Sportpsycholoog Jef Brouwers merkte Marc Brys voor het eerst op toen hij - naast zijn zondagse scheidsrechterstaak in eerste provinciale Antwerpen - op zaterdagmiddag de wedstrijden van het Antwerpse coöperatieve verbond floot, waar Brys met het Antwerpse politieteam speelde. "Als scheidsrechter onderscheid je de leiders van de andere spelers, en goeie van slechte leiders. Een goeie leider treedt altijd positief op."

In oktober vorig jaar ging Brouwers (66) als psycholoog aan de slag bij KV Mechelen, waar hij een club én een trainer vond met wie hij graag wilde werken. Een paar jaar geleden was hij al eens actief bij STVV nadat Roland Duchâtelet hem dat had gevraagd. " Thomas Caers stond daarvoor open, zijn opvolger niet. Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik alleen nog doe wat ik graag doe", zegt Brouwers, die lang heeft moeten vechten om psychologie in de sport in België een plaats te geven. Met de recente drama's in de topsport (een bondscoach die zelfmoord pleegde, een trainer die stopte met een burn-out, een doelman die de hand aan zichzelf sloeg) steeg de interesse voor de mentale problemen waarmee men in het voetbalwereldje steeds meer lijkt te kampen.

Hoe ben je bij KV Mechelen terechtgekomen?

Jef Brouwers: "Via Karel Ceuleers, met wie ik samenwerkte in GB/Carrefour, die toen supporter van Mechelen was en na de overname bestuurslid werd. Ik had vorig jaar al zin om met KV Mechelen te werken, en zeker met Marc Brys. Omdat ik vind dat Marc een gezonde ingesteldheid heeft ten opzichte van zijn vak en ten opzichte van spelers. Een voetbalclub en een voetbalploeg hebben structuur nodig. Marc werkt samen met sommige jongens die geen structuur hebben of hadden."

Stond jij daarvoor open, Marc?

Marc Brys: "Al toen ik voor het eerst trainer was van Germinal Beerschot vond ik psychologische begeleiding de missing link in de organisatie. Ik vond het ongelofelijk hoeveel uren en aandacht je besteedt aan het technische, conditionele en tactische gedeelte, om toch maar een paar procentjes beter te worden, maar voor het mentale, goed voor ongeveer 35 procent van de materie in die sport, is er in het voetbal totaal geen aandacht - in tegenstelling tot in veel andere sporten, waar men daar al veel langer mee bezig is. Ik heb toen aangedrongen om daar wel werk van te maken, maar de mensen bij de club stonden daar niet voor open, ze waren achterdochtig. Veel trainers schrikken er ook zelf voor terug, omdat ze niet het verschil zien tussen een psycholoog en een mental coach. Ze denken: ik geef de touwtjes van mijn groep niet uit handen. Vroeger was ik ook zo. Nu zie ik dat anders.

"Bij Beerschot lukte dat niet, bij Moeskroen ook niet. In Nederland kon dat wel, maar de man die ik daar aanbracht, gaf meer mentale training. Peptalk is een momentopname, niet iemand fundamenteel beter maken in zijn hoofd. Bij Mechelen had ik het geluk dat Karel Ceuleers dat contact had met Jef Brouwers. Toen het aangekondigd werd, was er van de spelers geen oppositie. Die willen best met iemand werken als ze de indruk hebben dat ze daar zelf beter van kunnen worden."

Hoe ga je als psycholoog te werk?

Brouwers: "Ik heb alle spelers getest: hoe ze zich gedragen in welke omstandigheden, hoe ze denken, hoeveel ze kunnen en willen leren. Die tests heb ik dan met elke speler individueel besproken. Want gedrag kun je wijzigen door jezelf beter te leren kennen. Verder probeer ik elke week op de club langs te gaan, ik observeer en praat dan eens met spelers, en voor de wedstrijd zeg ik bij de briefing ook iets. Verder mailen Marc en ik veel met elkaar. Mijn stelling is dat je afstandelijk verbonden moet zijn. Wanneer je begint vriendelijk te worden met mensen met wie je op een bepaald moment moeilijke gesprekken zult hebben, is dat zeer moeilijk. Ik kan tegen Marc zeggen waar het op staat. Hij zegt ook alles tegen mij. Ik zal me nooit mengen met zijn tactiek of zijn ploegopstelling, al ben ik zestig jaar actief in het voetbal."

Met KV Mechelen werken is nog wat anders dan met de nationale hockeyploeg of met de 4x400m-ploeg: teams die zich met de wereldtop meten.

Brouwers: "Toen ik vier jaar geleden met de hockeyploeg aan de slag ging, was dat minder dan een middenmoter. Die verloren bijna al hun wedstrijden, terwijl België nu tot de top acht van de wereld behoort en er drie spelers deel uitmaken van het All Starswereldteam. Dat resultaat is het gevolg van vier jaar hard werken in teamverband. Ik heb er niet voor gezorgd dat de broers Borlée brons halen of vijfde worden, het is door de totaliteit van de teamwerking. Jacques Borlée heeft nog altijd de touwtjes in handen. Wat telt, is dat iedereen zijn eigen discipline ernstiger gaat nemen met het oog op het beter maken van de spelers of de atleten."

