'Hij is geen fan van Neymar, hij denkt dat hij Neymar is. Dat is niet hetzelfde', lacht Yannick Ferrera enkele minuten voor de start van zijn persconferentie. Ferrera, op dat moment nog trainer van STVV, heeft het over een van zijn sterkhouders en tevens een van de revelaties van het competitiebegin. De gelijkenis tussen de sterspeler van FC Barcelona en Edmilson Junior is inderdaad treffend: dezelfde positie, dezelfde Braziliaanse roots, dezelfde voorliefde voor het jogo bonito en dezelfde voorkeur voor excentrieke kapsels.
...

'Hij is geen fan van Neymar, hij denkt dat hij Neymar is. Dat is niet hetzelfde', lacht Yannick Ferrera enkele minuten voor de start van zijn persconferentie. Ferrera, op dat moment nog trainer van STVV, heeft het over een van zijn sterkhouders en tevens een van de revelaties van het competitiebegin. De gelijkenis tussen de sterspeler van FC Barcelona en Edmilson Junior is inderdaad treffend: dezelfde positie, dezelfde Braziliaanse roots, dezelfde voorliefde voor het jogo bonito en dezelfde voorkeur voor excentrieke kapsels. 'Ik mis nooit een wedstrijd van Barça, al van kind af aan ben ik een enorme supporter van de Catalanen', zegt de 21-jarige aanvaller van STVV. 'Vroeger was Ronaldinho mijn idool. Ik had het ook voor Robinho, ook al speelde die niet voor mijn favoriete club. Dat waren spelers die voor spektakel zorgden op het veld. Toen Neymar naar Barça kwam, was ik onmiddellijk fan van hem.' Net als zijn idolen leerde Edmilson Junior voetballen op de Braziliaanse straten en pleinen, ver verwijderd van zijn vader, die zijn voetbalgeluk in Europa zocht. Junior werd opgevoed door zijn tante, samen met zijn broer, die hem de voetbalsport leerde kennen. 'Mijn broer was vier jaar ouder dan ik en we voetbalden met zijn vrienden op straat, want een club was er niet. Op straat voetballen is moeilijk, want je krijgt heel wat trappen en klappen te verduren. Maar je leert ook snel om die te ontwijken en dat heeft me zeker geholpen om mijn techniek te ontwikkelen. Mijn eerste dribbels deed ik niet voor het spektakel maar om me te beschermen. Dribbelen om niet geraakt te worden, dat is de beste leerschool.' Op zijn negende verliet Edmilson de Braziliaanse straten om te gaan voetballen aan de boorden van de Maas, aanvankelijk voor Seraing en Huy. Aan de zijlijn werd hij er steevast vergezeld van zijn vader. 'Hij volgde me overal, hij was op elke wedstrijd aanwezig en op alle trainingen.' Al snel trad Edmilson Junior in diens voetsporen en ging hij voor Standard voetballen. Het etiket 'zoon van' kreeg hij verrassend genoeg zelden opgekleefd. 'In die tijd spraken ze me maar weinig over mijn vader, over zijn carrière als voetballer. Het is pas sinds ik in de eerste klasse voetbal dat ze me er vragen over stellen.' In de jeugdreeksen bij Standard ontwikkelde hij zich goed en bleek dat hij alles in huis had om het eerste elftal te halen. 'Alles verliep perfect tot en met de U17. Thierry Witsel was mijn trainer bij de U17 en ik speelde mijn beste seizoen ooit. Dankzij hem kon ik op het einde van het seizoen een bescheiden contract tekenen als semiprof.' Als een begenadigde dribbelaar werkte Edmilson er aan zijn linkervoet door constant tegen een muur te trappen. 'Keer op keer met links. Zo maakte ik progressie, ook dankzij de raad van mijn vader. Hij was veeleisend en maakte zich af en toe kwaad, maar het was altijd voor mijn bestwil. Dankzij mijn vader ben ik er gekomen.' Een successtory in de voetsporen van zijn vader leek in de maak, maar Christophe Dessy, directeur opleiding van Standard, zag blijkbaar geen heil in dat Hollywoodscenario. 'Bij de U19 kreeg ik het moeilijk. Ik speelde weinig en viel zelfs vaak van het scheidsrechterblad als zestiende man. Christophe Dessy was hard voor mij. Een directeur die je komt zeggen dat je niet het niveau hebt om voor een club als Standard te voetballen en dat je een kleine ploeg moet zoeken: dat komt aan.' Een droom viel aan diggelen. 'Na mijn kinderjaren in Brazilië ben ik opgegroeid in Luik, mijn vader had voor Standard gevoetbald... Toen ik er tekende, was het dan ook mijn droom om ooit voor de eerste ploeg te spelen.' Edmilson kreeg een uppercut die hem uit de ring van de Rouches keilde. Op straat opgeleid als meester-ontwijker was hij dat niet gewoon, maar hij kwam de klap te boven en landde niet ver van Sclessin. 'Mijn manager kende Danny Boffin goed. Die had nog samen gespeeld met mijn vader en werkte voor Sint-Truiden. Na een gesprek met hem mocht ik een testwedstrijd spelen. Ik deed het goed en mocht een contract tekenen.' Het avontuur bij STVV begon in tweede klasse onder leiding van Guido Brepoels, die Edmilson aanvankelijk op de rechterflank zette. 