seizoen. Ten Cate vindt dat Sneijder te snel tevreden over zichzelf is en dat hij aan zijn fitheid moet werken. Met het 'koosnaampje' slaat Ten Cate de enige toon aan waar de middenvelder op dat moment oren naar heeft: hard en direct. Alleen zo kan hij het Utrechtse straatschoffie stimuleren om wat vaker het krachthonk op te zoeken. Sneijder geeft dat later ook toe: "Henk heeft me bewust gemaakt van wat er nodig is om de top te bereiken. Die bijnaam was niet bepaald vleiend, maar juist daardoor werd ik geprikkeld. Ik ben keihard aan de slag gegaan en Ten Cate beloonde me met een vrije rol, centraal op het middenveld. Dat was het beste seizoen dat ik bij Ajax gespeeld heb. Daarna was ik klaar voor het buitenland."
...

B illy Bigmans. Dat was de bijnaam die toenmalig Ajaxcoach Henk ten Cate bedacht voor Wesley Sneijder. We zitten in de zomer van 2006 en de Amsterdamse club bereidt zich voor op een nieuw seizoen. Ten Cate vindt dat Sneijder te snel tevreden over zichzelf is en dat hij aan zijn fitheid moet werken. Met het 'koosnaampje' slaat Ten Cate de enige toon aan waar de middenvelder op dat moment oren naar heeft: hard en direct. Alleen zo kan hij het Utrechtse straatschoffie stimuleren om wat vaker het krachthonk op te zoeken. Sneijder geeft dat later ook toe: "Henk heeft me bewust gemaakt van wat er nodig is om de top te bereiken. Die bijnaam was niet bepaald vleiend, maar juist daardoor werd ik geprikkeld. Ik ben keihard aan de slag gegaan en Ten Cate beloonde me met een vrije rol, centraal op het middenveld. Dat was het beste seizoen dat ik bij Ajax gespeeld heb. Daarna was ik klaar voor het buitenland." Dat hij ongelooflijk getalenteerd was, werd bij Ajax, waar de kleine Sneijder (1m70) van 2002 tot 2007 voetbalde, meteen duidelijk. Maar hij was ook een woelwater die bepaald geen blad voor de mond nam, hoewel hij een van de jongeren in de ploeg was. Zelfs Wesley Sonck, die zich verbaal toch ook aardig kan roeren, schrok ervan. Toen de Belg zich ooit eens op het veld bij zijn ploegmaat ging beklagen dat hij bij een vrijschop op doel had geschoten vanuit een onmogelijke hoek in plaats van een voorzet te geven, werd hij door de zes jaar jongere Sneijder meteen verrot gescholden. In Humo van 8 februari 2005 blikt Sonck (bij Ajax van 2003 tot 2005) terug op die periode: "Sommige spelers, Sneijder bijvoorbeeld, konden keiharde dingen zeggen zonder dat ze terechtgewezen werden. Hij kreeg wel eens een boete omdat hij zijn middelvinger naar de trainer ( Koeman, nvdr) had opgestoken." In zijn laatste seizoen bij Ajax werd Sneijder ook eens twee wedstrijden geschorst omdat hij een scheidsrechter had uitgescholden voor 'blinde tyfushond'. Ondertussen had zijn arrogante houding al voor heel wat tegenwind gezorgd. Zo publiceerde columnist Hugo Borst in oktober 2004 een stukje proza in het Algemeen Dagblad met de titel 'Meneertje Sneijder verdient een lesje', een kritische beschouwing over "een sleutelhanger die denkt dat hij al een sleutelfiguur is". Een passage: "Vorig seizoen riep meneertje dat geen routinier bij Ajax hem wat kon leren. Dat was beledigend, omdat Jari Litmanen op dat moment nog bij de Amsterdamse club rondliep. Zijn gebrek aan respect voor de Fin die Ajax mede groot maakte in de jaren negentig liet hij eens op training blijken. Wesley en Jari speelden elkaar vanaf twee meter een balletje toe. Expres schoot de jonge Sneijder de bal hard langs Litmanen, zodat die hem (onder hoongelach van Sneijder) kon halen. Litmanen liet zich niet onbetuigd en schoot de bal even hard langs Sneijder én keek er boos bij. Ik zie de esthetiek en het rendement van Wesley Sneijder ook wel, hoor. Altijd alles