Controlefreaks

In Duitsland trad Schalketrainer Ralf Rangnick vorig jaar met een burn-out terug. Nochtans gaf Rangnick, die zichzelf omschreef als een controlefreak, in 2005 al aan dat hij werkte met een psycholoog om zijn job als trainer beter te kunnen uitvoeren.

Brouwers: " Rangnick is naar een psycholoog gegaan omdat hij problemen had. Bij Marc Brys' overweging speelde zijn lerend hoofd, daar is niets therapeutisch aan. Ik help mensen die problemen hebben én mensen die meer willen leren, in de sport en in het bedrijfsleven. Dat zijn verschillende zaken."

Brys: "Trainers zijn controlefreaks, dat is vaak een reflex van onzekerheid: wat je zelf doet, doe je beter. Daar moet je van durven afstappen. Toen ik begon bij Beerschot deed ik alles. Ik wilde dat ook."

Hulptrainer Simon Tahamata zei toen over jou: 'Hij heeft me niet nodig.'

Brys: "Dat was ook zo. Nu laat ik meer ruimte aan mijn assistenten, waardoor ik meer afstand kan nemen, waarnemen, individueel met spelers omgaan. Vroeger sprong ik op alles en ik wilde dat niet meer lossen, waardoor een aantal spelers verkrampte en ik de grote lijnen niet meer overzag. Ik merkte dat ik op die manier geen progressie meer maakte, terwijl ik toch verder wilde evolueren. Ik stelde vast: zo'n oppepgesprekje, dat kan ik wel, dat kan iedere coach, maar daar dieper op voortbouwen, daarvoor mis ik de scholing en de expertise. Dat moet ik elders zoeken. Ik heb altijd getracht om een betere trainer te worden."

Wat heeft Jef Brouwers KV Mechelen volgens jou al bijgebracht, Marc?

Brys: "Er is meer durf, ons spel is nu beduidend beter dan vorig jaar, ondanks de tegenvallende resultaten. We zijn enorm gegroeid qua zelfbewustzijn. Ik heb nooit voorheen meegemaakt dat een groep onder druk zo sterk presteert. Vroeger was ik het die riep, nu zijn het de spelers zelf die elkaar oppeppen, vlak voor of tijdens een wedstrijd.

"Zelf ben ik rustiger geworden, zelfbewuster ook. Voor de wedstrijd op Standard en Anderlecht zei ik aan de tv-reporter heel duidelijk hoe we zouden spelen. Dat hoor ik van geen andere trainer. Ik durf mijn nek uit te steken. Vroeger zou ik dat nooit gedaan hebben. Tegen Standard werkte die aanpak niet. Tot mijn verbazing kreeg ik daar geen vraag over. Tegen Anderlecht hanteer ik dezelfde aanpak, leg dat opnieuw vooraf uit en die dag lukte het wel. Vroeger had ik dat niet gedurfd.

Brouwers: "Toen ik in oktober aan de slag ging, was een aantal spelers zeer onnadenkend. Drie maanden later realiseren sommige van die einzelgängers zich: 'Oei, ik speel in een team!' Bij Mechelen zijn er spelers die, als je heel veel energie in hen zou stoppen, toppers kunnen worden, maar die door hun karakter en het daaruit voortvloeiende gedrag zichzelf zo dwarsbomen dat ze die top nooit halen. Er zijn er die omvallen als je tegen hen blaast, terwijl ze zichzelf vedetten vinden.

"Het feit dat spelers me komen zeggen dat ze meer met mij willen werken, geeft aan dat ze voelen dat ze er iets mee aan kunnen. De enige bedoeling van het werk van alle specialisten bij een voetbalclub - begeleiders én spelers - moet zijn het succes van de anderen te vergroten. Wie alleen voor zijn eigen succes gaat, trekt altijd aan het kortste eind. Een club is een bedrijf in een emotioneel omveld. Daarom moet je altijd nadenken over al wat je zegt, omdat al wat je zegt een enorme impact heeft. Roepen bijvoorbeeld levert niets op. Er is nog nooit iemand beter geworden van negatieve impulsen."

Aad de Mos heeft met die aanpak wel de Europabeker gewonnen, met een ploeg van meelopers.

Brouwers: "In die tijd werd gezag nog geaccepteerd. Nu zijn er geen spelers meer die denken dat ze meelopers zijn. In die tijd - vóór het grote geldgewin - had je nog gewone jongens. Als Piet den Boer aangesproken wordt op zijn doelpunt in de Europese finale, krimpt die bijna ineen omdat hij die aandacht overdreven vindt. Vandaag moet je gezag verdienen, kun je niets meer doen met positiemacht. Nu moet je bij de spelers een onwaarschijnlijk grote invloed krijgen door hen succesvol te maken - en hen dat te laten beseffen. Roepen en negatief benaderen helpt niet meer. Dat effect is rap uitgewerkt."

