Soms hebben voorzitters of sportleiders ook hun idolen. De chemie tussen Luciano D'Onofrio en Dieumerci Mbokani is sterk, de liefde van Roger Vanden Stock voor Pär Zetterberg groot. Ivan De Witte koestert ze voor Trond Sollied en Mbark Boussoufa. Beiden partijen voeren er vaak wel bij, al is je oud lief in de armen sluiten niet altijd een goed idee. De Witte maakte het mee met Sollied én met Boussoufa. Diens terugkeer naar Gent in de winter van 2016 op aansturen van de voorzitter werd geen succes. Tenminste niet sportief.
...

Soms hebben voorzitters of sportleiders ook hun idolen. De chemie tussen Luciano D'Onofrio en Dieumerci Mbokani is sterk, de liefde van Roger Vanden Stock voor Pär Zetterberg groot. Ivan De Witte koestert ze voor Trond Sollied en Mbark Boussoufa. Beiden partijen voeren er vaak wel bij, al is je oud lief in de armen sluiten niet altijd een goed idee. De Witte maakte het mee met Sollied én met Boussoufa. Diens terugkeer naar Gent in de winter van 2016 op aansturen van de voorzitter werd geen succes. Tenminste niet sportief. Die terugkeer was toen dé opening van alle Belgische sportkolommen. Hoe anders was het twaalf jaar eerder, toen de komst van de kleine twintiger nog werd afgedaan als laatste in een reeks van kleine voetbalberichtjes. De kleine maar wendbare spelmaker trainde toen eerst een aantal dagen mee met de groep en speelde een goede tweede helft met de reserven tegen Anderlecht. Voldoende voor een contract. Want er was ook zijn verleden: Mbark Boussoufa genoot zes jaar van de jeugdopleiding bij Ajax en kwam de twee seizoenen voordien uit voor Chelsea. Daar was hij einde contract. Zijn komst in Londen viel er samen met die van Roman Abramovitsj en toen die met de miljoenen begon te zwaaien, mocht de jeugd opkrassen. Het was Georges Leekens die als eerste zijn talent onderkende. Leekens was nog bij Mouscron toen hij de kleine zag voetballen voor de reserven van Lierse waar hij testte. Leekens verhuisde in de zomer van 2004 naar KAA Gent en toen Boussoufa stilaan moedeloos het lijstje Belgische clubs was afgelopen (Westerlo zag niks in hem, Lierse evenmin, STVV had geen geld, bij Cercle was trainer Harm van Veldhoven niet geïnteresseerd, KRC Genk had ook geen belangstelling en bij KVO raakte zijn manager zelfs niet voorbij een telefoontje met Eddy Vergeylen), bood Gent een reddingsboei. Twee jaar later was iedereen wild van Boussoufa en verhuisde hij voor vier miljoen euro naar... Anderlecht. Wel opmerkelijk: toen Het Laatste Nieuws Leekens vroeg naar zijn jongste aanwinst, zei die in 2004: 'Technisch misschien geen kraan ( sic), maar één brok levendige vechtlust.' Acties, dribbels, doelpunten, assists, de fans van Gent hebben al snel weer iets om naar uit te kijken. Vier jaar lang was Frédéric Herpoel, een keeper nota bene, lokaal de speler van het jaar. Leekens vijlt Boussoufa bij. Iets minder tierlantijntjes en iets meer de momenten kiezen, is de raad voor het tweede seizoen. Logische leerprocessen voor een prille twintiger die graag over voetbal praat en na zijn eerste jaar tot 2008 mag bijtekenen. Huidige KVM-trainer Wouter Vrancken, toen nog zijn ploegmaat, vindt dat Boussoufa vooral in zijn tweede Gentse jaar een echte ploegspeler werd, die leerde de bal op het juiste moment voor doel te brengen. Tot hij half april geblesseerd uitvalt, is Mbark Boussoufa dé vedette van het kampioenschap: hij verdeelt, scoort, stuwt het spel naar voor en maakt van Gent dé ploeg van de terugronde. Haast elke wedstrijd is hij goed voor een assist en/of een doelpunt, respectievelijk 16 en 9. En passant maakt hij ook komaf met de redenering dat hij het tegen topploegen niet kan. Begin april bezegelt hij het lot van... Jan Ceulemans, trainer van Club Brugge. In wat hij zelf 'niet eens zijn beste wedstrijd voor Gent' noemt, maakt hij drie goals en draait hij het duo Birger Maertens - Jason Vandelannoite dol. 'De prins van AA Gent', jubelt de stadionomroeper. Drie dagen later belijdt Roger Vanden Stock openlijk zijn liefde. En als die iemand lief heeft...