Mocht zijn liefdesgeschiedenis met het voetbal geëindigd zijn de dag dat hij zijn voetbalschoenen aan de wilgen hing, nog zou Ernesto Valverde enkele mooie verhalen te vertellen hebben. Mocht de nieuwe coach van Barça het pocherige type geweest zijn, dan had hij er zeker graag aan herinnerd dat hij in de zomer van 1988 de eerste inkomende transfer was bij het FC Barcelona van Johan Cruijff, de Hollander die zijn stempel zou drukken op de geschiedenis van het voetbal in het algemeen en die van de Catalaanse club in het bijzonder.
...

Mocht zijn liefdesgeschiedenis met het voetbal geëindigd zijn de dag dat hij zijn voetbalschoenen aan de wilgen hing, nog zou Ernesto Valverde enkele mooie verhalen te vertellen hebben. Mocht de nieuwe coach van Barça het pocherige type geweest zijn, dan had hij er zeker graag aan herinnerd dat hij in de zomer van 1988 de eerste inkomende transfer was bij het FC Barcelona van Johan Cruijff, de Hollander die zijn stempel zou drukken op de geschiedenis van het voetbal in het algemeen en die van de Catalaanse club in het bijzonder. 'Dat is misschien flatterend, maar enkel een kwestie van toeval', verklaart Valverde daarover aan So Foot. Bescheidenheid of scherpzinnigheid? Het meest verspreide verhaal zegt dat Cruijff zoveel mogelijk Basken wilde aannemen om zijn arbeidsintensieve pressing te kunnen neerzetten, een spelprincipe waar hij de meeste Catalanen te lui voor achtte. Maar er bestaat een andere versie van het verhaal over de eerste transfers van het Barça uit 1988, namelijk dat de club besloten had haar trainersbank toe te vertrouwen aan Javier Clemente, in die tijd succestrainer bij de buren van Espanyol. Een keuze die niet in de smaak zou zijn gevallen bij bepaalde hoge pieten van de Blaugrana, die uiteindelijk op hun stappen zijn teruggekeerd. Maar ondertussen zouden enkele nieuwe spelers die Clemente gesuggereerd had, al getekend hebben. Onder wie Ernesto, eind jaren 80 een van de sleutels van de successen van de Pericos uit Barcelona. Javier Clemente is zonder meer de eerste trainer die de carrière van Ernesto Valverde in belangrijke mate zal tekenen. Hij is het ook die hem optuigt met de bijnaam Txingurri, Baskisch voor mier. De flankspeler valt uit de toon door zijn kleine gestalte (nauwelijks 1,70 meter) in een dan al heel erg atletisch voetbal. De Mier stelt de defensies in La Liga op de proef en ontdoet zich daarbij dankzij Clemente van zijn eerste bijnaam. Voor hij het pad van de excentrieke Baskische coach kruiste, werd Ernesto immers Mortadelo genoemd, vanwege zijn vermeende fysieke gelijkenis met een strippersonage. Zijn grote neus en de bril die hij naast het veld moest dragen voor zijn bijziendheid deden de Spanjaarden denken aan een van de helden van Mortadelo y Filemón. Bij zijn aankomst op Camp Nou, samen met negen andere spelers voor de eerste veelbewogen Barçazomer onder Cruijff, heeft Valverde het moeilijk om zich in de basis te spelen. Blessures remmen hem af en de hardheid van zijn trainer tast al eens zijn moreel aan. 1200 spelminuten en tientallen trainingssessies volstaan echter om getekend te worden door zijn ontmoeting met de Nederlander. Cruijff van zijn kant merkt algauw de toegenomen aandacht voor het spel van Ernesto, die zich vooral naast het veld onderscheidt wanneer hij op training komt aanwaaien met zijn 2pk'tje of zijn fiets, te midden van de Ferrari's en Mercedessen van zijn ploegmaats. Wanneer Clemente het roer overneemt bij Athletic, haalt hij Txingurri naar Bilbao. In zes seizoenen bij de Leones scoort Valverde 44 keer. Na een jaar Mallorca keert hij uiteindelijk ook terug naar de omgeving van het San Mamés om de leiding te nemen over de cadetes in het opleidingscentrum van de Baskische club. Voor hij zijn nieuwe leven begint, contacteert hij via een gemeenschappelijke vriend Johan Cruijff en brengt een namiddag met hem door om het over het voetbal en het trainersvak te hebben. Het tweede deel van Valverdes voetbalcarrière is dan gelanceerd. Het verhaal wordt algauw nog levendiger dankzij zijn vaste assistent Jon Aspiazu, gewezen coach van de B-ploeg