Twee en een halve week geleden won Bayern München de uitwedstrijd op Hertha BSC met 0-1. In de catacomben van het Olympiastadion van Berlijn stuitte Arjen Robben op de pers. Het leek erop dat de Nederlander zich wilde verontschuldigen. "Het kan gebeuren dat je slechts met 1-0 wint, je kan niet altijd top zijn", zei hij. Robben had op die ijzige namiddag de enige goal aangetekend, er waren voor de rust een twaalftal kansen de nek omgewrongen en na de pauze had Hertha BSC even de indruk gegeven terug te kunnen slaan. Maar zo ver kwam het niet. Zeker niet nadat Bayern een paar dagen eerder voor de Champions League op het veld van Manchester City had verloren. Twee nederlagen in vier dagen, dat past absoluut niet bij de status van de club.
...

Twee en een halve week geleden won Bayern München de uitwedstrijd op Hertha BSC met 0-1. In de catacomben van het Olympiastadion van Berlijn stuitte Arjen Robben op de pers. Het leek erop dat de Nederlander zich wilde verontschuldigen. "Het kan gebeuren dat je slechts met 1-0 wint, je kan niet altijd top zijn", zei hij. Robben had op die ijzige namiddag de enige goal aangetekend, er waren voor de rust een twaalftal kansen de nek omgewrongen en na de pauze had Hertha BSC even de indruk gegeven terug te kunnen slaan. Maar zo ver kwam het niet. Zeker niet nadat Bayern een paar dagen eerder voor de Champions League op het veld van Manchester City had verloren. Twee nederlagen in vier dagen, dat past absoluut niet bij de status van de club. De avond voor de wedstrijd in Berlijn hield Bayern München zijn jaarlijkse vergadering. Wie die bijwoonde, vroeg zich achteraf af waarom de club nog in de Bundesliga aantreedt. Want deze wereld is voor de almaar groeiende voetbalgigant veel te klein. Bayern liet zich die vrijdagavond eerst vieren als de grootste sportclub ter wereld: met 251.315 leden werden Benfica Lissabon (235.000 leden) en Barcelona (177.000 leden) voorbijgestoken. Met enig cynisme liet voorzitter Karl Hopfner zich ontvallen dat "die clubs met een tweede en derde plaats toch tevreden moeten zijn". Deze aan hoogmoed gecombineerde zakelijkheid hoort bij Bayern, dat de afgelopen jaren veel aan sympathie won omdat het zijn familiale karakter probeert te cultiveren, maar de trekjes van superioriteit nooit kwijtraakte. Het grootste nieuws moest dan nog komen. Jean-Christian Dreesen, het financiële opperhoofd van Bayern, betrad het spreekgestoelte en pakte uit met indrukwekkende cijfers: Bayern München bereikte een recordomzet van 528,7 miljoen euro, een stijging van 22 procent in vergelijking met één jaar daarvoor. Bovendien heeft Bayern een eigen kapitaal van 405 miljoen euro, zag de winst na aftrek van de belastingen stijgen naar 16,5 miljoen euro, terwijl het stadion inmiddels is afbetaald, zestien jaar vroeger dan voorzien. Dat is opmerkelijk want de in 2005 geopende arena kostte 340 miljoen euro, al werd 90 miljoen euro daarvan gedragen door de verzekeringsmaatschappij Allianz, die haar naam aan het stadion verbond, een contract dat loopt tot... 2041. En omdat Allianz onlangs ook nog een keer 8,33 procent van de aandelen kocht, kwamen er plots nieuwe fondsen vrij, 110 miljoen euro. Die gaan naar de verdere uitbouw van de club. Zo zal de capaciteit van het stadion na Nieuwjaar worden opgetrokken van 71.000 tot 75.000 plaatsen. Gegarandeerd zullen ook die voor iedere competitiewedstrijd van de hand worden gedaan want Bayern speelt al sinds 2005 al zijn competitiewedstrijden in een uitverkocht huis. De afbetaling van het stadion geeft de club jaarlijks een aanvankelijk niet voorzien surplus van 20 tot 30 miljoen. Zo werd het op die jaarvergadering jubelend verteld. Er kwam geen einde aan het goede nieuws. Karl-Heinz Rummenigge, de voorzitter van de raad van bestuur, vertelde zelfbewust en ook al niet zonder zweem van arrogantie dat de club met 1,3 miljoen verkochte shirts op een hoger aantal komt dan de andere zeventien verenigingen uit de Bundesliga samen. En omdat er, zo ging Rummenigge niet onbescheiden verder, vorige zomer zeven spelers van Bayern in de Duitse nationale ploeg stonden, ging de in Brazilië behaalde wereldtitel eigenlijk naar de Beierse hoofdstad. "Eigenlijk kan je zeggen dat Bayern ook nog eens wereldkampioen is", aldus Rummenigge en toen hij er ook nog eens aan herinnerde dat veertien spelers van de club op het WK actief waren, weerklonk er een luid applaus. Het epicentrum van het internationale voetbal, zo werd duidelijk, lag in München. Bayern