De scheidsrechter

Welke boodschap geeft u aan trainer en spelers mee?

Brouwers: "Stop geen energie in wat je zelf niet in de hand hebt! Hoe komt het dat Lierse een 0-2-achterstand tegen ons ophaalt, terwijl we de wedstrijd helemaal in handen hebben? Dat komt omdat de scheidsrechter een penalty floot die er geen was. Hoe vaak gebeurt het dat mensen zich richten op een scheidsrechter, terwijl dat altijd mentaal energieverlies meebrengt? Ik heb nog nooit een scheidsrechter gezien die aan protesterende spelers toegaf. Wie dus tegen die man ingaat, maakt alleen zijn eigen situatie slechter. Sport mag geen emotie zijn voor trainer of spelers, wel voor de supporters. Het is onze taak om tegen de spelers te zeggen dat ze onafhankelijk van emotie moeten worden. Toch zie je nog vaak dat emoties en niet de kunde bepalen wat er op het veld gebeurt."

Wordt de inbreng van trainers niet schromelijk overschat? Worden voetbalwedstrijden niet beslist omdat bepaalde teams nu eenmaal betere spelers hebben?

Brouwers: "De trainer is de belangrijkste persoon binnen een vereniging. Hij zet de te volgen strategie uit, heeft contact met de spelers, beslist wie speelt en hoe er gewerkt wordt. Als je die man te vlug ontslaat, verhinder je dat hij doet wat hij wilde laten zien. Je moet altijd één doel hebben, en dat is zelden te realiseren op korte termijn. Om een doel op korte termijn te realiseren mag je alleen maar hoogbegaafde spelers in dienst nemen.

"Een strategie uitwerken lukt niet op één jaar, maar wanneer in een club een visie aanwezig is, maak je altijd betere resultaten, op voorwaarde dat er eenheid, overleg en transparantie is over die visie. Daarom ben ik ervan overtuigd dat Club Brugge straks de vruchten plukt van het feit dat ze een visie hebben. Ik geloof heel erg in trainers voor elke linie. Specifieke trainingen vergroten je capaciteiten. In het hockey is het ondenkbaar dat het niet zou gebeuren."

Het gaat wel snel op en af voor trainers. De ene dag win je de beker, een paar weken later sta je op straat.

Brys: "Toen ik de beker van België won, was the sky the limit. Ik kwam recht uit provinciale, elk jaar ging het vooruit. Maar zeven wedstrijden na die bekerwinst stond ik op straat. Misschien was dat ontslag wel het beste wat me kon overkomen op dat moment. Het deed me nadenken over wat ik deed. Ik was in het vak gestapt met de vaste overtuiging: ik maak iedereen beter. Maar ik maakte niet iedereen beter. Je hebt nood aan wat chemie om mensen beter te maken. Plots besefte ik: ik ben er nog niet."

Brouwers: "In het voetbal wordt vaak verkeerd gereageerd omdat de ratio vaak wordt gedomineerd door de emotie. In de sport wordt altijd de analyse gemaakt waarom een trainer ontslagen is, maar ik heb nog nooit een analyse gelezen waarom men een trainer had moeten houden. Dat vind ik raar. Want je hebt een trainer toch aangenomen vanwege een bepaalde visie, waar ook de club zich in herkende of waar men mee achter stond? Dat geldt ook voor de keuze van spelers: wie willen wij als speler en wie willen we zeker niet? Want niet iedereen is Mark Cavendish, de meest onafhankelijke mens ter wereld in zijn prestaties. De meesten hebben anderen nodig, maar niet iedereen geeft dat ook toe."

Heb je Marc Brys zien veranderen door de slechte resultaten?

Brouwers: "Toen ik bij KV Mechelen aankwam, was hij behoorlijk gestresseerd. Ik heb geprobeerd om hem te beïnvloeden op het vlak van interpretaties: 'Wat iemand anders zegt, daar kun je niets aan doen.' Marc is een ongelofelijk evenwichtig man, die wil zich altijd verder vervolmaken. Marc heeft een ego, maar er is evenwicht tussen zijn ego en zijn prestaties. Ook Arsène Wenger en Ariël Jacobs vertonen dat evenwicht, die kunnen zich beheersen. Bob Peeters ontwikkelt zich ook goed, maar in één moment sloeg hij dat beeld bijna helemaal kapot met zijn uithaal naar de scheidsrechters. Dat was emotioneel niet zo intelligent. Daar win je niets mee."

Ben jij mentaal gewapend tegen een burn-out, Marc?

