Het is donderdag 28 mei en Neerpede lijkt een bouwwerf. Of toch de velden die een facelift ondergaan met het oog op een nieuwe start eind juni. Herman Van Holsbeeck (60) ontvangt ons tussen twee makelaars door. Straks vliegt hij een paar dagjes naar Spanje om er de batterijen op te laden. Dat is nodig na een voor Anderlecht teleurstellend seizoenseinde. Om hem vanaf volgend seizoen bij te staan kondigt de club - net op de dag dat wij er zijn - de komst van Jo Van Biesbroeck aan (Van Biesbroeck is de ex-baas van AB InBev Europe en een vertrouweling van Alexandre Van Damme). De man zal zich bezighouden met 'operationele zaken' vanaf september. Een beetje vaag, niet?
...

Het is donderdag 28 mei en Neerpede lijkt een bouwwerf. Of toch de velden die een facelift ondergaan met het oog op een nieuwe start eind juni. Herman Van Holsbeeck (60) ontvangt ons tussen twee makelaars door. Straks vliegt hij een paar dagjes naar Spanje om er de batterijen op te laden. Dat is nodig na een voor Anderlecht teleurstellend seizoenseinde. Om hem vanaf volgend seizoen bij te staan kondigt de club - net op de dag dat wij er zijn - de komst van Jo Van Biesbroeck aan (Van Biesbroeck is de ex-baas van AB InBev Europe en een vertrouweling van Alexandre Van Damme). De man zal zich bezighouden met 'operationele zaken' vanaf september. Een beetje vaag, niet? "We zijn met de voorzitter het voortbestaan van de club aan het verzekeren", zegt Van Holsbeeck. "Ik word binnenkort 61, Jo Van Biesbroeck is 59, dan is het logisch dat men ons vraagt om voor de aflossing van de wacht te zorgen. Indien mogelijk met een nieuw stadion, zodat we Europees nog een stap vooruit kunnen zetten." Herman Van Holsbeeck: "Daarover wordt gepraat. Anders heeft een stadion van 62.000 plaatsen geen zin. Een project van 300 miljoen, dat is niet niks, het moet dus voor iedereen een goeie zaak zijn. Daarom kunnen de onderhandelingen wat langer aanslepen dan voorzien." "Het doel van de club is een nieuw stadion te bouwen, maar niet voor eender welke prijs. We mogen de toekomst van de club niet hypothekeren, zoals dat elders is gebeurd. FC Twente, een club die ik goed ken, werd in 2010 kampioen en wilde het momentum uitbuiten met een nieuw stadion. Ze zijn nu failliet. Je mag je niet blind in zo'n avontuur storten. Een club als Anderlecht kan ook niet twee jaar lang het sportieve on hold zetten ten voordele van een stadion, zoals Gent dat heeft gedaan. Dat zouden onze fans niet pikken." "Dat staat vast. Het idee om parking C te benutten is een uitstekend idee. Ook al hebben wij geen behoefte aan een stadion van 62.000 plaatsen. Wij zijn best tevreden met 45.000 à 50.000 plaatsen. Als we dan in een stadion met 62.000 plaatsen moeten gaan spelen, dan moet men ons niet straffen met een huur die niet zou overeenkomen met de inkomsten die we eruit kunnen puren." "Met die prijzen zal de club nooit akkoord gaan. We zijn aan het onderhandelen om die te herzien." "Toen het duidelijk werd dat de hele onderneming gefinancierd wordt met privégelden en dat Anderlecht degene is die het meest bijdraagt, zijn die kritieken verstomd. Onze concurrenten hebben geen argumenten meer om te beweren dat we daar niet mogen spelen." "Ik heb altijd een goeie relatie gehad met Vincent Mannaert (de algemeen directeur van Club Brugge, nvdr). Het is logisch dat hij kampioen wil worden, de beker wil pakken, alles wil winnen. Dat is sport. Wat betreft de toekomst van het voetbal en de manier om met topsport om te gaan: daar zijn we het in pakweg acht van de tien dossiers met elkaar eens. Met Standard ligt de relatie, laten we zeggen 'anders', op menselijk vlak. Ik ben niet zo'n fan van Roland Duchâtelet en hij niet van mij. Maar bon, ik hoef niet samen op vakantie met hem, dus dat is niet zo belangrijk. Wat er wel toe doet, is dat ik op veel zaken een andere visie heb dan hij." "Duchâtelet heeft zijn eigen mening en wie hem daar niet in volgt, wordt aan de kant geschoven. Maar als je deel uitmaakt van een vereniging als de Pro League, dan doe je