voetballend op willen lossen, tweevoetig, een puik afstandsschot en scorend vermogen. Maar daar hoort een glimlach bij, geen venijnige rotkop. Zo jong al op rancune drijven is niet goed. Maar een beetje vrolijkheid uitstralen is vast te veel gevraagd." Sommigen hielden dan ook hun hart vast toen Robin van Persie op maandag 28 juni 2010 boos van het veld ging in de achtste finale van het WK tegen Slowakije. Je moest geen geoefende liplezer zijn om te zien dat Van Persie tegen Van Marwijk uitvloog dat hij niet hém maar ... Sneijder had moeten vervangen. Voor de camera's van de NOS reageerde die laatste echter verbazend rustig: "Een paar jaar geleden had ik veel impulsiever gehandeld. De afgelopen jaren heb ik geleerd om twee, drie keer na te denken voor ik reageer. Ik heb heel veel geleerd van het verleden, ik kan nu veel beter inschatten wat ik moet zeggen." Ook Van Persie was er achteraf als de kippen bij om het voorval te minimaliseren. Nochtans had het er in de nasleep van de met 1-3 verloren kwartfinale tegen Rusland op het EK 2008 bovenarms op gezeten tussen die twee. Drie (!) maanden na de uitschakeling verkondigde Sneijder in Het Parool dat Van Persie tegen Rusland teamafspraken had geschonden door een vrije trap in kansrijke positie voor zich op te eisen. Waarop Van Persie de dag erna in het Algemeen Dagblad reageerde: "Daarover hadden we het kunnen hebben na de wedstrijd tegen Rusland in het hotel. Desnoods bij het ontbijt. Maar na die verloren partij koos Wesley ervoor om - zonder goedkeuring van de bondscoach - met zijn familie in een ander hotel te gaan slapen. Als je het nu toch over teamafspraken hebt." Ook met Mark van Bommel wilde het wel eens botsen. In Voetbal International van 1 april 2009 komt Sneijder nog één keer terug op die conflicten met andere Oranjespelers: "Er zijn een hoop leugens verspreid sinds het EK. Dat was jammer, want het was juist in die periode dat we met Oranje onder een nieuwe bondscoach ( Van Marwijk, nvdr) weer verder wilden. Intern hebben we het er amper over gehad, dat zegt genoeg. De buitenwereld maakt het vaak groter dan het in werkelijkheid is. Ik heb nog geen enkel seizoen meegemaakt waarin iedereen in een selectie vrienden van elkaar was. Dat hóéft ook helemaal niet. Zolang iedereen maar hetzelfde doel voor ogen houdt. En dat is het geval." Volgens Hugo Borst hadden sommige spelers én leden van de technische staf Sneijder zo hoog zitten dat ze hem uit de selectie wilden weren. Wat er ook van zij, het irritante gedrag en de bijhorende akkefietjes van de Utrechter ebden in het afgelopen anderhalf jaar langzaam maar zeker weg. Wat - of beter: wie - heeft voor die kentering gezorgd? Daarvoor lijken twee personen in aanmerking te komen: José Mourinho en, jawel, Yolanthe Cabau van Kasbergen. Zomer 2007: Sneijder krijgt zijn droomtransfer naar Real Madrid. In zijn eerste seizoen speelt hij onder coach Bernd Schuster de pannen van het dak en pakt hij met Real de titel. Ook Juande Ramos, die het tijdens het seizoen 2008/09 overneemt van Schuster, gelooft in de kleine Nederlander, maar verder dan twee treffers en twee assists komt hij niet. De redenen daarvoor zijn niet ver te zoeken: Sneijder raakt zwaar geblesseerd aan het begin van het seizoen en is een paar maanden out. Bovendien kan hij niet weerstaan aan de verlokkingen van het Madrileense nachtleven. Zijn huwelijk met jeugdliefde Ramona, met wie hij een zoontje Jessey heeft, komt daardoor onder druk te staan. Na dat belabberde seizoen komt de reddende hand uit Italië. José Mourinho wil hem absoluut bij Inter. Doordat sommigen bij Real het niet meer zien zitten met de nukkige Nederlander komt die transfer er ook. Bij