Met een paar retouches is de Luminus Arena klaar voor de Champions League. Twintig jaar geleden werd het Genkse stadion na de allereerste landstitel verbouwd. Toen op 28 augustus 15.000 fans de heropening meemaakten, lag de kersverse kampioen al uit het Europese toernooi.
...

Met een paar retouches is de Luminus Arena klaar voor de Champions League. Twintig jaar geleden werd het Genkse stadion na de allereerste landstitel verbouwd. Toen op 28 augustus 15.000 fans de heropening meemaakten, lag de kersverse kampioen al uit het Europese toernooi. Kampioenentrainer Aimé Anthuenis was vertrokken naar Anderlecht en werd vervangen door Jos Heyligen. De voormalig fijnbesnaarde spelverdeler was als coach het jaar voordien met Westerlo naar eerste klasse gepromoveerd en predikte een andere stijl. In plaats van de lange, verre bal wilde hij bij Genk meer voetballen en minder lopen. De nieuwe orkestmeester moest de Zweedse spelmaker, Jesper Jansson worden. De uitstap naar de Sloveense kampioen NK Maribor - waarvan de Albanees Geri Cipi en de Sloveen Simon Seslar kort nadien hun opwachting zouden maken bij respectievelijk AA Gent en Lierse - verliep in vakantiestemming, maar die stemming sloeg snel om. Bij de rust stond het nog 1-1, maar toen Maribor na een uur op 2-1 kwam, verzoop Genk helemaal, om met een beschamende 5-1 en een quasi onmogelijke opgave in de terugmatch naar huis terug te keren. Die terugwedstrijd werd wegens de verbouwingen in eigen stadion op Sclessin afgewerkt, op 5 augustus 1999. Daar zagen 15.000 meegereisde fans hun team net voor rust op 1-0 komen. Op het uur werd het 3-0; Genk had nog één doelpunt nodig om het mirakel te realiseren. Die treffer kwam er niet, en de kater van de uitschakeling achtervolgde club én trainer. Een week na de uitschakeling door Maribor was topaanvaller Souleymane Oulare weg naar Fenerbahçe en in de winterstop verhuisde zijn kompaan in de spits Branko Strupar naar Derby County. Eind januari was het Genkse trainersverhaal voor Jos Heyligen over, hij werd vervangen door Jan Boskamp. Het ontslag betekende ook zo goed als het einde van zijn trainersloopbaan aan de top. Nog één keer zou hij een eersteklasser trainen, SK Lommel, maar na het faillissement van die ploeg in 2002 verdween hij uit beeld. 'Misschien is het fout van mij geweest om de spelers op hun fouten in plaats van op hun kwaliteiten te wijzen', meende hij nadien. 'Ik kan me inbeelden dat die spelers dachten: wij zijn vorig jaar wel kampioen geworden, terwijl jij maar trainer was van Westerlo.'