"Zelfs als ik het de mensen vroeg die ons tot splitsen willen aanzetten," aldus Jan Peeters, voorzitter van de KBVB, "kreeg ik nooit een exacte afrekening. Blijkbaar weet ook de Vlaamse Gemeenschap niet hoeveel een splitsing de voetbalbond oplevert." Beetje vreemd, want een simpel telefoontje naar Bloso, de Vlaamse sportadministratie, had ons drie dagen eerder het antwoord opgeleverd : 1,57 miljoen euro. Zélf op basis van het decreet de oefening maken was ook een optie. Professor Johnny Maeschalck deed het voor zijn bijgewerkte cursus Sport & Recht, die hij doceert aan de VLEKHO en de VUB, en kwam uit op "een bedrag tussen 1,4 en 1,5 miljoen euro."
...

"Zelfs als ik het de mensen vroeg die ons tot splitsen willen aanzetten," aldus Jan Peeters, voorzitter van de KBVB, "kreeg ik nooit een exacte afrekening. Blijkbaar weet ook de Vlaamse Gemeenschap niet hoeveel een splitsing de voetbalbond oplevert." Beetje vreemd, want een simpel telefoontje naar Bloso, de Vlaamse sportadministratie, had ons drie dagen eerder het antwoord opgeleverd : 1,57 miljoen euro. Zélf op basis van het decreet de oefening maken was ook een optie. Professor Johnny Maeschalck deed het voor zijn bijgewerkte cursus Sport & Recht, die hij doceert aan de VLEKHO en de VUB, en kwam uit op "een bedrag tussen 1,4 en 1,5 miljoen euro." Dat beide berekeningen (licht) van elkaar afwijken, komt, zegt Philippe Paquay, afdelingshoofd subsidiëring van Bloso, omdat het simulaties zijn. De juiste uitkomst hangt af van variabele parameters die alleen de KBVB kent. Bovendien moet de Vlaamse vleugel van een gesplitste KBVB, om mee te eten uit bepaalde subsidiepotten, eerst de daarvoor vereiste initiatieven ontwikkelen, onder andere op het vlak van de jeugdsport. Met andere woorden : de 1,57 miljoen scheppen verplichtingen. Een blanco cheque waarmee een Vlaamse liga zomaar haar zin doet, is het niet. Vorig jaar vroeg Jan Peeters alle nationale liga's (van eerste klasse tot bevordering) en de provincies om hun achterban te consulteren over een splitsing. De antwoorden die hem officieus al bereikten, waren zonder uitzondering negatief - van twee provincies hoorde hij nog niets. Dat er nu eindelijk een officieel cijfer kan worden meegenomen in de discussie, zal de stemming volgens hem niet doen omslaan. "Dit is veel geld," geeft de bondsvoorzitter toe, "maar ik denk niet dat alleen het financiële aspect speelt."Jan Peeters is niét tegen een splitsing. Nu al organiseert de KBVB provinciaal voetbal. Lang zegt hij te hebben gedacht dat hij de Vlaamse en de Waalse provincies elk in een aparte vzw kon groeperen. Alleen de provincie Brabant moest dan nog in een Vlaamse en een Waalse reeks worden gesplitst, maar een groot probleem kan dat niet zijn. Nu al wordt immers ook bij de reeksindelingen voor de 'nationale' derde en vierde klasse rekening gehouden met de geografische spreiding van de clubs. Alleen de Brusselse clubs moeten dan een keuze maken. Niet alleen zou de KBVB zich zo hebben aangepast aan de staatsstructuur, ook zou de splitsing tussen het betaalde voetbal en (wat Peeters noemt) "het zuivere amateurvoetbal" een feit zijn geweest. "Ik heb daar lang in geloofd," aldus de bondsvoorzitter, "tot bleek dat ook de clubs die nationaal bleven spelen, zich tot één van beide liga's moesten bekennen. Toen ben ik door de clubs teruggefloten." Clubs, meervoud ? Of bedoelt Peeters te zeggen : Anderlecht ? Als club uit het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zou zij inderdaad voor één van beide (taal)liga's moeten kiezen. Een delicate keuze voor de vaandeldrager van het nationale voetbal (bestuurders uit de Franstalige Brusselse salons, maar een hoofdzakelijk Vlaamse aanhang), die altijd