het team uit Milaan is Sneijder niet langer een van de vele sterspelers in een groot ensemble, Mourinho maakt van hem de draaischijf in een machine die er vooral op gebouwd is om andere machines te saboteren. De Portugese wondercoach zet met Thiago Motta en Esteban Cambiasso twee verdedigende middenvelders in de rug van de Nederlander, waardoor die zich vooral kan toeleggen op het aanvallende gedeelte. In de nationale ploeg, waar hij geruggensteund wordt door Nigel de Jong en Mark van Bommel, speelt hij in een vergelijkbare constellatie. Bij Inter voetbalt hij wel meer als een nummer 10 dan bij Nederland. Het grote verschil met vroeger is dat hij in beide teams niet vies is van enig verdedigend werk. Dat gaf hij zelf ook onlangs toe in een interview met Voetbal International (28 april 2010): "Een paar jaar geleden verdedigde ik weinig mee. Ik was geen loper. Fysiek had ik daar in die fase van mijn loopbaan de inhoud niet voor en met mijn technische kwaliteiten kon ik dat compenseren. Mijn instelling was ook anders. Ik moest kennelijk door dit hele proces heen, voordat ik de voetballer kon worden die ik tegenwoordig ben." Dat er wat veranderde aan zijn instelling, heeft hij te danken aan sterke persoonlijkheden, zoals Henk ten Cate en José Mourinho. Vanaf dag één heeft die laatste hem duidelijk gemaakt wat er van een échte prof verwacht wordt. Daarnaast schrok de Portugees er ook niet voor terug om de bij Real verguisde speler belangrijk te maken in zijn team. Dat is een verantwoordelijkheid waar veel spelers op zouden afknappen, maar Sneijder werd er duidelijk sterker door. En het resultaat mocht er vorig seizoen ook zijn: titel, beker én Champions League. Tijdens het WK liet hij zich op hotel in Zuid-Afrika ontvallen: "Ik lijk wel een beetje op Mourinho." Om vervolgens te grappen: "Hij had mijn vader kunnen zijn. Ik kan echt van die man genieten. Hij staat heel dicht bij de groep. In het vliegtuig zit hij gewoon achterin tussen de spelers. Dat zie ik Bert van Marwijk nog niet doen." Toch volgt de Nederlander Mourinho niet naar Real. Hij heeft een goede reden om in Milaan te blijven: zijn kersverse shopverliefde vrouw voelt er zich immers als een vis in het water. Dat brengt ons meteen bij de tweede persoon die verantwoordelijk lijkt voor de metamorfose van Sneijder: de 25-jarige actrice en presentatrice Yolanthe Cabau van Kasbergen. Een goed jaar geleden leerden ze elkaar kennen en daarna ging het erg snel: ze zijn ondertussen al getrouwd voor wet en kerk. Voor de kerk, ja. Want Sneijder heeft zich, op aansporen van de katholieke Yolanthe, enkele maanden geleden laten dopen - in een kapel op het trainingscomplex van Inter nota bene - en is sindsdien een praktiserende gelovige. De ex-driftkikker beweert dat het geloof hem kracht en rust geeft. Tijdens het WK bad hij dagelijks samen met Yolan-the, desnoods per telefoon, een onzevader en sms'te hij regelmatig met een priester. Voor iedere wedstrijd zocht hij ook steevast een rustig plekje op om te bidden. Het lijkt er ondertussen op dat ook Rafael Benítez, de nieuwe trainer van Inter, Sneijders gebeden zal verhoren. De Spaanse coach, jarenlang het gezicht van Liverpool, maakte al duidelijk dat hij verder wil met Sneijder. De komst van de offensieve middenvelder Philippe Coutinho verandert daar weinig aan. De Braziliaan is nog maar achttien en meer een wissel op de toekomst dan een directe bedreiging voor Sneijder. Ook de Nederlander ziet een samenwerking met Benítez wel zitten. Beiden willen immers maar één ding: winnen. door steve van herpe"Ik heb heel veel geleerd van het verleden, ik kan nu veel beter inschatten wat ik moet zeggen. Wesley Sneijder"