Brys: "Op dit moment voel ik niet dat dat om de hoek loert. Ik vind nog altijd dat ik beter word in mijn vak, ik heb niet het gevoel dat ik rondjes draai. Ik doe mijn job nog altijd heel graag, dit is het liefste wat ik doe. Misschien dat sommige ex-voetballers, uit angst voor het onbekende, te snel van pet veranderen en trainer worden en zich daar dan aan vastklampen - dat moet ieder voor zichzelf uitmaken."

Brouwers: "De essentie van een burn-out is dat de pret verdwijnt. Als je voelt als journalist, als psycholoog, als trainer dat de pret verdwijnt, verdwijnt alles in je leven. Je kunt dat vermijden door jezelf te relativeren, en dat doe je door met andere mensen te praten en naar hen te luisteren. Het is alleen als je vindt dat jij zelf alles kunt dat een burn-out dreigt. Want dan sta je alleen. It's lonely at the top. Daarom is spreken over wat er allemaal omgaat in je hoofd, met om het even wie, een bron van energie. De essentie is om blijvend plezier te hebben in je werk, zelfs als de situatie onprettig is. Het gaat er in een job om dat je blijvend mag laten zien wat je kunt. Iedereen moet ermee bezig zijn om de anderen te laten doen wat ze kunnen doen.

"Toen de bondscoach van Wales aangesteld werd, zag je op die persconferentie de stress zo toeslaan bij die man. Die herhaalde tien keer hetzelfde, die was al gestresseerd voor hij eraan begon."

Mensen die hem gekend hebben, waren verbaasd door zijn zelfmoord. Die zeiden: het was er niet aan te zien.

Brouwers: "Er zijn mensen die bijzonder goed kunnen leven in hun eigen leugens, omdat het tegelijk aantrekkelijk is om trainer te worden van je land. Georges Leekens daarentegen doet altijd zijn eigen ding. Georges is een meester in het naar zijn hand zetten van de hele wereld. Wie de wereld naar zijn hand kan zetten, wordt nooit ongelukkig.

" David Beckham raakt nog amper vooruit, maar hij heeft op een zeker moment bepaald wat hij nog wilde doen. Die heeft geld verdiend met zijn visie en de strategie waarmee hij die uitwerkte. Hij heeft zijn leven veranderd na Engeland-Argentinië toen hij rood kreeg. Op dezelfde manier heeft Frank De Bleeckere zijn leven veranderd na Club Brugge-Anderlecht. Tevoren kwam hij niet bij mij. Toen had hij niemand nodig."

Een Duits onderzoek uit 1996 wees uit dat bij trainers het stresshormoon cortisol kort voor, tijdens en meteen na een wedstrijd vrijkomt, te vergelijken met iemand die voor het eerst met een parachute uit een vliegtuig springt.

Brys: "Ik ervaar dat niet als negatief, dat spanningsveld. Wat ik wel heb, is dat ik absoluut voorbereid wil zijn. Elk detail wil ik weten. Als ik niet goed voorbereid ben, heb ik stress. Binnen dat raamwerk heb je improvisatie nodig, het vermogen om rap te reageren op veranderende situaties. Als ik geblokkeerd raak wanneer ik zie dat mijn plan niet uitkomt, zou ik wel een probleem hebben.

"Alleen op Gent zag ik dit seizoen mijn ploeg onderuit gaan, alles uit handen geven. In plaats van dat wij 2-2 maken, scoort Gent de 3-1. Dan zie je die ploeg lichamelijk breken en heeft het geen zin meer om uit je dug-out te stormen en je spelers op te jutten. Mentaal heb ik nooit zo'n sterk team gehad als deze ploeg. De ploeg waarmee ik bij Germinal Beerschot de beker won, was ook sterk. Die was nog gestoeld op een as met oude Vlaamse waarden, met veel chemie tussen de spelers."

Scouts

Waarom kloppen voetballers individueel bij een sportpsycholoog aan?

Brouwers: "Eersteklassevoetballers behoren tot de tien procent toppers in hun vak. Wie deel uitmaakt van die elite vindt dat hij elke week bij de basiself moet horen én negentig minuten moet spelen. Gebeurt dat niet, dan gaan ze zich vragen stellen en dreigen ze geblokkeerd te raken. Veel spelers zouden veel meer uit hun carrière gehaald hebben als ze zich ook op karakterieel vlak professioneel hadden laten begeleiden. Het gaat altijd om het plezier. Als het plezier weg is, komt de stress. Ik leer spelers niet voetballen. Ik kan ze niet laten winnen, maar ik kan wel maken dat ze tevreden zijn in hun job. Op voorwaarde dat trainers voor die aanpak openstaan. Veel trainers denken dat ze zelf psycholoog zijn, maar er is een groot verschil tussen een beetje mensenkennis hebben en psycholoog zijn."

Hoe komt het dat we vorig jaar zo'n toename in incidenten kregen met coaches, scheidsrechters en voetballers? Wijst dat op een verhoogde spanning, of beïnvloeden ze elkaar?