München beweegt zich in zijn eigen wereld en bereikt altijd maar weer nieuwe dimensies. Voor de winterstop in de Bundesliga speelt de club volgend weekend nog op Mainz 05 nadat ze dinsdag tegen SC Freiburg aantrad, maar dat niveau is de 24-voudige Duitse kampioen al lang ontgroeid. De echte opponenten spelen in Madrid, Barcelona, Manchester en Londen, in de wereldelite van het voetbal. De immense personeelskosten van Bayern, die met spelerskern, technische staf en bedienden 215 miljoen euro per jaar bedragen, zouden amper noodzakelijk zijn om de andere clubs uit de Bundesliga onder controle te houden. Van tegenstanders kan je amper nog spreken. Bayern München is uitgegroeid tot de rijkste club van de wereld en wil zijn status van economische grootmacht onder meer door een verdere mondialisering behouden. Vorige zomer werd er via een dochteronderneming een bureau in New York geopend, in het kader daarvan deed Bayern een korte promotour door de Verenigde Staten. En de competitiewedstrijd op Hertha BSC gebruikte de club om tussendoor in Berlijn een fanshop in te huldigen. Bayern probeert zich op alle mogelijke manieren op de internationale voetbalkaart te zetten. Vorig jaar ontving het 53 journalisten uit 53 landen om hen van nabij kennis te laten maken met de club, een vorm van public relations die kaderde in een marketingstrategie. Kosten noch moeite werden gespaard om het gezelschap te onderhouden en een inzicht te geven in de ziel van de club. Het is de bedoeling dit initiatief binnenkort te herhalen. Het past ook binnen de manier waarop Bayern München met de pers omgaat: gesloten trainingen bestaan amper omdat de club vindt dat journalisten moeten weten wat er gebeurt. Vandaar dan ook dat er dagelijks zes spelers ter beschikking worden gesteld voor interviews. Bayern München wil een club zijn met open deuren en open ramen. Maar de sleutel houdt het zelf in handen. Het verpletterend overwicht van Bayern zorgt in Duitsland voor veel nijd, maar volgens Karl-Heinz Rummenige is die jaloezie het grootste teken van respect. Te midden van alle recordcijfers zegt Rummenigge dat bezonnenheid nog altijd regeert in München. Spelers die 80 tot 100 miljoen euro kosten zal Bayern nooit aantrekken, omdat die dan gemakkelijk tien miljoen euro netto per jaar moeten verdienen. Dat vindt hij een te zware aanslag op de salarispost, waar het niet tot scheefgegroeide toestanden mag komen en er, zoals hij het verwoordt, sprake moet zijn van "een bepaalde hygiëne". Rummenigge pocht ermee dat Bayern München zijn successen behaalt zonder gekke capriolen en in alle omstandigheden blijk geeft van een financiële sérieux. Het is een van de redenen waarom Bayern het talent liever in de Bundesliga wegplukt. Maar zo ook de concurrentie verzwakt en helemaal voor een wereld met twee snelheden zorgt. De transfers van Mario Götze en Robert Lewandowski van Borussia Dortmund zorgden de afgelopen twee seizoenen voor verhitte polemieken, maar volgens Rummenigge bewees Bayern de Bundesliga met deze aankopen juist een grote dienst. Omdat ze de attractiviteit van de competitie ten goede komen want anders zouden beiden naar het buitenland zijn vertrokken. De kloof met de concurrenten in de Bundesliga wordt niettemin steeds groter. Borussia Dortmund haalt als de nummer twee een omzet van 260,7 miljoen euro, niet eens de helft van Bayern. Om over de rijkdom van de spelers dan nog te zwijgen: die wordt geraamd op 570 miljoen euro. Ook nadat toppers als Toni Kroos (voor 30 miljoen euro naar Real Madrid) en Mario Mandzukic (voor 22 miljoen naar Atlético Madrid) werden verkocht. Ook dat leidde tot een recordomzet, een hoogtepunt van een goed beleid: het is de 23e opeenvolgende keer dat Bayern München een jaar met winstcijfers afsluit. Dat de club van alle Europese grootmachten de meeste zelf opgeleide spelers in zijn kern heeft, is ook geen toeval. En de nieuwe generatie staat klaar: in de nationale ploeg onder de 15 jaar lopen zeven spelers van Bayern München. Te midden van alle recordcijfers blijft de sportieve ontwikkeling van de ploeg bij Bayern vooropstaan. Ook en vooral in de randvoorwaarden. Er wordt straks een nagelnieuw jeugdcomplex gebouwd en toen Bayern vorig seizoen in de Champions League op Manchester United, Arsenal en Manchester City speelde, was trainer Pep Guardiola onder de indruk van hun hybride grasmat waarin een 100 procent natuurlijk veld wordt versterkt met kunstgrasvezels. Het is een ondergrond die je volgens