van Athletic. Ernesto stuurt zijn adjunct tijdens de eerste helft van elke wedstrijd naar de tribunes. Beide mannen hebben elkaar ontmoet tijdens een gemeenschappelijk seizoen bij Sestao, waar de passes van de assistent zich wonderwel aanpasten aan de sprints van de coach en de defensies van de Spaanse tweede klasse terroriseerden. Nog steeds even complementair in hun nieuwe leven wisselen ze telkens hun indrukken uit tijdens de rust, want een match laat zich hoog op de tribunes niet op dezelfde manier beoordelen als aan de zijlijn. Hun samenwerking brengt hen aan het hoofd van de eerste ploeg, met de complimenten van Txiki Begiristain, technisch directeur van Barça: 'Ik hou van de manier waarop Ernesto's ploeg speelt. Het is van alle ploegen in de Primera wellicht de spelopvatting die het meest op de onze lijkt.' Wanneer Valverde vertrokken is naar Espanyol, dat hij naar de finale van de UEFA Cup zal leiden, is het de beurt aan Johan Cruijff himself om met complimenten te strooien: 'Het is een genot om Espanyol te zien spelen. Ik ben heel blij dat er mensen zijn zoals Ernesto of Frank Rijkaard (dan coach van Barça, nvdr), die de mensen plezier proberen te schenken door te spelen, want daarvoor bestaat het voetbal.' De andere club uit Barcelona, Espanyol, eert later haar voormalige speler en coach door diens naam te graveren boven poort 89 van haar nieuwe stadion en zo een plaats te geven tussen de beste 98 spelers uit de clubgeschiedenis. Als liefhebber van afgelikt voetbal treedt Xavi dat vanzelfsprekend bij: 'De ploegen van Valverde spelen een erg goed voetbal. Je ziet dat ze graag de bal hebben, dat ze hem niet wegtrappen.' Het geleverde voetbal van de geadopteerde Bask - hij is geboren in Extremadura, maar zijn ouders vestigden zich in Vitoria toen hij nog maar zes maanden was - kan nochtans de grootmachten van het schiereiland niet verleiden. Ernesto wijkt uit naar Griekenland om zijn trofeeënkast te vullen. In drie seizoenen te Piraeus, onderbroken door een matig jaar bij Villarreal, sleept hij drie kampioenstitels en twee bekers in de wacht. Zijn terugkeer naar eigen land wordt door Pep Guardiola begroet: 'Griekenland heeft een grote coach verloren en wij krijgen een grote fotograaf terug.' De huidige trainer van Manchester City onderstreept met humor de terugkeer van de man die is uitgegroeid tot een vriend, en die hij trouwens als kandidaat zal aanbevelen om hem op te volgen in Camp Nou in 2012 (op een lijstje met ook Tito Vilanova). Guardiola kent uiteraard zijn collega's passie voor fotografie, waar Ernesto vanaf zijn eerste jaren als speler in Barcelona uiting aan gaf. In die tijd schrijft Txingurri zich in aan het Instituut voor Fotografiestudies van Catalonië en zet hij de bakens uit van een kunst die zelfs zal uitmonden in de publicatie van een bundel zwart-witfoto's, getiteld Medio Tempo. Valverde laat onder meer Rafik Djebbour, speler bij zijn Olympiakos, met een nepwapen poseren. Over de aanpak van zijn werk vertelt hij aan het tijdschrift Panenka: 'Ik ben een nieuwsgierig iemand. Ik kijk graag naar de dingen, altijd vanuit een invalshoek die nog niemand gevonden heeft, en zo zoek ik dus naar iets dat nog niemand gezien heeft.' Die zorg voor het onverwachte detail is ook terug te vinden in zijn bevlogen spelanalyses. Bij zijn terugkeer in 2013 naar Athletic tempert hij de verwachtingen door te spreken over zijn filmpassie, die hij deelt met Guardiola en hun gemeenschappelijke vriend, de schrijver David Trueba: 'De sequels zijn nooit zo goed. Enfin, behalve The Godfather II.' In een San Mamés waar verbouwingswerken aan de gang zijn, beraadt hij zich over het contrast tussen de ene goal die geruggensteund wordt door de kolkende Baskische spionkop en de andere, waar een betonnen muur achter staat in afwachting van het einde van de werken. Hij maakt dan een studie, gebaseerd op de resultaten van Rayo Vallecano - waarvan het stadion dezelfde opstelling heeft - en komt tot een verrassende conclusie: de thuisploeg maakt meer doelpunten als ze begint met het gezicht naar de muur. Hij deelt die informatie met zijn