Charleroi zou dit seizoen willen breken met de kwalijke gewoonte om een heel seizoen met de strop om de hals te voetballen. Sinds de terugkeer naar eerste klasse, in 1985, kon Charleroi slechts twee rustige seizoenen afwerken (1992/93 en 1993/94). Er was onder Robert Waseige ook nog een (verloren) finale van de beker van België, maar in de balans geeft die toch te weinig gewicht. Om deze keer uit de gevarenzone weg te blijven, wordt fel gerekend op Jacky Mathijssen, de coach die Charleroi op het einde van het vorige kampioenschap voor de degradatie behoedde. Maar omdat het de spelers zijn die het moeten doen, heeft het er alle schijn van dat de Zebra's opnieuw een seizoen in de ziekenwagen zullen rondrijden. De verkoop van Grégory Dufer en Michael Ciani zal z...

Charleroi zou dit seizoen willen breken met de kwalijke gewoonte om een heel seizoen met de strop om de hals te voetballen. Sinds de terugkeer naar eerste klasse, in 1985, kon Charleroi slechts twee rustige seizoenen afwerken (1992/93 en 1993/94). Er was onder Robert Waseige ook nog een (verloren) finale van de beker van België, maar in de balans geeft die toch te weinig gewicht. Om deze keer uit de gevarenzone weg te blijven, wordt fel gerekend op Jacky Mathijssen, de coach die Charleroi op het einde van het vorige kampioenschap voor de degradatie behoedde. Maar omdat het de spelers zijn die het moeten doen, heeft het er alle schijn van dat de Zebra's opnieuw een seizoen in de ziekenwagen zullen rondrijden. De verkoop van Grégory Dufer en Michael Ciani zal zeker de toestand van de clubkas hebben verbeterd, maar of de kwaliteit van de spelersgroep recht evenredig omhoog ging, is zeer twijfelachtig. Er is één vedette in de verdediging van Charleroi : de doelman. Bertrand Laquait is de hoeksteen van de defensie, iemand die punten wint voor zijn team. Club Brugge toonde veel belangstelling voor hem, maar die transfer ketste af. Voor hem moet Charleroi leren leven met de afwezigheid van Michael Ciani, die vorig seizoen zo goed profiteerde van de blessure van Mustapha Sama dat het hem een vette transfer naar Auxerre opleverde. Al tijdens de voorbereiding werd Ciani node gemist, want Sama en Ibrahim Kargbo werden systematisch op de flanken uitgespeeld. Bij La Louvière werd Thierry Siquet weggekaapt. Ervaring te koop, maar over jonge benen beschikt hij niet. Mogelijk breekt de grote (ook letterlijk) belofte Stéphane Ghislain door, maar dan zal hij wel moeten bewijzen dat hij zijn gebrek aan snelheid kan compenseren. Op rechts heeft Mathijssen weinig problemen met de onvermoeibare Frank Defays en mogelijk kan ook de vaardige Loris Reina zich in de kijker voetballen. Zal de comeback van Laurent Macquet definitief blijken ? Mathijssen viste hem vorig seizoen voor de laatste wedstrijden op en sindsdien heeft de Franse spelverdeler zichtbaar zijn vertrouwen teruggevonden. Macquet moet dit seizoen uitgroeien tot een scharnierspeler van Charleroi. Bijstand krijgt hij vermoedelijk van Sébastien Chabaud. Vermoedelijk, want ook hier daagt een eigen product, Thibaut Detal. Zijn kwaliteiten zijn bekend : een sterke balrecuperatie en een straf afstandsschot. Detal is bovendien een intelligente voetballer. Ook op de rechterflank moet hij zijn streng kunnen trekken. Mahamoudou Kéré zou op het middenveld een vaste waarde kunnen zijn, maar dan moet de man uit Burkina Faso - die overigens ook in de verdediging kan depanneren - wel wat stabiliteit in zijn karakter smeden. Fabrice Lokembo solliciteert naar een stek op de linkerkant van het middenveld. Afrekenen moet hij met de concurrentie van Abdelmajid Oulmers. Van het offensieve compartiment van vorig seizoen blijft niets meer over. Toen werd de voorhoede van Charleroi bemand door Adekanmi Olufade, Victor Ikpeba en publiekslieveling Grégory Dufer. De chouchou van het Zwarte Land schopte het vorig seizoen tot Rode Duivel en voetbalde zo opvallend dat hij dit seizoen met Caen aan de slag gaat. Olufade, Ikpeba en Dufer waren in het vorige kampioenschap goed voor negentien doelpunten - dat is veel voor een ploeg die tegen de degradatie vecht. De terugkeer van Toni Brogno is een goede zaak. Hij kent het huis en is uit op revanche na zijn wisselvallige prestaties van de jongste jaren. Orlando zoekt momenteel nog naar zijn beste niveau, maar ook de inpassing van Eduardo vergde destijds het nodige geduld. Het lijdt evenwel geen twijfel dat ze zich bij Charleroi zorgen maken over het offensieve vermogen in de spelerskern. Op het commerciële en het financiële vlak boert Charleroi tegenwoordig goed. Een studie rangschikte het op dat domein op de vijfde plaats, achter Anderlecht, Club Brugge, Standard en Genk. Maar het sportieve verhaal oogt veel minder rooskleurig. Het volstaat niet een jonge, getalenteerde trainer als Jacky Mathijssen aan te trekken om de schaapjes op het droge te hebben. Om zijn ideeën te kunnen ontwikkelen en op het veld te laten uitvoeren zal Charleroi zich moeten versterken. door Pierre Bilic