De parel van de Kempen, KVC Westerlo, wordt al enkele jaren aangezien als "grootste kleinste club van 't land". Sinds kort mag KSV Roeselare ook aanspraak maken op dit eerbetoon.
...

De parel van de Kempen, KVC Westerlo, wordt al enkele jaren aangezien als "grootste kleinste club van 't land". Sinds kort mag KSV Roeselare ook aanspraak maken op dit eerbetoon. De club, ontstaan uit een politieke fusie van katholieken - SK - en liberalen - Club - is sinds mensenheugenis aangewezen tot overleven. Veel financiële armslag is er niet. De stad, thuishaven van uw lijfblad (Roularta) is niet bepaald een grote metropool en de concurrentie is groot met de eigen (top)volleybalclub en grootmacht/buur Club Brugge. Toch slaagt de gezellige provincieclub erin om stilaan uit de anonimiteit te treden. Had u in augustus van vorig jaar al gehoord van Jamaïque Vandamme, Rocky Peteers, Sébastien Dufoor of Chemcedine El Araichi ? Om heel eerlijk te zijn, ik niet. In mei 2006 eindigde KSVR mooi twaalfde en topclubs als Club Brugge en Standard beten hun tanden stuk op Schiervelde. Bevredigend en bovendien mocht de club, dankzij een mooie speling van het lot, Europa in. En dan nog bijna uitsluitend met Belgen (op Eloi, Joly en Soumare na). Na dat eerste goed seizoen vertrokken revelaties Vandamme en Rocky Peeters (al tijdens de winterstop). De schoonbroer van Marc Degryse, ex Ajacied, trainer/roerganger Dennis van Wijk trok deze zomer richting Nederland (Willem II). Voor de supporters van KSVR werd het een hete, angstige zomer. Hoe zou de club zich wapenen voor het seizoen van de bevestiging ? Wie moest de groep leiden ? Wie kon er bijgehaald worden ? Na enkele weken werd een zekere Dirk Geeraerd aangesteld als hoofdtrainer. Hij plaatste de West Vlamingen voor de tweede voorronde van de UEFA Cup. Niet slecht, ondanks het debacle van Achnas. Onder méér Davy Oyen, ooit toptalent in de eerste klasse en de Nederlandse eredivisie maar al enkele jaren anoniem ballend in de tweede klasse, kwam de rangen versterken samen met Tom Peeters, ex-Malinwa en Sunderland, de minder bekende Kevin Oris (Verb. Meerhout) en een zekere Jürgen Raeymaekers (Lierse SK). De drie buitenlanders zijn nog altijd dezelfden en geen enkele is titularis. Het transferbeleid van KSVR huldigt één enkel heilig principe : niet méér betalen dan het budget - ongeveer het kleinste van de Jupiler League - het toelaat. Deze eenvoudige maar almachtige beperking vraagt om echte voetbalkennis, een ijzersterke persoonlijkheid om de onderhandelingen met sommige over het paard getilde spelers en managers aan te kunnen, maar smeekt vooral om durf. De moed om met onbekende en jonge Belgen te voetballen. Ook wanneer het slecht gaat. De architect van deze successen, de man die jaar in jaar uit erin slaagt geweldige resultaten te behalen, de tovenaar die door vriend en vijand schaamteloos over het hoofd gezien wordt, verdient intussen een standbeeld in Roeselare èn in Oostende. Jaren geleden deed de voormalige keeper van Club immers het kunstje al eens voor bij KV Oostende. De man verdient het respect van alle voetballiefhebbers, omdat hij als geen ander, in bijna volstrekte anonimiteit, met zijn inzichten de jeugd laat voetballen en vergeten voetballers een tweede adem bezorgt. DOOR DAVID STEEGEN, Hoofdredacteur van 11