aan politiek. Het is niet omdat je gelijk hebt dat je erin slaagt om je ideeën door te drukken. Politiek wil zeggen: ervoor zorgen dat men het idee krijgt dat je gelijk hebt. Mensen als Duchâtelet zijn heel goed in zakendoen. In hun eigen bedrijf kunnen ze vandaag wit zeggen en morgen zwart. In het voetbal ligt dat iets moeilijker." "Absoluut. En met alles wat hij heeft meegemaakt, denk ik dat Duchâtelet daar ondertussen ook van overtuigd is. Het voetbal is een aparte business. Je hebt de resultaten niet onder controle en dus evenmin de media en de fans. In een 'normaal' bedrijf krijg je doelstellingen en heb je bijvoorbeeld een jaar om die te realiseren. Als wij drie keer verliezen, hebben we politiebescherming nodig. Het is al wel meer voorgevallen dat briljante zakenlui in het voetbal stappen en de grootste fouten begaan, omdat in een 'klassieke' onderneming winst en verlies niet gelinkt zijn aan de factor emotie. En dus veranderen sommigen voortdurend van trainer. Maar vergis je niet: een coach kan van een slechte speler een minder slechte maken, maar nooit een heel goeie." "Met AlexandreVan Damme hebben we iemand die input wil geven, die zijn ervaring deelt hoe hij op een briljante manier zaken heeft gedaan. Maar hij blijft in de schaduw en werkt alleen samen met mensen die aangesteld zijn om de doelstellingen van de club te realiseren. Men kan zeggen wat men wil maar de familie Vanden Stock staat toch al veertig jaar aan het hoofd van de grootste club in België. Die familie, en met name Roger Vanden Stock, weet dat ze kan rekenen op mensen als meneer Van Damme om de continuïteit van de club te verzekeren." "Neen. Ik kan alleen zeggen dat de club de toekomst voorbereid." "Ik denk dat een carrière maar geslaagd is als ze op een geslaagde manier eindigt. Ik ken te veel voorbeelden van mensen die zich ergens aan vastklampen, dat wil ik zelf vermijden. Ik heb altijd aan de voorzitter gevraagd hoe hij mijn rol ziet." "Hij zei me: 'Herman, ik zou graag willen dat je de komende twee tot vijf jaar een helicopterview hebt op de club wat betreft de corebusiness. Wat het financiële betreft en het stadion, heb je iemand van niveau nodig om je bij te staan, want anders doe je alles maar half.' Ik heb begrepen dat het sportieve primeert op de rest. Ik ken het huis ondertussen een beetje: Anderlecht moet altijd kampioen worden, een andere weg is er niet." "Dan zou ik hier niet meer werken. Kijk naar mijn palmares: zeven keer kampioen, drie keer tweede en twee keer derde. De eerste keer dat ik derde werd, was het hier de hel, de revolutie. Deze keer kunnen de supporters leven met de titel van Gent, aangezien die club het verdient op basis van de play-offs en Gent is ook Brugge of Standard niet. Dat neemt niet weg dat we walgen van de tweede of derde plaats en dat we sinds het einde van het kampioenschap op revanche uit zijn. Dat gevoel is eigen aan de club, zoals dat ook het geval is bij Bayern München of Real Madrid. Hier is winnen een gewoonte. Onze slogan, the art of victory, zegt genoeg. Dat gelijkspel tegen Standard ligt trouwens nog altijd op onze maag." "Ik denk dat het feit dat de spelers het einde van de wedstrijd Club-Gent in de bus gezien hebben, een rol gespeeld heeft. We waren bijna aan het stadion toen het 2-2 stond, een ideaal resultaat voor ons. Toen AA Gent nog scoorde in de 87e minuut, heeft een aantal jonge spelers een klop van de hamer gekregen. We waren toen verplicht om onze wedstrijd te winnen en dat heeft hen zo goed als verlamd." "Ik herhaal het: het ontbrak ons dit seizoen aan een speler type Daniel Van Buyten. Met hem hadden we in de Champions League en in de play-offs nooit twintig doelpunten geïncasseerd op stilstaande fases. Die fouten in de verdediging hebben ons de titel gekost. Ik dacht Daniel nog in januari te kunnen overtuigen, maar uiteindelijk hebben we met Rolando een speler genomen die tegen zijn wil is gekomen." "Dat is een heel moeilijke periode om de juiste slag te slaan. Denk maar aan vorig seizoen toen ik Michy