Guardiola toelaat sneller te spelen en sneller te combineren. Bayern reageerde bliksemsnel: niet alleen de grasmat van de Allianz Arena maar ook alle trainingsvelden werden aangepast. Op de kosten, 750.000 euro per veld, werd niet gekeken. Het is voor Bayern belangrijk om de ideeën van Guardiola in de mate van het mogelijke te volgen. De club wil het medio 2016 aflopende contract van de Catalaan het liefst nu al verlengen, maar de succestrainer houdt de boot af. Toen hij werd geconfronteerd met de indrukwekkende recordcijfers van zijn club en de wens van de directie om hem een nieuwe overeenkomst te laten tekenen, reageerde hij laconiek. Daarvoor was er nog voldoende tijd. En trainers, zei hij, zijn op zich niet zo belangrijk. Het gaat om de spelers. Veel meer dan over zijn toekomst buigt Guardiola zich over de vraag hoe hij het rendement van zijn ploeg nog kan verhogen. Hij probeerde de vleugelspelers Arjen Robben en Franck Ribéry al een paar keer meer naar binnen te laten komen en ergert zich over één zaak in het spel: dat bijna alle doelpunten gemaakt worden uit vlotte combinaties en geniale improvisaties, maar amper uit standaardsituaties. In cijfers uitgedrukt: tot vorig weekend vielen slechts 4 van de 33 competitiegoals uit een stilstaande fase en daar waren nog twee strafschoppen bij. Meer dan honderd hoekschoppen leverden geen enkel resultaat op. Wat hij daarvan vindt, wilde een journalist onlangs van Guardiola weten. Hij hief de handen ten hemel en antwoordde met één woord: "Catastrofaal." Maar ondanks zijn extreme veeleisendheid blijven de spelers de lof zingen van hun Catalaanse trainer. Verdediger Jérôme Boateng noemt hem in de rijkste club van de wereld de beste trainer van de wereld: "Door hem kan ik beter anticiperen, het spel van de tegenstander beter lezen en mij op het veld beter bewegen." En Karl-Heinz Rummenigge aanziet Pep Guardiola als een zegen voor de club, een genie "zoals ik in een carrière van 40 jaar nog nooit iemand heb meegemaakt". Hij roemt zijn aandacht voor details en zijn respect voor de clubcultuur. En hij bestempelt hem als een onvermoeibare werker die voor iedere wedstrijd uren in zijn bureau zit om het spel van de tegenstander te analyseren. Of het nu om Real Madrid gaat of om SC Paderborn. En hard werken, wil Rummenigge zich weleens laten ontvallen, doet de hele bestuurlijke top van Bayern München. En haalt desgevraagd een cijfer boven. Vier jaar geleden bedroeg de omzet van Bayern München 350 miljoen euro. Die is dus intussen met 50 procent gestegen. Waar dat moet uitmonden valt niet te voorspellen. Bayern München streeft ernaar steeds meer zijn grenzen te verleggen. Het wil op termijn qua omzet ook de beste ploeg van Europa zijn. Voorlopig wordt het op dat vlak nog voorafgegaan door Real Madrid (603 miljoen euro), Manchester United (540 miljoen) en Barcelona (530 miljoen). Vreemd is dat de televisie-inkomsten van Bayern binnen een internationaal voetballandschap relatief gering zijn: vorig seizoen was dat 54,9 miljoen euro, terwijl bijvoorbeeld het uit de Premier League gedegradeerde Cardiff City 74 miljoen ving. Anderzijds staan de sponsors te dringen om met de grootmacht in zee te gaan. Grote concerns als Allianz, Audi en Adidas zijn de strategische partners, die garant staan voor stevige financiële fundamenten en samen 300 miljoen euro in de club pompten. En Bayern haalde 105,2 miljoen euro uit merchandising. Alvast in de Bundesliga kan er van concurrentie nauwelijks nog sprake zijn. Dat niveau is Bayern al lang ontstegen. Van een nieuwe titel - het zou de 25e worden - gaat iedereen uit en de beker - het zou de 18e zijn - moet tussendoor ook worden meegenomen. In Berlijn, de plaats waar de finale van de Champions League wordt gespeeld. Het hoofddoel ligt daar. Want de cyclus tussen twee overwinningen in de Champions League, zo benadrukte Rummenigge, moet zo klein mogelijk worden gehouden. En het jaagt de omzet nog maar eens de hoogte in. Vorig seizoen struikelde Bayern in de halve finale over Real Madrid maar verdiende het in het kampioenenbal nog altijd 52,8 miljoen euro. Dat was minder dan ingecalculeerd. Het bleek de enige wanklank in een memorabel jaar. Bronnen: Der Spiegel, Frankfurter Allegemeine ?DOOR JACQUES SYS - BEELDEN: BELGAIMAGEDe Allianz Arena is zestien jaar vroeger afbetaald dan voorzien. Volgens Karl-Heinz Rummenigge is jaloezie het grootste teken van respect. Geen enkele Europese topclub heeft zoveel eigen producten als Bayern München.