Brouwers: "Men heeft lange tijd niet gedacht dat sport zo complex zou worden. De spelers gaan nu werken. Vroeger was voetballen amusement. Toen kon je ook nog flink uitgaan na een match of een training, zonder dat je dat cash betaalde op het veld. In het huidige topvoetbal kan dat niet meer. Misschien kon Marc Degryse bij Club Brugge in dat fantastische Europese jaar nog het gevoel gehad hebben dat hij bij een vrolijke scoutsbende zat, een paar jaar later zal hij zich bij Anderlecht en PSV al veel minder scout gevoeld hebben."

DOOR GEERT FOUTRÉ

"Als het plezier weg is, komt de stress." Jef Brouwers

"Vroeger sprong ik op alles, en ik wilde dat niet meer lossen. Maar ik merkte dat ik zo geen vooruitgang meer maakte." Marc Brys

"Ik was in het vak gestapt met de vaste overtuiging: ik maak iedereen beter. Maar ik maakte niet iedereen beter." Marc Brys

"Niet iedereen is Mark Cavendish, de meest onafhankelijke mens ter wereld in zijn prestaties. De meesten hebben anderen nodig." Jef Brouwers

Sportpsycholoog Jef Brouwers merkte Marc Brys voor het eerst op toen hij - naast zijn zondagse scheidsrechterstaak in eerste provinciale Antwerpen - op zaterdagmiddag de wedstrijden van het Antwerpse coöperatieve verbond floot, waar Brys met het Antwerpse politieteam speelde. "Als scheidsrechter onderscheid je de leiders van de andere spelers, en goeie van slechte leiders. Een goeie leider treedt altijd positief op." In oktober vorig jaar ging Brouwers (66) als psycholoog aan de slag bij KV Mechelen, waar hij een club én een trainer vond met wie hij graag wilde werken. Een paar jaar geleden was hij al eens actief bij STVV nadat Roland Duchâtelet hem dat had gevraagd. " Thomas Caers stond daarvoor open, zijn opvolger niet. Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik alleen nog doe wat ik graag doe", zegt Brouwers, die lang heeft moeten vechten om psychologie in de sport in België een plaats te geven. Met de recente drama's in de topsport (een bondscoach die zelfmoord pleegde, een trainer die stopte met een burn-out, een doelman die de hand aan zichzelf sloeg) steeg de interesse voor de mentale problemen waarmee men in het voetbalwereldje steeds meer lijkt te kampen. Jef Brouwers: "Via Karel Ceuleers, met wie ik samenwerkte in GB/Carrefour, die toen supporter van Mechelen was en na de overname bestuurslid werd. Ik had vorig jaar al zin om met KV Mechelen te werken, en zeker met Marc Brys. Omdat ik vind dat Marc een gezonde ingesteldheid heeft ten opzichte van zijn vak en ten opzichte van spelers. Een voetbalclub en een voetbalploeg hebben structuur nodig. Marc werkt samen met sommige jongens die geen structuur hebben of hadden." Marc Brys: "Al toen ik voor het eerst trainer was van Germinal Beerschot vond ik psychologische begeleiding de missing link in de organisatie. Ik vond het ongelofelijk hoeveel uren en aandacht je besteedt aan het technische, conditionele en tactische gedeelte, om toch maar een paar procentjes beter te worden, maar voor het mentale, goed voor ongeveer 35 procent van de materie in die sport, is er in het voetbal totaal geen aandacht - in tegenstelling tot in veel andere sporten, waar men daar al veel langer mee bezig is. Ik heb toen aangedrongen om daar wel werk van te maken, maar de mensen bij de club stonden daar niet voor open, ze waren achterdochtig. Veel trainers schrikken er ook zelf voor terug, omdat ze niet het verschil zien tussen een psycholoog en een mental coach. Ze denken: ik geef de touwtjes van mijn groep niet uit handen. Vroeger was ik ook zo. Nu zie ik dat anders. "Bij Beerschot lukte dat niet, bij Moeskroen ook niet. In Nederland kon dat wel, maar de man die ik daar aanbracht, gaf meer mentale training. Peptalk is een momentopname, niet iemand fundamenteel beter maken in zijn hoofd. Bij Mechelen had ik het geluk dat Karel Ceuleers dat contact had met Jef Brouwers. Toen het aangekondigd werd, was er van de spelers geen oppositie. Die willen best met iemand werken als ze de indruk hebben dat ze daar zelf beter van kunnen worden." Brouwers: "Ik heb alle spelers getest: hoe ze zich gedragen in welke omstandigheden, hoe ze denken, hoeveel ze kunnen en willen leren. Die tests heb ik dan met elke speler individueel besproken. Want gedrag kun je wijzigen door jezelf beter te leren kennen. Verder probeer ik elke week op de club langs te gaan, ik observeer en praat dan eens