Batshuayi, Thorgan Hazard of Steven Defour wilde binnenhalen. Maar de beste spelers vertrekken niet in de winter. De spelers die dan op de markt zijn, zijn degene die moeilijkheden hebben in hun club." "Dat is waar. Soms moet je ook een beetje geluk hebben. Marko Marin, bijvoorbeeld, blesseert zich terwijl hij heel goed speelde in de bekerfinale. Uiteindelijk heeft hij maar twee volledige wedstrijden gespeeld. En zoals Constant Vanden Stock zou zeggen: 'Een goeie speler die in de tribunes zit, is geen goeie speler.' Wat Rolandobetreft, die heeft men verplicht om naar hier te komen, terwijl hij liever naar Inter gegaan was. Hij heeft zich nooit gedragen als een leider. Hij heeft bij zichzelf gezegd: speel ik, dan is het goed, en speel ik niet, het zij zo. Ik moet ook toegeven dat De Zeeuw, Armenteros, Pollet en co geen toppers zijn." "Dan kun je ook niet anders... Een transfer is altijd een risico. In het geval van Rolando hebben we ons afgevraagd of hij zich wel zou kunnen aanpassen. We hebben snel begrepen dat dat zonder zijn familie ingewikkeld zou worden. Maar ik kan niks negatiefs over hem zeggen omdat hij een voorbeeldige prof geweest is. Ook al was hij hier niet gelukkig." "Steven is héél sterk aan het seizoen begonnen. Maar doordat hij weinig gespeeld hij bij Porto, is hij geblesseerd geraakt en heeft hij daar lang de gevolgen van gedragen. We hebben hem verschillende keren opgesteld terwijl hij niet honderd procent fit was. Zijn aanwezigheid volstond om Youri Tielemans en Leander Dendoncker beter te maken. Ik denk dat we de echte Defour volgend seizoen zullen zien." "Hij weet dat hij er meer voor zal moeten doen om de rol te vervullen die van hem verwacht wordt. Het feit dat Marc Wilmots hem niet opgeroepen heeft, heeft hem geraakt, ook al laat hij dat niet zien. Steven begint stilaan te beseffen dat hij het mooiste beroep ter wereld uitoefent, dat hij goed de kost verdient en dat hij er nu alles aan moet doen om de verwachtingen in te lossen. Hij moet zich er rekenschap van geven dat als hij fragieler is dan andere spelers, hij er veel meer voor moet doen dan wat hij nu doet." "Hij vroeg me onlangs hoe ik zijn aandeel inschatte. Ik heb hem gezegd dat ik tevreden over hem was, maar dat hij, gezien de jeugdigheid van de ploeg en zijn statuut van vedette in België, onberispelijk moest zijn zowel op als naast het veld. Als je relatie op de klippen loopt, dan snap ik dat je niet de hele dag thuis blijft zitten, maar je moet wel de gulden middenweg vinden." "Ik heb al aan onze spelers gezegd: hoe kunnen jullie zoiets doen terwijl je als voetballer weet dat twee slechte matchen volstaan om de wind van voren te krijgen? Ongelooflijk, toch! Dat je eens uitgaat, oké, maar hang dat dan niet aan de grote klok." "We hebben een aantal spelers apart genomen. Maar u zult de komende weken vaststellen dat we - na een objectieve evaluatie - degenen die geen vooruitgang meer boeken of die om een aantal redenen niet meer voldoen, eruit zullen zetten. Bij Anderlecht heeft iedereen een dikke wagen en een mooie vriendin, maar het is hier geen Club Med." "Er zijn jongens die zullen moeten beseffen wat men van hen vraagt. En als ze niet akkoord gaan, mogen ze beschikken." "Een heel goede evaluatie. Vergeet niet dat Besnik Hasi nog maar één seizoen T1 is. Hij is iemand die jonge spelers beter maakt, die ongelooflijk gepassioneerd is, die hard werkt en voetbal ademt. Maar er is één aspect dat je niet kunt kopen: ervaring. "Ik ben nu twaalf jaar bij deze club en ik ben helemaal niet meer dezelfde man als toen. Ik heb veel opgestoken uit de slagen die me zijn toegebracht. Het is trouwens in een crisisperiode dat men het meest leert." ?DOOR THOMAS BRICMONT - FOTO'S BELGAIMAGE / CHRISTOPHE KETELS"Ik ben niet zo'n fan van Duchâtelet en hij niet van mij. Maar bon, ik hoef niet samen op vakantie met hem." "Met Van Buyten erbij zouden we nooit twintig doelpunten geïncasseerd hebben op stilstaande fases." "Defour moet beseffen dat hij er veel meer moet voor doen dan wat hij nu doet."