'Tijdens de eerste maanden voetbalde ik inderdaad vanop rechts. Na een tijd besloot ik om er toch eens over te praten met de coach. Ik zei hem dat ik me beter in mijn vel voelde op links. Dat is mijn favoriete positie, want van daaruit kan ik naar binnen komen en zo rechtstreeks voor doelgevaar zorgen. Bovendien kan ik ook met links een voorzet geven.' Tweede klasse is zelden een aangename competitie voor dribbelaars. Edmilson ondervond het tot zijn scha en schande en kreeg tackles te verwerken die het fatsoen overschreden. 'Het klopt dat het in tweede klasse moeilijker is om te voetballen dan in eerste klasse. Het gaat er agressiever aan toe, het is meer vechtvoetbal en de velden liggen er soms bedenkelijk bij.' Drie jaar duurde het vagevuur van de tweede klasse. Na één seizoen onder Guido Brepoels kreeg Edmilson er met de ambitieuze Yannick Ferrera een nieuwe coach. 'Tactisch is Ferrera volgens mij een van de allerbeste trainers. Van het moment dat hij hier kwam, merkte ik dat ik verdedigend nog nergens stond. Hij werkte me voortdurend bij op training en gaf me aanwijzingen tijdens de wedstrijden. Dankzij hem kan ik nu ook waardevol zijn bij balverlies. Hij leerde ons om in blok te verdedigen. Bij balbezit kregen Jean-Luc Dompé en ik dan weer veel vrijheid om onze snelheid en behendigheid uit te spelen.' Tijdens het eerste jaar onder Ferrera miste STVV de promotie door op de slotspeeldag van de eindronde te verliezen van Mouscron-Péruwelz. Vorig jaar was het wel raak. De terugkeer naar de elite betekende wel dat Edmilson zich extra moest inzetten. Die raad kreeg hij ook van zijn vader. 'In tweede klasse ging ik na de training meteen naar huis. Mijn vader vertelde me dat extra trainen op het hoogste niveau geen luxe is. 'In eerste klasse zul je harder moeten werken', zei hij me.' Zijn persoonlijke hoofddoelstelling voor het nieuwe seizoen was om zijn statistieken te verbeteren. Edmilson kwelde in tweede klasse vaak de verdediging van de tegenstanders met zijn dribbels, maar hij kwam moeilijk tot scoren. 'Deze zomer heb ik tijdens de vakantie en na de trainingen veel getraind op afwerken, want vorig seizoen maakte ik te weinig doelpunten. Daarom bleef ik na afloop van de trainingen samen met een doelman: bal controleren, trappen, bal controleren, trappen.' Oefening baart kunst en de raad van je vader opvolgen helpt ook, zo blijkt. Sinds het begin van het seizoen deed de Braziliaanse Belg van STVV de netten al meermaals trillen. De aanpassing aan eerste klasse verliep vlot. 'Meer camera's, mooiere terreinen, meer supporters: dat zijn zaken die mij nog meer zin doen krijgen om te voetballen.' Tijdens de eerste speeldag kreeg STVV Club Brugge op bezoek. 'Vanaf de eerste minuut was er één speler die indruk maakte op mij: Víctor Vázquez. Zijn balbehandeling, de kwaliteit van zijn passes. Ik merkte meteen dat ik niet langer in tweede maar in eerste klasse voetbalde. Maar ook al voetbalden we tegen een grote club, we begonnen eraan zonder angst.' Lef, dribbels, een onhoudbare trap hoog in het doel van Sébastien Bruzzese en een rode kaart: de man van de wedstrijd in STVV-Club was niet Vázquez maar Edmilson. 'Als ik de bal krijg, probeer ik altijd op doel te trappen of een voorzet te geven. Die rode kaart was jammer, maar dankzij die match voelde ik me van bij het begin in mijn sas. Mentaal was het een heel belangrijke wedstrijd.' Op volle snelheid gelanceerd over het kunstgrasveld van Stayen, bijvoorbeeld door Rob Schoofs met een pass over de verdediging, is Edmilson een gesel voor de tegenstanders. In en rond Sint-Truiden beginnen ze al te dromen. 'Ook journalisten spreken al over play-off 1, maar wij blijven kalm. Momenteel draait het goed, maar we bekijken het wedstrijd per wedstrijd.' Naar het evenbeeld van zijn club blikt Edmilson niet te ver vooruit, maar 6 februari zit misschien toch al in zijn achterhoofd. Dan betreden de Kanaries immers het veld van Sclessin. 'Alle wedstrijden zijn voor mij even belangrijk, maar de match op Standard zal anders zijn dan de andere. Standard heeft het beste publiek, de sfeer in het stadion is fantastisch. Ik kijk ernaar uit om die wedstrijd te spelen.' Met zijn vader in het publiek? 'Hij zal uiteraard komen kijken. Hij volgt al mijn wedstrijden en op Sclessin zal hij heel blij zijn dat hij erbij is.' DOOR GUILLAUME GAUTIER - FOTO'S BELGAIMAGE - CHRISTOPHE KETELS'Mijn vader was veeleisend en maakte zich geregeld kwaad, maar dankzij hem ben ik er gekomen.' EDMILSON JUNIOR