met spelers, en voor de wedstrijd zeg ik bij de briefing ook iets. Verder mailen Marc en ik veel met elkaar. Mijn stelling is dat je afstandelijk verbonden moet zijn. Wanneer je begint vriendelijk te worden met mensen met wie je op een bepaald moment moeilijke gesprekken zult hebben, is dat zeer moeilijk. Ik kan tegen Marc zeggen waar het op staat. Hij zegt ook alles tegen mij. Ik zal me nooit mengen met zijn tactiek of zijn ploegopstelling, al ben ik zestig jaar actief in het voetbal." Brouwers: "Toen ik vier jaar geleden met de hockeyploeg aan de slag ging, was dat minder dan een middenmoter. Die verloren bijna al hun wedstrijden, terwijl België nu tot de top acht van de wereld behoort en er drie spelers deel uitmaken van het All Starswereldteam. Dat resultaat is het gevolg van vier jaar hard werken in teamverband. Ik heb er niet voor gezorgd dat de broers Borlée brons halen of vijfde worden, het is door de totaliteit van de teamwerking. Jacques Borlée heeft nog altijd de touwtjes in handen. Wat telt, is dat iedereen zijn eigen discipline ernstiger gaat nemen met het oog op het beter maken van de spelers of de atleten." Brouwers: " Rangnick is naar een psycholoog gegaan omdat hij problemen had. Bij Marc Brys' overweging speelde zijn lerend hoofd, daar is niets therapeutisch aan. Ik help mensen die problemen hebben én mensen die meer willen leren, in de sport en in het bedrijfsleven. Dat zijn verschillende zaken." Brys: "Trainers zijn controlefreaks, dat is vaak een reflex van onzekerheid: wat je zelf doet, doe je beter. Daar moet je van durven afstappen. Toen ik begon bij Beerschot deed ik alles. Ik wilde dat ook." Brys: "Dat was ook zo. Nu laat ik meer ruimte aan mijn assistenten, waardoor ik meer afstand kan nemen, waarnemen, individueel met spelers omgaan. Vroeger sprong ik op alles en ik wilde dat niet meer lossen, waardoor een aantal spelers verkrampte en ik de grote lijnen niet meer overzag. Ik merkte dat ik op die manier geen progressie meer maakte, terwijl ik toch verder wilde evolueren. Ik stelde vast: zo'n oppepgesprekje, dat kan ik wel, dat kan iedere coach, maar daar dieper op voortbouwen, daarvoor mis ik de scholing en de expertise. Dat moet ik elders zoeken. Ik heb altijd getracht om een betere trainer te worden." Brys: "Er is meer durf, ons spel is nu beduidend beter dan vorig jaar, ondanks de tegenvallende resultaten. We zijn enorm gegroeid qua zelfbewustzijn. Ik heb nooit voorheen meegemaakt dat een groep onder druk zo sterk presteert. Vroeger was ik het die riep, nu zijn het de spelers zelf die elkaar oppeppen, vlak voor of tijdens een wedstrijd. "Zelf ben ik rustiger geworden, zelfbewuster ook. Voor de wedstrijd op Standard en Anderlecht zei ik aan de tv-reporter heel duidelijk hoe we zouden spelen. Dat hoor ik van geen andere trainer. Ik durf mijn nek uit te steken. Vroeger zou ik dat nooit gedaan hebben. Tegen Standard werkte die aanpak niet. Tot mijn verbazing kreeg ik daar geen vraag over. Tegen Anderlecht hanteer ik dezelfde aanpak, leg dat opnieuw vooraf uit en die dag lukte het wel. Vroeger had ik dat niet gedurfd. Brouwers: "Toen ik in oktober aan de slag ging, was een aantal spelers zeer onnadenkend. Drie maanden later realiseren sommige van die einzelgängers zich: 'Oei, ik speel in een team!' Bij Mechelen zijn er spelers die, als je heel veel energie in hen zou stoppen, toppers kunnen worden, maar die door hun karakter en het daaruit voortvloeiende gedrag zichzelf zo dwarsbomen dat ze die top nooit halen. Er zijn er die omvallen als je tegen hen blaast, terwijl ze zichzelf vedetten vinden. "Het feit dat spelers me komen zeggen dat ze meer met mij willen werken, geeft aan dat ze voelen dat ze er iets mee aan kunnen. De enige bedoeling van het werk van alle specialisten bij een voetbalclub - begeleiders én spelers - moet zijn het succes van de anderen te vergroten. Wie alleen voor zijn eigen succes gaat, trekt altijd aan het kortste eind. Een club is een bedrijf in een emotioneel omveld. Daarom moet je altijd nadenken over al wat je zegt, omdat al wat je zegt een enorme impact heeft. Roepen bijvoorbeeld levert niets op. Er is nog nooit iemand beter geworden van negatieve impulsen." Brouwers: "In die tijd werd gezag nog geaccepteerd. Nu zijn er geen spelers meer die denken dat ze meelopers zijn. In die tijd - vóór het grote geldgewin - had je nog gewone jongens. Als Piet den