slecht zou vallen bij een deel van de achterban. Voor (bijna) alle andere nationaal spelende clubs echter zou er helemaal geen keuze aan te pas komen. Of is het denkbaar dat, pakweg, Zulte-Waregem tot de Waalse liga toetreedt ? Ook voor zijn persoonlijk aanzien hoeft Jan Peeters niet bang te zijn. De kroonjuwelen van het Belgisch voetbal - de topcompetitie(s) en de nationale ploeg - blijven ook na een scheiding onder het gezag van de overkoepelende KBVB staan. Maar precies het voortbestaan, of toch minstens de goede werking van de koepel en de nationale ploeg ziet Peeters dan somber in. "De nationale koepel", zegt hij, "zal slechts kunnen bestaan bij gratie van de liga's. Nu heffen wij een taks van 7 procent op ieder toegangsticket in België en ontvangen wij de lidgelden van de clubs. Bij een splitsing gaat dat geld naar de liga's, van wiens goodwill de bond zal afhangen. Ga maar eens luisteren bij Cyriel Coomans, de voorzitter van de gesplitste basketbalbond, als hij tenminste de waarheid durft te zeggen. Privé vertelt hij dat hij héél ongelukkig is omdat hij nu uit de hand van de twee liga's moet eten. Het zijn ook de liga's die dan zullen beslissen hoeveel geld er nog naar de nationale ploeg gaat. En de ervaring bij veel bonden leert dat zij carrément hun voeten vegen aan hun nationale ploeg." Dat daarover afspraken te maken zijn, dat wil Peeters gezien zijn ervaringen bij het Belgisch olympisch comité (BOIC) eerst nog zien. Stellig is hij ervan overtuigd dat ook de communautaire discussies dan meer dan ooit de kop opsteken. Bovendien : "Van verschillende hoofdsponsors hebben wij zéér duidelijk de boodschap gekregen : als jullie splitsen, is het gedaan met onze sponsoring. Wat baat het dan dat Vlaanderen 60 miljoen frank voor ons klaar heeft liggen, als we 120 miljoen frank aan sponsorgeld verliezen ?" Niet onbelangrijk detail : ook aan Waalse zijde kan het voetbal aanspraak maken op subsidies. Sport in België is gemeenschapsmaterie : Vlaanderen heeft zijn bevoegde minister (en decreten), de Franstalige gemeenschap evenzeer. Alleen de professionele sport - sport als arbeid - wordt nog gevat door federale wetten. Aan die staatsstructuur heeft de KBVB zich als één van de laatste unitaire bonden (nog) niet aangepast. Wat haar argumentatie ook is, en of die gegrond is of niet, door feitelijk lak te hebben aan de Vlaamse en Waalse bevoegdheid ter zake, ontkent de KBVB ook het bestaan van beide ministers van Sport. Marino Keulen, de Vlaamse minister van Sport wiens eerste zorg het na zijn benoeming was zo snel mogelijk het telefoonnummer van Kim Clijsters te pakken te krijgen, vindt dat zo te zien niet erg. Vorige maand zei de VLD'er in de krant : "Ik ga met voorzitter Jan Peeters in ieder geval samenzitten om een nieuwe regeling voor de jeugdtransfers uit te werken." Jeugdspelers kunnen sinds een decreet uit 1996 gratis van club veranderen. Het was al een publiek geheim dat de KBVB bij de nieuwe minister opnieuw aan het lobbyen was gegaan om de opleidingsvergoeding in te voeren. "Ik hoor je niet graag zeggen : opniéuw lobbyen", corrigeert Jan Peeters met de glimlach. "Wij hebben die strijd namelijk nooit opgegeven. Sorry, hoor. Als er nu een minister met een gewillig oor naar ons wil luisteren, is dat dan geen goede minister misschien ?"Toch minstens een merkwaardige. Hoe kan Keulen een sportbond die doelbewust subsidies voor onder andere jeugdsport laat liggen, steunen in zijn ijver om een vergoedingensysteem in het leven te roepen waarvan meer dan één specialist heeft aangetoond dat het alleen maar grotere ongelijkheid tussen clubs tot gevolg heeft ?door Jan HauspieVoetbalbond lobbyt bij minister, maar laat 1,57 miljoen subsidie liggen.