spelers en laat hen de kant kiezen in de eerste periode. Ze kiezen ervoor om te beginnen naar de muur en op de steun van de afición te rekenen om eventueel de score te verdubbelen in de tweede helft. De keuze leidt de club uit Bilbao aan het einde van het seizoen naar de vierde plaats, goed voor de Champions League. In de loop van de seizoenen ondergaat het voetbal van Valverdes Athletic een evolutie en keert het terug naar de wortels van een club die opgericht werd door Engelse dockers die eind negentiende eeuw in de haven van Bilbao werkten. De stijl is van oudsher Brits en de aanwezigheid van de reuzen Aritz Aduriz en Raúl García op de voorposten brengt Valverde ertoe om te schakelen naar een directer voetbal, dat inzet op de kwaliteiten van de meest bepalende offensieve elementen. 'Waar je moet naar streven als trainer, is een reeks situaties op te wekken die je een garantie bieden op resultaat, zowel vanuit offensief als defensief oogpunt', verklaart de coach van de Leones wanneer hij over zijn vak vertelt. 'Je moet een reeks terugkerende omstandigheden in de ploeg tot stand brengen om meer kansen uit te lokken en de tegenstanders er minder te bezorgen.' Met 20,5 gewonnen luchtduels per wedstrijd vorig seizoen is Athletic met voorsprong de referentie in een domein dat de ploeg ertoe brengt om via de flanken en de lucht het verschil te maken (24 voorzetten en 2,8 kopstoten per match over heel het seizoen). Zodra ze de bal kwijt is, schiet de ploeg in geen tijd in actie om hem zo vlug mogelijk te heroveren. Tegen Athletic wordt het balbezit van de tegenstander elke 7,16 passes aangetast (afgestopte pass, bal veroverd in de voet, bal buiten), waarmee de Baskische club in die specialiteit op het podium van La Liga prijkt. Een troef die, in combinatie met een defensie die heel hoog op het veld staat, onvermijdelijk de aandacht wekte van het Barçabestuur. Dat was op zoek naar een opvolger voor Luis Enrique, afgemat door zijn functie en niet bekwaam om zijn mannen de samenhangende pressing op te leggen waarmee het Barça van Guardiola de mooiste uren uit zijn geschiedenis had weten te schrijven. 'We zochten een trainer die het Barçaprofiel had', rechtvaardigt voorzitter Josep Bartomeu de keuze om Ernesto Valverde op de trainersbank van Camp Nou te laten plaatsnemen. 'Hij heeft een gelijkaardige filosofie als de onze, zelfs in zijn manier van zijn.' Een analyse die Robert Fernández, de erg gecontesteerde sportief directeur van de club, verder uitdiept: 'We wilden iemand die in staat is om met een kleedkamer als deze om te gaan zonder hoofdrolspeler te willen zijn. De activa van de club zijn de spelers en de trainer moet op de achtergrond blijven, niet de hoofdpersoon zijn.' Het profiel van Valverde is een schot in de roos. Alle spelers die met hem gewerkt hebben, loven zijn buitengewone menselijke omgang, die hem toelaat om zijn invallers speelklaar te houden en het beste te halen uit zijn mannen op het veld. José Antonio Pozanco, al fysiekcoach in de staf van Valverde sinds diens Griekse jaren, bevestigt: 'Vaak is het belangrijkste voor een coach niet de wijze waarop hij traint of de kwaliteit van zijn trainingen, maar de manier waarop hij omgaat met de kleedkamer. Wat er gebeurt als de deuren gesloten zijn, wat er niet te zien is: dat is van kapitaal belang. En daar is Ernesto uitstekend in.' Valverde op zijn beurt situeert de sleutel van het succes elders: 'Een groot deel van het mysterie van het voetbal, van waarom een ploeg al dan niet draait, ligt hierin: de groep moet zien dat je de spelers gaat helpen om beter te worden.' Een opdracht die de coach perfect vervuld heeft in Bilbao, bij een club waar de verwachtingen gematigd bleven. De taak zal heel anders zijn bij Barça, waar een tweede plaats achter het ongenaakbare Real van Zinédine Zidane al als een bittere mislukking zou worden ervaren. door guillaume gautier - foto's belgaimage'Ik kijk graag naar de dingen vanuit een invalshoek die nog niemand gevonden heeft.' Ernesto Valverde 'De ploegen van Valverde spelen een erg goed voetbal. Je ziet dat ze graag de bal hebben.' Xavi