Boer aangesproken wordt op zijn doelpunt in de Europese finale, krimpt die bijna ineen omdat hij die aandacht overdreven vindt. Vandaag moet je gezag verdienen, kun je niets meer doen met positiemacht. Nu moet je bij de spelers een onwaarschijnlijk grote invloed krijgen door hen succesvol te maken - en hen dat te laten beseffen. Roepen en negatief benaderen helpt niet meer. Dat effect is rap uitgewerkt." Brouwers: "Stop geen energie in wat je zelf niet in de hand hebt! Hoe komt het dat Lierse een 0-2-achterstand tegen ons ophaalt, terwijl we de wedstrijd helemaal in handen hebben? Dat komt omdat de scheidsrechter een penalty floot die er geen was. Hoe vaak gebeurt het dat mensen zich richten op een scheidsrechter, terwijl dat altijd mentaal energieverlies meebrengt? Ik heb nog nooit een scheidsrechter gezien die aan protesterende spelers toegaf. Wie dus tegen die man ingaat, maakt alleen zijn eigen situatie slechter. Sport mag geen emotie zijn voor trainer of spelers, wel voor de supporters. Het is onze taak om tegen de spelers te zeggen dat ze onafhankelijk van emotie moeten worden. Toch zie je nog vaak dat emoties en niet de kunde bepalen wat er op het veld gebeurt." Brouwers: "De trainer is de belangrijkste persoon binnen een vereniging. Hij zet de te volgen strategie uit, heeft contact met de spelers, beslist wie speelt en hoe er gewerkt wordt. Als je die man te vlug ontslaat, verhinder je dat hij doet wat hij wilde laten zien. Je moet altijd één doel hebben, en dat is zelden te realiseren op korte termijn. Om een doel op korte termijn te realiseren mag je alleen maar hoogbegaafde spelers in dienst nemen. "Een strategie uitwerken lukt niet op één jaar, maar wanneer in een club een visie aanwezig is, maak je altijd betere resultaten, op voorwaarde dat er eenheid, overleg en transparantie is over die visie. Daarom ben ik ervan overtuigd dat Club Brugge straks de vruchten plukt van het feit dat ze een visie hebben. Ik geloof heel erg in trainers voor elke linie. Specifieke trainingen vergroten je capaciteiten. In het hockey is het ondenkbaar dat het niet zou gebeuren." Brys: "Toen ik de beker van België won, was the sky the limit. Ik kwam recht uit provinciale, elk jaar ging het vooruit. Maar zeven wedstrijden na die bekerwinst stond ik op straat. Misschien was dat ontslag wel het beste wat me kon overkomen op dat moment. Het deed me nadenken over wat ik deed. Ik was in het vak gestapt met de vaste overtuiging: ik maak iedereen beter. Maar ik maakte niet iedereen beter. Je hebt nood aan wat chemie om mensen beter te maken. Plots besefte ik: ik ben er nog niet." Brouwers: "In het voetbal wordt vaak verkeerd gereageerd omdat de ratio vaak wordt gedomineerd door de emotie. In de sport wordt altijd de analyse gemaakt waarom een trainer ontslagen is, maar ik heb nog nooit een analyse gelezen waarom men een trainer had moeten houden. Dat vind ik raar. Want je hebt een trainer toch aangenomen vanwege een bepaalde visie, waar ook de club zich in herkende of waar men mee achter stond? Dat geldt ook voor de keuze van spelers: wie willen wij als speler en wie willen we zeker niet? Want niet iedereen is Mark Cavendish, de meest onafhankelijke mens ter wereld in zijn prestaties. De meesten hebben anderen nodig, maar niet iedereen geeft dat ook toe." Brouwers: "Toen ik bij KV Mechelen aankwam, was hij behoorlijk gestresseerd. Ik heb geprobeerd om hem te beïnvloeden op het vlak van interpretaties: 'Wat iemand anders zegt, daar kun je niets aan doen.' Marc is een ongelofelijk evenwichtig man, die wil zich altijd verder vervolmaken. Marc heeft een ego, maar er is evenwicht tussen zijn ego en zijn prestaties. Ook Arsène Wenger en Ariël Jacobs vertonen dat evenwicht, die kunnen zich beheersen. Bob Peeters ontwikkelt zich ook goed, maar in één moment sloeg hij dat beeld bijna helemaal kapot met zijn uithaal naar de scheidsrechters. Dat was emotioneel niet zo intelligent. Daar win je niets mee." Brys: "Op dit moment voel ik niet dat dat om de hoek loert. Ik vind nog altijd dat ik beter word in mijn vak, ik heb niet het gevoel dat ik rondjes draai. Ik doe mijn job nog altijd heel graag, dit is het liefste wat ik doe. Misschien dat sommige ex-voetballers, uit angst voor het onbekende, te snel van pet veranderen en trainer worden en zich daar dan aan vastklampen - dat moet ieder voor zichzelf uitmaken." Brouwers: "De essentie van een burn-out is dat de pret verdwijnt. Als je voelt als journalist, als psycholoog, als trainer dat de pret verdwijnt, verdwijnt alles in je leven. Je kunt dat vermijden door jezelf te relativeren, en dat doe je door met andere mensen te praten en naar hen te luisteren. Het is alleen als je vindt dat jij zelf alles kunt dat een burn-out dreigt. Want dan sta je alleen. It's lonely at the top. Daarom is spreken over wat er allemaal omgaat in je hoofd, met om het even wie, een bron van energie. De essentie is om blijvend plezier te hebben in je werk, zelfs als de situatie onprettig is. Het gaat er in een job om dat je blijvend mag laten zien wat je kunt. Iedereen moet ermee bezig zijn om de anderen te laten doen wat ze kunnen doen. "Toen de bondscoach van Wales aangesteld werd, zag je op die persconferentie de stress zo toeslaan bij die man. Die herhaalde tien keer hetzelfde, die was al gestresseerd voor hij eraan begon." Brouwers: "Er zijn mensen die bijzonder goed kunnen leven in hun eigen leugens, omdat het tegelijk aantrekkelijk is om trainer te worden van je land. Georges Leekens daarentegen doet altijd zijn eigen ding. Georges is een meester in het naar zijn hand zetten van de hele wereld. Wie de wereld naar zijn hand kan zetten, wordt nooit ongelukkig. " David Beckham raakt nog amper vooruit, maar hij heeft op een zeker moment bepaald wat hij nog wilde doen. Die heeft geld verdiend met zijn visie en de strategie waarmee hij die uitwerkte. Hij heeft zijn leven veranderd na Engeland-Argentinië toen hij rood kreeg. Op dezelfde manier heeft Frank De Bleeckere zijn leven veranderd na Club Brugge-Anderlecht. Tevoren kwam hij niet bij mij. Toen had hij niemand nodig." Brys: "Ik ervaar dat niet als negatief, dat spanningsveld. Wat ik wel heb, is dat ik absoluut voorbereid wil zijn. Elk detail wil ik weten. Als ik niet goed voorbereid ben, heb ik stress. Binnen dat raamwerk heb je improvisatie nodig, het vermogen om rap te reageren op veranderende situaties. Als ik geblokkeerd raak wanneer ik zie dat mijn plan niet uitkomt, zou ik wel een probleem hebben. "Alleen op Gent zag ik dit seizoen mijn ploeg onderuit gaan, alles uit handen geven. In plaats van dat wij 2-2 maken, scoort Gent de 3-1. Dan zie je die ploeg lichamelijk breken en heeft het geen zin meer om uit je dug-out te stormen en je spelers op te jutten. Mentaal heb ik nooit zo'n sterk team gehad als deze ploeg. De ploeg waarmee ik bij Germinal Beerschot de beker won, was ook sterk. Die was nog gestoeld op een as met oude Vlaamse waarden, met veel chemie tussen de spelers." Brouwers: "Eersteklassevoetballers behoren tot de tien procent toppers in hun vak. Wie deel uitmaakt van die elite vindt dat hij elke week bij de basiself moet horen én negentig minuten moet spelen. Gebeurt dat niet, dan gaan ze zich vragen stellen en dreigen ze geblokkeerd te raken. Veel spelers zouden veel meer uit hun carrière gehaald hebben als ze zich ook op karakterieel vlak professioneel hadden laten begeleiden. Het gaat altijd om het plezier. Als het plezier weg is, komt de stress. Ik leer spelers niet voetballen. Ik kan ze niet laten winnen, maar ik kan wel maken dat ze tevreden zijn in hun job. Op voorwaarde dat trainers voor die aanpak openstaan. Veel trainers denken dat ze zelf psycholoog zijn, maar er is een groot verschil tussen een beetje mensenkennis hebben en psycholoog zijn." Brouwers: "Men heeft lange tijd niet gedacht dat sport zo complex zou worden. De spelers gaan nu werken. Vroeger was voetballen amusement. Toen kon je ook nog flink uitgaan na een match of een training, zonder dat je dat cash betaalde op het veld. In het huidige topvoetbal kan dat niet meer. Misschien kon Marc Degryse bij Club Brugge in dat fantastische Europese jaar nog het gevoel gehad hebben dat hij bij een vrolijke scoutsbende zat, een paar jaar later zal hij zich bij Anderlecht en PSV al veel minder scout gevoeld hebben." DOOR GEERT FOUTRÉ"Als het plezier weg is, komt de stress." Jef Brouwers "Vroeger sprong ik op alles, en ik wilde dat niet meer lossen. Maar ik merkte dat ik zo geen vooruitgang meer maakte." Marc Brys "Ik was in het vak gestapt met de vaste overtuiging: ik maak iedereen beter. Maar ik maakte niet iedereen beter." Marc Brys "Niet iedereen is Mark Cavendish, de meest onafhankelijke mens ter wereld in zijn prestaties. De meesten hebben anderen nodig." Jef Brouwers